Vrijdag - Vaste Marktdag - Walter
Vrijdag, vaste marktdag,
Op weg naar onze wekelijkse afspraak in “ De Krokefant “ waarschijnlijk een van de laatste dagen dat we daar van het terras konden genieten, zag ik hem al van ver op een tafeltje staan. Een redelijk grote zwarte rechtopstaande rechthoek, dichterbij gekomen werd mijn vermoeden bevestigd, het was een laptop. De man die er achter zat was duidelijk aan het werk, of deed toch alsof. Naast zijn laptop stond een bolglas op hoge voet met amberkleurig bier dat bij menig Antwerpenaar zeer bekend en geliefd is. Even later bracht de dienster een gekraakt heertje naar zijn tafel. Caro en ik bestelde onze koffie en ice tea , en ongewild hielden wij de man in het oog. Op zeer korte tijd had hij zijn gekraakt heertje verorberd en zijn bolglas geledigd. Hij klapte zijn laptop dicht , betaalde en vertrok. Een heer naast ons op het terras zei : dat is tegenwoordig nog al iets met al dat modern gedoe, ik zag van de week op T.V. dat de jonge mensen op de Hoge school allemaal zo een ding voor hun neus hebben staan, men schrijft niets meer op zeker? Ik schatte de man een eind in de 70, blijkbaar zat ik er niet ver naast, hij was 77 jaar. Hij vervolgde: Toen ik 50 jaar geleden als simpele klusjesman in dienst trad bij de firma waar ik 40 onafgebroken heb gewerkt, zag de dagindeling van de toenmalige bedienden er als volgt uit.
Bij aanvang van de zware dagtaak die hen wachtte, werden zij door de directeur in hoogsteigen persoon begroet met een handdruk of klapzoen op beide wangen. Om tien uur was er koffiepauze met een kleine versnapering. Om drie uur in de namiddag herhaalde dat scenario zich, met dit verschil dat er nu keus was uit koffie, thee of bier. Bovendien was er een gebakje naar believen, geserveerd door twee lieftallige dametjes. Daarna mochten de heren hun vermoeide ledematen een half uurtje uitstrekken op de voor die gelegenheid speciaal ontworpen comfortabele rustbanken. Omdat men terecht van oordeel was dat de haarbos van de bedienden tijdens de werkuren permanent bleef groeien, mochten zij op kosten van de firma naar de kapper. Om kaalhoofdige niet te discrimineren kregen deze om de twee maanden een grondige oor, neus en oksel ontharing. Andere lichaamsdelen waren niet aan de orde omdat, volgens de strenge christelijke directeur dit tot ongewenste intimiteiten zou kunnen leiden. Wanneer iemand verjaarde hief de grote baas spontaan een lied aan, dat uit volle borst werd meegezongen door de andere directieleden. Een passend geschenkje mocht daarbij niet ontbreken. Dit is maar een greep uit het bewogen leven van een bediende anno 1958, toen er nog geen computers bestonden, en lezen en schrijven tot het dagelijks jargon behoorde. En wij reden toen nog met de fiets naar ons werk. Ik zei tegen de man dat hij het mooi beschreven had, dat het iets weg had van Felix Timmermans. Haha zei de man, de Fé die heb ik als kind nog zien wandelen langs de vest in Lier, ja die kon het mooi verwoorden.
Toen stelde ik hem de vraag der vragen, mijnheer hebt u een computer? Ja zei hij, en het is Jules hé. ik heb er een van mijn dochter gehad een klein jaar geleden, of van een van de kleinkinderen dat weet ik niet. In elk geval ze hadden hem zelf niet meer van doen, en heb voor mijn verjaardag internet gekregen. En wat doe je daar zo al allemaal mee vroeg ik hem. Van alles opzoeken over Lier, de Fé, en ook Oostenrijk, en alles wat mijn interesse heeft. Ik stelde hem voor om zijn wedervaren van bedienden anno 1958 even op mail te zetten en mij te willen bezorgen. Dit met de belofte dat ik het kon gebruiken om een stukje te schrijven. Zoals afgesproken hebben we beide woord gehouden. Bedankt Jules, ik bezorg je de link als dit stukje op Angeltjes staat. Met alle respect “ maar op oude knarren kan je nog rekenen “. Met of zonder computer.
Met Vlaamse groet, en dank aan Jules
Walter











