Men zegge het voort (nr 864)


We schreven reeds talrijke malen dat aan de hand van vele voorbeelden kan bewezen worden dat praktisch de totaliteit van allerlei nieuwe wetten totaal zinloos is.
De meeste nieuwe wetten spreken andere reeds bestaande wetten dikwijls tegen of maken de problemen die men zogezegd wil oplossen alleen maar erger.
Een van de allerdomste voorstellen die we nu uit de media vernemen is een voorstel van beroepspolitiekers van de socialisten en de groenen om een zogenaamd nieuw spaarboekje, groen spaarboekje of spaarboekje B genaamd, te willen invoeren. Men zou de banken willen verplichten om het de spaarders mogelijk te maken dergelijke spaarboekjes te gaan gebruiken. Deze boekjes zouden enerzijds een hogere gegarandeerde rente moeten opleveren en anderzijds zouden de banken verplicht worden deze spaargelden te beleggen in zogenaamde groene projecten, sociale projecten of overheidsinitiatieven. Volgens één van die politieke krachtpatsers, Laurette Onkelinx, zou dit initiatief onze economie vooruit helpen.
Eerst en vooral heeft de huidige regering, waarin wereldwonder Onkelinx een vinger in de pap heeft, beslist om de banken te verplichten hun kapitaalratio's te verhogen. Dit kan alleen door het eigen vermogen te verhogen of door het aantal kredieten te verminderen. Aantrekken van nieuw vers kapitaal is voor de meeste banken in de huidige omstandigheden zo goed als onbegonnen werk waardoor alleen de tweede mogelijkheid over blijft. Dit nieuwe voorstel staat dus totaal haaks op de vorige genomen beslissing.
Bovendien stellen we ons de vraag wie de verantwoordelijkheid gaat nemen over de financiële resultaten van dit initiatief indien dit nieuwe voorstel wet zou worden. Sociale en groene projecten hebben ons reeds geleerd meestal voor een andere kleur te zorgen als het op de resultaten aankomt namelijk donker rood. Om natuurlijk van overheidsprojecten à la Sabena, N.M.B.S., De Lijn etc. te zwijgen.
Als slot stellen we vast dat het feitelijk op een nieuwe vorm van subsidiëring aankomt namelijk het subsidiëren van spaargelden. Enerzijds zou de overheid gaan zorgen om gigantische bedragen, via een hogere gegarandeerde rente, uit de markt te halen en anderzijds deze gelden verplicht in onrendabele projecten stoppen. Hierdoor zouden de banken wettelijk verplicht worden grote risico's te nemen en eventueel zeer belangrijke verliezen te moeten incasseren. En dit alles op initiatief van diegenen die in het recente verleden het hardst hebben geroepen tegen het kapitalisme, de grootbanken en hun leiders van wie er velen terug te vinden zijn bij de kopstukken van deze initiatief nemende partijen. Dat deze beroepshuichelaars met dergelijke stupiede initiatieven komen aandraven juist voor de verkiezingen is geen toeval.
Om aan honderdduizenden spaarders die in een vrije markt nu inderdaad met zeer geringe opbrengsten moeten rekenen een véél beter rendement te beloven goed wetende dat dit in de huidige omstandigheden onmogelijk is, staat volgens ons gelijk met een vorm van criminaliteit. Dergelijke criminele voorstellen zouden in een normaal land moeten kunnen worden bestraft.
Maar in een "apenland in het kwadraat" zoals het onze is alles mogelijk en worden alleen diegenen die correct en hard werken bestraft.
Men zegge het voort.
Freddy Van Gaever













