Jaloersheid - Hans Besseling
Hoogtijdagen voor hen die de welvaart (van anderen) niet kunnen uistaan
Hans Besseling
Bij de in de USA losgebarsten bankcrisis gaan er uit de neo-socialistische landen steeds meer stemmen op, die met een zekere wellust betogen dat de welvaart in het meest door mensen gevraagde vestigingsland van de wereld slechts een zeepbel was. Het ineenstorten van het communistische systeem, omdat het succes van de liberale democratie niet langer voor de bevolking van de Sovjet Unie verborgen kon worden gehouden, werd in Europa destijds doorgaans niet op het conto van de Verenigde Staten van Amerika geschreven. Fukuyama schreef wel ‘Het einde van de geschiedenis’, waarmee hij het zegevieren van de liberale democratie in de strijd van ideologieën op het oog had.
Nu schrijft een historicus van de Groningse Universiteit, Prof. Ankersmit, in Trouw van 4 oktober, dat het zogenaamde neoliberalisme niet iets was waar diep en grondig over was nagedacht. Het is volgens hem niet moeilijk om in te zien wat er mis is met dat malle vertrouwen in de markt. Wat hem betreft moeten we eigenlijk heel blij zijn met Zwarte Maandag. We zouden er nu achter zijn dat we de afgelopen tien tot vijftien jaar leefden in een politiek en economisch systeem dat zijn basis had in weinig meer dan een slogan, een reclamekreet. Het is jammer dat Ankersmit geen tipje van de sluier optilt van hetgeen hem als alternatief staatssysteem voor ogen staat. In hetzelfde nummer van Trouw geeft de constructeur van ons huidige onzalige Kabinet, de Heer Herman Wijffels, als zijn visie dat die welvaart in Amerika, het product van de industriële revolutie, enorm aan het afbladderen is. Ecologie en het sociale zijn voor hem geen randvoorwaarden meer voor een goede economie, maar de basis van een gezonde economie. We moeten naar een ‘cultuuromslag’, naar een ‘groene’ economie, maar daar zijn de Verenigde Staten nog niet klaar voor. Wat klinkt dat mooi, allemaal. En wat zijn wij hier in Europa toch veel wijzer dan die Amerikanen schijnt hij te willen zeggen.
Het kan niet worden ontkend dat in de Verenigde Staten de liberale democratie niet klaar is. Als er iets strijdig is met een liberale democratie, dan is het een concentratie van macht. De bevolking van een land zou een concentratie van macht alleen moeten toestaan voor het geven van de onmisbare leiding aan de strijdkrachten, die het land moeten beveiligen tegen vijanden van buiten. Maar met de bankcrisis wordt het echter duidelijk, niet dat de vrije markt niet deugt, maar dat met geld, hierbij nodig voor de uitwisseling van diensten en producten, ongecontroleerd macht ten eigen bate is uitgeoefend door bankiers.. Voorkomen had moeten worden dat er met geld, dat op zichzelf voor de mens waardeloos is, machtsposities werden geschapen, die zich aan een effectieve democratische controle hebben onttrokken. Ja machtsposities, die door onverantwoorde beïnvloeding van de economie door sociale politiek ongekende mogelijkheden kregen. Het is natuurlijk absurd, dat de huiseigenaar geen eigenaar van zijn huis is, maar dat er aan zijn huis waardepapieren kleven, waarmee in het banksysteem wordt gehandeld. Hetzelfde geldt voor eigenaars van andere kapitaalgoederen. Het leningensysteem moet niet de eigendomsrechten van de eigenaars kunnen aantasten, als deze zijn eigendom verantwoord beheert. Het zou niet mogelijk moeten zijn met particulier eigendom, of het nu grondstoffen, productiemiddelen of onroerend bezit als huizen en gebouwen betreft, geldspelletjes te spelen als was het een Monopoly spel.
Steeds is het weer het probleem dat de uitvoering van gecompliceerde taken slechts aan een kleine elite kan worden toevertrouwd. Voor de bewaking van de veiligheid in het verkeer, van de kwaliteit van de gezondheidszorg, van de betrouwbaarheid van in de markt aanboden voedingsmiddelen is men er in de democratisch bestuurde rechtsstaten in geslaagd voldoend professioneel bekwame diensten op te richten onder uiteindelijke verantwoordelijkheid van regeringsfunctionarissen, die periodiek ter verantwoording worden geroepen door de kiezers. Dat moet ook mogelijk zijn voor het geldverkeer. Het blijft een wonder dat veiligheid in de luchtvaart (vliegen is toch eigenlijk een onwaarschijnlijk technisch hoogstandje) de veiligheid van vrijwel alle andere mogelijkheden van vervoer heeft overtroffen dan wel heeft geëvenaard. En waar is dit aan te danken? Juist, aan de luchtwaardigheidsvoorschriften met de daaraan gekoppelde internationale inspectie! Als het aan ongecontroleerde ondernemers was overgelaten, dan durfden alleen nog waaghalzen van vliegtuigen gebruik te maken (Pas dan ook op met het gebruik van vliegvervoer in achterlijke landen!). En zouden we dan niet in staat zijn goede voorschriften en een inspectie voor het geldverkeer in te stellen?
Kom nou, mijnheer Ankersmit, mijnheer Wijffels, waarom het te zoeken in een richting, die de grote meerderheid van de mensen in onze geïndustrialiseerde landen niet meer zou laten profiteren van al die wonderbaarlijke nieuwe producten van wetenschap en techniek. Laten we liever oog hebben voor de gevaren, nu met de bankcrisis meer dan ooit, die onze na een lange evolutie bereikte beschaving bedreigen. Je weet wel, de islamisering van onze cultuur.
(Met dank overgenomen van de voortreffelijke webstek van www.hetvrijevolk.com )






In een week waarin hoop en vrees elkaar snel afwisselden, is de AEX-index verder omlaag gegaan. (Her)financiering en nationalisering waren de kernwoorden. De laatste term kreeg vooral vanavond veel gewicht, toen de Nederlandse staat besloot het Nederlandse deel van Fortis over te nemen.



