Opgedragen aan Gilbert
Mag ik u een geheim toevertrouwen ? Het is al zowat vijfenvijftig jaar dat ik de binnenlandse politiek vrij intens volg en soms word ik de onoprechtheid zo beu als leven op een streng dieet. Het liefst van al schrijf ik over mijn grote liefde voor literatuur, theater, muziek, alhoewel in die sectoren de politiek zich binnengesmokkeld heeft met grote zakken verlokkelijk geld en beloftes van gemakkelijk leven. De arme bohémiens, die zich wegkwijnend op hun zolderkamers opwarmden aan hun laaiende manuscripten en vurige schilderijen, zijn de dag van vandaag ijverige militanten van het roodgroene vakbondslegioen. Vlaamse kunstwerken worden in New-York geveild voor enkele miljoenen dollars en in Antwerpen dreigt de schilder de stad af te branden als zijn rode chéri geen burgemeester wordt.
Maar toch … ik heb mijn leven lang zoveel kunnen genieten van de talenten die kunstenaars ons aanbieden, dat ik ze hun huidige politieke verdwazing vergeef, ze worden om de tuin geleid en laten zich, naiëf als velen zijn, omkopen door de charlatans uit het Land van de (valse) Glimlach.

DE GEK IN DE REGENTON
Vlaanderen kent een klein aantal grote dichters met een uitzonderlijk natuurtalent. Net achter hen komt een gans legioen van zeer bekwame woordkunstenaars. Zij bespelen gevoelens die ze uitdrukken in woorden en beelden die ons verbazen en ontroeren. Over een van hen wil ik het hebben en met u beknopt door zijn niet zo vrolijke leven wandelen.
Frans Buyle werd geboren te Sint Niklaas in 1913, een stad die in dezelfde literaire branche ondermeer Anton van Wilderode, Paul Snoeck en Tom Lanoye heeft voortgebracht. Ik denk dat velen nog nooit van Frans Buyle hebben gehoord, hij is nochtans aanwezig geweest in verschillende schoolbloemlezingen uit de jaren ’50 en ’60 en in Gerrit Komrij’s “Nederlandse poëzie van de 19de tot en met de 21ste eeuw” zijn zes gedichten van hem opgenomen. Zijn meest gekende gedicht is ongetwijfeld
DE GEK IN DE REGENTON
Ze zeggen dat ik gek bent en het regent ;
ik drijf op ’t water en vermaak mij wat.
God in zijn liefde heeft ons wijs gezegend :
u met een woonst, mij met een regenvat.
De mensen blijven naar mijn daden kijken
en lachen luidkeels dan omdat ik lach.
Ik weet het doel niet dat ik moet bereiken
maar zwaai toch reeds de overwinningsvlag.
Eenzaam drijf ik des nachts over het water
en door de stilte valt dan soms een witte ster.
Ik vind die ginds wel in de diepte later :
en blijf als altijd van ieder doel te ver.
HET GEBROKEN GEWEER
Buyle, zoals de meesten van zijn dichtende collega’s, bezat een complexe en getormenteerde persoonlijkheid. Voor vele artiesten vormt het normale burgerlijke leven met zijn verplichtingen, tradities, conventies een moeilijk leefbare wereld ; zij beschikken over een of ander creatief talent dat hen onderscheidt van de rest en dat als het wat meezit, ook hén een behoorlijke participatie aan het korte leven toelaat. Een makkelijk bestaan hebben de meeste creatieve geesten echter niet : zij aanvaarden tenauwernood de regels van de gemeenschap, zij geven zich meer dan anderen over aan drank of drugs en het aantal zelfdodingen ligt hoger dan bij andere geledingen uit de maatschappij.
Buyle, net geboren voor de Grote Oorlog, was in zijn jonge jaren een fervent anti-mitarist. Hij sloot zich aan bij “Het gebroken Geweer” en weigerde zijn dienstplicht te vervullen. In een turbulent proces, waarin hij verdedigd werd door Paul-Henri Spaak, werd Buyle veroordeeld tot zes maanden cel. De Belgische Werklieden Partij gaf postkaarten uit met de foto van de dienstweigeraar. Echter geen enkele van zijn gedichten werd afgedrukt in de partijbladen of socialistische kranten : het individualistisch denken en schrijven van de man in de regenton werd niet gewaardeerd. Toen de dichter dit in de gaten kreeg, gaf hij zich onmiddellijk op bij het leger als soldaat en was hij eveneens direct held àf. Later zou Buyle deze periode in zijn leven betitelen als “zijn mooiste vergissing”.
DICHTER & CRITICUS
In 1937 verscheen zijn eerste gedichtenbundel “De Steen der Wijzen” die op een meer dan behoorlijke aandacht en erkenning mocht rekenen. Frans ontmoette een jonge vrouw, trouwde en na enkele jaren waren er drie kinderen. Hij werkte voor de kost in Sint Niklaas als tapijtwever en vulde zijn vrije tijd met dichten en schrijven.
Buyle, die geen universitaire studies had verricht, was een man van zelfstudie en hij bekwaamde zich door zijn vele lectuur en scherp verstand in het schrijven van kritieken over poëzie, een specialisme dat hij vlot beheerste dankzij zijn eigen lyrische gave. Weldra ontpopte hij zich tot een criticus van formaat, zeker omdat hij objectieve argumenten hanteerde : als het goed was, werd dat duidelijk aangetoond en als het slecht was, helaas ook. Dit leverde Buyle heel wat vijanden op in het wereldje, en aangezien hijzelf ook dichtte, was hij ver van populair, wat dan weer zorgde voor problemen met de publicatie van eigen werk. Jeroen Brouwers zegt het zo : “Buyle bespotte wat artistiek inferieur was nooit zonder deugdelijke ijzerharde argumentatie”.
Na zijn socialistische escapade had Buyle zich afgekeerd van de politiek. Tot hij in Brugge op een niet bekend moment kennis maakte eind jaren ’30 met Joris van Severen en fel onder de indruk kwam van diens persoonlijkheid. Buyle stortte zich onmiddellijk op de studie van het Verdinaso en hij werd van dan af een onvoorwaardelijk aanhanger van Groot-Nederland en de Dietse gedachte.
JOURNALISTIEK EN LIEFDE
Na de Duitse inval kwam de schrijver eindelijk aan een betrekking als journalist bij de krant “Het Vlaamsche Land”, de oorlogsuitgave van de Gazet van Antwerpen en kon hij zich voltijds uitleven in zijn literaire kronieken. Hij mengde ze met zijn Dietse opvattingen maar trok nooit uitdrukkelijk de kaart van de collaboratie of deze van de zogenoemde en opportune Deutschfreundlichkeit. Ongetwijfeld heeft Buyle enkele vriendelijke pro-forma recencies geschreven over collegae die tot zijn ideologisch kamp behoorden. Maar lang niet altijd. De schrijver (en ambtenaar) Urbain Van de Voorde, die nadrukkelijk aanwezig was in de collaboratie, noemde hij een reuze-zeur wat hem tot lang na de oorlog zuur zal opbreken want Van de Voorde bleef een rol spelen in de na-oorlogse letterkunde, gezien hij officieel buitenschot bleef bij de genadeloze repressie.

Frans & Liane op Luchtbal waar zij woonden
In 1942 vond op privévlak wel een ingrijpende gebeurtenis plaats : Buyle ontmoette op de redactie de 8 jaar jongere Liane Bruylants, de dochter van de klassieke zangeres Francine Bruylants. De Verdinaso-bohémien werd halsoverkop verliefd op het mooie en artistieke meisje, dat de liefde niet schuwde. Hij verliet Sint Niklaas en zijn gezin en betrok met Liane een appartementje op Luchtbal.
Na de oorlog werd de krant “Het Vlaamsche Land” onmiddellijk onder sekwester geplaatst en al de medewerkers ontslagen en tijdelijk opgesloten. Men kon Buyle niets ten laste leggen maar rond hem bleef wel het aureool hangen van de” zwarte” journalist-schrijver. Zijn Vlaams-nationale vrienden die niet achter slot of grendel zaten, konden niets voor hem en de “witten” bekeken hem met de nek. Na enkele maanden cel (wat in die periode gans normaal was) en een proces, dat hem niets ten laste legde, kon hij vrij naar huis gaan.
HET OFFICIELE BELGIE SLUIT DE DEUREN
Buyle solliciteerde en zocht werk maar hij ving overal bot. Hij werd de typische man van de dertien stielen en evenveel ongelukken en wat eens een flamboyante persoonlijkheid was geweest, verwerd tot een constant drinkende, chagrijnige eenzaat. In die periode geeft hij nog een flinterdun bundeltje uit met de titel “Verboden Zone, Klein handboek ten behoeve van literaire valse munters” dat opent met het kwatrijn :
Doelloos dwaal ik door wind en regen
Terneergeslagen en verdoemd.
Alleen nog met het slijk der wegen
Wordt aarzelend soms mijn naam genoemd.
De relatie met Liane is er een geworden met vele problemen van drank, geldgebrek, karakteriële botsingen tussen twee emotionele mensen, en derde personen die zich willen ontfermen over het aantrekkelijke, bohémienachtige meisje dat in diepe zonde leeft met een getrouwde man. Trouwens Bruylants bleek zelf nog getrouwd te zijn, het was pas in 1947 dat ze officieel scheidde van haar man. En Buyle bleef zijn ganse leven getrouwd met zijn eerste vrouw. Vreemd is het dat het Archief en Museum van het Vlaams Archiefleven (u weet het, zij liggen in onze bovenste schuif !) op hun webstek Buyle en Bruylants vermelden als echtgenoten. Het is niet erg, het is slechts een detail en wie weet, beschikt het AMVC (die meelezen op deze blog) over beter informatie dan wij ?
WILLEM ELSSCHOT, DE WITTE RIDDER
Alleszins éen van de galante redders in nood die zich graag boog over het ongelukkige meisje was Willem Elsschot, bijna 30 jaar ouder dan het meisje. Het is Liane Bruylants zelf die Martine Cuyt heeft ingelicht over deze affaire. Cuyt heeft ze dankbaar opgenomen in haar biografie uit 2004 “Willem Elsschot. Man van Woorden”. In de burgerlijke kringen die (terecht overigens) Elsschot vereren om de schrijver die hij geweest is, heerste verontwaardiging, ongeloof en gegniffel. De enige nog levende dochter, Ida de Ridder, reageerde zoals het een dochter past : “Dat gaat niemand aan”. En dat is nog juist ook ; wij wilden dit echter niet onvermeld laten, omdat Buyle zich eerder enigszins afstandelijk had uitgelaten over het dichterschap van Elsschot. In 1943 schreef hij dat de dichtkunst van Elsschot weinig waarde bezit : “Het is geen poëzie, veeleer pittig gerijm doch er gaat een plastische kracht vanuit, zodat men ze niet kan vergeten.” Wij willen dit interpreteren, alsof Buyle bedoelde : de poëzie van Elsschot blijft vooral overeind omdat hij een groot prozaïst is. Buyle loofde wel het gedicht “Bij het doodsbed van een Kind” waarvan hij zegde “dat het de eeuwen zal trotseren”.
Liane Bruylants verklaarde nog aan Martine Cuyt :”Ik heb vele minnaars gehad” en aan Jeroen Brouwers schreef zij in verband met Buyles alsmaar toenemende misantropie en levensmoeheid : “Ach, ik ga ook niet steeds vrijuit.”
HET EINDE VAN DE MAN IN DE REGENTON
Het paar sukkelde verder, zij richtten samen nog een uitgeversbedrijfje op, Libris, en drukten in bescheiden oplages enkele bundels van hen samen en van elk apart. Buyle vertaalde Engelse detectives en schreef onder schuilnaam een soortgelijk werk. De producten van uitgeverij Libris werden niet in de boekhandel aangeboden maar privé verspreid.
In 1977, toen Frans Buyle 64 was, is het hem allemaal te veel geworden. Hij had al kennis gemaakt met de psychiatrie en de drank speelde een afschuwelijke rol in zijn leven. Toen hij na een auto-ongeval op de rechtbank zijn rijbewijs moest komen inleveren, heeft hij zich die dag verhangen. Teleurstelling, drankproblemen en ingeworteld pessimisme.
Uit het gedicht “Verdwenen Graf” dat Liane Bruylants opgedragen heeft aan haar levensgezel dit fragment :
Eén enkel vers
gelezen of gefluisterd
zal in ’t oneindige astrale
verhalen
dat niets van alles
van alles iets
ooit
tevergeefs is geweest.
Bronnen :
“De schemer daalt” door Jeroen Brouwers
“ "Willem Elsschot – Man van Woorden” door Martine Cuyt
Een artikel van Henri-Floris Jespers uit Vrijbuiter van 1977
Met dank aan Agrippa van AMVC voor de foto's en algemene info
RAY
8 reacties op dit bericht
Dat heilig prentje geef je toch uw vertrouwen.
"India stuurt Belgische wapens niet door naar Myanmar"
Europees wapenembargo
Amnesty International en enkele andere organisaties meldden in juli vorig jaar vernomen te hebben dat de Indiase regering zich voorbereidde op de verkoop van een Advanced Light Helicopter (ALH) aan de militaire dictatuur in Myanmar. De geplande verkoop van de zwaarbewapende helikopter aan de militaire junta zou een flagrante schending zijn van het Europese wapenembargo tegen het land.
Geen aanwijzingen
Volgens Demotte zijn er echter geen aanwijzingen, bij heel wat verschillende bronnen, Waalse, Europese, Amerikaanse en Indische, dat India de helikopters zal doorverkopen. (belga/sam)
wat een land!
Daarnet op het nieuws hoor ik schuddebolleke en ratelke vertellen dat er nog eens een hondertal flitspalen bijkomen. Binnenkort staan er meer flits- dan verlichtingspalen me dunkt. En fier dat die madammen waren over hun prestatie. En de walen kontent !
En onze nonkel kruk heeft al eens getelefoneerd met de congolese autoriteiten. Een definitief cijfer over opslag ligt nog niet vast. Eerst moet hij nog eens Bakila horen, want die moet daar ook zijn zegske kunnen over doen nietwaar. Zo gaat dat in de belgse diplomatie. De gucht hebben we niet meer gehoord na zijn telefoontje met meneer albert.
Debie is alvast veroordeeld tot 1 jaar effektief wegens aanranden van 5 turken die met een ijzeren wandelstok op straat liepen. Benieuwd of ze boeboe dada ook zullen binnen draaien omdat hij (volgens lamine) "de orde hielp handhaven" zoals we op de beelden uit die tijd konden merken!
@Stradi
Stradi, proficiat met dit artikel.
Waarom horen we die cijfers niet via de officiële kanalen?
Als in een bedrijf een functie bezet wordt door een leugenaar, bedrieger, valsspeler, dan staat die persoon binnen de kortste periode op straat, dat noemt men ‘betrouwbaar en correct management’.
Als de staat, eveneens één groot bedrijf, dergelijke verwerpelijke figuur in dienst heeft die de boel verpest, verziekt, schade berokkend aan het personeel, in dit geval, de burgers, dan wordt die figuur geprezen, voorzien van waardeloze lintjes en/of titeltjes, kwestie van de vriendjes aan de juiste kant te hebben!!!!
Het is niet omdat Vlaanderen gezond is, goed bestuur heeft, (enkelen buiten beschouwing gelaten, zoals de’n bleiter, of die schuddebol, om maar een voorbeeld te nemen) dat wij schaamteloos mogen bestolen worden.
Het is reeds 30 minuten over twaalf met dit onrealistisch corrupt land ‘B’ genaamd, de scharrelpolitiek, de weggeefpolitiek, de kassapolitiek moet stoppen, Vlaanderen moet opkomen voor zijn eigen belangen.
Wat de franskiljons, de coburgers, de walen en de gewelddadige godsdienstfanatikelingen er ook mogen van denken, voor ons kunnen ze oplazeren, wij zijn dat parasitisme én dat brutaal geweld méér dan kotsbeu.
Het betreffend artikel zal massaal verspreid worden, met als doel, er moeten nog meer ogen open gaan voor wat betreft het “politiek corrupt beleid”.
Wij zullen op zeer korte tijd de Onafhankelijkheid van Vlaanderen opeisen, zonder pardon, zonder toegevingen, zonder compensaties.
Velen van de huidige lafaards zullen nog staan roepen op hun moeder, helaas, dat lieve mens zal er niets meer kunnen aan doen, en het liedje “Vluchten kan niet meer” zal niet helpen, want:
EVEN THE BAD DAYS ARE GOOD voor Vlaanderen, slechter kan toch nooit meer.
Zelden mogen meemaken, alhoewel ik toch al méér dan 65 jaren hier leef, dergelijk smerig, corrupt, achterbaks, vulgair, ordinair, laf beleid, steeds, (meer dan 178 jaren), tégen Vlaanderen.
Wij zijn niet zo laf en laag om nu te zeggen, “we gaan dat omkeren”, neen, zo zijn wij niet, maar wij gaan dit wel laten stoppen, en dat op zéér korte tijd, wat europa en zijn zakkenvullers ook mogen lullen, HET GAAT, HET ZAL EN HET MOET STOPPEN.
Onze groep, de senioren, wordt steeds groter, we hebben het allemaal meegemaakt, de leugens helpen niet meer, wij kunnen om met het internet én....wij communiceren véél, en wij hebben er deftig onze buik van vol, om van te kokhalzen.
Indien je nog meer cijfers kunt aandragen, laat ze maar komen, ze hebben effect, zeker weten.
@ Stradi
Bedankt voor je berichten. Ik kan je momenteel niet terugschrijven.
Ray
Cijfers PIPO, pauvre con!
De schokkende verschillen tussen Noord en Zuid in België zijn enkel met cijfers te staven en zijn hallucinant.Het zijn immers verschillen die de Berlijnse Muur herleiden tot een eenvoudig akkerhekje.Toch weigeren onze leiders hiermee tot op vandaag rekening te houden. Hoop op een regeringswissel is nagenoeg nihil. De vetpotten van Egypte, eigen aan de macht, zijn en blijven te aanlokkelijk voor de meeste betrokkenen. Het Belgisch bestel is dermate gecorrumpeerd dat we van hen weinig heil mogen verwachten. Het Belgisch bestel laat toe dat Wallonië op zijn nefast élan kan voortgaan zonder ooit ook maar ergens verantwoording voor zijn eigen falen te moeten afleggen. Elio Di Rupo verklaarde dat het ziekteverzuim in zijn groots en welvarend Wallonië veel lager zou liggen dan dat in separatistisch Vlaanderen. Statistici fronsten even de wenkbrauwen en brachten officiële cijfers van Securex uit, de enige beschikbare officiële cijfers hieromtrent. Securex houdt de absenteïsmegegevens van een kleine 25,000 private bedrijven (verspreid over de drie regio's) bij en gaf te kennen dat in geen enkele Waalse provincie minder werkverzuim was dan in Vlaanderen. Zelfs hun productiefste provincie Waals-Brabant kent meer werkverzuim dan het Vlaamse zorgenkind Limburg. Ook bij de overheid valt er een soortgelijke discrepantie te bespeuren. Nederlandstalige ambtenaren op alle niveau's waren jaarlijks gemiddeld 14 dagen afwezig wegens ziekte. Bij hun Franstalige tegenhangers bedroeg dit maar liefst 19 dagen. Cijfers die iedereen om twee redenen doen duizelen, namelijk het profitariaat van de vastbenoemde ambtenarij in het algemeen en de enorme divergenties tussen Vlaams en Waals overheidspersoneel. In Vlaanderen staan maar liefst 1200 flitspalen tegenover een paar tientallen in Wallonië. Dit resulteert in een Vlaams aandeel van maar liefst 83% in het totaal van federaal geïnde verkeersboetegelden. Nochtans krijgt Vlaanderen via de federale verdeelsleutel hiervan maar 53% terug. De resterende 47% wordt verdeeld onder Brussel en Wallonië. Dit is een jaarlijkse transfer van 50 miljoen euro. Een strikt en nauwgezet Vlaams verkeersbeleid werpt inderdaad vruchten af, maar dan wel voor Wallonië. Van het totale federale politiebudget ging in 2007 48% naar Vlaanderen (130 euro per hoofd), 37% naar Wallonie (180 euro per hoofd) en 15% naar Brussel (250 euro per hoofd). Dit is in strijd met de (schijn)heilige verdeelsleutels en komt niet overeen met de werkelijkheid of de specifieke noden van elk landsdeel. Vlaanderen verloor hierdoor - sinds de recente politiehervorming - reeds meer dan 155 miljoen euro. Brussel en Wallonië krijgen via het federale politiebeleid maar liefst een directe financiële transfer van 66 miljoen euro per jaar. Het zogenaamd onverdraagzame Vlaanderen - dat in de Franstalige pers te pas en te onpas als "racistisch" of zelfs "fascistisch" gebrandmerkt wordt - stelt nochtans procentueel meer allochtonen te werk dan het open en tolerante Waalse Walhalla. Meer dan 45% van de Vlaamse allochtonen op arbeidsleeftijd zijn aan de slag. Nog steeds uitermate pover op zich maar wel beduidend meer dan de schamele 25% in Wallonië. Dat massale consumentenkredieten een economische boom zouden teweeg brengen zoals in de Verenigde Staten of Japan is een moeilijk te ontkennen feit. De consumptie van goederen in Vlaanderen ligt mijlen voor op die in het zuiden van ons landje. Dit is te wijten aan de rijkdom en welvaart van Vlaanderen. Nochtans staat deze consumptie in schril contrast met de massale onbetaalde consumentenkredieten in Wallonië. Maken de achterstallige kredietplichtigen in Vlaanderen maar gemiddeld 2,5% van de bevolking uit - weliswaar met regionale uitschieters tot 3% - dan maken zij in Wallonië gemiddeld meer dan 4% uit. In de provincies Luik (6%) en Henegouwen (7%) gaat het van kwaad naar erger. Het ondernemersvertrouwen in Wallonië is veel hoger dan in Vlaanderen. Alzo sprak Waals potentaat Di Rupo. De recente driemaandelijkse barometer van de overheid geeft echter een totaal ander beeld over het vertrouwen van bedrijven in de staat. Het federale niveau blijft het onvoorwaardelijke vertrouwen genieten van 18% van de ondernemers. Vlaanderen klimt gestaag van een schamele 8% drie maanden geleden naar 13% vandaag. Wallonië moet echter een terugval van 5% naar 4% incasseren. De tewerkstellingsgraad tussen 15 en 64 jaar bedraagt in Vlaanderen een kleine 65%, terwijl Brussel en Wallonië het elk met 55% moeten doen. Nochtans kennen Brussel en Wallonië meer vroege schoolverlaters die deze cijfers voor hen opsmukken en kent Vlaanderen veel meer bruggepensioneerden die hun cijfers nog omlaag halen. Deze kloof is de harde realiteit. Het aantal miljarden dat jaarlijks van noord naar zuid vloeit, is niet meer te overzien. Het overstijgt ongetwijfeld zelfs de jaarbegroting van een gemiddelde groep Afrikaanse landen. De VDAB - die hiervoor de mosterd haalde bij de RVA en de Dimona-databank - publiceerde onlangs zijn jaarlijks auditrapport over de werkgelegenheid in België. Vlaanderen kende het afgelopen jaar - alle extreem-rechtse kritiek ten spijt - een terugval van de werkloosheid van 8,9% naar net geen 8% oftewel meer dan 16,000 minder werklozen. In Wallonië nam de werkloosheid echter toe van 19,1% naar meer dan 20% wat vergelijkbaar is met de desastreuze situatie in Brussel, hoewel dat gewest het afgelopen jaar een status quo van 21% mocht optekenen. Volgens het onderzoeksbureau Graydon Belgium - dat hiervoor jaarlijks door de overheid aangesteld wordt - kende België een toename van het aantal faillissementen met 5,5%. Deze federale cijfers zijn nooit meer dan een sluier over de sterke regionale verschillen. De stijging is helemaal toe te schrijven aan Wallonië dat 28% en Brussel dat 5% meer faillissementen te verwerken kreeg. Vlaanderen kende echter bijna 6% minder faillissementen dan vorig jaar. Vooral de Waalse provincies Luik (+61%), Luxemburg (+20%), Namen (+36%) en Henegouwen (+14%) deden het slecht qua faillissementen. De arrondissementen Doornik (+65%) en vooral Bergen (+135%) zijn wel erg negatieve uitschieters. In Vlaanderen kan men de vermindering van het aantal faillissementen volledig op het conto van West-Vlaanderen (-23%) en Antwerpen (-8%) schrijven. Een beeld mag dan al wel meer zeggen dan duizend woorden, een cijfer zegt nóg meer. De Waalse leiders trachten deze kloof te minimaliseren of te ontkennen maar lopen steeds met hun hoofd tegen de muur wanneer nadien al hun uitspraken onderuit gehaald worden door objectief cijfermateriaal dat door onafhankelijke diensten aangeleverd wordt. De uitspraken van de Waalse tirannen zijn - net zoals de Vlaamse beloften omtrent de splitsing van BHV - niets meer dan ordinaire leugens en doorzichtig bedrog. Misschien wordt het dan toch eens tijd voor de onverwijlde splitsing van België? De cijfers uit de Abafim-studie die nog was besteld door de vorige Vlaamse regering zegt nog meer. Abafim raamde de transfers op 6,6 miljard € Opgeteld met de geldtransfer via de staatsschuld, gaf dit 11,3 miljard euro. Hierbij zouden dan nog de transfers moeten geteld worden die lopen via scheeftrekkingen binnen de federale overheidsbedrijven (vooral De Post en de NMBS) alsook de transfers via de Europese Unie (Vlaanderen draagt er meer toe bij dan het ervan terugkrijgt, voor Wallonië is dat omgekeerd ). Vlaanderen verliest door al deze interregionale transfers jaarlijks meer dan 7% van zijn primair inkomen. Dit is, per hoofd van de bevolking, allicht de hoogste afdracht aan een andere gemeenschap, waar ook ter wereld. Deze ligt zeker hoger dan wat West-Duitsers afdragen aan het voormalige Oost-Duitsland. Van de solidariteit van het zuiden met het noorden is in de geschiedenis van dit land nooit een spoor gevonden. De regering is persoonlijk geïnformeerd door Juul Hannes en doet niets met die kennis. Juul Hannes, een liberaal in hart en nieren, emeritus hoogleraar in de economische geschiedenis van de RUG en de VUB, bewijst sinds tien jaar dat om fiscale redenen Vlaanderen in de negentiende eeuw ook transfereerde naar Wallonië. Zelfs tussen 1840 en 1850, toen hongerdoden vielen op het Vlaamse platteland. De kraan staat ruim anderhalve eeuw open en ondanks dat cadeau helpt de Vlaamse 'Marshallhulp' aan het zuiden niet. Sterker, zegt Hannes, en hij heeft gelijk: als Wallonië ooit één cent moet transfereren naar Vlaanderen, dan sneuvelt België. Welk verhaaltje gaan we dan moeten geloven?
Solidarité
Hangmat met electrisch deken voor de wintermaanden en ventilator voor de zomermaanden. waarde 4 flitsbonnen.
Bijzettafeltje voor drank waarde: 2 flitsbonnen
Een gratis fles whisky. Af te halen bij drankorgel Daerden of op den vakbond FGTB
15 juli 2008! De Vlaamse Republiek?
Goe bezig!!!! althans dat denken ze, maar.....nog even, de hogedrukreiniger staat al klaar, zelfs aangesloten, kwestie van grondig de rotzooi van onze wegen te spuiten.
Als tegenprestatie ...