Deze zomer begon met het verdere uiteenvallen van België en eindigt met de voortgaande versplintering van de Kaukasus. De regionalisering slaat overal toe in Europa. Van Abchazië tot Vlaanderen, van de Kaukasus tot de Pyreneeën. Deze ontwikkeling heeft gevolgen voor de natiestaten en voor multilaterale organisaties als de EU en de NAVO, met nieuwe risico’s en een ingewikkelder wordende landkaart.
De komende jaren zal het aantal lidstaten van de Europese Unie groeien – en wel van binnenuit. Er komen nieuwe –of liever oude – landen bij: Schotland, Catalonië, Lombardije, Beieren en Vlaanderen profileren zich steeds meer als zelfstandig land. Het past in de ontwikkeling die in Midden- en Oost-Europa al vijftien jaar bezig is en die recentelijk met de nieuwe staat Kosovo en de balkanisering van de Kaukasische regio weer een stap verder is. Spanje, bevreesd voor Catalanen en Basken, erkent Kosovo niet uit angst voor precedentwerking. Maar dit is onzin – de precedenten hebben we al lang gehad met Slovenië, Slowakije, Montenegro, Macedonië en vele andere regio’s. De trend is al jaren bezig: de grote landen vallen uiteen en nu zijn de kleinere aan de beurt
Mensen en volkeren hebben behoefte aan een eigen identiteit in een wereld die met een uitbreidende EU en de mondialisering steeds groter wordt. De landkaart van het oude Europa komt geleidelijk terug. Hier moet de politiek op voorbereid zijn.
Waar de laatste decennia de regio (provincie) tussen wal en schip viel, tussen gemeente en nationale staat, zien we in een zich ontwikkelend Europa dat de natiestaat klem komt te zitten tussen regio en Europa. Of, om het anders te zeggen, we gaan qua indeling terug naar de Middeleeuwen. Ook toen waren de regio’s dominant en was de natiestaat een formaliteit. Hoofdsteden, koningen en keizers konden een heel rijk nooit echt besturen.
Het primaat lag bij de regio’s. Zelfs in het ogenschijnlijk grote Heilig Roomse Rijk, de Habsburgse Dubbelmonarchie en het Russische tsarenrijk wemelde het van de zelfstandige regio’s. We kenden Beieren, Savoye, Genua, Piemonte en de Spaanse regio’s. We zien dit terugkomen, op alle plaatsen in Europa.
Sinds de val van het communisme keert alles ten oosten van Wenen-Berlijn terug naar de eigen grenzen. Voormalig Joegoslavië, de Baltische staten, de Kaukasische regio, overal gaan mensen terug van het grote, anonieme rijk, waar eigen taal en cultuur ondergeschikt waren aan centralisme, naar de eigen cultuur. En natuurlijk spelen soms ook financieel-economische issues mee zoals voor de Vlamingen in België en voor de Noord-Italianen in hun drang het zuiden af te stoten. Maar de cultuur, iets duurzamers, is leidend. En wanneer we over een aantal jaren terugkijken en zien dat de historisch bekende lappendeken van Europa weer terug is, dan zullen we de twintigste eeuw juist als de grote centralistische uitzondering zien.
Is het verontrustend wat er gebeurt in België? Neen, en de ontwikkeling is ook volstrekt logisch. Waarom zouden mensen in Centraal- en Oost-Europa wel regio’s mogen vormen en in West-Europa niet? Het geeft het kunstmatige karakter van grote landen aan.
Hoe moeten we als Nederland hier tegenaan kijken? Nederland heeft de afgelopen decennia bijna iedere deling, onafhankelijkheidsverklaring en verzelfstandiging in Europa gesteund. Dan zou het vreemd zijn om de Vlamingen te onthouden wat zíj graag willen.
Op enkele punten is de bovengeschetste ontwikkeling eveneens voor Nederland relevant. Ook Nederlandse regio’s en provincies hebben slechts enkele gemeenschappelijke delers, die al gauw ophouden bij koningin Beatrix en het voetballende Oranje. Verder voelen veel mensen zich primair Fries, Limburger, Brabander of Zeeuw. In de grensprovincies speelt een dynamiek die zich weer weinig van landsgrenzen aantrekt. Voor Groningers en Tukkers ligt Duitsland dichterbij dan Den Haag. Groningen richt zich steeds meer op de Noord-Duitse regio en zelfs op de Baltische landen, hetgeen vanuit historisch perspectief met de Hanzeroute in gedachte, niet vreemd is. Sterker, misschien is deze historische Hanzelijn wel beter en natuurlijker voor Groningen dan de lang beloofde Hanzespoorlijn van Amsterdam naar Groningen, die er nooit kwam.
Noordrijn-Westfalen zoekt samenwerking met Nederland en België. In Zuid-Nederland opereert Limburg prima in de drielandenregio en kan daar ook met zijn taal veel beter uit de voeten. De Belgisch-Limburgse gouverneur Steve Stevaert pleitte vorig jaar voor het weer samenvoegen van de twee Limburgen, maar dat doorkruist de aanstaande Vlaamse autonomie dan weer. Brabant en Zeeland werken zoveel samen met Vlaanderen dat de vroegere smokkelgrens tot handelsroute is gepromoveerd.
Het gaat hier niet meteen om sterke separatistische bewegingen, maar de hang naar eigen identiteit wordt eerder meer dan minder. En wanneer België daadwerkelijk overgaat tot een splitsing – of beter: wanneer Vlaanderen zich onafhankelijk verklaart – zal een dynamiek loskomen in Zuid-Nederland die we nu nog niet kennen. Misschien volgt Zuid-Nederland historische wortels en gaat dan samen met Vlaanderen, het hertogdom Brabant van Den Bosch tot de Franse grens.
Over economische kans van slagen hoeven we dan niet te vrezen, want de sterkste delen van Nederland en België komen dan bij elkaar. De ‘restanten’ zullen eerder moeten vrezen voor economische teruggang. Kan bijvoorbeeld een zelfstandig Wallonië, eens het economisch wonder van het Europese vasteland, omdat het de Industriële Revolutie vanuit Engeland het eerst oppikte, overleven? Een land als Slowakije, dat zich onderdrukt en berooid afscheidde van Tsjechië, floreert en is één van de snelle groeiers in Oost-Europa.
Opmerkelijk is overigens dat in Midden- en Oost-Europa de armere en onderdrukte regio’s (Slowakije, Macedonië, Kosovo) zelfstandig willen worden, terwijl het in West-Europa juist de rijkere gebieden zijn (Beieren, Lombardije, Vlaanderen) die naar autonomie streven.
Natuurlijk kun je je afvragen of kleine landen, regio’s met slechts enkele miljoenen – in de Kaukasus 150.000 inwoners – levensvatbaar zijn, maar mensen die in termen van cultuur en historie denken hebben andere drijfveren. Een regio heeft een langere historie dan een gekunstelde natie. Landsgrenzen worden getrokken door politici, regiogrenzen door mensen. De balkanisering kan ook buiten Joegoslavië toeslaan.
Overigens is het op andere continenten niet anders. Aan alle grenzen van het Sovjetrijk is de laatste twee decennia gemorreld en vaak succesvol. En nu lijkt China, dat de schade lang heeft kunnen beperken tot de afscheiding van Taiwan, aan de beurt: Tibet wil onafhankelijk worden en de moslimgebieden in West-China roeren zich eveneens.
Terug naar Europa, waar we de regionalisering het sterkst zien. Europa is niet populair bij de mensen. Afwijzingen (Frankrijk en Nederland), scepsis, nipte ‘referenda-overwinningen’ en een algehele twijfel over de uitdijende Europese Unie, die tot voor kort zo overzichtelijk en herkenbaar was, ondergraven de unie. Met de kandidatuur van Turkije zijn deze twijfels en negatieve gevoelens verder toegenomen. De EU is te anoniem geworden.
Hoe komt dit? De laatste decennia werd Europa gemaakt in Brussel en de hoofdsteden en niet in de regio’s, bij de mensen. Waar veel mensen afkerig zijn van het bureaucratische en abstracte Europa, zijn ze dat niet van regionale samenwerking of het nu om regio’s binnen een land gaat of over samenwerking over de grens. En wanneer politici zoeken naar een oplossing voor Europa ligt deze in het Europa van de regio’s, die vervolgens dan weer prima kunnen samenwerken.
Dat is even slikken voor nationale politici die Europa vorm willen geven vanuit de natiestaat. Maar het denken in regio’s kan juist een kans zijn. De zelfstandige regio’s binnen de EU die allemaal cultureel en economisch alleen verder willen, maar op andere gebieden te klein zijn, zullen juist op deze terreinen de samenwerking nodig hebben en deze ook zoeken. En dan blijkt de EU ineens heel relevant en waardevol. De regionalisering kan Europa, als het Europa van de regio’s, verder helpen, het doet recht aan de identiteit van mensen. Iedere regio kan zich ontplooien waarin hij goed is en waarin hij zich het meest thuisvoelt. The Economist schreef onlangs: ‘Even in a border-free Europe, everyone wants a homeland’. En ook in Nederland hadden in de 17e eeuw juist de provincies, de regio’s, het primaat.
Hoe moet de EU omgaan met deze ontwikkeling? Hoe moet de NAVO hierop reageren? In België wordt openlijk gesproken over een confederatie naar Zwitsers model. Dat zou echt het einde zijn, want confederaties als in Zwitserland en de Bondsrepubliek zijn juist van onderop gegroeid: kleine gebieden wilden samenwerken en gezamenlijk sterker staan. In België vindt nu het omgekeerde plaats: de confederatie als laatste tussenfase voor zelfstandigheid. Kortom: de aanvraag van Vlaanderen als zelfstandige natie en dus nieuwe lidstaat van de EU komt er aan.
Wanneer één regio deze stap gezet heeft zullen er meer volgen. Het kan de EU juist weer nieuwe relevantie geven, maar de EU moet er dadelijk wel op ingericht zijn. Het is de vraag of de huidige, vernieuwde, Europese Grondwet dat is. Tijdens de topbijeenkomsten van de regeringsleiders van de EU worden veel zaken besproken, maar de idee van de regionalisering is geen agendapunt. En dat is ook niet vreemd, want nationale politici zullen de laatste zijn die deze trend en ontwikkeling willen erkennen.
Dus in plaats van het hoofd te breken over een eventuele toetreding van Turkije tot de EU (al meer dan veertig jaar een agendapunt) kunnen de regeringsleiders beter nadenken over hoe te handelen wanneer binnen nu en vijf jaar Vlaanderen zich onafhankelijk verklaart en een aanvraag tot lidmaatschap van EU indient.
Het wordt tijd om na te denken over hoe het Europa van de regio’s vorm te geven. En voor de leiders van de NAVO zal deze puzzel en lappendeken een minstens zo grote uitdaging zijn.


De redevoering van Dr Gui Celen - IJzerwake 24.08.08









8 reacties op dit bericht
Doen
Proficiat !19079
prachtig
Inderdaad iedereen die ik gesproken heb na de ijzerwake vond zijn toespraak de beste.Niet tegen staande johan zijn toespraak ook niemand vergeten is.
de drie koninklijke kwakzalvers komen te laat om het lijk te reanimeren.We hebben trouwens geen boodschap aan toverdokters. maar aan een notaris om de erfenis te verdelen.
DOEN
Heb die redevoering nu al 5 maal herlezen, want ik wil die woorden tot de mijne maken.
Ooit wordt ze misschien verplichte lectuur op onze scholen.
Ze zou nu al moeten weerklinken in het Vlaams parlement. Waarop wordt gewacht?
Eerst handelen. Dan nadenken. Asiel Sarbon wist het, in 't Frans, jaren geleden al.
B is de wereld gepasseerd.
Bij deze begroeting...
Uitstekend !
Deze morgen las ik 'De Gentenaar' (Nieuwsblad).Ongelooflijk klein stukje over de Ijzerwake.
Einde verleden week al wel een groot artikel over het Spirit-feestje van volgende zondag in Diksmuide..
De Gentenaar is sinds enkele jaren zowat het plaatselijk Spa-propagandablad.
Wedden dat de linkse jongens deze week nog een interview publiceren met Anciauxtje of de hoofddoek-draagster-voorzitster.
En daarenboven zullen alle 17 spiritleden zondag aanwezig zijn op de 'Dag van Toerisme' in Diksmuide.
en de wandluizen !
Redevoering Dr Gui Celen
Het was voor mij niet moeilijk om op de vraag om hier vandaag het woord te voeren, meteen ‘ja’ te zeggen. De reden ligt voor de hand. Want voor u staat een vrij man. Een vrijgevochten Vlaming. En wat sommigen ook mogen beweren, ik kan u meteen geruststellen: ik ben niet rechts en ik ga ook niet naar rechts. Ik ben niet links en ik ga ook niet naar links. Maar ik ben wel rechttoe - rechtaan.
En ik ga gewoon rechtdoor. Voor een onafhankelijk Vlaanderen. Niet meer, maar zeker niet minder.
NU: Durven met Vlaanderen! is het verdienstelijk motto van deze plechtige wake. En dat is goed. Maar als u het mij toestaat, is dat voor mij toch net iets te braaf en vooral iets te voorzichtig. Ik zou graag een stap verder willen gaan. Anders gezegd: we moeten vandaag aan belgië en de rest van de wereld niet meer laten weten dat we nu eindelijk gaan ‘durven’ met Vlaanderen, maar we moeten vooral klaar en duidelijk zeggen ‘wat’ we nu gaan ‘doen’ met Vlaanderen. Laten we dus voortaan alleen nog spreken over ‘doen’ en over ‘daden’. Zonder aarzeling. Zonder achterhaalde belgische complexen. ‘Doen’ moet nu het motto zijn. NU! Met z’n allen samen en vóór Vlaanderen! In navolging van, en als eerbetoon aan de zovele moedigen, die ook hier, op deze plek, hun woorden in daden hebben omgezet. We zijn het hen zonder meer verschuldigd!
Beste vrienden,
we schrijven vandaag 24 augustus en als medicus kan ik Eric Van Rompuy - u weet wel, de broer van - helaas niet bijtreden toen hij enige tijd geleden, Rene De Clercq parafraserend, onomwonden stelde dat de belgische staat ligt te sterven. Dat is pertinent onjuist! De belgische staat ligt niet te sterven. De belgische staat is dood. Morsdood. Want het moet nu toch stilaan voor iedereen duidelijk zijn dat deze on-staat alleen nog kunstmatig in leven wordt gehouden.
En zich, in de loop der jaren, op kosten van Vlaanderen, schaamteloos aan de Vlaamse economische hart- en longmachine heeft vastgeklampt. Dat heeft althans de huidige crisis nog maar eens ten overvloede aangetoond. En ik ben het dus graag eens met Yves Leterme, als hij eindelijk laat optekenen dat de limieten van het federale overlegmodel bereikt zijn. Alleen, wij wisten dat al veel langer.
Blijft de vraag, waarop hij dan nog wacht om samen met zijn kartel en met alle Vlaamse politici, de stekker uit te trekken? Of durven ze niet? Of gaan ze misschien wachten tot wanneer het te laat is en ook in Vlaanderen de stroom vanzelf uitvalt? Aan hen zeg ik daarom van op deze bij uitstek Vlaamse katheder: stop deze belgische waanzin! Want zachte heelmeesters maken alleen maar stinkende wonden. En doe gewoon wat in zo’n geval en zonder uitstel gedaan moet worden: snijden, snijden en nog eens snijden...
Vlaamse vrienden : we bevinden ons vandaag op een historisch kantelmoment.
Vandaar dat we het kaakslagflamigantisme vanaf nu voorgoed achter ons kunnen laten.
U zult mij dus ook vandaag niet horen klagen. De belgische politieke ‘surplace’ heeft zijn hoogtepunt bereikt en dat heeft zo zijn voordelen. Het Vlaams politiek bewustzijn is groter dan ooit en groeit nog naarmate de crisis aansleept. Vlaanderen radicaliseert. En terecht. Blijkens een opiniepeiling van Het Laatste Nieuws van begin juni, wil ongeveer 49% van de Vlamingen dat België barst. Nu weet ik wel dat men met opiniepeilingen altijd voorzichtig moet omspringen, maar het geeft toch een indicatie. Zeker als we er rekening mee houden dat men mijn mening niet heeft gevraagd en die van jullie waarschijnlijk ook niet.
Maar goed, dit neemt niet weg dat ik hier toch een aantal overwegingen wil maken en ook een aantal waarschuwingen wil formuleren. Waarschuwingen, voor de niet te onderschatten en perfide reanimatiepogingen van de neo-belgicistische vossen, die nu ineens, zelfs bij monde van drie koninklijke musketiers, de passie van het confederalisme gaan prediken. Wat wil zeggen vrienden, dat wij, Vlaamse boerkes, op onze ganzen moeten letten. Dat we meer dan ooit bij de les moeten blijven. Want Vlaanderen mag zich onder geen enkel beding laten opsluiten in een ‘deelstaat’ die niets anders is dan een soort ‘onderstaat’ in een opgelapte ‘bovenstaat’. Het woord ‘deelstaat’ spreekt trouwens boekdelen. De verdeeldheid zit er reeds bij voorbaat ingebakken. En we kunnen hierover dus zeer kort zijn: Vlaanderen moet uit één mond simpelweg NEEN zeggen aan dat zogezegd zaligmakend confederalisme waarin het onvermijdelijk en allicht voor nog eens 175 jaar, opnieuw onder belgische curatele wordt geplaatst. Of, om het met woorden van Johan Sanctorum te zeggen, en ik citeer: “Het confederalisme is een dode mus. Het is weinig meer dan het ultiem krimpscenario van de Belgische francofonie” Einde citaat. Laat ons dus voortaan weigeren om nog te denken in termen van België. België is geen optie meer. België is verleden tijd. We hebben lang genoeg moeten aanzien tot welke ‘misvormingen’ en ‘verminkingen’ de opeenvolgende staatshervormingen hebben geleid. En ik zie bovendien geen enkele reden waarom dat vandaag opeens anders zou zijn. Voor ons dus geen restauratie van de bouwval België, maar de volledige afbraak! En niet tot op de grond, maar zelfs tot onder de grond. Voor ons dus zeker geen belgische borrelnootjes en ook geen vette vis in de pan. Want wij lusten geen belgische vis. Maar we willen wel de pan. Maar dan onze eigen pan. Een Vlaamse pan. Zodat we ongestoord onze eigen vis kunnen bakken. Ons eigen potje kunnen koken. Zonder tussenstappen. Nu meteen. Onverwijld. Zonder verder tijdverlies!
Want het is hoog tijd, beste vrienden, meer dan hoog tijd.
En dat kan alleen in een Vlaamse staat.
De Vlaamse staat, waarmee Vlaanderen onze vriend Luc Van den Brande, de facto zal bewijzen dat “absolute statelijke soevereiniteit voor Vlaanderen” geen fictie is, maar een conditio sine qua non voor echt ‘goed bestuur’ .
Want pas dan, en alleen dan zullen wij de problemen die zich vandaag stellen en die morgen op ons afkomen, het hoofd kunnen bieden.
In de Vlaamse staat, die in volle onafhankelijkheid, zonder tussenkomst van derden, rechtstreeks en volwaardig lid is van Europa, en niet verstikt wordt in het Europese Comité van de Regio’s.
In de Vlaamse staat, die in staat is om de ontgroening en de vergrijzing op afdoende wijze aan te pakken. De miljardentransfers verhinderen ons dat nu.
In de Vlaamse staat, die in staat is om een aangepast tewerkstellingsbeleid te voeren.
Die in staat is om aan een ondubbelzinnig en specifiek Vlaams asiel- en migrantenbeleid gestalte te geven.
Die in staat is om via een Vlaamse justitie, die naam waardig, opnieuw het noodzakelijke vertrouwen te herstellen.
Die in staat is om de toekomst van onze Sociale Zekerheid veilig te stellen en verder uit te bouwen.
Die in staat is om, bevrijd van eindeloos en verlammend communautair gekibbel, de alledaagse problemen van zijn burgers, daadwerkelijk op te lossen.
Kortom, een staat die vooral en van harte, een vaderland kan zijn voor al zijn kinderen. Zonder uitsluitingen, zonder schutkringen of cordons, zonder blasfemisch taalgebruik....
En wat dan met de zogeheten ‘solidariteit’? hoor ik u luidop denken.
Wel, wat dat betreft kunnen we kort en duidelijk zijn.
In normale omstandigheden krijgt Wallonië zonder meer het statuut van ‘bevoorrechte natie’. Want Vlaanderen heeft er alle belang bij dat ook Wallonië welvarend is. En daarom zijn we ook bereid om, zonder enige vorm van misplaatst paternalisme, Wallonië nog een tijd lang in zijn economische heropstanding te blijven ondersteunen. Maar er zijn voorwaarden. En daarvoor verwijs ik graag naar de basisvoorwaarden, zoals uitvoerig gepreciseerd door mijn vriend, professor Eric Ponette. Basisvoorwaarden, waarin vrijwilligheid en democratische inspraak, transparantie, eigen verantwoordelijkheid, omkeerbaarheid en respect vanwege de ontvanger, dé sleutelwoorden zijn.
Respect betekent: pas de taalwetgeving toe in Brussel
Stop uw Frans Taalimperialisme
Stop met jullie pogingen om aan
gebiedsuitbreiding te doen
Stop met jullie pogingen om de Vlaamse Staat te
boycotten!
Spuw niet in de hand van de gever!
En denk eraan: geen solidariteit zonder soevereiniteit ! Dit zijn niet mijn woorden, maar die van Professor Ludo Abicht.
Vlaamse vrienden, bedevaarders,
Tijd om af te ronden met een aantal overwegingen.
Graag zou ik bij deze onze Vlaamse politici willen verwijzen naar een recent interview in Knack, met Vaclav Klaus, de huidige president van Tsjechië, die mee aan de basis lag van de fluwelen scheiding van Tsjechië en Slowakije. Een interview, waarin hij nadrukkelijk zegt dat hij het niet zou aandurven om contact op te nemen met belgische politici. En dat is begrijpelijk. Maar misschien moeten we de rollen dan maar gewoon omdraaien, en moeten onze Vlaamse politici naar hem toe gaan voor een uitgebreide babbel. Want zijn aanbeveling is duidelijk: volg snel ons voorbeeld, zegt hij, gevolgd door een veelbetekenend: het is -óf, óf. Niet twijfelen dus, maar doen.
En verwijzend naar de altijd nederige Herman Van Rompuy, die van zichzelf zegt dat hij de beste eerste minister is die het land nooit heeft gehad, zou ik aan Yves Leterme willen zeggen dat hij, als hij zo doorgaat, de vaderlandse geschiedenis zal ingaan als de beste eerste minister die nooit het land heeft gehad. Aan hem dus nog altijd de keuze.
Tot slot zou ik nog kort willen antwoorden op de laatste 21juli-toespraak van de koning. Met een aangepaste versie van het verzoek, dat Anton Aldi jaren geleden reeds op een IJzerbedevaart heeft geformuleerd – toen mocht dat nog -, met de woorden: Sire, zwijg nu voorgoed. En abdiceer. En treed - nu het nog kan - tenminste af met eer. En werp uw kroon naar Borms!
Ik heb gezegd.
Dr. Gui CELEN
Voorzitter Pro Flandria
Voorzitter VZW KNOKK- de school van Komen
Voorzitter Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid