Kantwerksters


Hier nog twee kantwerksters met de rode doek met witte bollen op hun hoofd. De kant de ze aan het klossen is ziet er prachtig uit.
Kantwerksters

Hier nog twee kantwerksters met de rode doek met witte bollen op hun hoofd. De kant de ze aan het klossen is ziet er prachtig uit.
Kantwerksters
Een breed laachende kantwerkster op leeftijd. Zie haar getekende aangezicht en haar vervormde vingers.
Kantwerksters

Hier zien we Sophie Linzeele die gewillig poseerd voor de fotograaf. Zij werd geboren te Brugge op 4 juni 1822. Veel stukken uit het interieur zouden nu als antiek voor veel geld worden verkocht.
Kantwerksters
Kantwerksters
Kantwerksters
Bij goed weer zaten de kantwerksters te klossen op straat of voor hun deur in een van de beruchte forten.
Kantwerksters

De kantproduktie vertegenwoordigde in de 19de eeuw een groot deel van de inkomsten van de Brugse gezinnen. De "spellenwerkster", die meestal tot de laagste sociale klasse behoorde, werd gedwongen om telkens meer te produceren voor een lager loon. Desondanks bleef kant een luxeartikel waar de handelaars grote opbrengsten uithaalden. Het grootste deel van de opbrengst bleef aan de vingers kleven van enkele tussenpersonen. In de organisatie van de kantnijverheid speelden drie groepen een belangrijke rol : de kantwerksters, de koopvrouwen en de fabrikanten. De kantwerkster was enkel producent en stond op de laagste trap in het produktieprocres. De koopvrouw was de tussenpersoon en regelde de produktie naar de wens van de fabrikant. Deze fabrikant was de laatste schakel in het produktieproces en stond aan de top van de hierarchische piramide.
Het kantkussen op de afbeelding is geen model dat in Vlaanderen werd gebruikt. De klosjes zijn typisch Engels.
Met dank aan Gisela voor deze technische en belangrijke opmerking.
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte
De stadsontvanger, gevolg door het processievaandel van de kapel van O.L. Vrouw van Blindekens en de broederschap van O.L. Vrouw van Blindekens.
Brugse belofte
Brugse belofte
Brugse belofte

Op 18 augustus 1304 kwam het tot een verwoede en verwarde slag nabij Pevelenberg, dit is een heuvel ten noorden van de stad Dowaai. Koning Filips de Schone voerde zelf zijn 3.000 gepantserde rjuiters en 8.000 man voetvolk aan. Er ontstond een vreselijk gevecht, doch het bezorgde geen van beide partijen de overwinning. Het is tijdens deze bange ogenblikken van de slag om de Pevelenberg dat Filips van Tiedi en zijn Brugse strijdmakkers plechtig beloofden ieder jaar op 15 augustus ten eeuwigen dage aan O.L. Vrouw-van-de-Potterie een kaars van 36 pond te zullen offeren indien zij behouden naar huis zouden mogen terugkeren. Toen graaf Robrecht van Béthune terugkeerde uit gevangenschap in Frankrijk in 1306, trof hij de nodige maatregelen om de gelofte waar te maken. Een dokument uit 1418 vermeldt dat de deken en aanvoerders van het O.L. Vrouwgilde tot in de eeuwigheid elk jaar op 15 augustus een kaars van tenminste 36 pond zouden offeren. Dus zo geschiedde, ieder jaar op 15 augustus, O.L. Vrouw Hemelvaart, gaat de "Blindekens Processie" uit.
Bron : Brochure "Brugse belofte", kaft uitgevoerd door
steendrukkerij Harby uit de Goezeputstraat.
Bouw concertgebouw
Bouw concertgebouw