287 Vertaling
Leven en dialogen in Spanje.
1 Onder vrienden.
1 M Dat is Paco
2 P Ja, ik ben Paco
3 A En dit is Alfonso
4 M Paco is student
5 A Alfonso ook
6 A Ja, ik ben ook student
7 A Goede dag, Paco
8 P Hallo Alfonso, goede dag
9 P Wat is dat ?
10 P Dat is een boek
11 P Hoe laat is het ?
12 A Het is 2 uur
13 P Waar woont Manuel
14 A Hier, in dat huis
15 M Kijk. Dat is Alfonso
16 M En dit is Paco
17 A Aangenaam
18 M Van waar zijn jullie ?
19 P Ik ben van Panama
20 A Ik ben Madrileense
21 A Ik ben ook Madrileense
22 A Wie is dat ?
23 M Dat is Alfonso
24 A Ja, ik ben Alfonso
25 M Alfonso is student
26 A Waar woont Manuel ?
27 M Kijk, dat is Paco
28 A Van waar ben jij ?
29 P Ik ben van Panama
30 P En jij, van waar ben jij ?
31 A Ik ben van Madrid
32 A Ik ben ook van Madrid
33 A Wie is dat ?
34 De meid Dat is een meneer
35 P Ik ben Paco
36 A Ik ben student
37 A Jij ben ook student
38 P U bent mekanieker
39 P Hij is boer
40 Een meisje : Ik ben Spaanse
41 Een jongen : Ik ben van Madrid
42 Beambte : Bent u Noord Amerikaan
43 Toerist 1 : Ja, ik ben van New York
44 Beambte : Bent u jager
45 Toerist 2 : Neen mijnheer, ik ben temmer
Feitelijk kan deze les zonder hulpmiddelen gegeven worden, in een levende conversatie. Maar de éénvormige klank wordt dan vervangen door de stem van de leerkracht. Bij toon- en klemtoonveranderingen kan dat een negatieve invloed hebben op het luisteren.
De voorgeprogrammeerde dialoog is ook niet onbelangrijk.
Men kan volgende elementen verwerken :
Dat is …
Ik ben … Ik heet …
Hij is …
Zij is …
Goede dag
Wat is dat ?
Wie is dat ?
Hoe heet jij ?
Waar woon je ? Van waar ben je ?
Wat doe je ?
Hoe laat is het ?

