Naar de inhoud

Bomenpark

seniorennet.beseniorennet.be

Archief

Wandeling door Arboretum Trompenburg, deel 10

We draaien ons om en kijken over de Beek heen. Daar zien we van links naar rechts: allereerst een Japanse esdoorn, Acer palmatum 'Ornatum'; vroeger was de naam van deze plant: Acer palmatum 'Dissectum Purpureum', wat de habitis van de plant beter aan geeft. Deze mooie struik , met zijn donkerrood fijn ingesnede blad, is een sieraad voor elke tuin. Ze is in 1930 geplant, geen harde groeier dus. Dan verder naar rechts ongeveer in het midden staat een beuk, Fagus sylvatica 'Ansorgii'. Het is een kruising tussen de bruine beuk en varenbeuk, deze is ontstaan op de kwekerij van Carl Ansorge, eind - 19e eeuw. Tijdens een excursie naar de Botanische Tuin van Hamburg, ontdekte men op een afgelegen plek waarschijnlijk een oorspronkelijk exemplaar van de boom. Men heeft toen griffels mogen snijden, en in 1956 laten enten. Nu is deze kleine boom, via Trompenburg bij vele kwekers weer verkrijgbaar. Het is een van de taken van een botanische tuin en een arboretum om soorten die verloren dreigen te gaan van de ondergang te redden. Rechts van de boom staat Crataegus monogyna 'Compacta', een bolvormige meidoorn. De volgende boom is een zachte berk, Betula pubescens 'Urticifolia'. Urtica is de wetenschappelijke naam voor de brandnetel, dus de boom heeft blad dat op brandnetelblad lijkt. (Zie foto). Aan het begin van het Nieuwe Werk staat een bolvormige taxus met goudgerande naalden, Taxus baccata 'Aureo Marginata'. We gaan een stukje verder lopen, langs een hardstenen sokkel. Er staan aan dit pad twee hybride vormen van de paardenkastanje. Ten eerste Aeculus hippocastanum 'Laciniata', met heel diep tot aan de nerf ingesneden blad. (Zie tekening), de andere is Aesculus hippocastanum 'Digitata' waavan het blad door loopt langs de bladsteel, waardoor deze gevleugeld is. Op de hoek staat Rhododendron 'Seven stars', die eerst donkerroze bloeit en dan naar puur wit verloopt. Aan het begin van het pad dat we overslaan, staat een tulpenboom, Liriodendron tulipifera 'Aureo Marginata', de goudgerande tulpenboom. Ze bloeit in juli met groengeel-oranje tulpvormige bloemen.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Bert Boom om 11:42 Reageer op dit bericht

Wandeling door Arboretum Trompenburg deel 9

We lopen een stukje door en komen bij het breedste stuk van de Beek aan.
Hier staat een oude beuk Fagus sylvatica met een heel mooi wortelgestel.
Dit breedste deel van de Beek diende voor kort als zwembad, nu is het de grote goudvissenvijver.  Het zwembad is in 1935 met de hand gegraven en is drie meter diep. Er zwemmen nu grote goudkarpers in, die uit de hand eten.
Met de grond die er uit kwam is de atlascederberg opgehoogd,zoals ik al eerder heb vermeld (deel 3) We gaan iets verder en komen bij de moerascipres aan, in1870 door Zocher geplant.Ze maakt op oudere leeftijd kniewortels, deze dienen voor de ademhaling van de wortels onder water en voor de stabiliteit. Op latere leeftijd gaat de boom uitdijen en vormt dan een brede kroon. Dit kan wel meer dan honderd jaar duren.Zijn echte naam is Taxodium distichum en hij is 136 jaar oud. Het is een bladverliezende conifeer. Langs de Beek groeit ook de koningsvaren, Osmunda regalis. Men is na de oorlog met drie pollen begonnen, die werden gescheurd en meer gescheurd, nu staat de hele oever vol. Deze varen maakt in tegenstelling tot andere varens geen sporen op de achterkant van het blad, maar er komt van uit het midden van de plant een stengel met een pluim waar aan de sporen zitten. Tegenover de moerascipres staat een gewone es: Fraxinus excelsior uit 1870. Iets meer naar voren staat een bijzondere taxus, met dikke ronde naalden: Taxus baccata 'Amersfoort'. Deze plant is gevonden bij een bejaardenhuis in Amersfoort. Eerst dacht men met een Podocarpus te doen te hebben, maar bij de eerste bloei bleek het een Taxus te zijn. We lopen een stukje door en komen bij de Ginkgo biloba, alweer door Zocher in 1870 geplant. Omdat de boom vroeger onder grote iepen heeft gestaan, kon ze geen hoofdstam krijgen, waardoor ze een struikvorm heeft gekregen. Bij ouder worden van de boom, ontwikkelen zich knobbels aan de boom, de zogenaamde Tse-tse wortels, deze kunnen tot aan de grond rijken. Dit gebeurt echter op zeer hoge leeftijd. Deze Ginkgo is daarnet mee begonnen.
We lopen een stukje door en komen bij het breedste stuk van de Beek aan.
Hier staat een oude beuk Fagus sylvatica met een heel mooi wortelgestel.
Dit breedste deel van de Beek diende voor kort als zwembad, nu is het de grote goudvissenvijver.  Het zwembad is in 1935 met de hand gegraven en is drie meter diep. Er zwemmen nu grote goudkarpers in, die uit de hand eten.
Met de grond die er uit kwam is de atlascederberg opgehoogd,zoals ik al eerder heb vermeld (deel 3) We gaan iets verder en komen bij de moerascipres aan, in1870 door Zocher geplant.Ze maakt op oudere leeftijd kniewortels, deze dienen voor de ademhaling van de wortels onder water en voor de stabiliteit. Op latere leeftijd gaat de boom uitdijen en vormt dan een brede kroon. Dit kan wel meer dan honderd jaar duren.Zijn echte naam is Taxodium distichum en hij is 136 jaar oud. Het is een bladverliezende conifeer. Langs de Beek groeit ook de koningsvaren, Osmunda regalis. Men is na de oorlog met drie pollen begonnen, die werden gescheurd en meer gescheurd, nu staat de hele oever vol. Deze varen maakt in tegenstelling tot andere varens geen sporen op de achterkant van het blad, maar er komt van uit het midden van de plant een stengel met een pluim waar aan de sporen zitten. Tegenover de moerascipres staat een gewone es: Fraxinus excelsior uit 1870. Iets meer naar voren staat een bijzondere taxus, met dikke ronde naalden: Taxus baccata 'Amersfoort'. Deze plant is gevonden bij een bejaardenhuis in Amersfoort. Eerst dacht men met een Podocarpus te doen te hebben, maar bij de eerste bloei bleek het een Taxus te zijn. We lopen een stukje door en komen bij de Ginkgo biloba, alweer door Zocher in 1870 geplant. Omdat de boom vroeger onder grote iepen heeft gestaan, kon ze geen hoofdstam krijgen, waardoor ze een struikvorm heeft gekregen. Bij ouder worden van de boom, ontwikkelen zich knobbels aan de boom, de zogenaamde Tse-tse wortels, deze kunnen tot aan de grond rijken. Dit gebeurt echter op zeer hoge leeftijd. Deze Ginkgo is daarnet mee begonnen.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Bert Boom om 18:40 Reageer op dit bericht

Wandeling door Arboretum Trompenburg, deel 8

We zijn ondertussen aangekomen op het "Nieuwe Werk". Zo wordt het in 1870 door Zocher aangelegde deel van Trompenburg nog steeds genoemd. Er staan hier enkele bomen en struiken die toen door hem zijn geplant, zogenaamde exoten. Via een brug over de Beek, komen we in dit gedeelte en gaan linksaf. Aan beide kanten van het pad is veel te zien:links loopt de Beek met prachtige waterlelie's en Aponogeton distachyos, de kaapse waterlelie. het plantje heeft smalle lange blaadjes, de bloem is wit en tweearig ( Gr. stachus= aar) De eerste boom die we tegenkomen , is een geweldig exemplaar. Het is de reuzenthuja; Thuja plicata. Dit is een van de exoten geplant door Zocher in 1870. Het is een boom met vele afleggers, die op latere leeftijd, als de zogenaamde navelstreng is afgestorven,zelfstandige bomen worden.het is het potlodenhout. Hij wordt ook wel Western red cedar genoemd. Aan de andere kant van het pad, staat een boompje dat als een poortje over het pad is geleid. Men zou denken dat het een wilgje was, maar niets is minder waar: het is de wilgbladige peer; Pyrus salicifolia pendula. Dit boompje is ook van 1870, net zo oud als bovenstaande boom. Iets verderop aan de linkerkant staat Rhododendron 'Caractacus', een ouderwetse soort die niet meer wordt gekweekt. De bloemen zijn karmijnrood. Er staat ook nog een hazelaar met niet alleen roodbruin blad, maar ook met roodbruine vruchten. De naam is Corylus avelana 'fuscorubra'. Ze stamt waarschijnlijk van de eerste aanleg.Ilex aquifolium 'Laurifolia' is de volgende die we te zien krijgen. Het is ook een plant uit 1870. hetis een zeer oude vorm van de hulst. Toen de Beek werd gegraven, werd de grond die er uit kwam,is gebruikt om de westelijke kant mee op te hogen.Dit is nu de hoogste plek van de tuin. de klei uit de Beek, was niet zo vruchtbaar als de veengrond. Hierop zijn de bomen en struiken geplant die het minst winterhard zijn.Er staan groenblijvende eiken, hulsten en andere minder winterharde gewassen. Zo staat er de struikeik; Quercus dumosa (dumosa = struikvormig) en een aardbeienstruik die eigenlijk in het mediterraan gebied thuis hoort. Arbutus unedo. De bloemen zijn wit en klokvormig en de vrucht is een eetbaar aan een lange steel hangend roodbolletje, dat veel weg heeft van een aardbei.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Bert Boom om 18:37 1 reactie Reageer op dit bericht

Wandeling door Arboretum Trompenburg, deel 7

Enkele meters verder staat Queen of Hearts' met mooie donkerrode bloemen. Verderop staat een Sequoia sempervirens 'Adpressa'. Deze blijft kleiner dan haar soortgenoot, en heeft kortere naalden. De volgende struik is Rhododendron 'Rothenburg' met cremekleurige bloemen. Dieper in de beplanting staat een Sequoiadendron giganteum, in 1961 als vier meter hoge boom geplant. Hij staat er ruim 45 jaar en heeft al een stamdoorsnede van 1 meter. Het pad volgend zien we nog een rhododendron met lange rode klokvormige bloemen, Rhododendron cinnabarium var. roylci. De twee bomen die we nu tegen komen heten Platanus x acerifolia, een kruising tussen twee andere platanen en wel de oosterse plataan Platanus orientalis en de westerse plataan Platanus occidentata. Deze boom komt in Nederland veel voor. Ze zijn in 1870 door Zocher geplant. Oorspronkelijk stonden er vier platanen, maar bij een septemberstorm in 1944 is de meest westelijke boom omgewaaid, omdat hij te veel wind opving.Er bleven er toen drie over , waarvan de middelste kort werd gehouden om de twee andere bomen meer kans te geven zich verder te ontwikkelen. In 2004 is een van de drie bomen bij een hevige storm omgewaaid. Als we links afslaan komen we op een smal pad, dat tussen het pinetum en de beek loopt. Aan het begin van dit pad staat een witbonte esdoorn, Acer pseudoplatanus 'Variegata', in 1870 bij de eerste aanleg geplant. Aan de waterkant staat Myrica gale, de gewone gagel, uit de Brabantse vennen.Waarschijnlijk zijn deze planten ook door Zocher geplant.Aan de rechterkant staat een blauwe atlasceder, Cedrus libani subsp. 'Atlantica Glauca'. Aan dezelfde kant zien we een reusachtige kruipende conifeer, Picea omorica 'Exansa'. Voor deze plant staat nog een kruiper nl. Microbiota decussata, in 1923 al ontdekt, ten noordwesten van Wladiwostok in Oost-Siberie. Na de Tweede Wereldoorlog is deze conifeer naar Europa gekomen. Geplant in 1970. Oorspronkelijk dacht men dat de plant tweehuizig was,mannelijke en vrouwelijke bloemen ieder op een andere struik. Er werden echter hele minuscule kegeltjes met vier schubjes op de plant ontdekt, met een doorsnede van twee milimeter. Bij rijpheid wordt er maar een enkel zaadje voortgebracht. Van deze plant zijn over de hele wereld stekken verspreid. Bijna aan het eind van dit pad staat ook een ceder, (Cedrus libani subsp. 'Brevifolia'),die alleen voorkomt op Cyprus in het Troodosgebergte en in zuiden van Turkije in het Taurusgebergte.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Bert Boom om 21:55 Reageer op dit bericht

Pinetum

Dit is de toegang tot het Pinetum met de twee libanonceders.  Onder de linker ceder staat de Turkse klimop, Hedera colchica, deze verdraagt veel schaduw en droogte.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Bert Boom om 13:27 Reageer op dit bericht

Meer van Bomenpark

↑ Terug naar de berichten