© AFP
De plagen van Peking
30.000 insectenbestrijders om na de algen de sprinkhanen te lijf te gaan
Wie dacht dat de tien plagen alleen het oude Egypte teisterden, heeft het mis. Ook het olympische gastland China wordt al maanden geteisterd door allerlei onheil. De laatste tegenslag in de rij is een sprinkhanenplaag, die tijdens de Spelen mogelijk over Peking zou trekken.
Al maanden wordt er gepalaverd over de weersomstandigheden en de milieuvervuiling in Peking, daarna volgde in het zuidwesten van China een dramatische aardbeving en vorige week werden de zeilinstallaties in kuststad Qingdao getroffen door een algenplaag. En nu zijn er dus zwermen sprinkhanen op komst.
De olympische atleten die binnen enkele weken afreizen naar China, weten al lang dat ze daar met enkele vervelende nevenverschijnselen af te rekenen zullen krijgen. Zo heerst er in hoofdstad Peking een ondraaglijk droge hitte, gecombineerd met ongezonde en vervuilde lucht. En naar die lucht rukken miljoenen sprinkhanen op.
Het gevaar voor die immense en plotse insectenplaag komt vanuit Chinees Mongolië, een noordelijke regio op 180 kilometer van Peking. Daar hebben de sprinkhanen, door een ongewoon warme lente, zich in een razend tempo vermenigvuldigd. Momenteel bezetten de springbeestjes al meer dan 1,3 miljoen hectare land, en op sommige plaatsten tellen de bewoners meer dan 70 sprinkhanen per vierkante meter. Bovendien blaast de wind de insecten naar het zuiden, in de richting van de Chinese hoofdstad dus. Daardoor wordt een sprinkhaneninvasie in augustus met de dag waarschijnlijker.
Nachtmerrie
Om dat rampscenario te vermijden, zijn sinds deze week zo'n 30 000 professionele insectenbestrijders aan de slag om de plaag een halt toe te roepen. Maar de reddingsoperatie verloopt niet zonder moeite. De plaatselijke landbouworganisaties krijgen de plaag maar moeilijk onder controle en klagen over beperkte financiële middelen.
Op dit moment beschikken ze over slechts 100 000 yuan (9.200 euro), terwijl er volgens lokale autoriteiten minstens 280.000 euro aan brandstof alleen al nodig is. Met die extra brandstof zouden ze meer tractoren kunnen inzetten om pesticiden te verspreiden. Voor het extra geld hoopt de plaatselijke overheid op steun van de Chinese regering.
Als de sprinkhanen tijdens de Olympische Spelen Peking bereiken, moeten de atleten in barre omstandigheden op zoek naar een olympische medaille. Bovendien kan de plaag, samen met de warmte en de luchtvervuiling, ervoor zorgen dat uitzonderlijke topprestaties uitblijven. De volgende twee weken moet China dus deze sportieve nachtmerrie proberen te vermijden. (brw)




Hét Olympisch symbool wordt gevormd door de vijf verstrengelde ringen. Zij geven de verbondenheid van de vijf werelddelen aan en de ontmoeting van sporters vanuit de hele wereld tijdens Olympische Spelen. De bovenste drie ringen zijn blauw, zwart en rood; de onderste twee geel en groen. De kleuren corresponderen niet met een specifiek werelddeel (zwart voor Afrika, geel voor Azië enz.), zoals veel mensen denken. Zij zijn gekozen met de gedachte dat in elk geval een van deze kleuren is terug te vinden in de vlaggen van alle landen. 
Het Olympisch vuur symboliseert de eeuwige strijd van de mens om tot eenheid en verbondenheid te komen. Het werd voor het eerst ontstoken bij de Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam en brandde in de grote schaal op de marathon-toren van het Olympisch stadion. Sinds 1936 wordt het Olympisch vuur met behulp van zonnestralen ontstoken in Olympia en vandaar in een estafetteloop naar de plaats van de Olympische Spelen gebracht. Het idee ervoor was afkomstig van de Duitse sportbestuurder Carl Diem. 








Wielrennen: je moet op een fiets een paar rondjes fietsen, zo snel mogelijk.
Gewichtheffen: je moet een stok met aan het eind zoveel kilo proberen op te tillen.
Boogschieten: je moet proberen met een pijl het midden van een rond bord te raken.
Boksen: je moet speciale handschoenen elkaar knock-out proberen te slaan.
Worstelen: dikke mensen moeten elkaar uit een ring te krijgen door aan elkaar te trekken of elkaar te duwen.
Judo: vechten zonder elkaar echt pijn te doen en elkaar in een bepaalde grip te krijgen en hem zo een paar seconden vast te houden.
Volleybal: je moet een bal over het net slaan en zorgen dat hij bij de tegenstanders op de grond komt (niet buiten de lijn).
Pentathlon: dit bestaat uit 5 sporten: paardrijden schermen pistoolschieten, zwemmen en veldloop. Als je hier aan mee wilt doen moet je alle 5 de sporten doen.
Handbal: dit is voetbal alleen dat met de handen i.p.v. de voeten.
Basketbal: dit speel je met 5 man (in 1 team) en je moet met een bal dribbelen en overspelen en hem dan door de basket proberen te gooien.
Schermen: zwaard vechten met een speciaal pak aan en het "zwaard" heeft een dopje op de punt.
Turnen: Er wordt gekeken hoe netjes je oefeningen op toestellen doet.
Ruitersport: hierbij moet je een paard berijden.
Schieten: hierbij moet je in een ronde schijf schieten.
Kanovaren: je moet slalommend op het wilde water de finish bereiken.
Hockey: je moet met een stick een klein balletje in een doeltje slaan.


skispringen: op ski’s en moet je een berg af, maar er is een einde en daar vlieg je af.
