Dialecten.
Nappeke klein tafelkleed
Nestel veter
Netzak boodschappentas
Neusdoek grote, driehoekige doek die vrouwen om hals en schouders droegen.
Nus schuin, dwars.
Oememme omhebben, omhangen.
Oemmers immers, toch.
Oepneeme dweilen.
Ommes kapmes.
Ooverpampele iets te veel in de hand nemen, herhaaldelijk vastpakken.
Uit: Puur Puus . Louis Callaert en Ward Vanachter









