Iets meer over Petrus De Winter, zoon van Adriaan De Jonghe
Hij treedt in het huwelijk rond 1669 met Philippina De Vreese en uit dit huwelijk zouden in totaal 14 kinderen geboren worden waarvan 9 nog in leven waren (4 dochters en 5 zonen) bij zijn overlijden op 2 november 1694 (informatie bevestigd door een SVG opgemaakt bij zijn overlijden).
Petrus (Pieter) moet een niet onbelangrijke rol gespeeld hebben in het lokale leven want hij wordt als griffier vermeld in een akte eedaflegging voor de schepenbank van Burst. Hieruit mogen we wellicht afleiden dat hij enig onderwijs genoten had.
Het onderwijs op het platteland was tijdens het Ancien Régime een zeldzaamheid. Her en der waren er enkele kosters, dagloners of geestelijken die wat instructie gaven aan de dorpskinderen, doch men bleef grotendeels verstoken van enige georganiseerde vorm van onderwijs op de catechismuslessen na, die op zon- en feestdagen werden gegeven.
Het is pas tijdens de eerste synode van Mechelen en het provinciaal concilie van 1607 dat er werd aangedrongen op de oprichting van parochiescholen. Deze scholen moesten niet alleen de gebeden en de geloofswaardigheden aanleren, maar ook de kinderen leren lezen, schrijven en de Mis dienen. De instelling werd gesuperviseerd door de pastoor en gewoonlijk werd door hem op zaterdag catechismusles gegeven.
Bij het einde van de 16e en het begin van de 17e eeuw ontstonden alzo vele scholen die doorgaans geleid werden door een koster-onderwijzer en die ook meestal in zijn eigen woonst werden gehouden.
In de Heerlijkheid Burst - Bambrugge - Zonnegem - Cottem moest de jeugd zich naar Burst begeven om enig onderwijs te genieten. Het eerste spoor van een koster-onderwijzer te Burst werd gevonden in het dekanaal verslag van 1656. De deken maakt echter geen melding van een naam. Toch moet er eerder een lesgever in Burst hebben gewoond, want de Vlekkemse kinderen volgden reeds in 1599 lessen in de hoofdparochie.
Blijkbaar was de dubbele taak van koster-onderwijzer toch te zwaar, want reeds in 1672 waren beide beroepen ontkoppeld. Het dekanaal verslag van het jaar 1672 maakt gewag van een zekere Henricus Michiels die enkel onderwijzer was.
De taak van koster-onderwijzer werd echter in 1682 weer waargenomen door een zekere Livinus Moreels.
Al de gekende opvolgers waren vanaf dan geen koster meer. Dit was o.a. het geval met Franciscus Rasschaert (dekanale verslagen van 1694, 1714, 1722 en 1730) en Petrus Rasschaert, in Burst benoemd in 1746 en welke ook nog in 1774 les gaf.
Tenslotte wordt Petrus De Winter eveneens postuum vernoemd in de registers van de stad Geraardsbergen in 1716 wanneer zijn zoon Livinus (Lieven) als buitenpoorter wordt ingeschreven.
Alain De Winter - Luxemburg