40 Vragen betreffende Mexicaanse griep.

Het is wel een zeer lang artikel met 40 beantwoorde vragen inzake de Mexicaanse griep;
1. Wat is de Mexicaanse griep of A/H1N1 griep? Het gaat om een nieuw virus dat samengesteld is uit een combinatie van genen van verschillende afkomst: het komt gedeeltelijk van varkensvirussen, van een vogelvirus en van een menselijk virus. Dit virus werd eind maart 2009 vastgesteld in Mexico.
2. Waarom spreekt men van een grieppandemie?
Bij een grieppandemie krijgen veel mensen over de hele wereld dezelfde griep. Een grieppandemie ontstaat door een nieuw griepvirus. Het is vooraf niet te voorspellen hoeveel mensen ziek worden of overlijden.
Nieuwe Influenza A (H1N1) is door de World Health Organization (WHO) officieel uitgeroepen tot een pandemie. Dit zegt niets over de ernst van de griep, alleen over de verspreiding ervan. Er is wereldwijd sprake van een pandemie omdat er verschillende landen op verschillende continenten zijn waar veel verspreiding van het griepvirus van mens op mens voorkomt.
Een grieppandemie komt eens in de 10 tot 50 jaar voor. De laatste grieppandemie was in 1968.
3. Wat is het verschil tussen de Mexicaanse griep en de gewone seizoensgriep?
- een plotse koortsopstoot (+ 38°C),
- spierpijn,
- vermoeidheid
- klachten van de luchtwegen (neus, keel, luchtpijpen, soms longen), zoals hoest en lopende neus,
- keelpijn, hoofdpijn
- soms diarree,
- zich onwel voelen.
Normaal geneest de ziekte na ongeveer een week, maar er kan een longontsteking optreden met ernstige ademhalingsproblemen. Door griep kunnen ook bestaande ziekten verergeren of ontregeld raken.
4. Hoe weet ik of ik de gewone Seizoensgriep dan wel de Mexicaanse griep heb?
5. Hoe wordt de Mexicaanse griep overgedragen?
Het griepvirus is zeer besmettelijk. Praten met iemand die griep heeft, kan al voldoende zijn om geïnfecteerd te worden. Wie in een de bus of trein zit naast iemand die griep heeft, kan zomaar geïnfecteerd raken. Wie veel op drukbezochte plaatsen of in afgesloten ruimten verblijft, heeft veel kans besmet te worden.
Tijdens een gewone griepepidemie krijgt ongeveer 10 tot 20% van de mensen de griep. Bij schoolgaande kinederen en kinderen die in een crèche verblijven kan tot 45% ziek worden..
Omdat het virus van de Mexicaanse griep nieuw is, verwacht men dat veel meer mensen besmet zullen raken. De gewone seizoensgriep ontstaat door een bekend virus. Veel mensen hebben al weerstand tegen zo’n virus. Daardoor worden minder mensen ziek en verspreidt het virus zich minder snel.
6. Hoe ernstig is de Mexicaanse griep?
7. Voor wie kan de Mexicaanse griep gevaarlijk zijn?
Volgende mensen worden momenteel als risicopersoon beschouwd:
• mensen met een chronische hartziekte; dit zijn veelal mensen die een hartaanval gehad hebben, die hartklachten hebben zoals hartritmestoornissen, of mensen die een hartoperatie hebben ondergaan;
• mensen met een chronische longziekte zoals astma, COPD, mucoviscidose
• mensen met suikerziekte (diabetes); niet alleen mensen die insuline spuiten, maar ook mensen die tabletten met bloedsuikerverlagende middelen slikken of een dieet volgen;
• nier- en leverpatiënten;
• mensen met een verzakte afweer door ziekte (bv. kanker, HIV...) of een medische behandeling, bijvoorbeeld mensen die recent een beenmergtransplantatie hebben ondergaan, mensen met kanker die chemotherapie of bestraling ondergaan, mensen met chronische inflammatoire aandoeningen (zoals chronische artritis, de ziekte van Crohn en psoriasis) die immuunonderdrukkende geneesmiddelen nemen;
• Mensen met een ernstige neurologische aandoening (bv: hersenverlamming);
• mensen van 65 jaar en ouder. Ouderen die in een bejaarden- of verzorgingstehuis verblijven, zijn bij een epidemie uiterst vatbaar voor besmetting;
• zwangere vrouwen.
8. Waarom worden blijkbaar vooral jonge mensen getroffen door de Mexicaanse griep?
Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat jongeren onderling meer contact met leeftijdsgenoten hebben en minder vaak in aanraking zijn geweest met griepvirussen.
Oudere mensen die in het verleden reeds in contact zijn gekomen met vergelijkbare virussen (in 1956 en 1968) zijn mogelijk enigszins beschermd tegen het nieuwe virus.
Ook bij vroegere epidemieën zag men dat oudere mensen in de eerste periode minder getroffen werden door het virus. Een toename van besmetting is in een latere fase wel mogelijk voor de oudere mensen.
9. Wat kan ik doen om mijzelf te beschermen tegen de Mexicaanse griep?
Antivirale medicijnen, zoals Relenza (zanamivir) en Tamiflu (oseltamivir), kunnen helpen om de Mexicaanse griep te voorkomen. Ze worden echter vooral toegepast bij mensen die al ziek zijn. Het heeft géén zin om virusremmers in te nemen als u zelf niet ziek bent, ook niet als u contact heeft (gehad) met een grieppatiënt.
Wat kan u dan wel doen?
• Vermijd zo veel mogelijk contact met zieke mensen.
• Vermijd zo veel mogelijk (afgesloten) plaatsen waar veel mensen samenkomen (zoals trein, tram, bioscoop...). Verlucht geregeld de ruimte waar meerdere personen samen zijn.
• Houd uw hand of zakdoek voor uw mond als u niest of hoest. Was daarna uw handen met water en zeep (of wrijf ze in met handalcohol).
• Was regelmatig uw handen met water en zeep: wrijf goed terwijl je tot 30 telt. Spoel daarna goed af en droog ze af. Reinigende doekjes met alcohol zijn ook doeltreffend;
• Raak zo min mogelijk uw mond, neus of ogen aan;
• Gebruik altijd papieren zakdoeken of tissues bij hoesten, niezen of snuiten en gebruik ze éénmalig. Gooi ze daarna in de vuilnisbak (liefst afgesloten) en was dan de handen;
• Maak regelmatig schoon. Maak harde oppervlakken en voorwerpen (zoals het aanrecht, keukengerei, kranen, deurklinken, trapleuningen en telefoons) regelmatig schoon. Doe dit met een normaal schoonmaakmiddel.
• Zorg voor een goede fysieke conditie en vermijd fysieke stress (door bv. onvoldoende slaap, sterke afkoeling). Rook liever niet.
• Ventileer woon- en slaapruimten
• Er is nooit afdoende aangetoond dat Echinacea of andere plantaardige supplementen, of hoge dosissen vitamine C griep (of verkoudheden) kunnen voorkomen.
10. Moet ik een masker dragen om me te beschermen tegen het griepvirus ?
Enkel de beoefenaars van gezondheidsberoepen en personen die vaak en van dichtbij in contact komen met zieken, dragen maskers van het type FFP2. Het masker FFP2 filtert de deeltjes die van buiten naar binnen komen.
Indien nodig zal de overheid deze maskers gratis uitdelen.
11. Kan ik maatregelen nemen om mijn kind te beschermen?
Griep kan erg ernstig zijn bij jonge baby’s. Borstvoeding zorgt ervoor dat baby’s minder (vaak) ziek worden door o.a. griep. Moedermelk bevat immers antilichamen van de moeder die infecties helpen te bestrijden. Moedermelk bevat ook een metaboliet, een actief bestanddeel dat ook in het antiviraal middel Tamiflu zit. Via borstvoeding worden deze antilichamen doorgegeven aan de baby. Geef dus zo regelmatig als mogelijk borstvoeding.
12. Moeten voorwerpen die gebruikt werden door besmette personen schoongemaakt worden?
13. Beschermt het vaccin tegen de seizoensgriep tegen de Mexicaanse griep A/H1N1 ?
14. Bestaat er een vaccin tegen de Mexicaanse griep?
Vanaf 7 november 2009 is er een vaccin tegen de Mexicaanse griep, Pandemrix®, beschikbaar voor de risicogroepen en voor de prioritaire groepen.
Pandemrix is een multidosis vaccin bestaande uit 2 componenten (antigeen-suspensie en adjuvans-emulsie die vóór toediening moeten worden gemengd). Gezien het vaccin verpakt is in tien dosissen die, eens ze gemengd zijn, slechts 24 uren kunnen bewaard worden, zal uw huisarts waarschijnlijk steeds in groepen van tien vaccineren.
Voor zover nu bekend, zullen twee dosissen van het vaccin moeten toegediend, met een tussenperiode van minstens 3 weken tussen beide dosissen.
Mogelijk zal bij kinderen vanaf 9 jaar en volwassenen beslist worden dat één dosis kan volstaan.
15. Wie moet zich laten vaccineren tegen de Mexicaanse griep?
*Alle personen ouder dan zes maanden (dus ook 65-plussers) met een bestaand ziektebeeld die risico lopen op complicaties van de griep:
- mensen met een chronische ademhalingsziekte, zoals astma, chronisch obstructief longlijden (COPD), mucoviscidose, bronchodysplasie;
- mensen met een chronische hartaandoening, met uitzondering van niet-gecompliceerde hypertensie
- mensen met matige tot ernstige nier- of leverinsufficiëntie,
- mensen met een ernstige neurologische stoornis
- mensen met immunosuppressie wegens ziekte of een behandeling
- mensen met een immuunaandoening
- diabetespatiënten
* Zwangere vrouwen (in tweede en derde trimester) en vrouwen ingeschreven in een programma van medisch begeleide voortplanting.
Daarnaast worden ook volgende groepen die in contact komen met risicopersonen:
* De ouders van en personen met gezag en voogdij over kinderen jonger dan 6 maanden. Voor kinderen jonger dan 6 maanden zelf wordt vaccinatie op dit ogenblik niet aanbevolen.
* Het onderwijzend en omkaderend personeel van kinderdagverblijven, kleuterscholen, lager en secundair onderwijs.
* Alle mensen die beroepshalve in aanraking komen met zieken (bv. poetshulp, gezinshulp, praktijkassistent,…), en uiteraard ook artsen, ziekenhuispersoneel en het personeel van de gezondheidsinstellingen, inclusief het personeel van het Rode Kruis en het personeel van de apotheken.
OPGELET: dit zijn niet dezelfde doelgroepen als voor de jaarlijkse vaccinatie tegen de seizoensgriep!
16. Wie mag niet gevaccineerd worden?
17. Ik behoor niet tot een van de doelgroepen, kan ik mij toch laten vaccineren?
Andere mensen kunnen zich (voorlopig) niet laten vaccineren.
18. Hoe gebeurt de vaccinatie?
De vaccinatie is niet verplicht en is volledig kosteloos. De consultatie of het huisbezoek van de huisarts wordt terugbetaald door het ziekenfonds.
Het vaccin wordt ingespoten in een spier, bij voorkeur in de deltaspier (bovenarm) of in de dij.
Voor zover nu bekend, zullen twee dosissen van het vaccin moeten toegediend, met een tussenperiode van minstens 3 weken tussen beide dosissen.
Mogelijk zal bij kinderen vanaf 9 jaar en volwassenen beslist worden dat één dosis kan volstaan.
19. Is het nieuwe vaccin veilig?
Aangezien het gaat om een nieuw vaccin, zijn de maatregelen die erop gericht zijn de eventuele secundaire effecten te controleren, verscherpt.
20. Zijn er bijwerkingen mogelijk?
Zoals bij elke vaccinatie is het mogelijk dat de plaats waar de prik gegeven werd een aantal dagen wat gezwollen en roder is. Het kan jeuken of wat pijnlijk zijn. U hoeft zich hier geen zorgen over te maken, dit verdwijnt spontaan na een aantal dagen.
Soms kunnen wat moeheid, lichte temperatuursverhoging, hoofdpijn, gewrichtspijn of spierpijn optreden. U kan wat zweten of rillerig zijn, zoals bij een beginnende griep. Ook dit verdwijnt meestal vanzelf.
Een pijnlijke zwelling in de oksel, hals of lies aan de kant waar u gevaccineerd werd, kan optreden. Hoewel dit meestal zonder behandeling geneest, is het aan te raden om hierover uwhuisarts te raadplegen.
Een allergische huidreactie die verder gaat dan de gevaccineerde bovenarm kan zich in uitzonderlijke gevallen voordoen. Contacteer in dat geval uw huisarts.
Andere nevenwerkingen die heel zeldzaam zijn: slapeloosheid, tintelingen, duizeligheid, misselijkheid, braken, diarree, huiduitslag of jeuk.
Zeer uitzonderlijk kan iemand bloedingen of grote blauwe plekken krijgen of ontstaan problemen in de bloedvaten, de hersenen of de zenuwen. In een dergelijk geval dient u dringend de huisarts te raadplegen.
21. Mogen zwangere vrouwen gevaccineerd worden?
Het wordt zwangere vrouwen wel afgeraden zich te laten vaccineren in het eerste trimester van hun zwangerschap. Dit geldt zowel voor de vaccinatie tegen de A/H1N1-griep als tegen de seizoensgriep.
22. Beschermt het vaccin tegen Mexicaanse griep ook tegen de seizoensgriep?
23. Mag het vaccin tegen de Mexicaanse griep samen met het vaccin tegen de gewone seizoensgriep toegediend worden?
Indien de vaccins toch gelijktijdig worden toegediend, dan moet dat in een andere arm gebeuren. Bijvoorbeeld het vaccin tegen gewone griep in de linkerarm en het vaccin tegen de Mexicaanse griep in de rechterarm. De kans bestaat dat er iets meer bijwerkingen optreden.
24. Kan ik na vaccinatie nog Mexicaanse griep krijgen?
Uiteraard kan u nog altijd de gewone seizoensgriep of een verkoudheid krijgen. Daartegen beschermt dit vaccin niet.
25. Ik heb griep. Kan het Nieuwe Influenza A (H1N1) zijn?
Er is nauwelijks een verschil tussen de ‘gewone’ griep en Influenza A (H1N1). In beide gevallen zijn de symptomen: koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn, moeheid en een droge hoest. Als u griep hebt, kan het dus zowel om de gewone seizoensgriep gaan als om de Mexicaanse griep. Alleen laboratoriumonderzoek kan aantonen welk virus de griep veroorzaakt.
26. Wat moet u doen als u denkt de Mexicaanse griep te hebben?
• Bedek uw neus en mond als u hoest of niest, het liefst met een papieren zakdoek. Gooi deze na gebruik direct weg en was uw handen.
• Ook wordt aangeraden om een chirurgisch maskerte dragen. Dat masker zal de verspreiding van speekseldruppeltjes door te hoesten of te praten verminderen. Die druppeltjes zijn immers de dragers van het virus.
--> Bedek uw neus en mond zo zorgvuldig mogelijk met het masker.
--> Zodra u een masker draagt, raakt u het zo weinig mogelijk aan met uw handen. Raakt u het toch aan? Was dan uw handen.
--> Na lang gebruik kan een masker vochtig worden. Vervang het dan.
Net als bij normale griep herstellen de meeste mensen binnen een week vanzelf van deze griep. Bel wel uw huisarts als de klachten erger worden.
Bent u zwanger, gaat het om een kind van jonger dan 2 jaar, of krijgt u jaarlijks een oproep voor de griepprik? Bel dan met uw huisarts als u koorts en luchtwegklachten ontwikkelt.
27. Wanneer bent u besmettelijk voor anderen?
Na het binnenkrijgen van het griepvirus kan het één tot zeven dagen duren voor u ziek wordt, maar gewoonlijk krijgt u de eerste symptomen na twee tot drie dagen. Dit wordt de incubatietijd genoemd. Tijdens de incubatietijd kunt u, zonder dat u het weet, andere mensen besmetten.
Volwassenen zijn besmettelijk – en kunnen het virus dus verspreiden - een dag voordat de symptomen zich openbaren. Jonge kinderen kunnen het virus al bij zich dragen tot zes dagen voordat de symptomen zich openbaren. Al die tijd kunnen ze andere mensen aansteken. Volwassenen zijn tot vijf dagen na de eerste symptomen besmettelijk en kinderen kunnen nog eens vijf dagen langer besmettelijk zijn.
28. Kan ik aan het werk/naar school als ik griep heb, maar me wel redelijk goed voel?
29. Moet ik me zorgen maken als ik besmet raak met de Mexiaanse griep terwijl ik zwanger ben?
30. Kan de Mexicaanse griep behandeld worden?
U kan alleen proberen om de klachten zoveel mogelijk te verminderen.
- Rusten: Blijf thuis en rust, zeker als u koorts hebt. Ga zeker niet sporten met koorts.
- Bij koorts moet u veel drinken omdat men door de koorts en het zweten dat daarmee gepaard gaat, veel vocht verliest.
- U kan eventueel een pijnstiller of een koortswerend middel nemen, zoals Paracetamol of aspirine. Geef liever geen aspirine aan kinderen, wel paracetamol.
- Een verstopte neus kan behandeld worden met een fysiologische zoutoplossing of met neussprays- en druppels die de neusslijmvliezen ontzwellen. Neem ze niet langer dan enkele dagen om gewenning te voorkomen en gebruik ze niet bij kleine kinderen.
- Rook niet en vermijd passief roken.
Omdat griep veroorzaakt wordt door een virus, zijn antibiotica zinloos. Tenzij er een bijkomende infectie op de luchtwegen of de longen optreedt die veroorzaakt wordt door bacteriën. In dat geval zal uw arts waarschijnlijk wél antibiotica voorschrijven.
Net als bij normale griep herstellen de meeste mensen binnen een week vanzelf van deze griep. Bel wel uw huisarts als de klachten erger worden.
Bent u zwanger, gaat het om een kind van jonger dan 2 jaar, of krijgt u jaarlijks een oproep voor de griepprik? Bel dan met uw huisarts als u koorts en luchtwegklachten ontwikkelt.
31. Bestaan er geneesmiddelen tegen de Mexicaanse griep?
Antivirale middelen zorgen ervoor dat de patiënt minder virus uithoest dat weer andere mensen zou kunnen besmetten. Daarnaast verkort het middel de ziekteduur van griep en vermindert het de kans op complicaties.
Er bestaan twee producten: oseltamivir (productnaam:Tamiflu) en zanamivir (productnaam: Relenza).
Deze geneesmiddelen moeten zo snel mogelijk worden ingenomen en zeker binnen 48 uur na de eerste ziekteverschijnselen.
Deze middelen worden alleen aangeraden voor risicopersonen.
32. Voor welke personen worden virusremmers aangeraden?
Het betreft o.m. volgende groepen:
• patiënten met een chronische ademhalingsziekte;
• patiënten met een chronische hartaandoening
• patiënten met matige tot ernstige nier- of leverinsufficiëntie
• Patiënten met chronische neuromusculaire aandoeningen;
• Patiënten met een ernstige neurologische aandoening (bv: hersenverlamming)
• patiënten met immunodepressie wegens ziekte of een behandeling
• diabetespatiënten
• Patiënten die drager zijn van een erfelijke metabolische aandoening;
• Zwangere vrouwen in het tweede en derde trimester;* personen die ouder zijn dan 65 jaar
• patiënten die gehospitaliseerd zijn met een ernstig klinisch beeld, onder voorbehoud van de termijn van 48 uur
33. Zijn virusremmers vrij verkrijgbaar?
Virusremmers worden niet terugbetaald door het ziekenfonds.
34. Mag ik virusremmers of koortswerende middelen slikken als ik zwanger ben? Wat is het effect ervan op mijn ongeboren kind?
Enkel medicatie op basis van Paracetamol is geschikt tegen koorts als u zwanger bent.
De antivirale middelen Tamiflu en Relenza mogen voorgeschreven worden aan risicogroepen zoals zwangere vrouwen, zelfs na 48 uur. Relenza werd het meest geschikte antivirale middel bevonden voor zwangere vrouwen omdat het geïnhaleerd wordt. Op die manier komt het niet in het bloed terecht, en bereikt het de foetus niet. Er bestaat weinig informatie over het effect van deze antivirale middelen op zwangere vrouwen en baby’s (of ongeboren kinderen), maar er zijn geen ernstige bijwerkingen vastgesteld.
35. Mag ik mijn baby borstvoeding geven als ik besmet ben met de A/H1N1-griep en/of als ik antivirale middelen neem?
36. Kan een virusremmer gebruikt worden bij kinderen jonger dan 1 jaar?
Relenza mag alleen gebruikt worden vanaf de leeftijd van 5 jaar.
37. Waarom helpen antibiotica niet tegen de griep?
In sommige gevallen zal uw arts toch antibiotica voorschrijven, wanneer hij vermoedt dat er misschien sprake is van een bacteriële infectie (bv. een longontsteking) of van een bijbesmetting door bacteriën. U moet dan de voorgeschreven dosis helemaal nemen, zonder de behandeling te onderbreken, ook als u intussen genezen bent.
Gezondheid.
















1 reactie op dit bericht
Hellokes Jacqueline
Van zodra ik hier wat meer tijd heb, mail ik je zeker en vast.
Jou even komen bedanken voor de bezoekjes aan mijn blog tijdens "de stoffige dagen" hier. Lief dat je aan me dacht. En...een dikke knuff op deze "knuffeldag"