Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Vroeger geen ziektes ?
Vroeger geen ziektes ?
Bij Theyskens en Leroy tref ik nooit een aanduiding betreffende ziektegevoeligheid aan. In welke mate kwamen schurft, meeldauw en kanker vroeger voor?
Zijn er oudere bronnen die hierover wel berichten?
Willy Mahieu in zijn voor de liefhebber onmisbaar werkje “Appels en Peren laagstammige fruitbomen van A tot Z ISBN 90-209-6010-5” is ook in dit verband een gedegen bron. Bij mijn weten vind je deze deze gegevens nergens anders zo duidelijk.
12. Josephine de Malines
12. Josephine de Malines
Weinig schurftgevoelig.
Op kwee is een tussenstam nodig. ’t Best is de onderstam kwee Adams. Gaat goed op hoogstam. Zwakke groeier met afhangende takken. Goede vruchtbaarheid.
Vruchten onder de middelmaat, zalmkleurig vlees, zeer fijn, smeltend, zeer saprijk, zeer zoet, aromatisch, laatrijpend. (Ten tijde van Theyskens eind maart.)
Plukken tweede helft oktober; eetrijp januari-februari.
Dit ras werd in 1830 te Mechelen gewonnen door majoor Esperen en opgedragen aan zijn vrouw Joséphine Baur.
Beurré d' Hardenpont
11. Beurré d'Hardenpont (als leivorm)
11. Beurré d’Hardenpont (als leivorm)
Zeer schurftgevoelig (3-4 bij Mahieu).
Groeikrachtig, zeer vruchtbaar tegen een muur op ’t zuiden.
Grote vruchten van allereerste kwaliteit, rijp in december-januari.
Ras bekomen te Mons rond het midden van de 18 de eeuw door abbé Hardenpont.
10. Passe-Colmar
10. Passe-Colmar (als leivorm tegen een zuidermuur).
Gemiddelde groeikracht, zeer vruchtbaar op zekere leeftijd.
Vrucht: gemiddeld, gele pel met rosse vlekken. Smeltend, uiterst sappig vlees, wijnachtig, delikaat aroma. Verrukkelijk fruit, de koningin der peren, te eten van december tot februari.
De Passe-Colmar is een Belgische peer, gewonnen te Mons door abbé Hardenpont in 1758.
9. Nouvelle Fulvie
9. Nouvelle Fulvie
Nog een peer waar ik nog niet van gehoord heb.
Boom van gemiddelde groeikracht, zeer vruchtbaar.
Grote vruchten, minder op hoogstam. Smeltend vruchtvlees, zeer saprijk, fijn aroma. Peer voor december.
Nouvelle Fulvie is een Belgische peer in 1864 bekomen door Xavier Grégoire-Nelis te Jodoigne.
Ik zie dat dit ras o.a. te bekomen is bij André Hendrickx te Stabroek.
8. Besi de Chaumontel
8. Besi de Chaumontel
Matig groeikrachtige boom, wordt na enkele jaren wel zeer vruchtbaar. Warrige takvorming.
“Greffé sur cognassier on le cultivera de préférence en contre-espalier ou en buisson” . (Deze teeltvormen worden later uitgelegd.)
De beste vorm voor dit ras is evenwel de hoogstam.
Middelmatig grote vruchten, op leivormen veel groter.
Vruchtvlees half smeltend, zeer sappig, zoet, wijnachtig, zeer fijn aroma. Rijp: november; bewaart tot januari, soms nog later. Vraagt wel een goede grond. Stelt teleur in compacte, vochtige, koude gronden.
Deze grond kan men wel geschikt maken door ophoging van een dertigtal cm met verbeterde grond en dan te planten.
Besi de Chaumontel is een oud Frans ras, in 1675 beschreven door de Franse pomoloog Merlet. Chaumontel ligt niet ver van Chantilly, in het departement Seine-st-Oise.
Teeltvormen Contre-Espalier en Buisson
De Teeltvormen Contre-Espalier en Buisson
Contre-Espalier (Vrije Leivorm)
De teelt van peer als ’Contre-Espalier’, net als in ‘fuseau’ (zie vroeger) is eigen aan de kweeonderstam en is de beste vorm voor kleine (moes)tuinen.
De ‘contre-espalier’ is de vrijstaande leiboom.
Hij wordt ondersteund door een of andere (paal en draad)constructie met een hoogte van 2 tot 3 m.
Er zijn verschillende vormen. Het meest voorkomend is de ‘cordon verticale ou oblique’ (enkelvoudige verticale snoer) Theoretisch kan men planten op 30cm van elkaar, maar 40 à 50 cm is gebruikelijker.
Soms teelt men ook dubbele verticale snoeren.
De cultuur als liggend snoer aan een draad op 40 – 50 cm boven de grond, om als afboording te dienen, is in het algemeen niet aan te raden. De heer Theykens had met bepaalde rassen succes. De Poire de Tongre of Durondeau gaf hem jaarlijks een flinke opbrengst magnifieke vruchten.
De Buisson of Struik
De eerste twee jaar jaar gaat men te werk als voor de vorming van een piramide. Daarna laat men de natuur haar werk doen. Enkel zorgt men voor behoud van het evenwicht in de kroon.
Bij deze teeltvorm op kweeonderstam plant men op 2,5 m.Ook bij zaailing kan men op deze wijze te werk gaan maar dan plant veel ruimer.
7. Napoléon-Beurré Liart
7. Napoléon-Beurré Liart
Leroy beschrijft het ras als Napoléon Premier.
Nog een peer die ik helemaal niet ken. In de lijst van de N.B.S. vind ik deze bij de bijzondere peren als Beurré Napoleon, de naam die de grote Duitse pomoloog Diel gebruikte.
Deze excelente peer werd in 1808 bekomen door Liart, handelaar te Mons.
Op kwee te telen met tussenstam, maar is meer geschikt als hoogstam. Matige groeikracht, voldoende vruchtbaarheid. Grote vruchten, zeker als deze van beschutte leivormen komen.
Vruchtvlees: wit en fijn, alhoewel wat steencellen, smeltend en zeer saprijk. Sap: Overvloedig en zeer zoet, verfrissend, uitgesproken en zeer aangenaam aroma.
Rijp half oktober, tot eind november. Eerste kwaliteit.
Van 1 Serre naar 2
Van 1 Serre naar 2
Vroeger had ik 1 Filclairserre, een gesloten en een halfopen, aan elkaar gebouwd.
Daar waar vroeger de kleinfruitserre stond, loopt nu de aardgasleiding. Daarop mag geen serre staan.
Vandaag werden de serres opnieuw opgezet door Filclair. De tweede serre staat nu op een nieuwe plaats.
Geen problemen meer met heropplant van het kleinfruit. De grond is niet omgewoeld en is straks voldoende droog.
Ik kijk al uit om met Allerheiligen verse rode bessen te eten rechtsstreeks van de struik. Dat lukt aardig met de late rassen, zoals ik vroeger al heb kunnen ondervinden. Een voorwaarde, het mag haast niet vriezen voor die tijd, wat de laatste jaren meestal het geval was.
6. BEURRé SIX
6. BEURRé SIX
Groeikrachtige boom. Vruchtbaar. Te enten op alle onderstammen, wel geen mooie, piramidale vorm.
Grote vruchten, buikig. Vlees: wit-groenachtig, zeer fijn, smeltend, sappig, bevat enkele vezels. Sap: overdadig, gesuikerd, goede zuren, verukkelijk aroma. Excellente kwaliteit, Rijp eind oktober, bewaren tot december.
Peer bekomen rond 1845 door de heer Six, tuinier te Kortrijk.
Dit ras moet in elke tuin en in elke boomgaard aangeplant worden. (Theyskens)
Feedback Beurré Dumont
Feedback Beurré Dumont
- Rassenlijst 1988-89 bladzijde 14. Nederlandse Stichting Fruitrassen Culemburg. Beurré Dumont: nov. Heerlijke dessertpeer van goede kwaliteit. Voor halfstam en struikvorm. Bestuivers: Bonne Louise d' Avranches, Beurré Hardy, Durondeau.
- Europese fruitvariëteiten en recepten. Europom '89.
Bladzijde 16: Beurré Dumont rijpingsmaanden 10 - 12.
Bladzijde 27: De Beurré Dumont werd gewonnen door Joseph Dumont - Dachy uit Esquelmes nabij Doornik in 1831.
Het is niet
veel info over Beurré Dumont maar het kan je misschien op weg zetten naar meer
info
Robert en Hilde
Janssens
BEURRé BOSC EN CALEBASSE BOSC
5. Beurré Bosc
en
Calebasse Bosc
De eerste peer is van Franse origine. Uitgerekte boom, hangende takken.
Grote, uitgerokken vruchten, met buik.
Vlees: wit-geel, zeer sappig, zurig maar excellent. Rijpt in oktober en november. In Brabant en het Mechelse, waar dit ras veel gekweekt werd, had men het over een Calebasse Bosc.
De eigenlijke Callbesse Bosc werd door Van Mons als zaailing gevonden in Linkebeek bij Brussel en werd sinds 1819 door hem gepromoot.
In tegenstelling met het eerstgenoemde ras doet Calebasse Bosc het wel goed op kwee (Tegenspraak met Leroy: matig op kwee, goed op zaailing ). Er zijn niet veel, maar wel mooie vruchten die gelijken op Beurré Bosc. Ze rijpen ook vroeger dan deze, in september-oktober.
Men zal de voorkeur geven aan de zeer vruchtbare Beurré Bosc, tenminste na een zekere aanlooptijd; een hoogstam komt nu eenmaal later in productie.
Mits bv tussenstam van een Beurré d’ Amanlis geënt op kwee is Beurré Bosc ook op laagstam te telen. Een goede perengrond is wel een vereiste.(Uit voorgaande blogs zal wel duidelijk geworden zijn dat mits compost en stalmest ook een zandgrond in positieve zin kan verrassen.)
“Le fruit très élégant et d’excellente qualité dans les bons sols chauds, est très recherché par les marchands. La vente ( de verkoop) est très lucrative, car il a une valeur triple de celle du Double Philppe. Après cette dernière variété, je considère le Beurré Bosc comme la meilleure pour la grande culture de speculation.”
Honderd jaar terug was fruit enkel iets voor de rijke burgers. In vergelijking met nu was fruit zeer duur.
Aanvullende gegevens (Leroy)
Historiek: Er werden enten naar de Plantentuin in Parijs gestuurd. Eerste vruchten rond 1835. De vruchten werden als excellent beoordeeld en de boom kreeg de naam van de toenmalige directeur en pomoloog mr Bosc. Vruchtvlees: zeer wit, half knappend, geen steencellen, overvloedig saprijk, gesuikerd, wijnachtig, speciaal parfum van grote delicaatheid. 1 ste kwaliteit. Rijp half october tot eind november.
Calebasse Bosc
Leroy zegt dat het een ras voor hoogstam is. Zeer vruchtbaar. Grote vruchten, zoals ook de Beurré. Vruchtvlees: geelachtig, halffijn, knakkend, vast, weinig steencellen, voldoende sappig, gesuikerd, zurig, aangenaam parfum. 2 de kwaliteit. Rijp: oktober, begin november.
Mijn boom (hoogstam) van 1964 is ver versleten. De hoge beukenheg van 1962, nooit gesnoeid, brengt hem in verdrukking. De bovenste helft is afgestorven. Nog steeds heb ik vruchten van voldoende kwaliteit.
Beurré Bosc, ongetwijfeld de beste van de twee, kent men blijkbaar niet meer bij ons. Ze ontbreekt in de lijst van de NBS. Callebasse Bosc wordt wel aangeboden. Tussen haakjes staat zelfs Beurré Bosc, wat duidelijk fout is.
4. BEURRé DUMONT
4. Beurré Dumont
Een mij totaal onbekende peer. Ik vind die ook niet terug bij Mahieu, ook niet in Leroy.
Gemiddelde groeikracht, zeer vruchtbaar, in alle vormen te telen.
Vrucht: groot, eivormig. Vel:geelbruin. Smeltend vlees, zeer saprijk, delicaat aroma. Vraagt wel een warme grond. November.
De auteur (Theyskens) heeft die ook gekweekt in minder gunstige condities, koudere grond, te veel schaduw maar bekwam steeds eerste rang fruit.
Het ras werd in 1831 gewonnen door Joseph Dumont-Dachy te Edquelmes bij Doornik.
Het ras is te bekomen bij de Nationale Boomgaardenstichting,( rubriek Bijzondere peervariëteiten).
Dit ras is duidelijk van het voorplan verdwenen, nocthans lijkt dit een interessante peer te zijn. Heeft iemand van de lezers hiermee ervaring?
Beurré Durondeau
3. Beurré Durondeau
Ook Poire de Tongre
Toen ik bij ’t begin van het plantseizoen (okt. begin november 1962 ging informeren bij boomkweker Philipsen in Westmalle raadde hij mij dit ras stellig af wegens te schurftgevoelig in de Kempen. Comtesse de Paris was een veel betere keuze. Willy Mahieu in zijn boek “Appels en Peren” rangschikt de fruitrassen in 4 klassen van gevoeligheid voor schurft, van 1. weinig of niet gevoelig tot 4. Zeer gevoelig. Durondeau zet hij in de klasse 2.-3. Beurré d’Hardenpont bv. krijgt 3-4.
Theyskens kent aan dit ras de meeste verdiensten toe. Middelmatige groeikracht, maar met een formidabele vruchtbaarheid, die het zeer goed doet op kweeonderstam, maar tevens in alle boomvormen.
Het ras werd in 1811 bekomen door Louis Durondeau, een brouwer te Tongre-Notre-Dame bij Chièvres in Henegouwen.
Mahieu omschrijft de vrucht als langwerpig, roodbruin en sappig, lichtzurig, met een bijzonder aangename en door sommigen zeer geliefde smaak. Ook goede inmaakpeer. Pluktijd tweede helft september. Eetrijp september-oktober.
SEIGNEUR d'ESPEREN
2. Seigneur d’Esperen
In mijn Kempische zandgrond heeft dit ras het steeds uitstekend gedaan.
Matige groeikracht, maar zeer vruchtbare boom. Neemt van nature een mooie, piramidale vorm aan.
De vruchten zijn iets onder de middelmaat, zeer sappig en zoet.
Majoor Esperen bekwam deze peer in 1827.
Rijp begin-midden september. Bij Theyskens is het nog een octoberpeer. In het vroege jaar 2007 plukte ik al op 28 augustus.
Bij mij is dit een door vogels en insecten zeer belaagde peer bij beginnende rijpheid. Het sein om het plukken niet uit te stellen! Je kan er dan nog een paar weken van genieten. Anders schiet er op enkele dagen niets over.
PEREN VERVOLG
Peren Vervolg
Lijst van de 12 voorkeurperen van Joseph Theyskens
1. Clapp’s favourite
2. Seigneur d’Esperen
3. Beurré Durondeau
4. Beurré Dumont
5. Beurré Bosc
6. Beurré Six
7. Napoléon
8. Besi de Chaumontel
9. Nouvelle Fulvie
10.Passe-Colmar (en espalier)
11.Beurré d’Hardenpont (en espalier)
12.Joséphine de Malines
CLAPP'S FAVOURITE
1. Clapp’s favourite
Zeer vruchtbaar ras. Geschikt voor alle boomvormen. Amerikaans ras van iets voor 1860.
Zeer grote, mooi peervormige vruchten met mooie blos. Heerlijk sappig, maar soms ook wat stenig. Goede smaak, beter in een zonnige zomer. Rijp tweede helft van augustus. Het nadeel is dat de vruchten slechts enkele dagen bewaren.Vlug buikziek. Iets voor volle rijpheid plukken.
Ik ken de peer al van mijn kinderjaren op de boerderij van mijn grootvader van moeders kant, Jules Vandecasteele, mijn dooppeter, “pette” in ’t West Vlaams.
De peren waren rijp in de periode dat de dorsmachine kwam, een van de grote gebeurtenissen in mijn prille kinderjaren. Tot 1940 werd die nog aangedreven door een stoommachine, een zware, zwarte machine, “ de duvel” die ter plaatse getrokken werd door paarden.
Van het stoken herinner ik mij niet veel, maar de indrukwekkende zwarte snoet des te duidelijker. Met een vlam van een soort soldeerlamp werd die roodgloeiend voorverwarmd. 5-6 man grepen de brede aandrijfriem naar de eigenlijke dorsmachine vast. Wellicht waren er ook een paar man die de spaken van het grote aandrijfwiel vastpakten. Op commando werd er getrokken tot de machine puffend in gang schoot. Ik keek met een bang hart uiterst geboeid toe.
Hier in Zoersel plantte ik ook een clapp’s, die al vlug aangetast werd door perenringwormen. De witte larve vreet slingervormige gangen onder de bast van stam en takken. Plaatselijk gaat het hout dood en gaat de schors barsten. De boom gaat kwijnen. In die tijd werden mijn bomen tevens onvoldoende bemest. Na een tijdje werd de boom gerooid. In de zware Poldergrond te Melsele zag ik enkele jaren terug een zwaar beladen, zeer gezonde boom.

