De waan van de dag
De deur viel met een doffe bonk achter hem dicht. Oeps, zo hard had hij het niet gewild, en hij krabbelde al terug van zijn ferme gedachten. Hij zou op zijn strepen staan en zich niet laten doen. Maar twee stappen buiten de deur vloeide alle agressie al uit hem weg en wilde hij alleen maar op zijn stappen terugkeren. Maar dat ging niet, zijn eigenliefde hield hem tegen. Daarom wandelde hij maar een blok om en bleef langer naar de mensen kijken die een vrachtwagen in aan het laden waren, dan hij eigenlijk zou willen.
Hij ging terug naar huis en zei " 't is toch te fris buiten om een lange wandeling te maken," en zette zich in zijn zetel en pakte de krant en deed alsof hij las.


