De aparte feestdag
Een bedankje voor degenen die me een fijne Vlaamse feestdag toewensen. Zoals ik gisteren reeds schreef is er echter weinig om over naar huis te schrijven. We moeten het stellen met enkele beloftes dat het in de aanloop van de volgende verkiezingen beter zou moeten gaan worden, maar met beter hopen is de tijd verlopen. In politieke termen is 2019 trouwens een eeuwigheid en kan er nog van alles gebeuren. Het hele politieke gebeuren wordt daarenboven overschaduwd door de Griekse tragedie, die maar blijft aanslepen en waarmee men blijkbaar nog alle kanten uit kan.
Wat me wel intrigeert is het feit dat die Vlaamse feestdag in feite nog altijd een apartheidsfeestdag is, alleen voor politici, ambtenaren en aanverwanten. Nu in het weekeinde valt dat zo niet eens op. Ik vraag me wel af, of de mensen, die normaal tijdens de werkweek op 11 juli een vrij dag krijgen, de feestdag ook mogen recupereren, zoals dat voor iedereen hier geldt bij nationale feestdagen. Erg solidair is dat allemaal niet, welke uitleg men er ook aan geeft. Een Vlaamse feestdag zou voor alle Vlamingen moeten zijn.
En dan is er nog iets waarover men weinig hoort. Bij de uitleg dat we moeten wachten tot 2019 om weer over communautaire punten te kunnen praten, vergeet men wel dat er in 2018 al verkiezingen zullen zijn. Weliswaar gemeentelijke verkiezingen, maar hier en daar – zeker in de Rand – toch voldoende om mensen hun ongenoegen te laten uiten als er geen beterschap zou komen.
Zolang er leven is, is er hoop en wie leeft zal zien.

