Het Brussels waterhoofd
‘Wordt het niet eens tijd om ons af te vragen of er niet wat meganomalie schuilde in het idee om de hoofdstad van dit land om te vormen tot een gewest? En waar politici zich ronkende titels als ‘minister-president’ of ‘minister’ mogen aanmeten, terwijl ze eigenlijk niets anders dan ‘burgemeester’ of ‘schepenen’ zijn van een stad van nauwelijks 1,2 miljoen inwoners?
Bovenstaande tekst is niet van mij, maar van Lucas Vander Taelen, freelance journalist, die al bijna zijn hele leven in Brussel woont en weet waarover hij praat en schrijft. De Brusselse aglomeratieraad werd in 1971 vervangen door een gewestelijk beheer met een gegarandeerde vertegenwoordiging van de Nederlandstaligen. Het gevolg daarvan was dat er sindsdien in Brussel twee machtsniveaus naast elkaar blijven bestaan, waarbij de meeste gemeenten ontsnapten aan een fusie die in alle andere Belgische steden wél gebeurde. En zo blijven de 19 burgemeesters koppig vasthouden aan hun bevoegdheden met o.a. duizend mandatarissen tot gevolg die mee hebben gezorgd voor een schuldenberg die niet meer te overzien is. Zestien van de negentien gemeenten zijn virtueel failliet en staan machteloos tegenover de eisen van de banken en geldmarkten. Erger nog is het feit dat bepaalde politici zowel een functie hebben in hun gemeente, in het gewest en/of in de ‘Fédération Bruxelles-Wallonie’, een surrogaat van de Franse Gemeenschap die gaat over Cultuur en Onderwijs, normaal zou moeten geïntegreerd zijn in het gewest, en meer dan waarschijnlijk voor twee of meerdere functies betaald worden
Brussel is niets meer dan een unieke bron van inkomsten voor hoofdzakelijk Franstalige politici…

