
Milieu en Gezondheid
| Insecticiden en andere pesticiden | | |
Insecticiden (bestrijdt insecten), herbiciden (planten, onkruiden), fungiciden (schimmels), algiciden (algen), bactericiden (bacteriën), acariciden (mijten), nematiciden (aaltjes) en rodenticiden (knaagdieren)… zijn alomtegenwoordig in onze dagelijkse leefomgeving. Sommige hebben een zeer specifieke werking, bv. alleen tegen insecten of tegen schimmels, terwijl andere een veel algemener werking hebben. Daarom noemt men ze ook pesticiden. Pesticiden kunnen op verschillende manieren zorgen voor binnenhuispollutie: - rechtstreeks door ze binnenshuis te gebruiken bij het bestrijden van insecten op kamerplanten, bij de behandeling van huisdieren, van mensen (bv. producten tegen luizen of schurft), muggenwerend producten of producten om mieren of kakkerlakken te bestrijden, enz.; - onrechtstreeks omdat we ze in de tuin of in de omgeving gebruiken; - door afgifte door voorwerpen die hiermee behandeld werden (zoals tapijten, hout…). De afbraak van pesticiden binnenshuis verloopt meestal zeer traag omdat ze niet blootgesteld zijn aan regen, zon, micro-organismen, enz. In een afgesloten, slecht geventileerde ruimte kan de concentratie dus snel oplopen. • Jonge kinderen zijn extra gevoelig voor deze stoffen: ze kruipen op handen en voeten rond over de grond en tapijten, steken de handen en allerlei voorwerpen in de mond, strelen huisdieren zonder acht te slaan op een antivlooien-band, enz. • Naast de acute intoxicaties zijn de potentiële effecten op de gezondheid direct afhankelijk van de wijze waarp deze pesticiden werken en hun capaciteit tot accumulatie in het organisme. Een aantasting van het zenuwstelsel is bijna altijd mogelijk (in verschillende gradaties). Ook algemene symptomen kunnen steeds optreden. In feite kunnen alle organen worden aangetast. Ook kunnen ze mutagene, carcinogene, teratogene, immunosuppressieve en hormonale effecten hebben. • Sommige orgaanchloorhoudende en organofosforhoudende pesticiden en sommige pyrethroïden worden door het Amerikaanse Agentschap voor Milieubescherming (EPA) en het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) beschouwd als carcinogeen bij de mens. • Bovendien moet ook rekening worden gehouden met de globale impact van pesticiden, inclusief de residu's in onze voeding, en op mogelijke interferenties met andere stoffen. De commerciële benaming van de verschillende pesticiden voor gebruik buiten de landbouw kan worden geraadpleegd op de site van de FOD Volksgezondheid, Leefmilieu en Veiligheid van de Voedselketen (www.environnement.fgov.be). Sommige commerciële producten bevatten immers verschillende stoffen naargelang de toedieningswijze. | ||
| Orgaanchloorhoudende pesticiden Orgaanchloorhoudende pesticiden met als bekendste producten DDT (dichlorodiphenyltrichloroethaan), PCP (pentachlorofenol) en lindaan. Andere producten uit deze klasse zijn o.m. chlordaan, dicofol, dieldrin, dienochloor, endosulfaan, endrin, heptachloor, hexachlorobenzeen (HCB), hexachloorocyclohexaan (HCH), kepon, metoxychloor, mirex en toxafeen. De cursief aangeduide producten zijn sinds vele jaren verboden voor landbouwgebruik maar kunnen nog steeds aanwezig zijn in het milieu en mogen soms nog voor andere toepassingen worden gebruikt. Zo werd PCP, dat massaal werd gebruikt om hout en andere materialen (leder, textiel, verf) te beschermen, een twintigtal jaar geleden verboden als houtbeschermer, maar het kan binnenshuis nog aanwezig zijn in hout dat niet voorzien is van een afdeklaag. Lindaan dat ook werd gebruikt in de houtbescherming en in producten tegen luizen en schurft, is recent verboden. Dat belet evenwel niet dat het nog aanwezig is in hout dat vroeger werd behandeld en in sommige insecticiden die nog in de voorraadkast staan. De gezondheidseffecten van orgaanchloorhoudende pesticiden omvatten o.m. irritatie van slijmvliezen en de luchtwegen, algemene symptomen, neurologische verschijnselen zoals gedrags- en evenwichtsstoornissen, huidirritatie, leverstoornissen, enz. PCP kan ook een effect hebben op de nierfunctie, het beenmerg, het endocriene systeem en het is carcinogeen. Lindaan kan het spijsverterings- en immuniteitsstelsel aantasten, het kan een aplastische anemie veroorzaken en wordt beschouwd als carcinogeen. | ||




.jpg)


