
In de 14e en 15 e eeuw was de
familie Leenknecht heel actief in het maken van luid-klokken , uit de periode tussen 1365 en 1443 zijn er meer als 50 stuks van hun bekend. Terecht kunnen we spreken van een
klokkengietersfamilie die hun roots hadden in Harelbeke, hun werkterrein lag hoofdzakelijk in Vlaanderen alhoewel klokken van hun aangetroffen zijn in Denemarken, Frankrijk, Duitsland en Spanje. De oudste nog in wezen zijnde Leenknecht klokken zijn aanwezig in het stadhuis van Damme , de uurklok is gemaakt in 1398 en de halfuur klok in 1392, de klok "Kleine Maria"in de Sint Martinus kerk te Halle dateert van 1390 en is gemaakt door Daniel en Michiel de Leenknecht alias van Harelbeke.
Uit documenten zoals poorterboeken, inventarislijsten, pachtbrieven en opschriften op de klokken blijkt dat de Leenknecht familie verbleven hebben te Harelbeke, Waregem, Bergen, Bevere, Desselgem, Gent en Brugge.
Op basis van gegevens uit tijdschrift Biekorf 1959-1962 van A.Deschrevel kunnen we een geslachtslijst opmaken van deze klokkengietersfamilie, echter de geboorte data zijn geschat en zijn gebaseerd op werken door hun geproduceerd :
Andries de Leenknecht van Harelbeke, geboren ca. 1320, was gehuwd met Beele en hebben de volgende kinderen:
1.
Jan de Leenknecht alias van Harelbeke, geboren ca. 1345, woonde in Gent rond 1380.
Kind: Heynderic de Leenknecht, geboren te Gent ca. 1380 was poorter te Brugge op
07-11-1435.
2.
Daniel de Leenknecht, geboren ca. 1350, was voorzitter van de Gentse bronsgieters en
reizend klokgieter, woonde in Gent rond 1380.
Kinderen:
Willem de Leenknecht, geb. ca. 1380.
Jeroen de Leenknecht, ,, ,, ,, .
Geeraard de Leenknecht, geb. ca. 1380.
3.
Clais de Leenknecht ,geboren ca. 1350, gehuwd met Katelyne.
Is pachter van land te Nazareth in 1406.
Kinderen :
Michiel de Leenknecht, geboren te Gent ca. 1380, poorter van Brugge op 09-05-1421.
Pieter de Leenknecht, geboren te Gent ca. 1380, poorter van Brugge op 03-04-1422.
K:
Pieter, geboren ca. 1410, is pachter van land te Ser Pauwelspolder in Hulsterambacht.
4.
Michiel de Leenknecht, geboren ca. 1350 te Harelbeke en was poorter te Brugge op
07-08-1422.
Kinderen:
Colaert de Leenknecht, geboren ca. 1380.
Jan de Leenknecht, geboren ca. 1380.
Olivier de Leenknecht, geboren te Waregem ,ca. 1380.
Uit de "Inventaris der landbouwpachten in de Gentse jaarregisters van de Keure" blijkt dat "Klaas de Leenknecht alias de clocgieter" en zoon- en kleinzoon Pieter landbouwer zijn geworden. Klaas pachtte land gelegen te Nazareth onder Eke, Pieter de clocgietere pachtte land te Wielsbeke en Sint Baafs-Vijve, terwijl kleinzoon Pieter land in Hulsterambacht pachtte.
Zoon Michiel van Clais vinden we nog terug als gieter van diverse klokken in de periode van 1427 tot 1443.
Kleinzoon Pieter zou mogelijk de stamvader kunnen zijn van de Leenknegt tak die neergestreken is in Oost-Zeeuws Vlaanderen. Om de eventuele verbinding van de klokkengietersfamilie met de huidig bekende Leenknecht tak vast te kunnen stellen , is verder archief onderzoek noodzakelijk.
Hier volgen nog enige opschriften van klokken :
a
) Klok te Kortrijk Belfort/St.Maartenskerk, 1395, gieter Jan de Leenknecht :
VICTOR ES MINE NAME MIIN LUUT SI GODE BEQUAEME VAN TEMPEESTE BEHOET GOD AL ALSO VERRE MEN MIIN LUUT HOEREN SAL IAN DE LEENKNECHT MAECTE MI ANNO DOMINI M CCC XCV.b) Klok te Kastelnij Oudenaarde, 1400, gieter Michiel de Leenknecht :
MARIA ES MYNEN NAME MYN GHELUYT ES GODE BEQUAEME MICHIEL DE LEENKNECHT HEEFT MY GHEMAECT INT IAER ONS HEEREN M CCCC.
c) Klok te Damme, O.L.Vrouwekerk, 1376, gieters drie gebroeders van Harelbeke :
DRIE GEBROEDERS MAEKTEN MY VAN HARLEBEKE WAREN ZY MARIA IS MYNEN NAEM ENDE MYNEN KLANK IS WEL AENGENAEM.
Hier volgt nog een voorbeeld van een contract dat door de klokgieter
Daniel de Leenknecht werd afgesloten met de kerkmeesters van de
St.Niklaaskerk te Gent op 29 juli 1401, voor het leveren en gieten van de "kantste klok" die de hoogste van toon van een tribel of driegeluid moest zijn :
(uit register van Acten en Contracten keure Gent 1400-1401, fo. 89)
>> Kenlic zij .... dat meester Daniel de Leencnecht clocghietere, commen es... kende ende lijde dat hij heeft ghenomen te ghietene jeghen de kercmeesters tsente Niclaus, eene clocke, acorderende up de twee clocken hanghende tsente Niclaus, gheheeten deene Glorieuse ende dander Marie, dats te wetene Marie de groufste sijnde , ende Glorieuse daer na volghende, ende de clocke, die ghiete sal de kantste clocke wesende, ende alle drie goet acort siinde, ende dit omme eene sekere somme van v ponden ij Sceelen grooten.
Ende ghevielt dat de clocke die hij ghieten sal , niet wel en acorderde up de vorseide twee clocken, so soude hij se selve houden, ende af doen, ende hemlieden eene andre goede acorderende clocke leveren sonder der kerken cost.
Ende de clocke, die acorderen sal, die sal hij moeten waranderen jaer ende dach gave en goed.
Te betaelne tvorseide ghelt ij ponde groote tornoyse ghereet, ende tsurplus als hij de clocke ghelevert sal hebben.
Ende de kercmeesters sullen hem de spise leveren voer tforneys , ende meester Daniel sal de clocke leveren onder den turre, ende dit tusschen nu ende Bamesse naest commende ten lancsten, versekert up hem ende up al tsijne. Actum 29 die Julij 1401 >>.