Plafond

Plafond
Wurging
Mirakelput
Binnenkoer - Mirakelput
In een koepelgebouwtje naast de kerk staat de mirakelput (1634) op de plaats van de poel waarin het dode lichaam van Godelieve werd gedompeld. Pelgrims kunnen water nemen, door de devotie aangezien als hulp tegen oogkwalen, en als een symbolische vorm van gebed.
Relikwieën
In de kerk worden relikwieën van Godelieve vereerd: een deeltje van haar gebeente en een stukje ‘bloedsteen’, afkomstig van stenen van de poel, die volgens de legende door het bloed van Godelieve bij de onderdompeling werden doordrongen.
'Mirakel van de wonderbare maaltijd'
'Mirakel van de wonderbare maaltijd’ stelt voor hoe zij, tijdens een feestmaal t.g.v. het bezoek van de graaf van Bonen te Londesvoorde, de spijzen had weggenomen om ze aan der armen te geven, en er toch een overvloed van gerechten uit de keuken werden aangedragen. Jezus gaf aan duizenden hongerende mensen te eten: ‘Jezus riep zijn leerlingen bij zich en zei: "Ik heb te doen met deze mensen, want ze zijn al drie dagen bij Me en hebben niets te eten. Ik wil ze niet met een lege maag wegsturen; ze zouden onderweg wel eens kunnen bezwijken" (Matteüs 15, 32).
'˜Mirakel van de houtspaanders'
Het ‘Mirakel van de houtspaanders’ (links) vertelt dat, toen zij betrapt werd op het uitdelen van het eten aan de armen, het voedsel in houtspaanders veranderde
Abdijkerk

Pelgrim, de grond waarop je knielt is heilig, minder om het bloed van Godelieve, waarvan hij doordrenkt is, dan om het wonder dat Gods liefde uitwrocht.
De Heer bemint u. Hij bemint ons allen onuitsprekelijk. Hij waakt over u. Wij begrijpen Gods wegen niet. De nacht was heel donker en de beproeving, menselijk gesproken zonder uitkomst. Moge God u zegenen.
Abdijkerk

De vernieuwde abdijkerk werd ingewijd door mgr. E.J. De Smedt, bisschop van Brugge, op 26 juni 1962.
Abdijkerk
Toch bleef herstelde kerk (1614-1615) een druk bezocht bedevaartsoord. Na 313 jaar kwamen op 2 juli 1891 elf zusters uit Brugge terug naar ten Putte terug naar de nieuwe abdijgebouwen, uitgevoerd naar de plannen van de Gentse baron Jean Baptiste de Béthune de balangrijkste architect vande negotiek in ons land .Enkel de romp van de kleine toren werden bewaard. Op die dag werden de gebouwen ingewijd door joannes-Jozef Faith bisschop van Brugge. Vanaf 1952 werden verbouwingen aangevat , geleid door de Brugse architect Arthur de Geyter