Bij Lannoo verscheen 1979 “Mensen met missie” van Herman Boon pr.
Hij draagt dat boek op aan duizenden getuigen van de Verrezen Jezus Christus. Het is een wereldreis met getuigenissen uit de missies over de hele wereld, door de missionarissen of missiezuster en leken. Ook bij zijn broer – missionaris en orgeldeskundige en virtuoos Frans Boon in Japan.
Missionaris zijn
en missionaris worden
is kwetsbaar
dagelijks je ja herhalen
op de aanspraak van Jezus,
alles riskeren
zoals Abraham,
doorheen de woestijn
mee de weg zoeken
naar het beloofde land
zoals Mozes,
is blij geloven zoals Maria,
om de gerechtigheid
Er het hoofd bij verliezen
zoals Johan, de doper.
Missionaris worden is
één hartstocht hebben :
de Vader van Jezus, Liefde,
is met eerbiedige
ontvankelijkheid voor de
eigen – aardigheid
van mensen hen het unieke
van Jezus’ evangelie
niet verzwijgen,
is om het even welke mens
helpen zichzelf te
overstijgen in de kracht
van Jezus’ Geest.
Missionaris zijn
is geroepen en gezonden, voorlopig hier,
tijdelijk daar,
anderen samenroepen
en zenden, het graan malend
avontuur van Jezus ingaan,
van woestijnbekoring
tot Getshemani, van Kana
tot Golgotha, van Thabor
en Bergrede tot Pasen.
Missionaris zijn
en missionaris worden
is jezelf bekeren
elke ochtend
en elke avond ontledigd
weggegeven zijn,
is de Vadernaam van God
voortverhalen en kerk
opbouwen in dienst
van alle mensen,
allemaal broers en zusters,
is profeet zijn en stotteren
met de bevrijdende
boodschap, is met het
evangelie uitdagen
en bemoedigen,
is aan de armen
verrijzenishoop schenken
en door rijken
gekruisigd worden,
is uitgestoten worden
ginder en uitgelachen hier,
is moeder genoemd worden
door de melaatse,
en vader door de vertrapte.
Missionaris zijn
en missionaris worden
is vreemdeling zijn
bij een ander volk
en nooit meer thuis zijn
in je eigen ras,
is lachen
om de mogelijkheden
en wenen om je onmacht,
is – gekraakt en versleten -
gelukkig zijn om een
nieuwe jonge kerk na u !
Missionaris zijn
en missionaris worden
is bedelen om te delen
en zelf gedeeld worden,
is gemist kunnen worden
en onmisbaar zijn,
is gissen en missen,
vergissen en mislukken,
en telkens opnieuw
beginnen,
is gist mengen
in een vreemde deeg
en voor de graankorrel
de grond omploegen,
is hart en ziel zijn
van elk bevrijdings – en
ontwikkelingswerk,
is doen ervaren dat
de verrezen Jezus Christus
geen blanke is
en de Kerk universeel.
Missionaris zijn
is anderen in je hart
en vlees
laten proeven van God,
zelf uitgespuwd worden
en vergeten sterven,
maar alleluia
neuriën omdat
zij nooit meer de smaak
van God van Jezus
zullen kwijt geraken.
Herman Boon pr.
Slotgedicht uit “Mensen met missie”
Eén keer, voor eeuwig, schenkt Gij mij leven, God,
wat wilt Gij dat ik met mijn leven doe ?
In uw liefde zult Gij mij voltooien, Vader,
wat wilt Gij dat ik met mijn leven doe, voor U ?
Gedoopt ben ik met Jezus, uw Zoon, verbonden,
wat wilt Gij dat ik met mijn leven doe, voor U, uw Kerk ?
In uw Heilige Geest ben ik gezalfd, gezonden,wat wilt Gij dat ik met mijn leven doe,
voor U, uw Kerk, uw mensen ?
Met al wat ik ben, al wat ik heb,al wat ik kan,
wil ik Jezus Christus volgen, zijn Paasmysterie in.
Roep me, Vader, zend me, God, mijn Heer.
De Liefde van Christus stuwt mij
tot overgave aan U, in gave aan mensen.
Dank U voor dit Leven. Dank U voor uw Liefde.