gladiolen
Veel gladiolen
stengels als zwaarden buigen
vol gele bloemen
Ingrid Lenaerts
gladiolen Veel gladiolen
stengels als zwaarden buigen
vol gele bloemen
Ingrid Lenaerts
windmolenEen windmolen draait
klapwiekend zijn geraamte
nooit staat hij er stil.
Hij is de maalreus
die het meel knarsend uitwerpt
voor dagelijks brood.
Ingrid Lenaerts
droomillusieHij houdt me groot in het kleine gebeuren
behoedt me als een herder zijn schapen
laat de zon op mijn huid schaduw maken
in de maneschijn voel ik zijn hand strelen
terwijl ik verderlicht de trappen van de hemel beklim
's morgens verwent hij me met een bloedmooie lente
bij een staalblauwe hemel die zindert van geluk
in het jonge licht dat hij me tovert
verzink in de zaligheid van dat moment
Helaas de luchtbel die hij me voorhoudt barst uiteen
en weg is de illusie
van de droom.
Ingrid Lenaerts
steltlopersSteltlopers als een wandelend palendorp
passage op een festival jongleurs en vuurwerkmakers,
ze wandelden bevreemdend boven de hoofden
en het leek alsof zij de meesters waren
wij, de kechten op de begane gronden
ze maakten allerlei bochten en sprongen
als ooiveraars op reuzepoten
Ze droegen vreemde gezichten
droegen heel veel blauw en rood
als de wijzenuit het Oosten
schitterend was hun vertoning voor het benedenvolk
Het applaus steeg de lucht in
Het leek hun koude kleren niet te raken.
Ze beeden hun weg naar oneindig aan de horizon.
Ingrid Lenaerets
nevellandBoven rietkragen
hangen er nevelslierten
een nieuwe dag wacht
een vroege kikker
verspringt op het plompenbed
ontwaakt er een prins?
Ingrid Lenaerts
West-vlaanderenIn West-Vlaanderen glooien mijn herinneringen
tussen Leie en Franse grenzen
Ze spreken de taal die ik niet meer hoor
tenzij ik heel even terugvaar naar oude plaatsen
die inmiddels verjongd zijn of verzonken
Alles lijkt zo mega of anders te zijn
maar toch kan ik er me er nog hechten
aan de draad die gespannen werd
ergens op een brug of een gebouw
de school die sinds eeuwen verborgen ligt
tussen het groen van geschiedenis en veldslag
het ouderlijk huis met andere bewoners
parken en monumenten die vreemde landschappen werden
het vreet aan mijn oog en oor
dat de tijd ook mij verandert valt niet te ontkennen.
Ingrid Lenaerts
weg
zilte herinneringHerinneringen aan het zout op mijn tong
de rooftocht naar suikerzoet in moeders kast
gaf me de confusie der smaken
het verwachte was de ontgoocheling
het zout in een kindermond
de zilte tranen van het moment
dit was de vergissing met ingebakken straf
zonder pardon voor wie experimenteerde
buiten toegelaten grenzen
de zee brengt me nu nog deze emotie
die ik catalogeerde
maar ze wil er steeds bij horen.
Je krijgt ze mee wie ze hebben wil.
Ingrid Lenaerts
waterplasOpbollend water
de wind raast over de plas
eenden wiegen mee.
Ingrid Lenaerts
turenRoofvogels turen
vanuit hun nest naar het veld
wezels in gevaar
Ingrid Lenaerts
tussen flarden zon.Verlaten stranden
tussen hemel en aarde
één meeuw krijst er rauw
de wolken hangen
verwaaid in brede banden
tussen flarden zon.
Ingrid Lenaerts
volkstuinenZo'n viijfhonderd meter verder
buiten de woeste wind van duin en zee
daar liggen Oostendse volkstuinen
als een weelde voor de groententeler
op kleine schaal actief
Hij houdt van zijn rulle aarde
die hij onderwerpt aan zijn inspiratie
Hij zaait ,hij plant, hij mest en oogst
zijn hoogste goed:
porei als jonge boomstammen,
radijzen pittig in rood en wit ornaat
ajuinen als gekroonde keizers op stengel
winterkolen om u tegen te zeggen
de bedden jonge wortelen rusten in groen
Het tuinhuisje bij schaduw
van een hoge poulierenrij
wacht de teler op een bank
wanneer hij zijn werk overschouwt
medideert bij de gratie van het bestaan
besluit dat dit moment
het zaligste van de dag is.
Ingrid Lenaerts

Eksters trippelen
roven driest het brood op straat
dieven van formaat
in hun wit zwarte outfit
loeren ze geniepig rond
in de bek de buit.
Ingrid Lenaerts
verstuivend zand
VenetiaansFonkelend rood en groen
kristallen gedachten op de gaanderijen
der woorden luxe en ijdelheid
ze dansen met de luchtbellen
die ze opwekken
Kortstondig zonnelicht op de lagune
van gevleugelde kwetsbaarheid
terwijl zij zich zorgen baart
in deze kwijnende omgeving
die alle houvast zinken laat
Ingrid Lenaerts
gedachtenbouwer
grijze zomermorgenKasteelmuren druipen traag hun tranen
langoureus is hun juliziel
onder deze druilerige hemel
een loden stilte hangt boven de vijver
die de regendruppels laat uitdeinen
tot grote rondeen vicieuze cirkels
Het regent en het blijft plensen
de herhaling ondersteunt de zondagsmonotonie
van deze eerste dag van de zomermaand.
Kinderen wachten in rode regenjassen
bij de muren aan de bushalte
Ze joelen ondanks alle somberheid
Ze gaan naar het pretpark der zonnedromen.
de grijze morgen deert hen niet.
Ingrid Lenaerts
onweerVeelkoppig monster
een wilde wolk jaagt me na
ze klauwt als een draak
Wind blaast uit zijn keel
een gorgelende reus kermt
in regenvlagen
schuilen in een schuur
zotte deuren rammelen
daar klaart de hemel
Een zon klatergoud
verblindt er de natte weg
duiveltjeskermis
Ingrid Lenaerts

Hoge grassendans
windballetten golven zacht
in het landritme
Ingrid Lenaerts