Ingrid Lenaerts
Ingrid Lenaerts
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
wolken
Wild schuiven wolken
Als weerhaken in elkaar
Driftig druilerig
Regen spettert scherp
Nat tegen het vensterraam
Droevig huilt de dag.
Ingrid Lenaerts
Ingrid Lenaerts
sneeuw
Ingrid Lenaerts
indian summer
Nacht loopt naast zijn onderdanen
die geen vragen stellen
hij dwingt hen in het gelid
van uur tot uur duisternis
een maan is zijn gezel
al dan niet met wolken
Nacht draagt zijn mantel
ondoordringbaar ver
het zonlicht dat verdween
hij spookt in schaduwen
hoeken en kanten
in kamers en bedden
hij zaait zalvend begerig
voldoening en paniek
liefde voor het lijf
paniek voor het leed
de nacht draagt de macht
en niemand kan ontkomen
aan de touwen die hij in handen heeft
zijn paard dat hij ment
tot de vroege morgen
Ingrid Lneaerts
nonnenhuizen
Een voor één zijn ze verdwenen
de kloosters in de stad
de donkere gebouwen in grauwe baksteen
die het ademen verleerde
hun gevels waren zwijgende getuigen
van contemplatie raadsels of verdriet
hun levens waren ingepakt geheimzinnig
ontoegankelijk voor gewoon begrip
achter de hoge ramen hing zware stilte
die geurde naar ajuin porei en zweet
de meubels koffers en kisten aten boenwas
de vloer werd geschuurd
door jonge maagdelijke krachten
bruine zeep was hun kruipend attribuut
tussen monotoon gebed en kostgang
Nonnenhuizen zei ik rillend
oneerbiedig
ik wou er nooit gaan wonen
in deze vogelkooien voor mensen
Ingrid Lenaerts
verdwalen
Naar uw naam
bloeit deze volle bloem
deze roos van onschuld
in haar witte pracht
met een hart van lichtgeel goud
in perken weelde voor het oog
aan u toegewijd haar kelk
de kroonbladeren bedauwd
bij zonsopgang
wanneer de avondweelde
danst in het vuur
van de ondergaande zon
dan kijkt ze u aan op pleinen
in straten versierd
onder uw beeltenis
zij ademt de nacht
onder de fonkelende sterren
aan uw voeten
de dag was goed
tevreden slaapt zij in.
Ingrid Lenaerts
Vrouw en moeder
twijg aan de boom van Jesse
uw gekroonde hoofd
uw gezicht dat bloost
de weemoedige glimlach
verborgen leed verzwegen
Virga Jesse uw naam
weerklinkt zoals deugd en ernst
hand in hand
door de eeuwen heen
uw maannachtblauwe jurk
uw sjaal met goud bruine noppen
valt in alle eenvoud over u heen
de rode lendendoek siert uw zijn
uw kind op de arm
Jezus, gehuld in bruin en geel tuniek
koning van hemel en aarde
Wij groeten u
Ingrid Lenaerts
Koorzang klinkt machtig
tussen oude gewelven
in onze dorpskerk
Ontroerend die stem
het kind zingt kristalhelder
zo mooi dat hooglied
Onze lieve vrouw
glimlachend met Jezuskind
knikt instemmend
Ingrid Lenaerts
Maria in een kapel
Te lande onder de lindeboom
Oord van bezinning
Over komen en gaan
Vol mysterie
Het blakeren van kaarslicht
de schaduwen op een muur
de geur van boenwas
mist van het woord
aan het muuraltaar in kant
De gelovige met zijn vertrouwen
De gunst van het gebed
Voor het bovennatuurlijke wonder
Dat zich soms manifesteert
Voor groot en klein
zelfs voor de twijfelaar
die het credo verwerpt
Ingrid Lenaerts
Hier op deze begraafplaats waait de wind
richting regenvlagen bij bakken
we lopen over de lanen met keien
als kleine heuvels onder onze voeten
herfstblaren dansen hun laatste ballet
terwijl de gids ons door deze dodenstad loodst
boom na boom in dreef na dreef.
Waar de graven kleine paleizen zijn
van vele beroemde koppen
hier rusten hun grote geesten
kijken ze naar de vele bezoekers
vanuit een transcendente tribune
de pelgrims die hen hier eren
De rillingen bij zoveel dood lopen me na
tijdens de bijzondere communicatie
tussen nu en hiernamaals
op Père Lachaise.
Ingrid Lenaerts
Kathedralen
Als heersend op de troon van het witte zonnelicht
door de hoge ramen schuiven de stralenbundels af
van dikke muren als reuzen van vertrouwen
de stilte zweeft als een mysterie door de kathedraal
krijgt oog en vorm bij de lijdende christusfiguur
glimlacht bij de rustige engel die de kansel draagt
blakert vrede bij het beeld van de wenende madonna
het zomert buiten met hoge warmte
binnen is het woord vroom en heerlijk koel
we voelen ons vreemd aan deze realiteit
terwijl gelovigen prevelen in merkwaardige overgave
het orgel doorbreekt de onzichtbare kristallen van stilte
het koor vertolkt gregoriaanse meesterwereken
de klanken reizen als slingers door onze gedachten
nevelsslierten waarop wij troostend vervreemden
in tijd en ruimte van oneindigheid.
Benita Maria
Benita Maria houdt de kaars recht
waakt over de vlammen
op de grote kandelaar
dat ze oplichten waar het duister is
dat ze branden als een fakkel
waar monden gesnoerd worden
het woord verpletterd wordt
waar kinderen verhongeren
de zon en de liefde ontberen
waar vrouwen mishandeld worden
waar oorlog gevoerd wordt
als buffer tegen onrecht
waar ook op aarde onvrijheid heerst.
Zij houdt de kaars recht
waakt over de vlammen
op de grote kandelaar
dat doet Benita Maria
Ingrid Lenaerts
Virga Jesse
als moeder en zinnebeeld
van elke zegen of zorg
die jong of oud ervaart
in goede en kwade dagen
Je bent er in gedachten
als staf en steun
voor diegenen die je smeken
voor diegenen die je eren
voor diegenen die je ervaren
door de eeuwen heen
als hun haven van toewijding.
als hun huis van schuilen
als hun luisterend oor
als de hand die hen wordt gereikt
zij vragen u zij bidden u
en danken
Virga Jesse.
Ingrid Lenaerts
Vrome lui
ze waren er met velen
zo was daar één van hen
met de gedachten bedreven
de grote eerbied voor de moeder Gods
bij schone dagen
vertrokken
op zijn verre tocht
de weg was lang en vol gevaar
het was hem zwaar te moede
het juiste pad te vinden
over bergen en dalen
in de uitgestrekte wouden
hij liep en liep door bossen
ten voeten uit langs de moerassen
de bossen hielden hem vast
ze zaten vol geheimen
de man hij zocht en wrocht zich
door de duisternis
maar geen enkele baan
bood hem de juiste wijzer aan
met grote vrees aanriep hij Virga Jesse
hij smeekte haar om hulp
en het was alsof zij hem zelf begeleidde
alsof ze hem bij de hand nam
en hem toevertrouwde
dit is het pad naar Rutsemedouwe
ga er nu heen zonder dolen
ik zal u volgen met mijn ogen
en mijn bijstand
Ingrid Lenaerts
weerklinkt de beiaard
als een rinkelende waterjuffer
die over het marktplein vliegt
de tijd verandert
in een opstijgende ballonvaarder
die zijn ballast afgooit
er wacht een feest
dan denk je dat
tussen dat vrolijk getater
van marktkramers
die hun waren aanprijzen
aan de lichtvoetige burger.
blij zijn is nu heel eenvoudig.
Ingrid Lenaerts
Licht dat ronddwaalt
tussen de zware steunberen en voeten van de muren
wisselt de lange schaduw haar gedaante van uur tot uur
de grote toren met zijn rijzige galmgaten triomfeert
over de stad die zindert van de zomerwarmte
de beiaard speelt zijn mooiste lied als een feest
de wereld huppelt nu veel lichter op zijn zolen
Het portaal in vlamgothiek nodigt de bezoeker uit
Heiligen, bijbelfiguren,Maria en Jozef en zelfs God de vader
elk doet er zijn ding vredig naast elkaar in het dagelijks leven
Eens voorbij de portiek nodigt de kerk uit tot stilte
In haar schot is het heerlijk koel verwachtend de rust
Het orgel vleugelt zijn sonore klanken langs het raam
kaarsen blakeren hun grilligheid op de pilaren en stoelen
De gelovige bidt hier de waarnemer observeert
de tijd maakt zich klein en ingetogen
alvorens hij buiten weer spoorslags vertrekt
Ingrid Lenaerts
regendag
Uitgerekend vandaag
15 augustus en feest
viel regen bij bakken
het regende blaasbellen
het water gutste van de helling
aan de MariaHemelvaart kapel
de heuvel was een moeras
doorwaadbare modderpaden.
de wind schudde de takken uit
bomen als watereenden
Wij, onder een lappendeken van paraplu's
wachtend
Uiteindelijk alle feestelijkheden afgelast.
Ingrid Lenaerts
nacht
Nacht, je dompelt me onder
in je inktzwarte wateren
ik word er heen gedreven
zoals een schaap naar de kudde
Ik moet me onderwerpen
aan je macht
tegen wil en dank
en toch zou ik
je schaakmat willen zetten.
hier in deze midzomernacht
Ingrid Lenaerts
winterslaap
Zoals een beer sliep
heb ik u laten rusten
maar het wordt tijd
te ontwaken
de lente is bijna door
de zomer wacht
hoewel de zon niet schijnt
het koud is zoals in november
Wellicht keert het tij
wanneer jij weer daar zal zijn
Ik verwacht je
Ingrid Lenaerts
Ingrid Lenaerts
kat en hond
Ze betwisten elkaar alles
het leiderschap de aandacht
de vrienschap het begrip
de plaats het eten de dag
ze moeten elkaar ontmoeten
anders gaat het niet
de kat ligt op de hond zijn plaats
dan gromt de hond vervaarlijk
de hond voor de haard
de kat springt op zij rug.
de relatie blijft gestoord.
Ingrid Lenaerts.
Zware windstoten
teisteren februari
wat wordt het in maart?
de maartse buien
roeren er vanaf morgen
weer hun lentestaart
blauwbleke luchten
zetten de sluizen open
bij een fletse zon
Ingrid Lenaerts
blauw verdriet
de winter blijft
de winter blijft zoals een dictator
hij wil niet wijken van zijn grondgebied
gebruikt verdoken gladde wegen
ijzige wind die hij huilen laat
als een slijper aan zijn draaibank
e
en bede om zijn vertrek
wordt miskend
we moeten hem voorlopig dulden
hoewel ik hem de boom in wens
of in een gat der aarde waar
hij als kwade geest
in rook kan opgaan.
Ingrid Lenaerts
woorden als bloemen
een dagje krakkemieken
krakkemiek de dag
het levert je energie
voor tien,zelfs nog eentje meer.
Wat hoor ik daar ?
Krakkemieken ken je niet
Je kan het leren
het kost je niets
en het is plezierig prettig.
grappig vraag je?
de ervaring leert het je
kom een dagje langs krakkemieken
éénmaal gedaan
en dan kan je niet meer zonder
wees welkom
bij de krakkemiekers.
Ingrid Lenaerts

