Naar de inhoud

Kalmthoutse Broodjes

Kalmthout : een reilen en een zeilen
akke.beakke.be

Archief

21. De fietsenmaker van Nieuwmoer : den Theeuw.

Af en toe brengt een gemeenschap een "grote" man of vrouw voort. En dat hoeft dan zeker niet altijd een formeel erkende kunstenaar, wetenschapper of wat weet ik nog te zijn. Zo is op 9 augustus 1920 bij ons in Kalmthout geboren : de heer Leon Mattheeuwsen, alias "den Theeuw", koereur en fietsenmaker van Nieuwmoer. Hij is er overleden op 5 februari 2006 na het bereiken van de gezegende leeftijd van 85 jaar. Den Theeuw zijn leven is zonder twijfel ook "één grote fiets ". Van fietsen weet den Theeuw alles af : hij maakt ze zelf, probeert ze op een professionele wijze uit en brengt ze aan de vrouw en de man. Maar daar gaan wij het in deze aflevering niet over hebben. Vandaag bomen we graag even door over Theeuwke " de gemeenschapsmaker".Rondom en na de tweede wereldoorlog heeft hij op een unieke wijze mede vorm gegeven aan die uitzonderlijke volksgemeenschap van ons Kalmthouts Nieuwmoer, heeft hij vanuit een begeesterende invalshoek de Nieuwmoerse jeugd, generatie na generatie, gepantserd met die unieke eigenwaarde van "Nieuwen Moeren". Hij doet dat op die eigenzinnige en speelse wijze die de zijne is. In een olifantengeheugen heeft hij iedere Nieuwmoerenaar met naam en toenaam, met de juiste datum van zijn verjaardag, een plaats gegeven. En als hij die naam, die toenaam of die geboortedatum toch al eens vergeet dan diept hij de betrokkene onmiddellijk op uit die grote imponerende kader aan de muur van zijn fietskot : " Hier sè, de Jef, toen dat hij 26 was "! Het is niet overdreven : heel Nieuwmoer hangt aan die muur. En heeft welke Nieuwmoerenaar ook , het om welke reden ook even lastig, dan trekt hij naar den Theeuw en naar dat fietskot met al die fietsen. En in de kilte van de winter ontmoet men dan een man die met een bijltje blokjes hout kapt om het kacheltje te bevoorraden dat er dan binnen gezellig puft. Theeuwse gezelligheid, Theeuwse gulheid, Theeuwse vriendschap, maar ook Theeuwse schranderheid en Theeuwse geestigheid  :  jong Nieuwmoer kan gewoon niet zonder ! De anecdotes zijn dan ook legio : De Jos die zijnen band nog eens stuk steekt en roept "Pa mijnen band is stuk, mag ik naar den Theeuw!", of de volgende dialoog in het fietskot tussen den Eddy en den Theeuw : " Hoeveel is 't Theeuw?", "10 frank jonge", "Allez Theeuw!, "Goed dan, 6 omdat 't voor u is".  En ze leren ervan en ze groeien ermee naar de volwassenheid en in het gemoed van zowel student als boerenzoon groeit het beeld van een dorp dat de ganse wereld schraagt. En vrank en vrij dragen zij dat "Theeuwse dorp" mee naar de groene Maatjesweide, het college, de metropool, ja tot in de hoofdstad. Het grote geheim van zijn aantrekkingskracht heeft den Theeuw inderdaad gewikkeld in een cocktail van schranderheid, goedluimigheid, humor en "schenkende" vriendschap. En "zijn" moppen nemen de Nieuwmoerse jongeren mee de wereld in. Ze vertellen ze dan met diezelfde schrandere ogen van hun groot idool en refereren dan onvoorwaardelijk naar hem . "Den Theeuw" , mompelen de Eddy's, de Jossen, de Fonsen, de Johnen en de Leo's dan vol bewondering tussen de tanden. Alleen kan de toehoorder nooit achterhalen wat in een fantastische mop, die ongetwijfeld bij den Theeuw is ontstaan, nog van den Theeuw is en wat de jonge veulens er achteraf van gemaakt hebben. "Het Theeuwken, Theeuw, den Theeuw", het liefst besluit ik dit cursiefje met een "Theeuwkesmop". Ik denk dat hij, de heer Leon Mattheeuwsen, alias "den Theeuw", daarmee volledig zou kunnen instemmen, zoals ik hem daar op hogere leeftijd minder bewust misschien, maar nog altijd vol gulle, wegschenkende goedheid, heb zien zitten in zijn zetel in het zonnetje achter zijn huisje, een zonnetje dat weerkaatst in die lichtende ramen van dat enig  fietskot bij ons op de Nieuwmoer. Wel zou hij daarbij ongetwijfeld een binnenpretje hebben : " Maar jongens toch, wat hebde fantasie". En de jongens ? Ze zouden, een tikkeltje ondeugend, maar vooral amicaal glimlachend, wuiven naar den Theeuw en  "Awdoe"!" zeggen.  

Een Theeuwkesmop :

In die tijd is het crisis. De regering vaardigt haar eenheidswet uit. Ook de fietsenverkoop stagneert. De grote baas van General Motors, die in Kapellenbos woont , komt voor zijn dochter bij den Theeuw een fiets kopen. Den Theeuw doet zijn beklag : "weinig werk, Mijnheer de directeur". "Geen probleem Theeuw", zegt die directeur. "Komt twee dagen bij ons werken Theeuw. Wij hebben werk genoeg. En met uw fiets zijt ge rap in Wildert en daar kunt ge dan de trein nemen naar Antwerpen ". Zo gezegd, zo gedaan. Den Theeuw trekt twee keer per week naar Antwerpen. Hij werkt er nog maar een paar dagen of de directeur doet zijn werklieden kond dat Koning Boudewijn op bezoek komt. Als de volgende dag de directeur en de Koning de werkplaats binnenkomen en de directeur zijn mensen wil voorstellen roept de Koning plots : "Eh, Mijheer de directeur, zie daar eens : den Theeuw ! Eh, Theeuwke en hoe is 't jonge." ...   Als de directeur dan s'avonds de Koning uitgeleide heeft gedaan roept hij den Theeuw bij hem. "Maar Theeuwke, kende gij de Koning jong." " Ja, en dat is nog niet alles eh, Mijnheer de Directeur, allez ,bijvoorbeeld, volgende week gaan mijn vrouw en ik een bezoek brengen aan de Paus." "Theeuw jonge als dat waar is, als ik dat met mijn eigen ogen mag zien, dat gij de Paus kent, dan betaal ik de vliegtuigreis van u en uw vrouw."  En daar staan ze dan, alle drie, op dat immense plein in Rome. De Paus verschijnt op het balkon en wil juist zijn zegen Orbi et Urbi gaan geven. Plots roept hij echter naar zijn kamerheer, " eh , Juan , zie eens daar beneden : den Theeuw.  Eh , Theeuwke, komt eens naar boven jong."  Maar nauwelijks is den Theeuw op het balkon of  die ziet beneden zijn directeur van General Motors flauw vallen. Hij verontschuldigt zich bij de paus en loopt vlug terug naar beneden. "Mijnheer de directeur, Mijnheer de directeur, wat is er?". De directeur komt bij al dat geroep terug bij zijn positieven en antwoordt : "Ach Theeuwke jong,  ge zijt nog maar pas boven of er komt een Afrikaan naast mij staan en weet ge wat die zegt." Eh, Mijnheer, kijk eens daar boven, Theeuwke op 't balkon". "En dat die Afrikaan u kent dat kan ik dan nog enigszins begrijpen, maar weet ge wat die dan nog zegt."  Maar Mijnheer, die witte naast den Theeuw wie is dat." "En dat was mij te veel Theeuw, toen ben ik flauw gevallen." Tot zover deze Theeuwkesmop zoals ze is aangedikt door de Eddy's, de Jossen, de Fonsen, de Johnen en de Leo's.     

-  poëzie  +  -

(uit) Afscheid van Leon Mattheeuwsen, "den Theeuw" - (Fons Buyens - 2006)

Als ik op reis was in verre landen. En de mensen vroegen mij waar komde vandaan?  En ze zeiden dan , wat is dat Nieuwmoer ? En wat maakt dat zo speciaal ? Dan denk ik altijd aan de hartelijkheid waarmee de mensen elkaar hier op straat begroeten, hoe ze zwaaien met hun armen en met volle longen  " HUI " naar elkaar roepen. Ik denk dan aan de woorden van de dichter Hans Lodeizen die zegt : alleen al om het lichte wuiven van de handen heb ik de mensen lief gehad. En dan denk ik tegelijkertijd ook aan de blinkende plezierige ogen van den Theeuw. Aan de man die altijd voor iedereen klaar stond om te helpen. Aan zijn grote belangloosheid; maar wat ons altijd raakte was vooral zijn opgewektheid, zijn gezellige gastvrijheid, zijn levenslust. Ik denk aan zijn moppen, zijn raadsels, zijn woordspelingen, zijn grappen, zijn grollen, zijn fiets- en smokkelverhalen, zijn commentaar en inzicht in de koers en ook zijn speciale echt wijze vertellingen. Den Theeuw dat is Nieuwmoer op zijn best : hartelijk, gastvrij, geestig, geen ogenblik materialistisch of op zoek naar profijt..., maar gul, vol vriendschap, maar ook eigenzinnig en eigendraads, vol scherpe en geestige kritiek met lastige vragen, maar nooit om iemand te kwetsen, maar ook, een moedige man die zich door niemand niet voor de zot zou laten houden. Als de mensen op de Nieuwmoer zeggen : "Den Theeuw", dan verandert de sfeer en worden ze blij en beginnen ineens zelf gerust gesteld te lachen en dan spreken ze over hem met grote gebaren en met zwier, vol bewondering voor zijn eigenaardige aparte kijk op de wereld, voor zijn joviale kunst en zijn durf die ronde wereld soms vierkant en dwars en met een aanstekelijke vrolijkheid anders te kunnen bekijken.

-  actua  +  :  -

- In de maanden juli en augustus organiseert de vzw Parkconcerten in het Strijboshof te Kalmthout haar jaarlijkse parkconcerten. Info : www.parkconcerten.be.
- Zondag 25 juni 2006 : Dag van het Kind. 13u. tot 19u. Gitok 1 (Kapeelensteenweg 501 Heide-Kalmthout - info : 03.620.22.16.
- Zondag 25 juni : Historisch Heerlijk Kalmthout. Cultuurhistorische dagtocht met fiets door Kalmthout. Aan de hand van landschapskenmerken en artefacten wordt de geschiedenis uit de doeken gedaan van Kalmthout. Vertrek om 10 uur op het marktplein van Kalmthout. Info en verplichte inschrijving op de Toeristische Dienst van Kalmthout, Putse steenweg aldaar, nr 129, Tf : 03/666.61.01.
- Dinsdag 27 juni 2006 : Natuurbeleving  met je kleinkinderen. Wandeling met vorming.  Van 13.30u. tot 16.30u.. NEC De Vroente, Putse steenweg, 129. Inschrijving voor 23 juni 2006. Info : 03/620.18.30.


- awdoe  +   : -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje : "22. In de mallemolen van de Nieuwe Tijden."  en vergeet het niet door onderaan het blog telkens op de linkse rode pijl te klikken kunt U de reeds verschenen cursiefjes Chronologisch te voorschijn halen.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 18:43 Reageer op dit bericht

22. In de mallemolen van de Nieuwe Tijden.

Met de komst van de Habsburgers in de 16-de eeuw komen "Vlaanderen die Leu" en het "Edele Brabant Were Di" in het vaarwater terecht van de grote Europese mogendheden : Via het spel van de dynastiën worden onze lage landen bij de zee pionnen op de schaakborden van Oostenrijkers, Spanjaarden, Fransen, Engelsen... .Zij treden als het ware uit die veilige cocon die de Boergondische staat voor hen een hele tijd is geweest.Voortaan worden zij een speelbal in de handen van de grote broers. Niet wat voor hen goed is, is nog van belang. Wel wat zij voor de groten kunnen betekenen.Het worden droeve tijden voor onze Kempen en onze heerlijkheid Kalmthout-Essen. Keizer Karel (de V-de) is daarbij nog duidelijk een kind van Gent en Mechelen. In zijn doen en laten is de reflex van grootmoe Maria van Bourgondië nog steeds aanwezig. De keizer van "de Pot van Olen" zal dan ook heel hard werken aan de opbouw van "een Bourgondische Kreitz" binnen het Habsburgse rijk.Dit is echter zonder de waard gerekend.  De Habsburgse erfvijand, de Koning van Frankrijk, doet beroep op zijn Gelderse handlanger "Zwarte Maarten" om onze Kempen over hoop te halen. In het spoor van zijn 15000 "snaphanen" met hun devies " Ruiten en roven is geen schande, dat doen de beste in de lande" brengt de "zwette"  de in die tijden gevreesde pest mede naar onze gewesten. De pest zal in Kalmthout nog geregeld opduiken tot op het einde van de 17-de eeuw. Met Filips de II-de, "dien Koninck van Spangiën" komen onze 17 provinciën dan vervolgens voor goed terecht in de "Tachtig jarige oorlog" die duurt van 1568 tot 1648. En met "de Geuzen van den Briel" komt er een diepe scheur midden door de 17 provinciën. De "Staatsen uit het Noorden"komen met hun Franse en Engelse bondgenoten tegenover het "Spaanse Zuiden" te staan. Kalmthout uit het kerngebied van de 17 provinciën wordt een grensdorp. Onze mensen zullen het geweten hebben. In het bevechten van hun vrijheid komen zij midden het krijgsgewoel terecht. Slechtbetaalde troepen, nu eens van her, dan weer van der, plunderen, verkrachten, moorden en maken aldus van Kalmthout één groot slachtveld. Als in 1583 ,bij de belegering van Wouw ,de Franse Maarschalk De Biron de "Staatsen" ter hulp komt, betekent dit ook de totale verwoesting van Kalmthout. Niets maar dan ook niets blijft er over en van de gevluchte bevolking zal er amper 1/4-de terugkeren. Sindsdien vindt men trouwens in Noord-Brabant heel wat families die luisteren naar een naam als "Van Kalmthout".Als de Spaanse troepen dan later Bergen-op-Zoom gaan belegeren, herhaalt zich de geschiedenis. Weer wordt Kalmthout verwoest en zijn bevolking verspreidt. Bij het mislukken van de belegering laten de Spanjaarden dan een gordel van forten aanleggen ter verdediging van Antwerpen. Zo ook op de Kalmthoutse Hoek.In 1648 komt er met de Vrede van Munster een voorlopig einde aan het geweld. Maar niet voor lang. Oorlogen, eerst tussen Spanjaarden en Fransen onderling en daarna tussen Spanjaarden en Fransen tegenover Engelsen, Hollanders en Oostenrijkers, blijven onze gewesten teisteren. De welige rogge-, haver-, en aardappelvelden van weleer liggen er troosteloos bij. De grootmoeders beschikken nog met moeite over boekweitbloem als ingrediënt voor die lekkere Kempense pannekoeken waar hun kleinkindjes zo verzot op zijn. De landerijen van en rondom de trotse abdijhoeven verkommeren terug tot wat ze oorspronkelijk waren : woeste heidegronden. Waar tot dan het cultuurlandschap lustig verder heeft geknaagd aan de woeste heide, zien we nu de woeste heide meer en meer het cultuurlandschap opnieuw aanvreten.Finaal worden de Kalmthoutenaars Oostenrijkers. Als in 1780 de Oostenrijkse "koster-keizer" Jozef de II-de aan het bewind komt en met geweld zijn hervormingen, die ook raken aan de organisatie van de geestelijke orden,wil doordrukken, krijgt hij ook af te rekenen met de Kalmthoutse Heer, Godfried Hermans, prelaat van Tongerlo. Aan het hoofd van een regiment jagers te paard neemt Godfried Hermans actief deel aan de Brabantse Omwenteling. Kalmthout steunt zijn heer. In 1794 door hun overwinning op de Oostenrijkers bij Fleurus komen dan de Fransen naar hier. 

-  poëzie +  - 

(uit) Lied op den thienden penninck (onbekend dichter - 1571) 
O Nederlant ghy zijt belaen,
Doot ende leven voor u staen :
Dient den tyran van Spangiën,
Of volcht (om hem te wederstaen),
Den princen van Orangiën.

Helpt den herder die voor u strijt,
Of helpt den wolf die u verbijt,
Weest niet meer neutralisten,
Vernielt den tyran, 't is meer dan tijd.



-  actua +  -

- In die droom van een tuin, het wereldberoemde Arboretum van Kalmthout, kunt U nog altijd gaan kijken naar die unieke universele tentoonstelling met beeldhouwwerken uit Zimbabwe. info : 036666741.
-Ook dit jaar organiseert de vzw Streven in het prachtige natuurkader van het Strijboshof , Achterbroekse steenweg, nr 69 te Kalmthout in de vacantiemaanden juli en augustus haar ontspannende parkconcerten voor jong en oud. Inbfo : www.parkconcerten.be.
- Ook tijdens de komende vacantiemaanden biedt het Natuureducatief Centrum De Vroente, Putse steenweg, 129, te Kalmthout U , naast zijn permanente tentoonstelling over de Kalmthoutse Heide, nog de boeiende bijzondere tentoonstelling "Een Land van Zand" aan. Beide tentoonstellingen zijn gratis toegankelijk. Info : 03/6201830.

-  Awdoe   + :  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje "23. Kalmthout aan de "Meet" .
en vergeet het niet door onderaan het blog telkens op de rode pijl links te klikken kunt U de reeds verschenen cursiefjes in chronologische volgorde oproepen.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

23. Kalmthout aan de Meet.

Wij staan er bijna nooit bij stil. En toch : onze mooie heidegemeente ligt aan een grens. Zoals we reeds zagen is dat niet altijd zo geweest. In dat bruisende hertogdom Brabant uit de Middeleeuwen, waar Kalmthout in die tijd toe behoort, omzeggens nog tot aan het einde van het ancien regime, ligt de grens oorspronkelijk veel noordelijker aan de grote rivieren van Waal en Maas.Het is pas in de 17-de eeuw, na de 80-jarige oorlog tussen de Spaanse Nederlanden en de Noorderlijke republiek der Verenigde provinciën dat het "Edele Brabant Were Di" bij de val van 's Hertogenbos 1/3-de van zijn grondgebied verliest. Wat nu Noord-Brabant is gaat bij de vrede van Munster in 1648 definitief naar het Noorden.Latere perikelen zullen daar nog weinig aan veranderen, ook niet bij de geboorte van de Belgische staat.Wat daarbij wel boeit is de vaststelling dat de kontoeren van de getrokken grens voor onze gemeente en ook voor onze historische zustergemeente Essen in grote mate te herleiden zijn tot de meer noorderlijke kontoeren van die aloude heerlijkheid Kalmthout-Essen, die dateren uit de 12-de eeuw. Wel dient daarbij gezegd dat onze heerlijkheid in de loop der eeuwen wel meer dan duizend hectaar grond aan "het noorden" heeft verspeeld. Vooral de dubbelzinnige houding van de Wilhelmieten in Huibergen, nu eens trouw aan de heer van Bergen-Op-Zoom, dan weer dichter bij de abt van Tongerloo, hebben daar een nefaste rol in gespeeld. 
"De Meet is er, en ze is er niet" zegt Jozef Goosennaerts nog in de vijftiger jaren. Dat ze er wel is ontdekt onze geleerde Achterbroekenaar pas in zijn studententijd in Gent wanneer hij sommige van zijn vrienden druppelsgewijze moet uitleggen dat Antoon Van Duinkerken uit Bergen-Op-Zoom is, Vincent Van Gogh uit Zundert en dat Henriette Roland Holst haar buitenverblijf aan Nieuwmoer grenst. Dat ze er niet is, ligt vervat in herinneringen uit de jaren van zijn prille jeugd. In de mond van zijn ouders klinkt "de" tegenstelling nog altijd "Hollaans" en "Brobaans". Met Belgisch en Nederlands is er niets aan de hand. Trouwens, is een tante niet getrouwd met een boer uit Zundert en bezoeken twee kozijns niet ieder jaar verwanten te Kruisland en is zelfs niet één van de overgrootmoeders een "meulersdochter" uit Hoogerheide geweest? En ook vandaag nog refereren bijvoorbeeld "die van Nieuwmoer-Kalmthout" en "die van Achtmaal-Zundert" in het dagdagelijkse leven en in hun culturele doen en laten naar gemeenschappelijke wortels die terug gaan naar een ver verleden.

-  poëzie  +  - 

Grenspaal nr. 251 (Jan Caluwaerts - 2000)

Ieder jaar weer als het hoogzomert breng ik een bezoek aan de "meet", bezoek ik één van de mooiste plekjes van de wereld : grenspaal nummer 251. Als je vanaf de Paalberg de grens van de bossen van Ossendrecht volgt kom je na een flinke wandeling aan het domein van Cogels. Links ligt het zonovergoten Grote Meer. Heel de omgeving is één vogelengenkrakeel en verder...  niets dan stilte.  Vanuit het Zenith stuurt "Sol Invictus", die onoverwinnelijke zon van de Romeinen,verschroeiende pijlen naar beneden. Op de open plekken tussen vliegdennen en verloren berken gaat het lange "pijpegestrooi" erbij gelen. In het mulle zand waar de weg verbreedt trippelt de zwarte kraai vol zuiders temperament haar cirkels in het rond. Als ze me ontdekt neemt ze de biezen. Ik zet mij boven op de gepunte paal en kan mij het binnenpretje niet laten bij de gedachte dat ik nu niet alleen tegelijkertijd in twee landen zit  maar ook in vier - of vier gewezen - gemeenten : Ossendrecht, Putte, Huibergen en Kalmthout...  .  En met wat de gepensioneerde boswachter van de familie Cogels mij ooit vertelde :  " Bij hun aftocht na de oorlog hebben de Canadezen deze paal opgeblazen. Toen hij opnieuw moest geplaatst worden stonden er al heel vroeg in de morgen op deze plek de heer Gouverneur van Antwerpen, zijn evenknie van Noord-Brabant, een Belgisch en een Nederlands beëdigd architect, Mijheer Cogels en anderen.Na urenlang gepalaver vroeg Mijnheer Cogels mij tenslotte de heren aan te wijzen waar de paal nu stond ten einde tot de herplaatsing te kunnen overgaan. Binnen het kwartier was de klus geklaard. ...  ."  Zoals steeds moet ik het pad zoeken naar Groenendries.

-  actua +  - :

- Parkconcerten : de hele zomer lang worden in het Strijboshof aan de Achterbroekse steenweg te Kalmthout parkconcerten georganiseerd. Info : www.parkconcerten.be .
- Tentoonstelling "Land van Zand" : Ook tijdens de vacantiemaanden loopt in het Natuureducatief Centrum "De Vroente" aan de Putse steenweg nog steeds voormelde tentoonstelling. Info 03/620.18.30.

-  Awdoe +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts Broodje "24. De Oude Pastorij - (1)." en vergeet het niet door onderaan het blog telkens op de rode pijl te klikken roept U de reeds verschenen "broodjes" in chronologische volgorde op. En voor sommigen onder U ...  reeds een deugddoende vacantie.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

24. De Oude Pastorij (1).

Wie de originaliteit liefheeft erkent in de "Oude Pastorij" op Kerkeneind het oudste gebouw van Kalmthout. In de barokke dateringssteen boven de voordeur staat "1636" gegrift. Na de Kalmthoutse totaalverwoesting tijdens de godsdienstoorlog in de 16-de eeuw beslist de abt van Tongerlo, tevens vrijheer van Kalmthout, een merkwaardige wissel door te voeren : het bestuurlijke dorpshuis ('s Heerenhuys) verhuist naar het Pannenhuis waar voordien de pastorij is ondergebracht en op de puinen van het oude dorpshuis naast de kerk trekt men de op dat ogenblik nieuwe pastorij op. De pastoor woont aldus dichter bij zijn kerk. Deze pastorij fungeert niet alleen als residentie voor de pastoor, maar eveneens als onderkomen voor de heer of zijn vertegenwoordiger, als de abt (of zijn afgevaardigde) om de één of andere reden in Kalmthout moet verblijven. In deze "Oude Pastorij" heeft ondermeer een historische ontmoeting plaats tussen de Spaanse Landvoogd en Willem de III-de van Oranje. Architecturaal vertoont de "Oude Pastorij" in oorsprong een L-vormige platte grond. De achterbouw langs de kant van de kerk is er inderdaad achteraf bijgezet.In de buitenbouw gaan renaissancistische en ook nog gotische elementen  zich afwisselen : zo ademen de zuid- en westgevels met hun horizontale gelaagdheid en getoogde of vlak omlijnde vensters de renaissance uit, terwijl de oostgevel eerder een getrapte gotische gevel is. Merkwaardig zijn langs de buitenzijde nog de getrapte dakkapel van de tiendenzolder aan de zuidkant, voorzien van een katrol , de originele zonnewijzer uit de 19-de eeuw van JJ-Boen aan dezelfde kant en natuurlijk de naar hier verhuisde oude arduinenpomp van de Kapelberg aan de noordkant ( die ooit bij de historische Sint-Jacobskapel in het "aloude dorp"stond). Binnen in de "Oude pastorij" onderscheiden we o.m. een opkamer, een keuken met een prachtige open haard en een ingebouwde deur naar de wijnkelder, een unieke renaissancistische trap, de leefkamer  ...  .
Het pronkstuk van de Oude Pastorij is nochtans de ontvangstkamer, of zo men wil het salon of de "salette", of nog anders ook : de kunstkamer. Deze situeert zich midden in het gebouw langs de zuiderkant. Mijnheer pastoor ontvangt er zijn gasten, maar ook de abt van Tongerlo (of zijn vertegenwoordiger) verwelkomt er zijn hoge bezoekers bij zijn aanwezigheid in Kalmthout. Dat zo'n gastenkamer moet schitteren is logisch. In de rococoperiode - op één van de muren staat het jaartal 1787 (of 1789?) geschilderd - wil men daarbij vooral behagen. Aan de verfraaiing van de "salette" is dan ook veel aandacht geschonken. De aankleding van het interieur, de decoratie van de ruimte, speelt een hoofdrol. Zo is er de indeling van de muuroppervlakten, al dan niet gesuggereerd, in meerdere panelen : opgaande gekruiste vensters met binnenluiken langs de zuiderkant, diepe en warme op elkaar afgestemde panelen naast de massieve ingangsdeur langs de gangzijde en met geverfde kaders omgorde muurschilderingen op de beide binnenmuren met langs één kant een deels geïmmiteerde marmeren schouw. Bij de met olieverf aangebrachte omkadering van de muurschilderingen speelt het "trompe-l'oeil"-effect een belangrijke rol. Met de lichtinval vanuit de zuidervensters is de techniek van "schaduw en slagschaduw" magistraal uitgespeeld. De muurschilderingen zijn volgens de overlevering aangebracht door een onbekende pater van Tongerlo en een vurig aanhanger van Sint Lucas, de patroonheilige  van de beeldende kunstenaars. Eigenlijk gaat het over seccoschilderingen die met olieverf op een droge muur zijn aangebracht.  De vormgeving bij de muurschilderingen vertrekt duidelijk vanuit het "rocaillegegeven", de mysterieuze schelpverbindingen met hun sierlijke rondbogige lijnen. Scherpe punten en hoeken zijn daarbij uit den boze. Het Rocaillemotief bevoordeligt duidelijk de decoratie als vormgeving en benadeelt op het eerste gezicht de inhoud. Dat is in dit geval echter duidelijk zonder de waard gerekend, wanneer men het geduld opbrengt om de voorstellingen van dichtbij met volle aandacht te bekijken. ( vervolgt ).

- poëzie + -  

At Rogationes (Gery Helderenberg - 1978).

Men stapte de groene vroegte door
langs zandwegen over zwart karrespoor,
dauwgras en veldkruid. De kruisdagen liet
men niet. Men zong doorwegend het lied der antieke litanieën. Heiligen gingen
met ons mee, smekend om de aardse dingen,
zaaitijd en groei, de oogst, de volle schemer,
de zaligheden die niet eeuwig duren.
Wij riepen luidkeels : Kyrie eleison
tegen pest, oorlog en hongersnood,
tegen de onontkoombare dood.
De eerste leeuwerik sprong naar de zon.
Eens werd de zandwegel weggegraven,
met processie en kruis, die heerlijke gaven,
verstopt onder asfalt en beton.

-  actua   +  -

-  De vereniging voor Milieueducatie van de Provincie Antwerpen - afdeling Kalmthout-Essen, onder de dynamische leiding van haar Voorzitster Chris Van der Sypt, organiseert ook tijdens de grote vacantie gratis natuurwandelingen op de Kalmthoutse Heide en in de aanpalende contrijën. Info op het nummer 03/ 666.48.03.
-  Het Natuureducatief Centrum "De Vroente", Putse steenweg, 129, vergast U, zoals met een heerlijk maal, een hele zomer lang op een kanjer van een speciale tentoonstelling : "Een Land van Zand".
-  Ook een hele zomer lang worden in het park van het Strijboshof parkconcerten georganiseerd voor jong en oud, o.m. heel speciaal ter gelegenheid van Vlaanderens nationale feestdag op 11 juli e.k. te 14 uur. ! Info : www.parkconcerten.be.

-  Awdoe  +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje "25.  De Oude Pastorij  (2)", waarin we verder gaan met het verduidelijken van de kunstwerken in de unieke "salette" van de "Oude Pastorij" en vergeet het niet om de reeds verschenen cursiefjes chronologisch op te roepen telkens onderaan het blog op de linkse rode pijl klikken.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

25. De Oude Pastorij (2)

Wanneer men het over de inhoud van de kunstwerken heeft is het natuurlijk onontbeerlijk in het achterhoofd te houden dat ook een pastorij voor alles ergens een huis van God is waar hemel en aarde, geest en materie, aards paradijs en zondeval, de tocht door de woestijn en de heropstanding, zichtbaar en onzichtbaar, aanwezig zijn.  Ook in deze kunstkamer maken involutie of indaling en evolutie of opvaart de tweeëenheid uit van het grote mysterie.  Zo stelt het middenpaneel op de muur rechts bij het binnenkomen in de "salette" de vier beeldende kunsten voor : het tekenblad en de farde met tekeningen die naar de tekenkunst en de grafiek (de lijn) refereren, een schildersezel, een verfpot, een borstel, een palet, penselen en een steunstok, die doorverwijzen naar de schilderkunst (het vlak), een hamer, een beitel, een puntpasser en een gebeiteld medaillon die de beeldhouwkunst (het volume) duiden en finaal een tekenlat en een passer die de architectuur (de ruimte) vertegenwoordigen. Bovenop de attributen van de vier beeldende kunsten zitten twee duiven : de geïnvolueerde goddelijke geest, die liefde is. De vier van de beeldende kunsten onderlijnt dit gegeven : vier is immers ook het esoterische getal voor "het gestalte aannemen van de geest in de materie".  Recht tegenover de vier beeldende kunsten bevindt zich centraal in de andere binnenmuur de deels geïmmiteerde schouw van de ontvangstkamer. In de schouwmantel reflecteert zich de uitstekende rand van een groot medaillon. Binnenin spelen in het sprankelende water putti, cupido's, engeltjes of hoe men die jeugdige snaken ook wil noemen.  Boven hun hoofden één grote snoer met rozetjes. Het medaillon vindt steun op een bladgroene lentetak. Jeugdige onschuld en liefdevolle speelsheid wijzen het jonge leven aan dat in zich de kiem draagt van de evolutie, ook al zullen wedergeboorten nodig zijn om de lange weg terug volledig te kunnen gaan. Maar daar gaan we verder op in,  in de volgende aflevering waar wij het zullen hebben over "de vier seizoenen", de vier muurschilderingen die de "vier beeldende kunsten" en de schouwmantel met het putti-medaillon omringen.  Alvorens met die vier seizoenen verder te gaan is het hier misschien de plaats om even te verwijzen naar de niet originele vreemde eend in de bijt waar tussen de vensters langs de zuidkant van de "salette" Christus met "alle zonden van de wereld" in zijn hand staat.  Waarschijnlijk heeft één van de Kalmthoutse  pastoors het niet over zijn hart kunnen krijgen dat de "tastbare Heer" in de ontvangstkamer ontbreekt en heeft hij de nodige maatregelen getroffen om hieraan te verhelpen.  (vervolgt).

-  poëzie  +  - 

(uit) Lied van de Geest (Jaap Zijlstra 1969).

Heilige Geest, Gij hemelhoge,
Gij die het licht geeft in de ogen,
de warmte in de stem, de vreugde
in 't hart van de verheugde,
raak ook onze lippen aan,
geef ook nu tongen te verstaan,
wij talen naar uw woord, uw zin,
O Geest, woon bij ons in.

-  actua  +  -

- Tentoonstelling "Zimbabwe 50 jaar sculpturen" en "Superette Sidonia" : Heel de zomer lang in het Arboretum van Kalmthout , die droom van een tuin. Info : www.arboretumkalmthout.be
- Modelbouwboten en rommelmarkt bij de visvijver "De Maatjes" ,Hanneke Wiewau, Nieuwmoer op vrijdag 21 juli e.k.. Info : www.vcdemaatjes.be .
- Tijdens de grote vacantie : eens lekker aanlopen in het Bijenteeltmuseum van Kalmthout en het Natuureducatief Centrum "De Vroente", Putse steenweg, 129, Kalmthout.Info : 03/666.61.01.

-  Awdoe  +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts Broodje " 26. De Oude Pastorij  (3)", waarbij we, om met de pastorij te eindigen, de muurschilderingen in de salonkamer " de vier seizoenen" uit de doeken doen en vergeet het niet, om de reeds verschenen cursiefjes chronologisch te voorschijn te halen, onderaan het blog telkens op de linker rode pijl klikken.

Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

26. De Oude Pastorij (3).

Het Koninginnestuk in de ontvangstkamer van de oude pastorij is ongetwijfeld "De Vier Seizoenen".  Dit vierledige unieke kunstwerk uit de rococoperiode strekt zich uit op de binnenmuren links en rechts van de schouw en daar tegenover links en rechts van de "Vier Beeldende Kunsten" (zie vorig broodje 25.). In een zuiver agrarische gemeenschap, zoals die van Kalmthout tot diep in de twintigste eeuw is, moet het zinvol zijn een verschijnsel als de vier seizoenen te gebruiken voor de uitdieping van een godsdienstige symboliek. Het komen en gaan van de seizoenen kennen de landbouwers immers als hun broekzak.
Om de inhoud van "De Vier Seizoenen" tot de onze te maken, moeten wij in elke schildering de gegevens gaan onderzoeken die wij terugvinden in het centrale medaillon.  Wat er zich telkens rond de medaillons afspeelt is immers, zoals we in de twee vorige broodjes reeds duidelijk hebben gesteld, voor alles decoratie en soms ook "onderlijning", zoals dat in de rococoperiode gebruikelijk is geweest. Naast de "rocaille"-gegevens zijn fabeldieren, zoals veelzeggende griffoenen en sfinksen uit de oudheid, schering en inslag.
In elk medaillon van "De Vier Seizoenen" vindt men een engeltje (een boodschapper gods) en een mensenkindje terug.
Links van de schouw situeert zich dan de Winter. In het wintermedaillon ontdekt men op de achtergrond een antieke zuil. De zuil die hemel en aarde scheidt. De weg die de mens terug moet gaan, maar ook de weg langs waar de goddelijke boodschapper de mens een handje kan toesteken. Het engeltje sprokkelt in de omgeving het verdorde en verkilde droge hout van de Winter en steekt er een vuur mee aan. Hij maant het mensenkindje aan zijn handjes aan het vuur te verwarmen. Wanneer de nood het hoogst is vereist de vuurvogel immers uit zijn as.
Rechts van de schouw onderscheidt men in het medaillon van de Lente op de achtergrond het stromende water van de rivier dat nieuw leven schenkt en men ziet hoe het engeltje aan het kindje de mariale roosjes van de onschuld schenkt. De rozetjes van Théréseke van Lisieux als het ware. "Ik wil naakt zijn en herbeginnen". Opnieuw staat het mensenkind vrij en onbevangen voor een nieuwe levenscyclus, voor een nieuw be-leven.
Aan de overkant, links tegen de buitenmuur, melden zich dan in het medaillon van de Zomer op de achtergrond de zonovergoten graanvelden aan onder de wijdse hemel. Het engeltje biedt het mensenkind schoven graan aan. De onoverwinnelijke zomerzon voorziet de mens van het nodige voedsel. Wil een mens evolueren dan moet hij immers voor alles leven. En de sterkte om te leven moet hij uit zijn omgeving halen.
Maar een mens leeft niet van brood alleen. Helemaal rechts onderscheidt men het medaillon van de Herfst met de rijpe wijnvelden. Het engeltje biedt het mensenkind nu de rijpe wijndruiven aan. De laatste, maar ook heerlijkste, vruchten van het jaar. Maar met de uiteindelijke wijn, die bewuste vreugde schenkt, komt onvermijdelijk ook de droesem. En met de droesem loopt eens te meer de cyclus ten einde. Weer komt de Winter. Weer moet de vuurvogel uit zijn as verrijzen. Weer moet de evolutie verder gaan. Is het bij dit alles niet opmerkelijk dat onze grote Vlaamse dichter en ziener, wijlen Anton Van Wilderode, één van zijn sublieme gedichten eindigt zoals hieronder aangegeven ? Beseffen wij tot slot in Kalmthout wel voldoende aan welk groot mysterie een vermoedelijke witheer, volgeling van Sint-Lucas, op een sublieme wijze, in onze Oude Pastorij met die enige muurschildering "De Vier seizoenen" vorm heeft gegeven?  

-  poëzie + - 

(uit) Oh Herfst, Heiliger dan Brood (Anton Van Wilderode - 1946).

Het dorp ontvangt de sneeuw, een ijl verzinken
in zoveel wit is slapen naar de dood.
Aanvaard de tranen die mijn blik verblinden,
Aanvaard mijn dank, o herfst heiliger dan brood.

-  actua  +  -

- Nog heel de zomer lang een historische fietszoektocht met mooie prijzen, georganiseerd door de Oudheidkundige Kring van Kalmthout. Meer informatie en inschrijvingen op het gemeentehuis, in de bibliotheek en op de Toeristische Dienst van Kalmthout.
- Nog tot 1 oktober 2006 in het Arboretum van Kalmthout de tentoonstellingen Zimbabwe 50 jaar sculpturen en Kinderexpo Superette Sidonia. Info: www.arboretumkalmthout.be .
- Nog tot 31.10.2006 in het NEC "De Vroente", Putse steenweg, 129 te Kalmthout de tentoonstelling "Land van Zand". Info : www.devroente.be.

-  awdoe  +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje
" 27. 't  Pannenhuis" en vergeet het niet door onderaan het blog telkens op de linkse rode pijl te klikken roept U de reeds verschenen broodjes in chronologische volgorde weer op. 
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

27. 't Pannenhuis.

In Kalmthout  - en ook ver daarbuiten  -  kent iedereen het Pannenhuis op de hoek van de Kapellensteenweg en de Groene weg. Wie vijzen nodig heeft, of deursloten, of kippendraad, of grasmachines, of om 't even welke "ijzerwaren in 't groot" loopt wel eens dat Pannenhuis binnen. De functionaliteit loopt er dan ook als het ware van de muren. Maar er schuilt nog iets anders in diezelfde muren. In onvermoede hoekjes ontwaakt er af en toe iets geheimzinnigs. Het is iets mysterieus dat teruggrijpt naar Kalmthouts ver verleden.  En dat iets sluimert nog ergens heel diep op de bodem van onze Kalmthoutse gemeenschapsziel. 

Bij de aanvang van de 16-de eeuw (1518) is het Pannenhuis nog een pastoorswoning. De toenmalige pastoor Jan Frans, Kalmthouts hulppriester binnen de Nispense parochie, koopt ten zuiden van de Kapelberg en in het noordwesten van het Kruisbos tegen " 's Heerenweg " aan, op de hoek van de huidige Kapellensteenweg en de Groene weg een private woning .  Hij richt zijn woning in als een pastorij en schenkt ze bij testament aan de Abdij van Tongerlo, met als doel er een permanente pastorij voor de Kalmthoutse pastoors van te maken. 

Deze vroegere pastorij groeit uit tot een abdijhoeve : de "Oude Pastorijhoeve".  Het is een hoevenconstructie met een viertal gebouwen. Het woonhuis, de potstallen en de bergingsplaatsen voor het landbouwallaam en de  gewonnen vruchten vinden er hun plaats.De hoeve omvat daarbij een neerhof met pluimvee, waar ook een paar zwijntjes loslopen.Verder zijn er de akkers met rogge, haver, gerst en boekweit en de heideweiden met spurrie en valleigrassen waaraan de schapen, koeien, ossen en paarden zich te goed doen. Last but not least vindt men er naar de Kleine Aa toe stukken bos en heidepercelen, waar ondermeer lekker kan gejaagd worden op hazen en reetjes.  Rond de gebouwen en de gronden is een hofgracht aangelegd.

Bij de belegering van Wouw verwoest het Franse leger onder het commando van generaal Biron in 1583 bij de doortocht door Kalmthout ook deze vroegere pastorij ( zie o.m. broodje 14).  Het zal tot in 1606 duren voor men op de ruïnes van de verwoeste gebouwen nieuwe constructies optrekt. Men bedekt deze nieuwe constructies met de pannen uit de kleiputten van de "Schoeliënberg" ,waarvan de vijver voor de villa Erica nog zou getuigen. Dergelijke bedekking met pannen is zeldzaam voor die tijd.  Ze ligt volgens sommigen ten grondslag van de benaming " ' t  Pannenhuis ", zoals men de toenmalige pastorij sindsdien ook noemt.

In 1636 verhuist de pastorij zelf naar een nieuw gebouw dat is opgetrokken op de ruïnes van 's Heerenhuis nabij de kerk op Kerkeneind (zie voorgaande broodjes). Het aldus vrijgekomen Pannenhuis geeft de abdij in erfpacht aan de Secretaris van de heerlijkheid Christiaan De Greef.  Deze richt er zijn secretariaat in, stelt er een 's herenkamer ter beschikking van de "heren van de wet" en een kelder als gevangenis voor de heerlijkheid.  Daarnaast richt hij er ook een herberg in en brouwt er zijn eigen bier. Schouten, meiers, schepenen ... hebben nu eenmaal ook dorst.  Dit bierbrouwen gebeurt in grote pannen. Voor sommigen spruit de benaming 't Pannenhuis dan ook eerder voort uit Paenhuys, het huis met de brouwerspannen.

In 1794 verkoopt de abdij 't Pannenhuis aan de familie Greefs-Cas om er de belastingen van de Napoleontische administratie mee te betalen. In 1836 stelt het gemeentebestuur een einde aan de huur van 's heeren kamer en de keldergevangenis. In 1873 likwideert de familie Van den bergh-Elsen de eigenlijke hoeve. Het woonhuis wordt daarbij vergroot en, behoudens een klein stuk, dempt men ook de slotgracht. In 1880 sluit men de herberg nadat de laatste kostgangers de taverne verlaten hebben. Het waren niemand minder dan de beroemde schilders van de Kalmthoutse grijze school : Adriaan Jozef Heyman, Jacques Rosseels en isidoor Meyer.

 In 1898 voegt men langs de kant van de groene weg nog een woonhuis bij.  In 1953 koopt de familie Stevens-Hacour het noorderlijke huis met de trapgevels. In 1956 koopt de familie Raets de zuidelijke woning. In 1963 is de familie Stevens volledig eigenaar. Ze gaat over tot de gedeeltelijke afbraak met restauratie en incorporeert een magazijn, hetgeen tenslotte in 1984 nog uitgebreid wordt langs de Groene weg.

Het zou dus onzinnig zijn in het huidige Pannenhuis nog naar uitdrukkelijke restanten van de "Oude pastorijhoeve" te gaan zoeken. Maar misschien ligt dat al enigszins anders als men wil gaan zoeken naar sporen van de aloude gastenkamer van de schilders van de Grijze school.  Men zou nog wel eens kunnen botsen op 't één of ander spoor van die unieke kempense schouw, die de gastenkamer van weleer in de oude taverne heeft versierd. En misschien kijkt men dan ook nog onvermoed door hetzelfde venstergat, waardoor Adriaan Jozef Heyman, als hij niet op de heide vertoeft in zijn gehuurde woonwagen om er de zonsondergang te schilderen, de toen nog enig mooie wijdse vallei van de Kleine Aa overschouwt.

En toch  ...   wat ook niet kan ontkend : als men bij zonsondergang langs de wegel achteraan 't Pannenhuis, op 't einde van de Groene weg,  de vallei van de Kleine Aa induikt, hoort men plots, bij goed luisteren, heel hoog boven dat Kalmthouts  Pannenhuis geluiden.  Plots beseft men  het dan heel goed ! Er moeten boven het Pannenhuis nog altijd hoeven staan achter de zoom van de blauwe velden langs de maan. Witte hoeven, niet waar Paul Van Ostaaijen ?

-  poëzie  +  -

Avondgeluiden ( Paul Van Ostaaijen 1896 - 1928 )

Er moeten witte hoeven achter de zoom staan
van de blauwe velden langs de maan
's avonds hoort gij aan de verre steenwegen
paardehoeven
dan hoort gij alles stille waan
van verre maanfonteinen zijpelt plots water
-gij hoort plots het zijpelen
van avondlijk water-
de paarden drinken haastig
en hinniken
dan hoort men weer hun draven stalwaarts.

-  actua  +  -

Ook in het Bijenteeltmuseum van Kalmthout hoogzomert het. En dan zijn de bijen op hun best. Dan zijn de bijenkasten in de tentoonstellingsruimten één en al bijengezoem. Dan dragen de naarstige werksters hun mooiste broekjes bij hun terugkeer van de zomerse bloemenvelden. Geïnteresseerd ? Bijkomende informatie kunt U bekomen op het nummer  03/666.61.01 tijdens de openingsuren van het museum.
In hetzelfde gebouw op de Putse steenweg, nr 129, is trouwens ook het Natuureducatief Centrum gevestigd en daar loopt heel de zomer lang de tentoonstelling "Een Land van Zand". Onze Antwerpse Kempen is inderdaad onbetwistbaar een "Land van Zand". Vraag dat maar aan de mierenleeuw die er welig huist! Ook U moet deze unieke tentoonstelling gezien hebben !  Info : 03/620.18.30

-  awdoe  +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje " 28. De dorpsschool " en vergeet het niet om de reeds verschenen cursiefjes chronologisch terug op te roepen, klikt men onderaan het blog telkens op de linkse rode pijl.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 18:29 1 reactie Reageer op dit bericht

28. De dorpsschool.

Ook in onze Kempen bestaan er in de middeleeuwen nog geen dorpsscholen. Meer nog,  zoals overal in het Europese avondland, is het enige bestaande onderwijs op dat ogenblik een onderwijs "van" de geestelijkheid "voor" de geestelijkheid.  Het zijn dan ook vooral de kloosterorden die er de kernen vormen van de cultuuroverdracht. Met de komst van de Nieuwe Tijd  komt hier echter langzaam maar zeker verandering in, eerst in de steden en voor de meest begoeden, maar later ook in de dorpen en voor een grotere massa. Uiteraard zal het veralgemeend onderwijs nog lang op zich laten wachten.  Wel brengt het zondagsonderwijs voor sommigen al een oplossing. 

In de 15-de eeuw zijn het de Kapelanen die ook bij ons in Kalmthout de functie van dorpsonderwijzer waarnemen.  Van een dorpsschool is er echter nog geen sprake.  De lessen worden meestal gegeven in de pastoorswoningen. Deze situeren zich in die tijd meestal op de Kapelberg ( in de nabijheid van de Sint-Jacobskapel, oorspronkelijk de Sint-Christoffelkapel) of in de onmiddelijke omgeving ervan. Daarbij is het onderwijs vooral op de godsdienstbeleving gericht.  De kennis van de catechismus en de beoefening van de lithurgische zang staan dan ook centraal. 

In de 16-de eeuw verwerft Kapelaan Gheert Fruytens van de Sint Christoffelkapel nochtans bekendheid als schoolmeester door de humaan gerichte inhoud van zijn opleiding. Zijn woning "Die Roose" situeert zich ten weste van de Sint Christoffelkapel.  Vier van zijn leerlingen stromen toen reeds door naar de Leuvense universiteit. 

In de 17-de eeuw ontkoppelt men het ambt van leermeester en kapelaan. In vele gevallen is de onderwijzer nu echter een koster.  In 't midden van deze eeuw ontstaat in Kalmthout-dorp voor 't eerst een echte dorpsschool. Deze dorpsschool situeert zich " nabij de kapel, ten oosten van het dorpsplein  : een klein huizeken, met een laag strooien dak en lemen wanden met houten zitbanken". In de tweede helft van de 17-de eeuw breekt dan de zogenaamde schoolstrijd uit tussen de legendarische meester Nocolaes Smeyers en pastoor Van der Biest. De strijd draait rond de overbrenging van de oude dorpsschool naar een nieuwe school in 't centrum op de plaats waar nu het  gemeentehuis staat. Finaal wint de pastoor het pleit.Maar na een tijdelijke afwezigheid treedt Smeyers terug in dienst in de nieuwe school in ('t centrum). Er is tevens een onderwijzerswoning voorzien. De verhuis van de dorpsschool van "  't oude dorp" naar " t Tongerlose centrum " zal tot vandaag een bepaalde gevoeligheid tussen " die van 't dorp en die van 't centrum " (moeilijk begrijpbare tegenstelling voor buitenstaanders) levend houden.  De school van 't centrum heeft oorspronkelijk twee secties, één voor jongens en één voor meisjes. In de loop van de tijd krijgt ze een fikse uitbreiding. Zo ruimt de oorspronkelijke school ook plaats voor het gemeentehuis en vindt ze onderdak in nieuwe gebouwen waar nu de gemeentelijke administratie is ondergebracht. Later zullen de meisjes overstappen naar de aangenomen meisjesschool. Als in 1908 overbevolking dreigt in de gemeenteschool van Kerkeneind in 't centrum, blijken er veel leerlingen aanwezig te zijn van 't oude dorp en de daarbij aansluitende wijken van de Heuvel en de Acht zaligheden. In 1911 is de tijd dan ook rijp om die van " 't dorp " na zoveel jaren opnieuw voldoening te geven. Er komt een dubbelschooltje voor jongens en meisjes ten noordwesten van de Kapelberg in de Schooldreef. Het dubbelschooltje bestaat vandaag als gebouw nog altijd, ook al wordt dit gebouw thans ingenomen door een erkende vrije lagere school aan wie de gemeente de school verhuurt. Op de voorgevel van de oude gebouwen van deze school prijken nog altijd de panelen van natuursteen van destijds met daarin twee voorvaderlijke wijsheden gebijteld . Op de gevel van de muur van de jongenssectie staat  : "Een vrome man doet steeds wat zijn plicht gebiedt", op de gevel van de meisjessectie " Der vrouwen schoonste sieraad is de deugd  ". Jaja ..., ze wisten van wanten, onze kalmthoutenaren van weleer.

-  poëzie  +  -

De staart en het eekhorentje. (kindergedicht van Felix Timmermans - 1924)

Een eikeltje is ruim mijn paart,
maar 'k eet een tweede voor mijn staart.
Wat voedsel zulk een ding toch vraagt!
Doch 'k heb mij nooit die zorg beklaagd.
Hij is mijn zon en regenscherm
en stelt mij in de winter werm.

-  actua +  -

-  Op maandag 14 augustus te 14 uur in 't Kalmthouts Volkshuis optreden van Antwerps trots " La Esterella " (Oh Lieve Vrouwe Toren, hoog boven 't Vlaamse land), info www.groodverzet.be.
-  Op dinsdag 15 augustus organiseert "Vrouw en Maatschappij" een gratis "Poëtische Heidewandeling". Vertrek om 14 uur aan het  INFOBORD OP HET EINDE VAN DE KORTE HEUVELSTRAAT, komende van de Heuvel. Info : 0498152993.
-   Op zondag 20 augustus begeleide heidewandeling "De Kalmthoutse Heide vroeger en nu". Start om 14 uur op de grote parking van de Putse steenweg aan de Vroente.Info en inschrijving : Toeristische Dienst van Kalmthout, op het telefoonnummer  03.666.61.01.


-  awdoe +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje " 29. De Kalmthoutse Fransman" en vergeet het niet om de reeds verschenen broodjes in chronologische volgorde op te roepen onderaan het blog telkens op de rode linker pijl klikken.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

29. De Kalmthoutse Fransman.

Bij het begin van de Nieuwere tijd is het dan zo ver. Onze Kalmthoutenaar wordt officieel een Fransman.. Na de perikelen tussen Oostenrijk en Frankrijk, en zelfs een actieve bemoeiïng van de laatste heer van Kalmthout, Godfried Hermans, bij de Brabantse omwenteling, haalt Frankrijk de Zuidelijke Nederlanden binnen.  De Franse grens schuift op naar het noorden. Onze gewesten zijn niet langer meer wingewesten, kreitzen of hoe men ze ook wil noemen, maar zullen met ingang van 1 oktober 1795 voor 20 jaar franse grond worden. De Fransen delen Kalmthout in bij het "Département des Deux Nèthes".  Onze gemeente brengt het binnen dit departement zelfs tot een kantonhoofdplaats.
De Franse annexatie heeft grote gevolgen voor onze gemeente. De eeuwenoude organisatie van het openbaar leven binnen de structuur van het ancien regime is vervangen door het nieuwe franse revolutionaire model. Zo komt er een einde aan de aloude heerlijkheid Kalmthout-Essen-Oost-Huibergen. Over de vragen welk dorp binnen de aloude heerlijkheid nu eigenlijk de macht heeft gehad en welk dorp de pracht zal men onder Kalmthoutenaars en Essenaars nog jaren en jaren, zelfs tot op vandaag, tussen pot en pint, blijven "zapzeveren", zoals men dat alleen maar hier bij ons in de noorderkempen zo "gezapig" kan.  In ieder geval worden Kalmthout en Essen binnen de nieuwe franse constellatie nu twee onafhankelijke gemeenten met een eigen zelfstandig bestuur met aan het hoofd een "maire".  De scheidingslijn tussen de twee zustergemeenten trekt men in grote lijnen langsheen het traject van de oude Mikse vaart , de turfvaart die de Nolse depressie in het verlengde van de Spillebeek verbindt met de Roosendaalse vaart aan de Horendonk. Met de splitsing van de heerlijkheid stuurt men ook de geliefde heer wandelen. De Kalmthoutenaren mogen hun geliefde abt van Tongerlo Godfried Hermans niet langer "hun" heer noemen.  Ze zullen er nooit aan wennen.  Bij de ingevoerde grondbelasting en achteraf de verkoop van "zwart goed" door de Napoleontische administratie smelten de Tongerlose eigendommen in Kalmthout weg als sneeuw voor de zon. Wel moet men vaststellen dat de Kalmthoutenaars zelf in eerste instantie weigerachtig staan tegenover de aankoop van "zwart goed" van "hun abdij".  Het zijn meestal vreemdelingen die dit zwart goed opkopen, ook al zullen ze het dan achteraf ook aan Kalmthoutenaren doorverkopen. Ook het geheime inkopen door stromannen van de één of andere intellegente provisor kan er niet aan verhelpen dat Tongerlo zijn eigendommen kwijtspeelt. Finaal zal later de gemeente Kalmthout door de raad van State aangewezen worden als eigenaar van de "woeste gronden", de "gemene" heidegronden die ooit aan de heerlijkheid hebben toebehoord en niet als zwart goed verkocht zijn geweest.

Heel eventjes is er bij de annexatie door Frankrijk ook sprake geweest van een aparte gemeente "  Neumarais  ", zijnde Nieuwmoer. Zowel Kalmthout als Wuustwezel heeft zich daartegen verzet.  Men kan het,  ook vandaag nog, niet ontkennen dat onder de Kalmthoutse wijken Nieuwmoer de meest zelfstandige is.  Deze zelfstandigheid zit in haar geschiedenis ingebakken : een nieuw turfstekersdorp uit het niets geboren in de late middeleeuwen, een invloed van inwijkelingen-turfers van eind en ver, een tijd een deel van de Essense parochie, finaal burgerlijke inlijving bij Kalmthout, omdat de franse administratie nu eenmaal van natuurlijke grenzen ( de Mikse vaart) heeft gehouden. Als troostprijs krijgt Nieuwmoer dan wel haar eigen parochie.  De Nieuwmoerse gemeenschap zal deze eigen parochie binnen de Kalmthoutse context met veel liefde blijven koesteren.  De andere Kalmthoutenaars respecteren dat. Zij gunnen dat uitdrukkelijk hun "koninginnewijk". En zij vergeten het daarbij nooit. De laatste witheer van Kalmthout is de pastoor van Nieuwmoer geweest. "Alleen  op de Nieuwmoer heeft de abdij van Tongerlo tot in de twintigste eeuw haar vertegenwoordiger gehad",  dixit wijlen Jef Herreygers,   gewezen " de facto - burgemeester " van ons Nieuwmoer.

De Kalmthoutse fransman is tweemaal diep in zijn Kempense ziel getroffen geweest. Een eerste maal als de revolutionaire franse bezetter door de afschaffing van de erediensten onze Kalmthoutenaar treft in de beleving van wat hem met de moedermelk is ingelepeld : zijn Katholiek geloof. Een tweede maal als hij als Kempenaar in een vreemd leger onder Napoleon aan talrijke franse veldslagen, waar hij als Kempenaar niets mee te maken heeft, moet gaan deelnemen.  Dit wordt nog fel verergerd door het gesjoemel bij het onrechtvaardige systeem van de uitloting, waarbij kapitaalkrachtigen en "medeheulers" de dans ontspringen. Niemand minder dan de grote Vlaamse schrijver, en zoals we later zullen zien ook een beetje Kalmthoutenaar, Hendrik Conscience, heeft hierover een pracht van een roman geschreven : De Loteling. Het gaat over de geschiedenis van een gewonde blinde soldaat-kempenaar die door zijn geliefde vanuit de garnizoenstad Venlo langs een lange weg vol hindernissen met veel moeite naar zijn Kempense heimat-geboortedorp wordt teruggehaald.

-  poëzie  +  -

( fragment uit )   De Loteling       (Hendrik Conscience - 1812 - 1883)

Het was nog stikkend heet, alhoewel de schaduw der bomen zich reeds aanzienlijk op de grond verlengde;  boven de heide en de velden wiegelde nog de glasachtige zomerwasem;  geen windje lispelde in het loof; de vogelen zaten hijgend en stil in het roerloos gebladerte; alle natuurstemmen zwegen;  zover het oog reikte kon men mens, noch dier bespeuren : de aarde scheen van afgematheid ingesluimerd.  Tegen de boord van de eenzame baan, overlommerd door de takken van het eikenschaarhout, lag een soldaat met het hoofd op zijn ransel te slapen. Zijn voeten waren naakt : de schoenen stonden er bij.  Een jonge boerin zat nevens hem en hield haar kommervolle blik op hem gevestigd, terwijl zij in de diepe stilte, met een berkenrijs hem de vliegen van aangezicht en voeten keerde. De soldaat lag op een bed van wilde tijm; het geurde rondom hem in zoete balsemdamp. De lieve veldklok boog haar belletjes over zijn voorhoofd; lager, aan zijn voeten, hief de hemelsblauwe gentiaan haar prachtige kelken tot hem op. Ongetwijfeld moest hij reeds een lange rust genoten hebben, want zijn gezellin blikte soms met zekere ongerustheid naar de zon, als wilde zij aan de gang van de hemeltoorts afmeten hoever de dag gevorderd was. 

-  actua  +  - 

- Op dinsdag 15 augustus eerstkomende, met moederkensdag, organiseert Vrouw en Maatschappij Kalmthout een gratisch poëtische heidewandeling. Vertrek om 14 uur aan het informatiebord ten einde de Korte Heuvelstraat ( komende van de Heuvel). De Heidewandeling duurt ongeveer 2 uur.

 - Op zondag 20 augustus " De Kalmthoutse Heide vroeger en nu ", een heidewandeling door de verschillende landschappen van de Kalmthoutse heide. De gids vertelt U over de specifieke flora en fauna en over de natuurkundige en cultuurhistorische geschiedenis van dit gebied. Start om 14 uur op de parking van de Putse steenweg. Info en verplichte inschrijving : Toeristische Dienst, telefoon nr.03/666.61.01.

-  awdoe  +  -

tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje "  De Greef (1) " en vergeet het niet om de reeds verschenen broodjes in chronologische volgorde op te roepen telkens onderaan het blog op de linkse rode pijl klikken.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

30. De Greef (1)

Als de Kalmthoutenaar het vandaag over "De Greef" heeft, spreekt hij over een tweevoudige werkelijkheid. In de eerste plaats bedoelt hij het grootkavelig woonbos bezijden de grote baan van Kalmthout - dorp naar Essen -Wildert, meer bepaald aan de oosterkant van de viaduct van Noordeind. Vervolgens refereert hij naar de 18-de eeuwse abdijhoeve van de Paters van Tongerlo, die daarbij in het zuiden aansluit, omgeven door een slotgracht, houtkanten en landerijen.

Als het hoogzomert en de zon dag na dag priemt aan het zenith, zoals dit onlangs het geval is geweest,  is "De Greef" naast "Dennendaal" één van de gegeerde wandelplaatsen van de Kalmthoutenaar. Hij geniet er dan met volle teugen van de kruinenlommert van beuk en zomereik, kuierend langs brede rustige lanen met her en der, half verborgen achter rodondendrons en ander "struikgelover", riante huizen in alle stijlen opgetrokken. Hij speurt er dan naar de relicten van de oude turfvaart, die ooit de venige gronden van De Nol in het noorden van de Kalmthoutse heide heeft verbonden met de Roosendaalse vaart aan de Horendonk. Op sommige plaatsen ontwaart hij dan, door de groene doorkijkgaten heen, nog overblijfselen van de watergracht en het jaagpad die ooit deze turfvaart vorm hebben gegeven. Aan de beek van de Kleine Aa doet hij dan een inspanning om, over de aanpalende tuinen heen, een restant te ontwaren van het "ziel", de akwadukt van weleer, die het turfvaartwater over de kleine Aa moest loodsen om zo de met turfbriketten geladen vletten hun weg naar Roosendaal, de turfbeurs van de regio, te kunnen laten vervolgen. Bezijden de viaduct komt hij ook nog oog in oog te staan met de gesloten poort  die ooit toegang heeft verleend tot het " kasteel van Donnet " met zijn prachtige nog aanwezige vijver en zijn monumentale classicistische binnentrap. Finaal zoekt hij dan steeds doorheen het groenbronzen eikenhout de rozige daken van de als het ware jaloers afgeschermde abdijhoeve, ooit eigendom van de Paters van Tongerlo.

Het hedendaagse "De Greef" is in de loop der tijden inderdaad geëmaneerd uit de grootste abdijhoeve van de paters van Tongerlo bij ons in Kalmthout. De geschiedenis van deze "Greefshoeve" onderscheidt grosso-modo vier scharnierperioden :
1/ de 13-de/14-de eeuwse pachthoeve van de abdij;
2/ de 18-de eeuwse verblijfplaats van de provisor van de abdij;
3/het parkkasteel "Donnet" rond de belle-époque;
4/ de hedendaagse verkaveling waar we het reeds over hebben gehad.

De benaming "Greefshoeve" vraagt op zichzelf al om enige ontsluiering.Men zou er zich gemakkelijk kunnen van ontdoen met een vermoede evidentie dat één van de oorspronkelijke pachters ooit eens "een Greefs" zou zijn geweest. Maar anderzijds zou die Greefs zijn naam dan ook wel eens kunnen ontleend hebben aan het feit dat hij de hoeve heeft bewoond.

Wat vertelt onze Achterbroekse wetenschapper, wijlen Jozef Goossenaerts, over "Greefshoeve" ? Het kernwoord van "Greefshoeve" is "greef".Dit Diets-Brabantse "greef" met zijn werkwoordvorm "greven" refereert naar "graven". De "greef" is dan niet anders dan een graafschop waarmede onze Kempense boeren vroeger in de put van hun potstal de door koeien en schapen plat getrapte stalmest , bestaande uit heideklotten en uitwerpselen van deze dieren , laag na laag, gaan afgraven.  Deze "greef" kenmerkt zich daarbij door een afgerond driehoekig steekblad met scherp geslepen kanten in alle richtingen.  Tussen haakjes, buiten Kalmthout en Essen noemt men dit boerenwerktuig in de rest van Vlaanderen een "meststik". En...door het vervangen van de scherpe kant boven aan de greef door een "dwars balkje" vormen onze voorouders deze "greef" om tot een turfschop.

Om volledig te zijn voegen wij hier nog aan toe dat sommige wetenschappers in "greef" het oud - germaans "graibjon" onderscheiden, hetgeen "bosje" zou betekenen.
( vervolgt)

-  poësie +  -

Het land dat ik liefheb (Anton Van Wilderode - 1986)

Het land dat ik liefheb, het land dat ik leer.
Met bijbelse bomen. De wind van weleer.
Het land als ik droef ben, het land als ik lach.
Bij de lamp van de maan.In het licht van de dag
Het land is wit en mauve. Mijn groenland. En ach,
het land dat ik zevenmaal, zevenmaal zag.


- actua  +  -

- Nog tot op het einde van de grote vacantie organiseert de KWB van Kalmthout haar gezinszoektocht 2006. Inlichtingsformulieren en vragenlijst zijn te bekomen op de Toeristische Dienst van Kalmthout, Grote Heideparking, Putse steenweg, 129 te Kalmthout. De zoektocht bedraagt ongeveer 20 kilometer, is te voet of met de fiets af te leggen en de deelname is gratis.

- Nog tot begin November kunt U in het Natuureducatief Centrum "De Vroente" aan de grote heideparking van de Putse steenweg terecht voor de unieke tentoonstelling : "Een Land van Zand". Toegang gratis.Info : Tel. 03/620.18.30

- Vroentedag in het Natuureducatief Centrum "De Vroente" op 3 september 2006 van 10 tot 17 uur. Verwendag voor Groot en klein. Gratis inkom. Info : www.devroente.be.

-  Awdoe  +  - 
tot volgende week met weer een Kalmthouts broodje " De Greef  (2) " en vergeet het niet door onderaan het blog telkens op de rode pijl links te klikken roept U de reeds verschenen broodjes in chronologische volgorde weer op.
Geschreven door Jan Caluwaerts om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Kalmthoutse Broodjes

↑ Terug naar de berichten