Gedicht 2
VOOR MIJ MAG JE ZIJN WIE JE BENT.
Ieder mens heeft een stukje bemoediging nodig,
een klop op de schouder,
een open gesprek,
een stevige handdruk,
een blik die blij maakt,
iemand die kan meeleven,
iemand met begrip
en bekommerd met vreugde en pijn.
We hebben het allemaal broodnodig.
En gelukkig de plaats
waar je mensen ontmoet die je dat geven.
Iedereen kan maar écht mens zijn
bij de genade van de anderen.
Wij zijn het aan elkaar verplicht.
Het is zo bijzonder fijn
dat dit spontaan kan gebeuren,
in de hartelijkheid die de één de ander schenkt.
Wij hebben het allemaal zo broodnodig,
en we kunnen het aan elkaar geven,
want dit brood wordt niet duurder.
Ieder mens heeft een stukje geborgenheid nodig,
een adres, een plaats waar hij thuis is.
Een mens die dat duidelijk maakt
is zelf een stukje geluk geworden.
Ieder mens zou ergens iemand moeten kunnen ontmoeten
doe iets laat vermoeden van wie God is.
Wij hebben het allemaal broodnodig
en we kunnen het echt elkaar geven,
want dit brood is niet duurder geworden.

