Dinsdag 2 januari 2007
Leven en sterven als eenheid.
Leven en sterven.
Een van de mooiste tijden om over leven en sterven te praten vind ik de overgang van het oude naar het nieuwe jaar.
Je haalt herinneringen op en je overdenkt ze. Op de T.V. doet men op oudejaarsdag het zelfde. Men geeft een overzicht van het afgelopen jaar. Ook dit zijn herinneringen.
Welnu, naar mijn mening is ons ego, onze persoonlijkheid, onze hele structuur geheel en al uit herinneringen opgebouwd.
Ons hele leven, ons dagelijks leven is een proces van herinnering. Heel ons brein, onze geest bestaat uit herinnering; we zijn eenvoudig herinnering.
Is er ook maar een plekje of een hoekje in onze geest waar helderheid heerst? Ik geloof het niet.
Natuurlijk moet je nu niet zomaar aannemen wat ik hier neer schrijf, maar we kunnen het wel nader onderzoeken.
Nu kun je natuurlijk wel geloven en hopen en er vertrouwen in hebben, dat er iets binnen je woont dat onbesmet is, wat goddelijk is, een vonk van het tijdloze, maar zulk geloof is louter waan. Elk geloof is een illusie.
Wat echter een feit is, is dat ons hele bestaan een kwestie van geheugen, van herinnering is.
Vanuit ons geheugen, vanuit onze herinnering leven en functioneren we. En sterven betekent voor ons het beëindigen van wat je je herinnert. Herinneringen waar we aan gehecht zijn.
Mijn huis, mijn eigendommen, mijn ervaringen, mijn verhoudingen tot mensen, mijn vrouw, mijn kinderen, mijn vaardigheden die ik tot mijn voldoening gedurende een bepaalde levensperiode kan eigen maken. Dat alles, ben ik. Daar aan hecht zich het denken.
En die gehechtheid brengt allerlei mogelijke problemen met zich mee, want als je aan iets of iemand gehecht bent, ben je bang dat te verliezen. We hechten ons omdat we ons eenzaam voelen, in een blijvende diepgewortelde verlatenheid die ons wurgt en isoleert. En mocht je als kind die ervaring van eenzaamheid - en verlatenheid al eerder ervaren hebben, zal ook dat in je herinnering aanwezig zijn en extra angstig maken voor herhaling.
En hoe meer we aan elkaar gehecht zijn, hoe groter de problemen worden.
Gehecht ben ik aan een naam, aan een vorm; heel mijn bestaan is gehechtheid aan herinnering, die ik heel mijn leven verzameld heb.
Maar ik onderken en neem waar, dat gehechtheid samen gaat met onwaarachtigheid, met verdraaiing van de waarheid. Want wanneer ik aan een overtuiging gehecht ben in de hoop, dat dat me zowel psychologisch als materieel een zekere geborgenheid zal geven, belet die gehechtheid me, me verder nog iets af te vragen. Wanneer ik sterk aan iets gehecht ben, aan een persoon, aan een idee of een belevenis, huiver ik ervoor, me krities iets af te vragen. En zo leef ik in onwaarachtigheid, zodra ik gehecht ben. En dan beweegt ons hele leven zich binnen het gebied van het gekende, dat ligt toch voor de hand. En sterven betekent dat er een einde komt aan het gekende. Een beëidiging van alle herinnering waar ik uit besta, want ik ben niets als herinnering, dat is het gekende. En ik huiver ervoor dat alles wat mij zekerheid en geborgenheid biedt los te laten, wat voor mij sterven inhoudt.
Althans verbaal is dat dunkt mij vrij duidelijk. Verstandelijk redenerend kun je dat als logisch aanvaarden, door normale ogen gezien is dat een feit.
(Volgende week hierover meer.)
Een van de mooiste tijden om over leven en sterven te praten vind ik de overgang van het oude naar het nieuwe jaar.
Je haalt herinneringen op en je overdenkt ze. Op de T.V. doet men op oudejaarsdag het zelfde. Men geeft een overzicht van het afgelopen jaar. Ook dit zijn herinneringen.
Welnu, naar mijn mening is ons ego, onze persoonlijkheid, onze hele structuur geheel en al uit herinneringen opgebouwd.
Ons hele leven, ons dagelijks leven is een proces van herinnering. Heel ons brein, onze geest bestaat uit herinnering; we zijn eenvoudig herinnering.
Is er ook maar een plekje of een hoekje in onze geest waar helderheid heerst? Ik geloof het niet.
Natuurlijk moet je nu niet zomaar aannemen wat ik hier neer schrijf, maar we kunnen het wel nader onderzoeken.
Nu kun je natuurlijk wel geloven en hopen en er vertrouwen in hebben, dat er iets binnen je woont dat onbesmet is, wat goddelijk is, een vonk van het tijdloze, maar zulk geloof is louter waan. Elk geloof is een illusie.
Wat echter een feit is, is dat ons hele bestaan een kwestie van geheugen, van herinnering is.
Vanuit ons geheugen, vanuit onze herinnering leven en functioneren we. En sterven betekent voor ons het beëindigen van wat je je herinnert. Herinneringen waar we aan gehecht zijn.
Mijn huis, mijn eigendommen, mijn ervaringen, mijn verhoudingen tot mensen, mijn vrouw, mijn kinderen, mijn vaardigheden die ik tot mijn voldoening gedurende een bepaalde levensperiode kan eigen maken. Dat alles, ben ik. Daar aan hecht zich het denken.
En die gehechtheid brengt allerlei mogelijke problemen met zich mee, want als je aan iets of iemand gehecht bent, ben je bang dat te verliezen. We hechten ons omdat we ons eenzaam voelen, in een blijvende diepgewortelde verlatenheid die ons wurgt en isoleert. En mocht je als kind die ervaring van eenzaamheid - en verlatenheid al eerder ervaren hebben, zal ook dat in je herinnering aanwezig zijn en extra angstig maken voor herhaling.
En hoe meer we aan elkaar gehecht zijn, hoe groter de problemen worden.
Gehecht ben ik aan een naam, aan een vorm; heel mijn bestaan is gehechtheid aan herinnering, die ik heel mijn leven verzameld heb.
Maar ik onderken en neem waar, dat gehechtheid samen gaat met onwaarachtigheid, met verdraaiing van de waarheid. Want wanneer ik aan een overtuiging gehecht ben in de hoop, dat dat me zowel psychologisch als materieel een zekere geborgenheid zal geven, belet die gehechtheid me, me verder nog iets af te vragen. Wanneer ik sterk aan iets gehecht ben, aan een persoon, aan een idee of een belevenis, huiver ik ervoor, me krities iets af te vragen. En zo leef ik in onwaarachtigheid, zodra ik gehecht ben. En dan beweegt ons hele leven zich binnen het gebied van het gekende, dat ligt toch voor de hand. En sterven betekent dat er een einde komt aan het gekende. Een beëidiging van alle herinnering waar ik uit besta, want ik ben niets als herinnering, dat is het gekende. En ik huiver ervoor dat alles wat mij zekerheid en geborgenheid biedt los te laten, wat voor mij sterven inhoudt.
Althans verbaal is dat dunkt mij vrij duidelijk. Verstandelijk redenerend kun je dat als logisch aanvaarden, door normale ogen gezien is dat een feit.
(Volgende week hierover meer.)
Geschreven door Jomeij om 19:50
Reageer op dit bericht

