Forten...


Beeld aan de Brusselse Forten ter gelegenheid van één van de bekende doortochten...
(via Frank Beeckman)
Forten...

Beeld aan de Brusselse Forten ter gelegenheid van één van de bekende doortochten...
(via Frank Beeckman)
Archiefstukken...
Archiefstukken...
(via Marc Joos)



De Molenberg...
Op de Méilembèireg...
Z’èmme nuët nog ni geschréive, oe dâ ze doër de zondag léive
op de Méilenbèireg.
Dâ’k ni benaat was van die waive, ik zouë zelf em brifke schraive
op de Méilenbèireg.
De manne spéile mè de douive en loëten éir sènge schouive
op de Méilenbèireg
Terwail die manne konkurréire, stoën die waive te lamméire
op de Méilenbèireg.

Het is ‘t snoenes tait vèr t’ éite, de Zjef kom touis mè zan kéive
op de Méilenbèireg.
Zâ waif moet nor den biënaar luëpe, z’ is vergéite vliës te kuëpe
op de Méilenbèireg.
A pak zâ waif d’r mè-j-éir kéile, â begintj d’r op te spéile
op de Méilenbèireg.
Mè dâ sloëge en dâ spéile, dorméi-j-èmme ze tèn g’éite
op de Méilenbèireg.
Ge moet et â mor isj reskéire vèr dor ‘t sondogs te passéire
op de Méilenbèireg.
Ge pèisd’ in â-j-èige vâ wor blaift dad’ ammel komme
op de Méilenbèireg.
G’ètj er doër van alle kéize, g’ètj gamèins en g’ètj snotnéize
op de Méilenbèireg.
Kinnjere die mô rèzzekes kènne luëpe spréike doër vâ kinnjere kuëpe
op de Méilenbèireg.

Goët er ‘t soëves noër den tiene en loitsj ze doër ne frang verdiene
op de Méilenbèireg.
Ge goëd’ e kabardoesjke binne ge zèltj die waive d’r wel vinne
op de Méilenbèireg.
Ge zèltj die waive d’r zien danse en die manne stoën te zwanze
op de Méilenbèireg.
Mor al dâ danse en dâ ploëge schitj ni-j-ouit zonder wâ sloëge
op de Méilenbèireg.
Eindejaar...

Eindejaar...
Abdij...
De abdij der benedictijnen - toegewijd aan de HH. Petrus en Paulus - werd gesticht in 1837 door D. Veremundus D'Haens, Dendermondenaar, en één der laatste overlevende monniken van de aloude abdij Affligem in Brabant. Hij vestigde zich met zijn eerste novice in het voormalig klooster der Kapucijnen (1595-1797), door hem aangekocht van het armbestuur.
In 1857 werd de Dendermondse abdij verenigd met de benedictijner Congregatie van Subiaco of van de oudere onderhouding waarvan zij thans, samen met de abdijen van Affligem en Steenbrugge, in België, en de missieabdij van Pieterburg in Noord Transvaal, de Belgische provincie uitmaakt.
In het jaar 1886 werd het binnenpand van het klooster in neogotische stijl herbouwd; in 1891 werd een ruime bibliotheek bijgebouwd. Enkele jaren later, in 1900, werd ook de oude Kapucijnenkerk, te klein geworden, afgebroken en vervangen door de huidige kerk, in gotische stijl, naar de plannen van bouwmeester August Van Assche (1901-1902 werd de nieuwe kerk opgetrokken).
In 1914 werd de abdij, zoals het grootste gedeelte der stad, door oorlogsbrand verwoest. Al de abdijgebouwen werden in puin gelegd; alleen de bibliotheek, als 'brandvrij' gebouwd, kon aan het vernielend vuur ontsnappen. Het mooie abdijmuseum (drie zalen) werd met al zijn kostbare oudheden vernield. Slechts enkele oude schilderijen en het zilverwerk (St. Bernardusstaf, montrans, kelken, enz.) voortkomende van Oud-Affligem, bleven gespaard. Van de kerk vergingen de torenspitsen en het dak, het sterke gewelf bood echter weerstand, zodat het kerkgebouw gevrijwaard bleef. Een deel van het koorgestoelte geraakte evenwel in de brand, samen met de sacristie.

In 1919 werd een aanvang gemaakt met de herstellingswerken aan de kerk en het bouwen van een nieuwe abdij, wijder en grootser, in de Vlaamse Renaissancestijl, naar de plannen van de Gentse bouwmeester Valentin Vaerwijck. De twee eerste vleugels konden in 1924 ingehuldigd worden. De twee overige, samen met het fraai voorgebouw, werden dan later voltooid.
De glasramen van de basis werden geschilderd door Camille Ganton, van Gent. Het hoogaltaar, met retabel in albast, het altaar en het beeld van Sint-Benedictus, de predikstoel en het koorgestoelte werden gebeeldhouwd door beeldhouwer Rooms, van Gent.
Het koorgestoelte, gedeeltelijk vernield in september 1914, werd in 1930 hersteld.
De kruisweg is van Alois De Beule (Zele). De twee mooie altaren, aan de ingang van het koor, met koperen retabel gedreven door Firlefijn (Gent), zijn toegewijd aan het H. Hart van Jezus (H. Sacramentsaltaar) en aan O.-L.-Vrouw van Affligem.
In 1939 werd de abdijkerk tot de waardigheid van basiliek verheven. De basilicale kentekens (conopaeum en klokje) prijken aan weerskanten van het hoogaltaar, terwijl een gedenksteen, achteraan in de kerk, aan deze verheffing herinnert.


De nieuwe abdijgebouwen, in Vlaamse renaissance-stijl, werden opgetrokken volgens het traditionele plan der Benedictijnenabdijen: vier grote vleugels met de kloosterpand en de conventuele lokalen (bibliotheek, refter, recreatiezaal, enz.) rond een binnenhof. Deze gebouwen, in roosrode baksteen, met versieringen, venster- en deuromlijstingen, gewelfribben, enz. in witte steen, bieden een mooi en kunstvol uitzicht aan, van hoge architecturale waarde. De kunstminnaar zal er menig stemmig hoekje ontdekken.

Poort...
Tweemaal de Mechelse Poort, althans met vele jaren verschil...

Kruispunt...

Het kruispunt aan de Mechelsesteenweg, jaren geleden...
(via FB > K. Beeckman)
Bloemenmarkt...

De bloemenmarkt die jarenlang doorging op zondagmorgen op de Grote Markt...