Vandaag laat ik jullie het eerste hoofdstuk lezen van mijn roman "Puberstory". Deze roman brengt het verhaal van een onbeantwoorde liefde en van de frustraties van een jongeman, die zich niet meer thuis voelt tussen zijn leeftijdgenoten, maar nog niet wordt aanvaard in de wereld van de volwassene.
PUBERSTORY
Twee maanden duren lang. Veel te lang om niets te doen. Michel verveelt zich
dood. Gelukkig maar dat het einde van de vakantie nabij is. Een nieuw schooljaar zal
weldra beginnen. De jongen verlangt reeds naar de komende schooldagen. Hij houdt
van de drukte van de stad. De eentonigheid van zijn dorp maakt hem lusteloos. Opnieuw,
zoals de vorige dagen, slentert Michel door de straten van het kleine dorp. Hij is alleen.
Er is niemand om hem gezelschap te houden. Hij denkt na. Waarover hij denkt? Hij denkt
aan de voorbije schooljaren en aan deze die nog komen moeten. Maar in het bijzonder
gaat zijn aandacht naar het voorbije jaar op school. Dat eerste jaar hoger middelbaar
was erg moeilijk. De voorbije jaren waren trouwens allemaal moeilijk geweest. Vooral
omdat Michel de zoon is van een gewone werkman. Zijn vader werkte immers
op de plantsoendienst van de gemeente. Bovendien is het college waar hij werd heen
gestuurd voornamelijk bevolkt met de zoons van industriëlen, notarissen, dokters,
advocaten en dergelijke. Het was een moeilijke strijd. Michel voelde zich niet goed thuis
tussen deze kinderen van adel en bourgeoisie. Maar Michel overwon zijn frustraties en
aan het einde van zijn lagere humaniora was hij aanvaard als één van he. Er
waren ook meisjes in zijn leven gekomen. Neen! Michel had niet geflirt!
Daarvoor was hij nog veel te verlegen. Maar hij had hen ontmoet, met hen
gepraat en hij was onder de indruk geraakt. Met weemoed denkt hij terug
aan Agnes, Martine en Magda. Alle drie waren ze vriendinnetjes van klas-
genoten. En alle drie spraken ze Frans. Michel had zo dikwijls gezien
hoe zijn kameraden met hen lol maakten. Maar wat ze vertelden begreep hij
niet. Hij verstond geen Frans. Misschien lachten ze wel om hem!
Aan dit alles denkt de jongen, terwijl hij zich loopt te vervelen in de
broeierig warme straten van zijn dorp. Zijn vader is ergens bezig met gras
af te rijden van gemeentegrasperken. Michel kan hem niet helpen. Zijn vader
wil dit niet. Hij is trouwens veel te kieskeurig bij de uitoefening van zijn stiel.
Gelukkig! Het is bijna opnieuw school. Wellicht zouden nieuwe
gezichten opduiken. Helaas zouden ook deze gezichten weer verdwijnen
bij een volgende grote vakantie.
Plots, geheel onverwacht, vliegt een voetbal over een heg en komt
pardoes voor de voeten van Michel terecht. Even neemt dit voorval zijn
gedachten in beslag. Reeds wil hij hem met een fikse schop terug over
de heg shotten als iemand naar buiten komt gehold. Het is een jeugdig,
fris en lieftallig meisje. Hij overhandigt haar de bal. Ze dankt
vriendelijk en verdwijnt opnieuw binnen de omheining.
En weer is Michel alleen. Er lijkt wel geen einde te komen aan zijn
eenzame slentertocht. Wat een verveling!
Die avond, wanneer Michel in bed kruipt, herinnert hij zich het meisje.
Ze was echt bekoorlijk. Dan verdwijnt ze uit zijn gedachten, welke
helemaal in beslag worden genomen door wilde toekomstdromen.
27 augustus 1961: het is feest vandaag. In de dorpsfeestzaal
wordt de promotie gevierd van een plaatselijke politicus. Door een niet
voorziene stoelendans binnen de nationale regering en heel wat
politiek getouwtrek werd hij van dorpspoliticus verheven tot minister en
bij deze gelegenheid, bij wijze van afscheid en dank aan zijn trouwe
plaatselijke achterban, wordt deze middag een lunchbuffet georganiseerd
in het feestzaaltje van het dorpen zal deze avond een groot openluchtbal
plaats vinden in de tuin van het gemeentehuis.
Voor Michel is er een andere reden tot feesten: toekomende
maandag hernemen de lessen. Hoera! Driemaal hoera!
Tegen de tijd dat het bal zal beginnen begeeft Michel zich
naar het gemeentehuis. Hij heeft zijn beste pak aangetrokken en is in de
loop van de namiddag nog vlug naar de kapper geweest. Hij heeft nooit
eerder echt gedanst.
De avond valt reeds wanneer de jongen ter plaatse komt. Onder de
bomen, in de feestelijk verlichte tuin, wordt de geïmproviseerde dansvloer
obscuur. Spots tekenen grillige schaduwen op de houten bevloering, welke
de aan elkaar plakkende en verstrengelde lichamen van zovele
paartjes zal moeten dragen. Het orkest probeert enkele noten : do..re..mi..
De muzikanten stemmen nog een laatste maal hun in-strument. Dan
komt de eerste melodie. Het dansfestijn wordt geopend door betrokken
politicus, die als eerste met zijn gade over de dansvloer zweven mag.
Dan wordt vermenigvuldigd. En plots is de plankenvloer een opeen-gepakt
kluwen van mensen. Als de melodie ten einde is keert iedereen naar zijn
plaats terug.
Michel staat besluiteloos aan de kant, te kijken naar hen die dansen,
in de hand een pint bier. Hij durft niet goed iemand ten dans te vragen.
Hij heeft het eigenlijk nog nooit gedaan. Totnogtoe was uitgaan voor hem
met kameraden een pint gaan drinken en wat lol trappen. Dansen had hem
nooit aangetrokken. Dan plots ziet hij een meisje dat aan een tafeltje zit,
samen met enkele vriendinnen. Ze maakt indruk op hem. Wanneer de
muziek opnieuw begint, vraagt hij haar ten dans. Ze weigert, zegt dat ze
niet kan dansen. Michel is ontgoocheld. Haastig zegt hij :
“Kom nou, juffrouw, dat geeft toch niet. Ik kan ook niet zo goed dansen.
Eens moet men het toch proberen.”
Ze laat zich pramen. Even later ligt ze in de holte van zijn arm. De aanraking
met dit zachte, warme lichaam doet de jongen beven. Beiden doen ze
aarzelend enkele passen. Weldra is Michel in de hoogste hemel. Zo had
hij het zich nog nooit voorgesteld. Hij vindt dit heerlijk. Wat is het toch
een wondere ervaring om een meisje zo in je armen rond te voeren.
Zouden alle vrouwen zo warm aanvoelen? Zo teder? Door de dunnen
zomerjurk voelt hij de satijnzachte huid. Ze dansen zwijgend.
Woorden zijn overbodig. De stilte is een bondgenoot, samen met de
slepende muziek. Michel zou graag iets zeggen, om het even wat, maar hij
zwijgt. Hij is bang om de roes te verbreken. Samen dansen ze. Samen
zwijgen ze. Het hoofd van het meisje rust op zijn schouder. Haar lichaam is
tegen het zijn gevlijd. Het is Michel zijn eerste dans.
Te vlug komt een einde aan de muziek. Wanneer hij toch verder blijft
dansen, de werkelijkheid vergetend, wordt hij daar door andere dansparen
attent op gemaakt. De aangename ervaring van daarnet nog in gedachten,
brengt hij zijn danspartner naar haar plaats terug. Het was heerlijk! Wanneer
een nieuwe dans begint loopt Michel in de richting van het zwartharig meisje
.Hij wil opnieuw met haar dansen. Hij wil haar de hele avond in zijn armen
houden. Maar dan, uit schrik om opdringerig te lijken, vraagt hij haar
vriendin. Deze is erg babbelziek en praat aan een stuk door. De jongen
begint ook te praten. Hij vertelt haar een hele hoop onzin en samen l
achen ze vrolijk. Het ijs is gebroken. Zeer vlug is ook die dans ten einde.
Met opzet neemt Michel nu plaats in de onmiddellijke om-geving van
het zwartharig meisje en haar vrien-dinnen. Bewonderend blijft hij haar
gadeslaan. Nu en dan werpt het meisje een blik in zijn richting. Haar ogen
glanzen en er is iets uitno-digends in haar blik. Het lijkt of ze hem graag mag.
Opnieuw en opnieuw speelt het orkest trage dansmuziek. Opnieuw en
opnieuw danst Michel met het zwartharige meisje, dat hem zo bevalt.
Hij voelt zich tot haar aangetrokken, maar het verveelt hem dat hij haar niets
te ve-rtellen heeft. Er zijn wel zaken die hij zou willen zeggen, maar hij
vindt de juiste woorden niet. Uiteindelijk, wanneer de stilte iets te zwaar
valt, vraagt hij haar :
“Mag ik je naam weten? We dansten nu reeds zoveel keren samen en ik weet
nog niet wie je bent. Noem mij maar Michel.”
Ze kijkt hem aan. Ze antwoordt niet onmiddellijk. Er is een glinstering in
haar ogen, welke hij niet begrijpt. Hij knijpt even in haar hand. Ze
beantwoordt de druk. Haar hoofd rust nu nog dieper op zijn schouder.
Heel even drukt hij een vluchtige zoen op haar kapsel. Ze voelt het niet.
Of toch? Even maar heft ze het hoofd en keert haar gezicht naar hem toe.
Stilletjes zegt ze :
“Ik ben Lisa. Van Elisa. Je weet wel.”
Dan legt ze weer haar hoofd op zijn schouder. Zwijgend dansen ze verder
tot de muziek ten einde is.
De avond gaat veel te vlug voorbij. Weldra is het tijd om naar huis te
gaan. Michel slaagt er in om even met Lisa alleen te zijn. Er heerst een
intieme stilte onder de bomen, nu de muziek zwijgt. Donderwolken drijven
voorbij aan de zwarte hemel. Er is onweer op komst. Wanneer de maan even
door de wolken breekt kijken ze elkaar aan, recht in de ogen. Lisa heeft
mooie ogen. Fiere ogen. Het is volle maan. Ze wacht. Hij heeft haar
hand vastgenomen. Ze komt dich-ter bij hem, drukt zich tegen hem aan.
Opnieuw voelt hij de warmte van haar lichaam. Hij zou haar willen kussen.
Hij legt een arm rond haar middel. Ze keert zich niet af, maar nestelt zich
in de holte van zijn elleboog. Opnieuw kust hij haar kapsel. Nu heeft ze
het wel degelijk gevoeld. Ze heft haar hoofd op en offreert hem heel even
haar lippen. Hij is bang. Vluchtig drukt hij zijn lippen op de hare. Dan laat hij
haar los. Ze blijft hem afwachtend aankijken. Hij weet niet wat hij doen
moet. Ze lijkt een beetje ont-goocheld. Zachtjes fluistert hij :
“Iets zal me altijd aan jou herinneren, Lisa.”
Dan gaat hij van haar weg. Ze houdt hem tegen en fluistert nu op haar beurt :
“Ik zal je niet vergeten, Michel.”
Haar ogen lijken vochtig.
**