|
En wat de Heer in mijn hart heeft gelegd over mensen die dichter bij God willen komen, Hij is er klaar voor en bereid om je te omarmen. Want de Heer zei tegen mij dat een mens gekend wordt aan de vruchten die hij voortbrengt. Dus God zegent ieder van jullie en Hij wil dat jullie je tot Hem wenden en Hem toestaan jullie persoonlijke Heer en Redder te zijn en bij jullie te zijn, en de vruchten die jullie voortbrengen, zullen gegeven worden aan hen voor wie jullie bidden. Het is de Heilige Geest die ieder van ons leidt. En wij hebben de Heilige Geest ontvangen toen we gedoopt werden. Wij hebben de Heilige Geest ontvangen toen we het Vormsel kregen.
Voor degenen onder jullie die de Heilige Geest willen ontvangen, kniel gewoon en vraag de Heilige Geest om in je hart te komen om je te leren hoe te bidden, hoe lief te hebben, hoe te vergeven, alles wat God je wil geven. Want ieder van jullie is uitverkoren, door God uitgekozen om zijn discipelen te zijn, om zijn apostelen te zijn, om zijn leger te zijn. In deze tijd en beproevingen waarin de wereld worstelt, zijn wij geroepen om leden en deel uit te maken van het leger van OLVrouw door de rozenkrans te bidden. En we hebben geen idee hoe krachtig de rozenkrans is, hoe krachtig de sacramenten zijn, hoe gezegend we zijn om lid te zijn van onze heilige Katholieke Apostolische kerk.
De gaven en de mysteries en datgene wat God ons heeft gegeven door onze Kerk gaan het voorstellingsvermogen van niemand te boven, want het is de Kerk die herstel brengt aan hen die zoeken. De sacramenten zijn belangrijk. Wanneer we de H. Eeukaryoten ontvangen, ontvangen we het lichaam, bloed, ziel en goddelijkheid van Jezus. En als we Jezus ontvangen, als we zouden kunnen zien met de ogen die God ons in de geestelijke wereld geeft, zouden we duizenden engelen geknield zien die God alle eer geven terwijl we de communie ontvangen. En als we de communie ontvangen, is Maria bij ons, want waar Jezus ook is, is Maria er.
Maria was bij het kruis toen Jezus werd gekruisigd. Maria is de sleutel, door de Heilige Rozenkrans die de Heilige Drie-eenheid ons heeft gezonden om ons voor te bereiden op wat komen gaat. Want wat komen gaat, is niet goed. Al het kwaad zal vernietigd worden. Velen zullen lijden. Maar de bescherming en de liefde van God zullen onse gegeven worden. En het enige wat we hoeven te doen is ons bekeren van onze zonden, een oprechte bekering hebben en God omarmen en Hem alle eer geven en Hem al onze liefde geven, dan zal Hij ons omarmen en beschermen.
Boodschap van 25/3/2026 in Medjugorje:
Lieve kinderen, het gif van egoïsme en haat heerst in de harten van mensen en daarom kennen jullie geen vrede. Ik roep jullie op, lieve kinderen: wees liefde en mijn uitgestrekte hand voor iedereen die jullie ontmoeten. Bid in nederigheid voor vrede en werk aan verzoening tussen mensen, zodat het goed mag zijn voor ieder mens op aarde. Dank jullie wel dat jullie gehoor hebben gegeven aan mijn oproep.
Elk levend wezen dat God heeft geschapen en aan wie Hij licht heeft gegeven, is uitverkoren. We zijn allemaal uitverkoren kinderen van God. en we worden geroepen door God. Hij is onze Vader. Onze Vrouwe is onze Moeder. Jezus is onze Broer. En we worden geroepen, we worden geroepen om ons te vernederen en God toe te staan volledig één te zijn met onze ziel
zodat Hij ons zal onderwijzen en leiden in alles wat we doen.
Wat moeten ze doen om als uitverkoren beschouwd te worden voor Gods toevluchtsoorden? Het is heel eenvoudig:
1 Eerst beginnen we bij onszelf. Het begint met ieder van ons die oprecht berouw heeft van zijn zonden, want we kunnen niet geven wat we niet hebben. En als we God in ons hart hebben, hebben we alles.
2 Het tweede wat we moeten doen, is elke dag de rozenkrans bidden in gezinsverband. Ons is verteld dat de rozenkrans oorlogen kan stoppen. En ik weet dat één Weesgegroet zo krachtig is dat het iemand uit de dood kan opwekken. Het kan iemand genezen met één Weesgegroet dat oprecht vanuit ons hart wordt gebeden.
3 We moeten onszelf, ons gezin en onze woning toewijden. En onze woningen zullen een toevluchtsoord worden en beschermd worden door de genade van God. Blijf waar je bent. Wijd je huis toe. Laat het zegenen.
4 Bid voor je kinderen. Bid elke dag. En de poorten van de hel zullen je niet overwinnen. Want de Almachtige God en zijn engelen beschermen je.
5 En het is belangrijk om in staat van genade te blijven en onze sacramenten zo vaak mogelijk te ontvangen.
Want jij bent uitverkoren om degenen rond je tot Jezus Christus te brengen. Want Jezus Christus is geen religie. Het Christendom is de persoon van Jezus Christus. Wij maken allen deel uit van het lichaam van Christus.
Ieder mens op deze aarde maakt deel uit van het lichaam van Christus. De Kerk is dus het mystieke lichaam van Christus. En God roept zijn kinderen, zijn schepping, op om te knielen, ons te bekeren van onze zonden en apostelen en evangelisten te worden. Wees niet bang voor wat je gaat zeggen. Spreek gewoon en de Heilige Geest zal je de woorden geven. Maar eerst beginnen we bij elkaar. We beginnen bij onszelf en dan reiken we uit naar onze families.
Dan nemen we contact op met onze vrienden, onze buren, en nodigen we hen uit voor een wekelijkse gebedsbijeenkomst, een wekelijkse rozenkrans. Begin met het lezen van de Bijbel. Dan zal heiligheid en de kracht van de Almachtige God over jou komen. Want u bent uitverkoren. Zoals Jezus zijn twaalf discipelen uitkoos, zo kiest Hij ieder van jullie die luistert.
Uit www.kuleuven.be/thomas/
Chronos
De oude Grieken kenden twee woorden voor het begrip ‘tijd’: chronos en kaïros. Beide begrippen kregen bovendien een plaats onder de goden. Chronos werd vereenzelvigd met de god Kronos, de vader van de tijd. Kaïros, kleinzoon van Kronos en de jongste zoon van Zeus, was de god van het gepaste moment, de gelegenheid en de juiste maat. Volgens de Duitse benedictijnermonnik Anselm Grün toont dit aan dat tijd voor de Grieken allereerst een goddelijk geheim was, en niet alleen maar iets uiterlijks dat we met de klok kunnen meten.
Kronos was een zoon van Ouranos en Gaia. Hij bevrijdde zijn broers en zussen uit het lichaam van de aarde waarin Ouranos zijn kinderen had verborgen. Zo werd Kronos de aanvoerder van de Titanen. Samen met zijn zus Rheia verwekte Kronos de Olympische goden, maar uit angst voor een mannelijke opvolger slokte hij zijn kinderen op. Enkel de jongste zoon, Zeus, kon gered worden. Later, toen Zeus volwassen geworden was, dwong hij Kronos om al zijn kinderen weer uit te spuwen. Samen wisten zij hun vader te verslaan, waarna Zeus zou regeren vanaf de berg Olympus.
Op die manier werd Kronos in de Griekse traditie beschouwd als de onbarmhartige vader van de tijd; de tijd die al zijn kinderen opslokt en, als we even niet opletten, ons zo kan ontglippen. Daarom wordt deze godheid vaak voorgesteld met een zandloper in zijn hand. Chronos is immers de praktische tijd die gemeten wordt en waarmee we de wereld inrichten, aangezien elke minuut of elk uur gelijk is aan ieder ander (ongeacht de omstandigheden).
Ook vanuit christelijk perspectief heeft de chronologische tijd met God te maken. Volgens de Leuvense theologe Bénédicte Lemmelijn maakt hij immers fundamenteel deel uit van de scheppingsorde. Zo beschrijft het scheppingsgedicht in Genesis hoe God scheiding aanbrengt tussen licht en duisternis, waardoor respectievelijk de dag en de nacht ontstaan (Gn 1,1-2,4). Met andere woorden, er wordt een tijdsritme ingesteld.
In de donkere chaos was er geen enkele orde, maar nu is er de chronologische tijd die het verdere verloop van de schepping structureert. De dagen en nachten kennen hun verloop, hun geheel wordt een week. Meteen wordt ook duidelijk dat chronos te maken heeft met verandering. Het is omdat er iets verandert (de nacht wordt dag en de dag wordt nacht), dat we de tijd zien voorbijgaan. Er is een verleden, een heden en een toekomst.
Kaïros
Volgens de Duits-Amerikaanse theoloog Paul Tillich (1886-1965) is chronos echter een homogene en een lege tijd die, net omwille van zijn vast en ritmisch karakter, geen recht doet aan de kwalitatieve ervaring ervan. Hoewel ieder uur op de klok altijd gelijk zal zijn aan elk ander uur, merken we zelf hoe de tijd soms tergend traag voorkruipt en op andere ogenblikken voorbijraast. Sommige momenten voelen aan als vervelend en nutteloos, terwijl andere als bijzonder rijk en waardevol ervaren worden. Daarom hadden de Grieken nog een andere uitdrukking voor de tijd: kaïros, de kwalitatieve of gevoelstijd.
In de Griekse mythologie was Kaïros de jongste kleinzoon van Kronos. Hij zorgde voor verandering en ommekeer. Hierdoor is Kaïros de god van het juiste ogenblik, het gunstige moment in ons leven. De Nederlandse filosofe Joke Hermsen vat het verschil als volgt samen: “Waar chronos staat voor de universele, statische en kwantitatieve tijd, die noodzakelijk is om tijd in een lineair verband te plaatsen, betekent kaïros het subjectieve, dynamische en kwalitatieve moment, dat juist rekenschap geeft van de specifieke en immer veranderende omstandigheden en daarom ook tot verandering van inzicht kan leiden”.
“Op de gunstige tijd heb Ik u verhoord, op de dag van het heil ben Ik u te hulp gekomen. Nu is er die gunstige tijd, vandaag is het de dag van het heil” (1 Kor 6,2)
Volgens Anselm Grün kan kaïros in verband gebracht worden met het getal zeven. Dit doet ons weer denken aan het scheppingsverhaal, waar de zevende dag een moment van harmonie en volheid is. Ook in het Tweede Testament is de kaïros van groot belang. Kaïros staat er voor het beslissende moment waarop God de mens zijn liefde en genade aanbiedt. Niet toevallig zegt Jezus in het Marcusevangelie: “De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij” (Mc 1,15). Paulus spreekt over de ‘gunstige’ of ‘aangename’ tijd, omdat hij volledig in het teken staat van Gods aanwezigheid en nabijheid: “Op de gunstige tijd heb Ik [God] u verhoord, op de dag van het heil ben Ik u te hulp gekomen. Nu is er die gunstige tijd, vandaag is het de dag van het heil” (1 Kor 6,2). Kaïros is met andere woorden een tijd waarin ons verlangen naar redding en verlossing vervuld wordt; een tijd van liefde, genezing en volheid.
Ieder moment is kaïros
Kaïros wordt vaak begrepen als een bijzonder genade-moment, een tijdelijke opschorting van chronos waarbinnen een andere ervaring van tijd mogelijk wordt. De Duitse theoloog Karl Rahner (1904-1984) is echter van mening dat kaïros helemaal geen uitzonderlijk moment is dat de continuïteit van chronos onderbreekt, maar net midden in de chronos-tijd gesitueerd dient te worden. Dit heeft alles te maken met het feit dat onze tijd sinds de menswording in het teken staat van Gods nabijheid. Christus is bij ons, en door hem is de tijd tot zijn volheid gekomen.
Elk verlangen naar een moment van redding en verlossing is in Christus vervuld. Nu reeds leven we in een tijd van Gods liefde en genade. Daarom stelt Rahner dat de chronos van het dagelijks leven eigenlijk plaatsvindt in de kaïros van Jezus Christus, waardoor er in ieder chronos-moment ook kaïros is. Op die manier wordt de klassieke verhouding omgekeerd. In plaats van occasionele kaïros-momentendie de continue stroom van chronos onderbreken, wordt chronos binnen de kaïros van Christus geplaatst. Alle momenten en gebeurtenissen, ook de meest eenvoudige en triviale, doen ertoe. Iedere tijd biedt kansen om ‘ja’ te zeggen aan God.
Een moment van ommekeer
Als dusdanig hoeft men niet passief te wachten tot het juiste moment zich voordoet. God biedt zichzelf voortdurend aan, maar het is aan ons om hierop (positief) te antwoorden. Dit vraagt niet enkel aandacht en onderscheiding, maar ook durf en moed. Zoals al gezegd, heeft kaïros immers te maken met verandering en ommekeer. Het is een moment van zien, oordelen en handelen (Cardijn). Daarom wordt de boodschap van Jezus dat de tijd vervuld is, onmiddellijk gevolgd door een oproep tot bekering (Mc 1,15). De tijd nodigt ons elk moment uit om opnieuw te beginnen. “Dit ogenblik biedt je de gelegenheid om te keren, anders te gaan denken en je opnieuw op God te richten”, aldus Anselm Grün.
“Kaïros heeft te maken met verandering en ommekeer. Het is een moment van zien, oordelen en handelen”
Dat geldt niet enkel op individueel vlak, maar ook voor de hele samenleving. Een concreet voorbeeld hierbij is het zogenaamde ‘Kaïros Document’, opgesteld in 1985 als theologisch antwoord op het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime. In een context van onderdrukking en toenemend geweld was volgens de initiatiefnemers de tijd (kaïros) gekomen om een nieuwe weg in te slaan. Vanuit het christelijk geloof in een God die zichzelf kenbaar maakt doorheen de roep van onderdrukten, was dit het moment om een einde te maken aan het onrechtvaardige systeem van rassensegregatie.
De afschaffing van de apartheid in de jaren 1990 betekende dan ook een nieuwe start voor de Zuid-Afrikaanse samenleving. Vandaag zou volgens Johan Bonny, bisschop van Antwerpen, de coronacrisis weleens een tijd kunnen zijn die ons tot nieuwe inzichten en gedragingen dwingt. Een kaïros-moment dat ons oproept “om een nieuwe koers te varen in de samenwerking tussen landen en continenten, in de verhouding tussen gezondheid en economie, in onze mobiliteit en onze verplaatsingen, in onze omgang met de natuur en de wetenschap”.
|