Donderdag 22 april 2010
Hechtingstheorie, psychotherapie enzovoort
Ik ben nu het erg interessante hoofdstuk 8 in het boek ‘Attachment in Psychotherapy’ van David Wallin aan het lezen, over de niet verbale ervaring en het ‘niet-gedachte-bekende’, dat deel uitmaakt van de emotieve kern van het Zelf.
Om even kort ietwat aan de lezer hier uit te leggen:
alle mensen doen een enorm belangrijk deel – zo niet het merendeel - van hun prille ervaringen op tijdens de zogenaamde pre-verbale fase, ervaringen die wij in ons geheugen opslaan zonder ze nog te kunnen bewoorden, maar die ons evengoed enorm bepalen in ons gedrag.
Tijdens de psychotherapie poogt de goede therapeut juist deze ervaringen van de patiënt, die nog niet tot een verwoordbare fase behoren leefbaar en uitspreekbaar te maken en zo binnen de persoon (patient) tot verwerking en integratie ervan te komen.
Wat D. Wallin hierin beschrijft over meerdere soorten patiënten roept bij mij de lectuur van hoofdstuk 6 van Searles (‘Collected papers on Schizophrenia’) terug, waarin hij schrijft over de communicatie op een onbewust niveau.
Het schijnt dus bij vele problematieken voor te komen, dit soort communicatie.
Erg interessant argument.
Om hier voor bepaalde lezers wat voorbeelden van pre-verbale communicatie aan te halen: de gezichtsuitdrukkingen, de toon van de stem, de houding van het lichaam en de gebaren, het ritme en type van het gesprek en gedrag.
Of om tot de prille jeugd terug te gaan: de nabijheid of afwezigheid van de zorgende persoon en de aard van de eventuele aanwezigheid...
Om even kort ietwat aan de lezer hier uit te leggen:
alle mensen doen een enorm belangrijk deel – zo niet het merendeel - van hun prille ervaringen op tijdens de zogenaamde pre-verbale fase, ervaringen die wij in ons geheugen opslaan zonder ze nog te kunnen bewoorden, maar die ons evengoed enorm bepalen in ons gedrag.
Tijdens de psychotherapie poogt de goede therapeut juist deze ervaringen van de patiënt, die nog niet tot een verwoordbare fase behoren leefbaar en uitspreekbaar te maken en zo binnen de persoon (patient) tot verwerking en integratie ervan te komen.
Wat D. Wallin hierin beschrijft over meerdere soorten patiënten roept bij mij de lectuur van hoofdstuk 6 van Searles (‘Collected papers on Schizophrenia’) terug, waarin hij schrijft over de communicatie op een onbewust niveau.
Het schijnt dus bij vele problematieken voor te komen, dit soort communicatie.
Erg interessant argument.
Om hier voor bepaalde lezers wat voorbeelden van pre-verbale communicatie aan te halen: de gezichtsuitdrukkingen, de toon van de stem, de houding van het lichaam en de gebaren, het ritme en type van het gesprek en gedrag.
Of om tot de prille jeugd terug te gaan: de nabijheid of afwezigheid van de zorgende persoon en de aard van de eventuele aanwezigheid...

