Drie kwatrijnen
Drie kwatrijnen
het gras, de dauw, het licht, de ritselingen
van wind en blad, de glimlach van een vrouw,
en, verre leeuwrik, uw onzichtbaar zingen.
in 't vuil van andren drijft zijn wortels váster,
zijn stengels stérker 't eigen stijgend Ik
en bloeit: - hoe vetter mest, hoe fraaier aster.
vraag feiten, zoek hun oorzaak, schift hun soorten;
keer wétend weer - éen ding onthult uw waan:
uw vaders sterfbed of uw zoons geboorte.
Garmt Stuiveling (1907-1985)
uit: Wordend kristal (1945)















