In het begin verliep het opstarten van een verversingsstation niet zo vlotjes. De meeste blanken hadden geen kaas gegeten van het boeren ( werden vrijburgers of vrijgestelde boeren genoemd) en de meesten schakelden over naar een meer lucratieve bezigheid: het openen van een kroeg. Dit garandeerde een behoorlijk bestaan en schonk de Kaapkolonie een bijnaam: " de herberg aan de Kaap".
De creatie van het vrijburgerschap zorgde voor een nieuwe wending van de kolonie: van 'verversingskolonie' naar 'bevolkingskolonie'. De zelfstandige boeren breidden al snel hun grondgebied uit. De VOC verhinderde de komst van nieuwe boeren niet daar ze de economische voordelen inzag ( de migranten produceerden voor de handelsmaatschappij en betaalde belasting).
Een belangrijke stap in de ontwikkeling van de kaapkolonie werd gezet onder leiding van Simon van der Stel, die de kolonie uitbreidde en haar zelfvoorzienend maakte. Onder zijn bestuur kwam ook een groep Franse protestanten aan ( de Hugenoten). Hun eigen ideniteit en cultuur gingen geleidelijk verloren en na enkele generaties waren ze volledig vernederlandst.
Samen met de Duitse immigranten, de Nederlandse groep en enkele anderen vormden deze Hugenoeten de basis van de latere blanke "Afrikaners" aan de Kaap
De Kaapkolonie groeide maar traag. De kolonisten waren niet van de gemakkelijkste en ze overstelpten de Compagnie met protesten wanneer het een en ander niet naar hun zin was. Dat zette VOC er toe aan massa-immigratie af te remmen. In 1700 waren er ongeveer 1.300 blanken aan de Kaap en zowat 800 slaven. Vijftig jaar later waren er al meer slaven dan blanken. Van de 5.000 blanken die in 1763 aan de Kaap leefden, waren er 3.158 mannen. Dit bevorderde de seksuele omgang tussen blanke mannen en Khoi-vrouwen of slavinnen.
Bij de stichting van de Republiek der Verenigde Provinciën (1588) besloten een aantal Nederlandse handelsmaatschappijen, die hun activiteit op het Oosten gericht hadden, hun inspanningen te bundelen. Dit was een initiatief van de kapitaalkrachtige burgerij en niet, zoals vroeger in Spanje of Portugal, van de staat. Aan het hoofd stond Johan van Oldenbarnevelt ( landsadvocaat en raadpensionaris van de Staten van Holland . geboren te Amersfoort op 14 september en gestorven in Den Haag op 13 mei 1619). Zo kwam in1602 de Vereenigde Oost-Indische Compagnie tot stand. De VOC kreeg van de Staten-Generaal van de jonge republiek ( door toedoen van J. van Oldenbarnevelt) het monopolie voor de scheepvaart en de handel met het Oosten. Het bestuur van de VOC werd gevormd door de Heren XVII ( ook wel de Heeren Seventien genoemd. Was de naam voor het centrale bestuur van de VOC. De Heeren Seventien was een wisselend college dat door de bewindhebbers uit hun midden werd gekozen). De VOC kreeg een uitgebreide bevoegdheid. Zij mochten gebieden naar believen veroveren, exploiteren en besturen. De huidige staten Sri Lanka (vroeger Ceylon genoemd ) en Indonesië werden door de Compagnie veroverd. De Compagie had soldaten in dienst die voor de defensie in die gebieden zorgden; de VOC kon oorlogen voeren en verdragen sluiten; voor het bestuur werden eigen ambtenaren aangesteld.
Het hoofddoel van de Compagnie lag evenwel elders: alles was erop gericht winst te maken. De handelsmaatschappij was dan ook enkel bereid om een initiatief te nemen wanneer dat zo weinig mogelijk zou kosten en onmiddellijk voordeel opleverde. Door het verslag van schipbreukelingen werd de VOC van het nut van een vestiging aan de Kaap overtuigd. Die hadden van hun gedwongen verblijf gebruik gemaakt om de streek te verkennen. Na te zijn opgepikt door een retourvloot, deelden Leendert Jansz en M. Proot hun oordeel mee aan de VOC-bestuurders. Voordelen: aangenaam klimaat, voldoende vlees en vis en er waren groenten in overvloed.
In 1651 werd Jan van Riebeeck aan boord van de Dromedans door VOC uitgestuurd om aan de Kaap een verversingsstation op te richten.Was zeker geen eenvoudige opdracht.Onbekwame werklui, malfide personen en slecht betaald worden, zorgden voor vele kopzorgen voor van Riebeeck. Oplichterij en diefstallen waren schering en inslag.
Al direct kwam van Riebeeck in contact met de plaatselijke bevolking, de Khoi's. In het begin waren er geen problemen daar de Khoi's dachten dat het verblijf van die blanken maar tijdelijk was. Maar toen ze zagen dat ze zich daar wilden vestigen, probeerden ze zich daartegen te verzetten.
Toen de koloisten zelf vee begonnen te kweken en het nomadenleven van de khoi's wilden inperken, groeide de vijandigheid. De Khoi's moesten zich aan de blanken onderwerpen. Sommigen bleven aan de Kaap wonen en traden in dienst van de " nieuwkomers", anderen trokken met hun kudden weg. De Khoi bevolking zou verder uitdunnen, omdat ze niet bestand was tegen Europese ziektes. De Khoi's zjn nu nog in Namibië te vinden.
Als werkkrachten gebruikten de blanke niet enkel Khoi's, die trouwens niet zo gewillig waren. Aan de Compagnie werd om slaven gevraagd. Na nauwelijks 5 jaar aanwezigheid aan de Kaap voerden de Nederlanders al zwarte slaven in. Deze slaven kwamen uit Afrika en Maleisië. De slaven werden menselijk behandeld, daar ze geld kosten en niet als buit konden veroverd worden. Met de slavinnen gingen de meesters ook naar bed, zoals dat in andere kolonies gebeurde. Halfbloedkinderen werden meestal voor de huisdienst opgeleid.
Eindelijk is de droom werkelijkheid geworden. De zolang verwachte dag is aangebroken. VRIJDAG 10 OKTOBER 2008.
Vertrek naar Johannesburg via London Heathrow.
Om 13H00 worden we op de luchthaven van Zaventem opgewacht om dan in te checken voor de vlucht naar Londen. BD 150 ( British Midlands) die om 15H30 vertrekt. Gezien het een uur vroeger is in Engeland komen we om 15H40 lokale tijd aan.
Ondertussen kennis gemaakt met Freddy en Liliane en Walter en Lieve. 5 anderen zijn ons al voorgegaan om de Victoria watervallen te gaan bezoeken en we zullen ze in Jo'Burg oppikken.
Enkele uren in Londen luchthaven doorgebracht. Hebben wat gegeten en gedronken.
Om 19H55 was onze vlucht naar Jo'Burg, de SA 235. Was op tijd en we zijn 's morgens om 07H10, zaterdag 11 oktober aangekomen.
Daar wachtten de gids, Frank De Graaf, onze chauffeur Sam en onze 5 medereizigers ons op.
De eerste Europeanen die voet aan wal zetten aan de kaap, waren de Portugese zeelui onder leiding van Bartolomeus Dias in 1488. Hij is er nooit in geslaagd de Kaap rond te varen op weg naar Indië.
In 1497 meerde Vasco da Gama aan in de baai van de Kaap en vaarde door naar Indië.
De Nederlanders bereikten voor de eerste keer inAugustus 1595 de Kaap.
De Nederlandse Oost-Indische Compagnie gaf in 1652 Jan Van Riebeeck de opdracht om een proviandstation op te richten voor de schepen om zich voor hun tocht naar Indië te bevoorraden. Hij kwam daar op 6 april 1652 aan.
In 1688 vestigden enkele honderden Hugenoten zich in de omgeving van de Kaap. Ze waren hun thuisland Frankrijk ontvlucht gezien hun protestantse overtuiging.
Op 11 juni 1795 bezetten de Engelsen de Kaap. Het kwam tot een ongelijke strijd tussen de Nederlanders en de Engelsen. De Kaap kwam onder Engels bewind.
Op 21 februari 1803 gaf Engeland de Kaap terug aan Nederland.
Op januari 1806 kwam de Kaap terug onder Engels bewind. Het bleef een Britse kolonie tot 1910, de stichting van Zuid-Afrika. Vanaf 1961 werd Zuid-Arika een republiek.
Het was al een oude droom van Karoline, mijn vrouw, en mezelf om op reis te gaan naar Zuid-Afrika.
Eindelijk heeft zich de kans voorgedaan om deze droom te verwerkelijken.
Na lang zoeken en navragen, hebben we een forrmule gevonden die ons aanspraak. Een rondreis door Zuid-Afrika met overnachtingen bij de mensen ter plaatse.
Het zou een 19 dagen durende rondreis worden startende van Johannesburg, via Krügerpark, Swaziland, Zulu, Lesotho, Drakensberg, Sint-Lucia, de bloemenroute en zo naar Kaapstad. 5.000 km.
Deze blog is aangemaakt om deze reis te beschrijven en ook als gids en herinnering aan al onze medereizigers.
We waren met 11, onszelf inbegrepen. Een fantastische groep. Als onbekenden elkaar leren kennen, als vrienden afscheid genomen drie weken later.