Naar de inhoud

Doorheen de dagen

Ervaringen besproken
akke.beakke.be

Berichten van 26 september 2011 tot 2 oktober 2011

ZONDAG 2 OKTOBER 2011


27ste ZONDAG A – 2 OKTOBER 2011

 

DE STEEN,

DIE DE BOUWLIEDEN HEBBEN VERWORPEN

 

In deze rozenkransmaand vieren wij moeder Maria in het bijzonder, oktober is ook de missiemaand en tenslotte is het overmorgen het feest van de Heilige Franciscus van Assisi.

 

Moeder Maria, onze missionarissen, de Heilige Franciscus, allen hebben zij met hart en ziel voor Jezus gekozen, de hoeksteen van ons leven, die door de wereld wordt verworpen.

In die tijd sprak Jezus tot de hogepriesters en de oudsten van het volk: 

‘Luistert naar deze gelijkenis. Er was eens een landeigenaar die een wijngaard aanlegde; hij zette er een heining omheen, hakte een wijnpers erin uit en bouwde een wachttoren. Daarop verpachtte hij hem aan wijnbouwers en vertrok naar de vreemde. 

Toen de tijd van de oogst gekomen was, zond hij zijn dienaren naar de wijnbouwers om de opbrengst in ontvangst te nemen.  Maar de wijnbouwers grepen zijn dienaren vast. Zij mishandelden de een, doodden de ander en stenigden een derde. 
Daarop zond hij andere dienaren, talrijker dan de eersten; maar zij behandelden hen op dezelfde manier.  Ten slotte stuurde hij zijn zoon naar hen toe, in de veronderstelling dat zij zijn zoon wel zouden ontzien. Maar toen de wijnbouwers de zoon zagen, zeiden ze onder elkaar: ‘Dat is de erfgenaam; vooruit, laten we hem vermoorden en ons zijn erfenis toe-eigenen.’ Ze grepen hem vast, wierpen hem de wijngaard uit en doodden hem. Wanneer nu de eigenaar van de wijngaard komt, wat zal hij dan wel met die wijnbouwers doen?’ 

Ze antwoordden Hem: ‘Hij zal die misdadigers een ellendige dood doen sterven en zijn wijngaard zal hij aan andere wijnbouwers verpachten,  die hem de opbrengst op de vastgestelde tijd zullen afdragen!’ 

Toen sprak Jezus tot hen: ‘Hebt gij nooit in de Schrift gelezen: De steen die de bouwlieden hebben verworpen, is juist de hoeksteen geworden. Op last van de Heer is dat gebeurd en het is wonderbaar in onze ogen. 

Daarom zeg Ik u: Het Rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wel de vruchten daarvan opbrengt.’
(Matteüs 21,33-43)


BOUWLIEDEN IN DE WARE WIJNGAARD

 

Het evangelie van Matteüs loopt op zijn einde. Jezus gaat naar Jeruzalem en het conflict met de Joodse leiders groeit naar een hoogtepunt. Dikwijls vertelt Hij dan verhalen over een wijngaard, die God met bijzondere Liefde omringt. Er wordt daarmee geen land of plaats bedoeld.

 

Gods wijngaard is daar, waar de vruchten van zijn Geest kunnen groeien en bloeien. En wij mogen de wijnbouwers zijn. De goede vruchten die de Heer verwacht zijn gekend. Paulus geeft ze nog eens aan in de eerste lezing: ‘Ten slotte, broeders en zusters, schenk aandacht aan alles wat waar en edel is, rechtvaardig en zuiver, beminnelijk en eervol, kortom, aan alles wat deugdzaam is en lof verdient.’

 

Het vertrouwen van de landeigenaar was zwaar misbruikt. De wijnbouwers waren ontrouw, ze waren alleen uit op eigen gewin, mishandelden de dienaren en doodden de Zoon. De parabel eindigt dan ook met een scherpe veroordeling: ‘God zal Zijn wijngaard aan een ander volk geven dat wel goede vruchten opbrengt.’

 

De hogepriesters, de oudsten van het volk begrepen het maar al te goed. Gedaan met het troontje, waarop ze zichzelf geplaatst hadden en waarop ze zo zelfgenoegzaam zaten. Niet langer zij zijn Gods wijngaard. De verworpen gekruisigde is verrezen en dat heeft alles veranderd. Die Jezus, die zij bespuwd hadden, wordt de hoeksteen in Gods nieuwe wijngaard.

 

En die wijngaard bloeit daar waar mensen trouw en rechtvaardig, beminnelijk en liefdevol zijn. Waar mensen Jezus tot hoeksteen van hun leven maken. ‘De steen die de bouwlieden hebben verworpen is de hoeksteen geworden!’ Waar Jezus en Zijn dienstbare liefde centraal staan, daar woont God! Daar groeit zijn Rijk en bloeit zijn ware wijngaard.

Heer Jezus,

Zoon van God en onze Broeder,

Je werd verstoten

en verdrukt door groten,

die enkel uit waren

op eigen macht en eigenwaan.

Je hebt niemand veroordeeld

noch de dood toegewenst.

 

Je enige verlangen was

vrede en vreugde,

liefde en leven te brengen.

Geef diezelfde kracht aan mensen,

die geen uitzicht,

geen toekomst

en geen hoop zien,

en moedeloos of opstandig worden.

 

Laat ons te allen tijde

mensen van hoop zijn,

die U,

de Levende,

tot leven brengen. 

(vrij naar ‘Kerk en Wereld’)



1002978-e19376b41ab5c1c6e3f5b3b0e59c5f80.jpg

1002978-8984855a9e2014cf9bd5c932f54036ad.jpg
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:07 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG


DE DAG DAT DE PASTOR ZIEK WAS

 

Om tien uur zou de viering beginnen. Maar er gebeurde niets. Toen zei een meisje tegen haar vader: 'Als de pastor niet komt, zal ik preken.’

 

Ze ging naar voren bij de microfoon en zei: 'Ik zal jullie iets over God vertellen.’ Alle mensen werden stil.

 

'Als ik aan God denk, dan kijk ik naar alles wat Hij geschapen heeft. Hij laat de bomen en de planten groeien en ook de dieren: de paarden, de vogels, de egels en de mieren. Dat vind ik heel mooi. Als ik er naar kijk, dan lijkt het alsof ik God zie. Weten jullie ook iets over God?' vroeg ze.

 

Een vrouw kwam naar voren: 'In de bijbel lees ik dat God een naam heeft: JHWH, dat betekent: Ik zal er zijn. God is er steeds bij, bij alles wat mensen doen. Dat weet ik, dat voel ik.’

 

Intussen was één van de jongeren opgestaan: 'Ik weet niet wie God is, maar ik weet wel wie Jezus is. Jezus zei dat we elkaar moeten liefhebben. Hij zei ook dat we onze handen uit de mouwen moeten steken en niet alleen mooie praatjes verkopen.’

 

Toen kwam er een man naar voren die zei: 'In de bijbel staat: Waar twee of drie in mijn naam bijeen zijn, daar ben Ik in hun midden. Vandaag is de Geest van God, dezelfde Geest die ook in Jezus was, hier aanwezig. In de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.’

 

Iedereen antwoordde: ‘Amen’.

 

Toen gingen de mensen de kerk uit. Ze hebben nog heel lang nagepraat over de zondag dat de pastor ziek was.

 

(Bron onbekend)

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 07:41 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

De wolken

Ik droeg nog kleine kleren, en ik lag

Lang-uit met moeder in de warme hei,

De wolken schoven boven ons voorbij

En moeder vroeg wat ‘k in de wolken zag. 

En ik riep: Scandinavië, en: eenden,

Daar gaat een dame, schapen met een herder –

De wond’ren werden woord en dreven verder,

Maar ‘k zag dat moeder met een glimlach weende. 

Toen kwam de tijd dat ‘k niet naar boven keek,

Ofschoon de hemel vol van wolken hing,

Ik greep niet naar de vlucht van ’t vreemde ding

Dat met zijn schaduw langs mijn leven streek. 

- Nu ligt mijn jongen naast mij in de heide

En wijst me wat hij in de wolken ziet,

Nu schrei ik zelf, en zie in het verschiet
De verre wolken waaarom moeder schreide.

Martinus Nijhoff

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 17:56 Reageer op dit bericht

Meer van Doorheen de dagen

↑ Terug naar de berichten