Naar de inhoud

Doorheen de dagen

Ervaringen besproken
akke.beakke.be

Berichten van 24 november 2014 tot 30 november 2014

ZONDAG 30 NOVEMBER

1ste ADVENTSZONDAG B – 30 NOVEMBER 2014

‘WEES OP UW HOEDE, WEES WAAKZAAM’

Van oudsher staat de 1ste zondag van de advent in het teken van de waakzaamheid en de aandacht: ‘wees waakzaam! word wakker’. Wij kunnen inderdaad ingedommeld zijn, alleen nog uit routine handelen, zonder enige bezieling, of onbewust meedrijven op de golven van de heersende opvattingen.

Daarom dat telkenjare deze oproep weerkeert: ‘Ontwaak, wees waakzaam, word wakker’, laat je niet in slaap wiegen in de dagelijkse sleur! Vergeet niet wat belangrijk is: de Heer staat voor de deur en klopt! Doe open en Hij kan je leven veranderen.

 

Lezinguit de 1ste brief van Paulus aan de christenen in Korinthe 1,3-9

Zusters en broeders, steeds weer zeg ik mijn God dank voor zijn genade! Want in Christus bent u in ieder opzicht rijk begiftigd met alle gaven.

Geen enkele genadegave ontbreekt u, en u ziet vol verwachting uit naar de openbaring van onze Heer Jezus Christus.

Evangelie: Marcus 13,33-37

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Weest op uw hoede, weest waakzaam; want gij weet niet wanneer het ogenblik daar is. Ge weet niet wanneer de heer des huizes komt, ‘s avonds laat of midden in de nacht, bij het hanengekraai of ‘s morgens vroeg. Als hij onverwachts komt laat hij u dan niet slapend vinden. 

 

WEES WAAKZAAM

 

Openheid en ontvankelijkheid, verwachting en waakzaamheid, zijn de deugden van de advent. Ze zijn zeldzaam in onze tijd van activisme en dadendrang met efficiëntie, prestige en prestatie. We zullen het gauw eens zelf allemaal in orde brengen.

Wat in ons leven het meest doorweegt om gelukkig te worden is nochtans niet datgene wat we zelf doen en presteren, maar wel datgene wat ons dagelijks wordt geschonken: in de eerste plaats ons leven zelf, met de vele kansen en mogelijkheden die het inhoudt, de goedheid en de liefde, die wij mogen ontvangen, de vreugde in het gezin en bij vrienden, het geduld en de moed bij ziekte, de vrede in ons hart en de schoonheid, die ons tallenkante omringt. ‘Je kunt het geluk niet maken, de Heer geeft het zijn vrienden, zomaar, in hun slaap.’ zegt de psalm. Laten we hieraan niet voorbijgaan, onopmerkzaam, zonder aandacht, omdat we zo opgeslorpt werden door de dagelijkse dingen. Laten we leven met open ogen!

Om tot dit inzicht, deze bewustwording en deze totaal nieuwe levenskunst te komen is een grote ommekeer nodig, een ommekeer van een super actieve dadendrang naar een meer contemplatieve ingesteldheid, een bereidheid om open en ontvankelijk in het leven te staan. Deze vorm van ontvankelijkheid vraagt dat we opnieuw stil kunnen worden, wachtend, wakend en biddend, attent voor datgene waar het echt op aan komt: de aanwezigheid van Jezus in ons midden. Een kerklied zegt het zo mooi en raak: ‘Gij komt tot ons gans onverwacht … in duizend, duizend dingen.’ De woorden van de advent ‘Wees waakzaam’ zijn niet dreigend. Ze zijn bemoedigend: let erop dat je Zijn aanwezigheid wel opmerkt! Wees toch maar attent dat je door je overmatige activisme en activiteiten niet voorbij ziet aan wat meer wezenlijk is.

Zijn komst in ons midden wakend en biddend verwachten, wil niet zeggen dat wij ons afkeren van de wereld. Het betekent wel dat we Hem ontdekken in die wereld, dat we de tijd nemen om Hem te zoeken en te zien. Hij kan tot ons komen in de stilte van een kerk of de rust van de natuur; Hij kan bij ons zijn in het gelaat van een mens in nood of van een mens, die mild is en gewoonweg goed, zomaar. Het betekent ook dat wij bereid zijn om Jezus voor andere mensen tot leven te brengen, zodat zij Hem kunnen zien in ons, door ons.

‘Kom, Heer Jezus, kom…’ met deze woorden eindigt de Apocalyps of de Openbaring van Johannes. Mogen die woorden in deze advent wat meer ook onze woorden worden, wakend, stil en biddend.

‘Kom, Heer Jezus, kom…’

 

Vaak is ons leven een sleur.

We leven van de ene dag in de andere.

We werken en slapen,

we hebben goede en kwade dagen.

Ook onze relatie met anderen

vertoont weinig hoogtepunten.

We leven zo ons eigen leventje.

 

De oproep van het evangelie geldt ook voor ons:

‘Wees waakzaam, kijk uit!’

Ons leven is te kostbaar

om het in een dodelijke sleur te leven.

Ons wordt gevraagd om attent te zijn

op signalen van anderen

en op tekens van onze tijd.

Onze ogen en oren sluiten

maakt ons leven armer, doodser.

 

Het evangelie roept ons ook op

om attent te zijn

op de aanwezigheid van God

in ons leven, in onze wereld.

Zijn droom mag de onze worden:

een droom van liefde en recht,

van vrede en geluk voor alle mensen.

 

In deze adventstijd wordt ons gevraagd

om oog te hebben voor de komst

van God midden onder ons.

Hij verschijnt ons als een weerloze mens,

als een kind van mensen.

Hij is te vinden in de kleine, de machteloze,

kortom in ieder van ons.

 

Wim Holterman



1686477-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1686477-156005c5baf40ff51a327f1c34f2975b.jpg

1686477-799bad5a3b514f096e69bbc4a7896cd9.jpg

1686477-d0096ec6c83575373e3a21d129ff8fef.jpg

1686477-032b2cc936860b03048302d991c3498f.jpg

1686477-18e2999891374a475d0687ca9f989d83.jpg

1686477-fe5df232cafa4c4e0f1a0294418e5660.jpg

1686477-8cda81fc7ad906927144235dda5fdf15.jpg

1686477-30e62fddc14c05988b44e7c02788e187.jpg
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 07:37 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

ONGEBORGENHEID

 

Schrijnend

is het leed van de ongeborgenheid,

dat vaak schuilgaat achter de doffe blikken van mensen.

 

‘Ik heb niemand meer’,

zegt een bejaarde man in een verzorgingstehuis,

‘alleen hier kijkt men nog naar me om.’

 

Dit is harde realiteit.

Een mens die geen geborgenheid ervaart,

vervreemdt, verschrompelt en gaat stilaan dood.

 

Alleen de liefde

schenkt levenskracht en vreugde.

 

Nikolaas Devynck O.S.B.

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Omer om 16:07 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

ZUSTERKE-BEGIJN

Simplex ut columba.

 

Een laag-gezeten huizeke,

geteekend met een kruizeke,

is 't godgewijde kluizeke

van Zusterke-Begijn;

't kon grooter zijn, 't kon lustiger,

maar heiliger of rustiger,

maar liever kon 't niet zijn.

 

En treedt gij over 't drempeltje

in 't hagelwitte tempeltje

van 't godgewijde exempeltje,

ziet ge aan het fijn gordijn,

in 't poeder-ziftend zonneke,

het vlug en vlijtig nonneke,

oud Zusterke-Begijn...

 

Het zit, voorzichtig knippende,

hier stekende, daar stippende,

papier en tijd versnippende,

en frutselt hoe of wat...

en slentert eens door 't kamertje

of leest uit Thomas-Hamertje

een vroom-beduimeld blad.

 

En klinkt het kloosterbelleke,

ze sluit het stille celleke

en drentelt naar 't kapelleke

met de oogen neêrgeslaan;

en knielt er op het zedigste

en prevelt op het vredigste

en laat heur zieltje gaan...

 

En heel dit zieltje ontvouwende

en 't dóór en dóór beschouwende,

klopt ze op heur hartje rouwende:

- ‘'k Heb zooveel kwaads gedaan;

dat mij de Heer geduldige,

ik wil me niet ontschuldigen,

'k zal beteren voortaan.’ -

 

En roerloos op het zitteltje,

leest het nu nog een titteltje

uit Cruysse's vroom kapitteltje,

den donckren Siele-nacht;

en zegent zich een kruizeke -

en nu met spoed naar 't kluizeke,

waar 't stille werk haar wacht.

 

Zoo varen duifjes schuivende,

zich met geen stof bestuivende,

maar in den koepel wuivende

van 't zuiverst kristallijn...

Gezegend zijn die leventjes!

Ze raken de aard maar eventjes

als Zusterke-Begijn! -

 

Emiel Fleerackers S.J.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 18:07 Reageer op dit bericht

Meer van Doorheen de dagen

↑ Terug naar de berichten