zicht op de grootstad
op mijn ooglid wriemelt plots
een verdwaalde mier

zicht op de grootstad
op mijn ooglid wriemelt plots
een verdwaalde mier

fruitboom in de nacht
aan zijn verkleumde takken
fonkelen sterren
winterreisiedereen slaapt nog
op kasseien dokkeren
vakantiekoffers
supersoprano
op het plafond de glitter
van haar oorbellen
's ochtends lui in bed
hoor ik spoorwissels knarsen
de tijd passeert...
in maretakken
op mijn kale terugreis
de januarimaan
glasbakNa de feesten ziet alles er weer normaal uit. Er ligt nog wat sneeuw, de zon schijnt, en ik fiets naar mijn werk. Vlak bij de glasbol trekt een ongewone schittering mijn aandacht:
schouder aan schouder
met nieuwjaar soldaat gemaakt
flessenpeloton
nieuwjaarsduik
roemloos gaan Dom Pérignons
de glasbak in
Nieuwjaaréén januari
te Wenen gewichtig doen
op lichte muziek
oudejaarsavondoudejaarsavond
van het dak krassen kraaien
in paradisum
de chocoladefabriek van Brussel-ZuidVooral de ouderen onder u zullen zich de tijd herinneren dat het fabrieksgebouw van Côte d'Or vlakbij het station Brussel-Zuid gelegen was. Op sommige dagen dreef dan een zware, bedwelmende chocoladegeur over de perrons. Vaak kon je zelfs herkennen met welke smaak de repen die dag gevuld werden.
chocoladegeur
iedereen op het perron
even op snoepreis
de zomer verdwijnt... in één haikumomentErgens in september is het zover. Er staat een stevige bries. Het grasperk, dat is omgeven met eeuwenoude, majesteitelijke bomen, is voor het eerst weer bezaaid met afgevallen blaadjes. Het bijeenrijven ervan is even futiel als het leegscheppen van de zee met een emmer, maar toch is dat precies wat ik doe. De meeste bomen staan immers nog groen, de luttele gouden hoopjes zijn maar het begin van de rijkdom die nog moet komen. Het geruis van de kruinen is zo overweldigend, dat hier enorme krachten aan het werk moeten zijn. Een besef van onherroepelijkheid maakt zich van mij meester. Dit is een keerpunt: de mooie zomer, die we tot hiertoe hebben gehad, is aan het wegtrekken, voorgoed.
bladeren rijven -
met gedruis wuiven kruinen
de zomer vaarwel
Hoorde ik nu die klok of niet?avond van azuur
één blaadje hangt een tijd stil
zweeg de dorpstoren?