Naar de inhoud

Reizigers

Regelmatig onder weg
seniorennet.beseniorennet.be

Archief

AFLEVERING 4

 

Waar ik oorspronkelijk dacht van niets meer te schrijven, kan ik het me toch niet laten. We hebben zulke leuke contacten dat ik jullie graag mee wil laten genieten.

 

Na onze omzwervingen in het grootste deel van Lycië rijden we richting Antalya. We weten dat we daar zaken kunnen doen op gebied van lederen handtassen en dat laten we natuurlijk niet links liggen. Het is zondag en dan is elke Turk op stap naar een leuk groen plekje om te picknicken, dus het is erg druk op de baan. Plots zien we midden de straat een rij stoelen staan verbonden met een touw. Dat hadden we nog niet meegemaakt maar al snel merken we dat het een vorm van signalisatie is. Er ligt een auto ondersteboven in de kant en zo worden we gewaarschuwd dat we op onze hoede moeten zijn. Erg origineel!.Trouwens, op de baan moeten we steeds attent zijn want… een rood licht dient hier om door te rijden, van twee rijvakken maakt een Turk er drie en voor de rest geldt de macht van de sterkste; dus oppassen geblazen!
Na de middag dan wil Wim absoluut een klein baantje rijden, een scenic way. Ik hou mijn hart al vast want weet wat dat hier betekent. En inderdaad, een smal pad waarvan de kanten niet te vertrouwen zijn en waar de auto’s elkaar amper kunnen kruisen, voert ons door de bergen. Het landschap is onvergetelijk mooi maar oh wee, in welke omstandigheden hebben we ons toch weer gewrongen. Voor een gewone auto is het wel te doen maar wij met ons rijdend huis zouden beter andere banen kiezen. Ik kan amper ademen van angst maar voor Wim is er geen vuiltje aan de lucht. Langzaam vordert hij terwijl ik maar blijf hopen dat hij rechtsomkeer zou maken. Het zweet breekt me uit en ik ben echt blij wanneer de weg zo eng wordt dat we niet meer verder kunnen. Kalm zoeken we een plaatsje om te keren en terug te rijden. Wat ben ik blij dat ons dat lukt. Intussen is het al 15 uur en moeten we nog lunchen. Alweer zoeken naar een geschikte plek en heel devoot, in de nabijheid van een moskee, kunnen we stoppen om de inwendige mens te versterken. Maar we staan er nog maar amper en daar staan ze alweer met tomaten aan onze deur als verwelkoming. Die hebben we nu zo stilaan wel voldoende maar toch danken we graag. Als tegenprestatie geven wij enkele flesjes Belgisch bier en Belgische chocolade voor de kindjes. Zo is iedereen tevreden. Wanneer we terug willen vertrekken worden we in het Frans, met een Hollands accent aangesproken. Een Nederlands echtpaar wil dat we bij hen op de koffie gaan. Jawel, jullie lezen goed, er bestaan gulle Nederlanders. Zij waren twee jaar terug uitgeweken naar dit land en wonen nu in een leuk huisje midden de bergen. Samen brengen we een aangename middag door en wij passen onze reisplannen wat aan. Wel heb ik ze duidelijk gemaakt dat we Vlamingen zijn en dat ze gerust in het Nederlands mogen verder gaan.

 

Nog één maal wil Wim een opgraving bezoeken want hij heeft er genoeg van. En geloof me vrij, het was en topper. Aspendos heeft een amfitheater zoals we er nog nergens anders een gezien hebben. Onvoorstelbaar hoe goed dat bewaard is gebleven door al de eeuwen heen. De akoestiek is buitengewoon. Zelfs mijn hardhorige Wim kan alles verstaan van om het even waar. Regelmatig worden er nog opera’s opgevoerd en balletten gebracht. Hadden we dat maar in onze planning voorzien, het zou de moeite geloond hebben maar we mogen er niet aan toegeven. De datum van de boot voor onze terugreis staat vast en die moeten we respecteren.
Voor de nacht zoeken we dan een plekje midden de natuur en wat krijgen we bij aankomst? Jawel, twee kindjes brengen ons tomaten en verse basilicum. We geraken echt niet meer door onze voorraad heen. En verder hebben we weer hetzelfde probleem van afvalverwerking; waar moeten we ermee heen? Nergens een vuilnisbak te vinden. Wat doen we? De oplossing ligt zo voor de hand. Een man komt ons gezelschap houden en ik vraag hem waar ik mijn spullen kwijt kan. Dadelijk neemt hij ze mee en zal er zelf voor zorgen. Dat probleem is ook weer opgelost.

 

Een van de volgende dagen overnachten we in een dorpje waar we vorige keer ook waren. Daar was het file, geen ochtendfile maar avondfile, om ons te komen verwelkomen met allerhande lekkers en ons uit te nodigen voor het eten. We zetten alles op een rijtje en gaan eerst typisch Turks eten bij één gezin en nadien op de thee bij een ander gezin. Intussen worden de kersen aan alle kanten aangevoerd en we krijgen ze niet meer opgegeten. Waar moeten we met al dat fruit naartoe; Door de grote hoeveelheid abrikozen te eten, loopt het al van onze billen en nu nog die kersen bovenop. En het is nog niet gedaan. Na het avondeten worden we uitgenodigd om de dag nadien samen met hen te ontbijten. Dat slaan we niet af want we willen wel eens weten hoe er een Turks ontbijt uitziet en het kan tellen. Watermeloen, gebakken aubergines, geroosterd brood met kaas erop, gewoon brood, sla en komkommer, tomaten, twee soorten kaas, olijven, jam en koffie of thee. Hebben jullie nog geen honger?
Na dat ontbijt laten ze ons nog niet gaan. We moeten de auto in en ze rijden met ons naar hun ‘tuintjes’!!! Twee stuks van elk 1 ha. In de eerste tuin, een rozentuin, is men druk doende om de rozenblaadjes te plukken. Daarvan maken ze dan rozenolie en rozenzeep. Zelf krijgen we een ganse zak blaadjes mee naar de camper en nu kunnen we zalig wegdommelen met een uiterts fijne geur boven ons. De andere ha staat vol fruitbomen vnl. Granny Smith, lekkere kersen, pruimelaars en wijndruiven. Met man en macht beginnen ze de dikke vleeskersen te plukken en jawel; een ganse emmer krijgen we mee. Ongeveer 6 kg hebben we nu en weten niet meer waar ze te bewaren. De wijndruiven verwerken ze zelf. Alhoewel ze vertellen dat ze Ataturk moslim zijn, drinken ze toch ook graag een glaasje. En van de wijndruiven maken ze dan zelf wijn. We hebben er samen van gesmuld en het liep goed binnen. En wij die dachten dat men in de Islam geen alcohol mocht drinken. Ze weten het mooi aan te passen aan hun eigen noden!
De volgende dagen krijgen we hetzelfde stramien. We komen ergens aan en dadelijk staan ze er met de nodige kersen of aardbeien. Zelfs een vers gebakken brood van 2 kg, nog warm uit de oven, komen ze ons brengen. Verhongeren zullen we hier zeker niet. We kunnen niet meer volgen met eten. Daarbij wordt Wim op de rooster gelegd en moet hij met de plaatselijke jeugd een basketmach spelen. Twee ploegen; één van 1 persoon nl. Wim tegen een ploeg van 14 jongeren. Zien jullie dat al gebeuren! Het is echt plezierig om dat gade te slaan.

 

Langzaam maar zeker loopt onze trip op zijn einde en rijden we terug richting Isatnboel. Om het rijden te onderbreken doen we het in kleine trajecten en bezoeken we dagelijks een verlaten dorp. Daar is het gewoonlijk ook leuk staan voor de nacht. Comfort moet je er niet zoeken. De mensen leven er midden hun dieren en de stank en vliegen krijgen ze er zo bij. En geef toe, de giften worden meer en meer gevarieerd. We kregen al een nog warm zelfgebakken brood, de kersen zijn er ook nog bij. Daarbij komen nog aardbeien en voor Wim zelfs een paternoster. Zou hij dat echt nodig hebben?
Vandaag dan nog een leuk verhaal. We komen pas ergens aan en daar staat al een jongeling die ons aan het verstand wil brengen dat we uitgenodigd zijn op een warme maaltijd. Het duurde even alvorens we het begrepen maar na het maken van een tekening wordt ons alles duidelijk. Wij samen met hem naar zijn huis. Daar lag er een baby’tje van 10 dagen oud en werd er voor ons lekker gekookt. Een klein tafelkleedje wordt op de grond uitgespreid en wij twee moeten er rond zitten, op de grond. Het eten wordt geserveerd: soep, gebakken stukjes vlees, komkommers, brood en lekkere kersen. Zijzelf aten apart. Na de maaltijd volgde dan de çai. Tijdens de gesprekken was duidelijk geworden dat de gastheer werkloos was en dan worden wij toch nog uitgenodigd. Met het geven van onze laatste chocolade en een geldsom voor de baby hebben we dan onze dank betuigd. We zijn blij wanneer we terug kunnen naar de camper om rustig iets te drinken op mijn verjaardag. Maar de rust duurt niet lang. Na een kwartiertje staat diezelfde man terug aan onze camper. Hij wil ons de omgeving laten kennen zodat ik uitgebreid kan fotograferen. Als een gek rijdt hij met ons rond en onder het mom dat we nu wel gaan slapen keren we terug naar huis. Na een uurtje alweer bezoek aan de camper; een dorpsbewoner brengt ons dik gevulde pannenkoeken voor het ontbijt. Is dat niet lief! En zo gaat dat hier steeds door.
Intussen proberen wij dorpjes te bezoeken en zien we in welke barre omstandigheden de mensen op het platteland wonen. Maar het is wel daar dat we het hartelijkst ontvangen worden. Zo stopten we vandaag in een dorp en moesten we dadelijk in een huisje binnen voor de thee. Er was geen ontkomen aan. Na een tijdje worden de kussens van de zetels opgetild en daaronder ligt heel hun inboedel dus is het duidelijk dat die zetels een dubbel doel hebben; en als zitbank en als berging. En hun geld! Wel dat leggen ze gewoon buiten het huis onder een versleten mat. Van onder die zetel haalde de vrouw dan een sjaaltje te voorschijn, best passend bij mijn kledij. Het werd me omgeknoopt, ze haalt nog een zelf gemaakt pareltasje vanonder een andere zetel en dat moet ik aan de schouder dragen. Als een echte Turkse verlaat ik het huis en zo wandelen we samen verder het dorp rond.

 

De adrenalinebaantjes die Wim uitkiest zijn gewoonweg onbeschrijfelijk mooi en zeer gevarieerd. Het landschap doet ons dan eens aan Cappadocië denken, dan weer aan Zion N.P. of Arches N.P. en dan weer aan Yusefedi. Alle kleuren van het schilderspallet vinden we erin terug; Van oker over geel, roestbruin, rood, donkerrood, grijsblauw tot groen, we zien ze allemaal. Jammer dat ik nu geen 360° foto kan nemen want dat zou ideaal zijn. Ook de meren mogen we niet vergeten. Het turkooisblauwe water met weerspiegelingen van de omliggende bergen erin, een azuurblauwe lucht en groen riet als afboording doen ons denken aan de mooiste prentkaarten. De eindeloze vlakten, goudgeel van het overrijpe graan, met daartussen plukjes groen van heesters en een heiige lucht zijn zeker het vermelden waard. Kortom: de natuur is zo fascinerend en moeilijk te verwoorden. Kijken, vaststellen en genieten is onze leuze en daarbij hopen dat onze eigen harde schijf nog plaats genoeg biedt om heel de omgeving op te stockeren.

 

En zo hobbelen we verder om over een drietal dagen Turkije definitief vaarwel te zeggen. Het zal met spijt in het hart zijn want het loonde alweer de moeite.

Hoe vind je dit bericht? 19 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 09:26 Reageer op dit bericht

AFLEVERING 4

 

Waar ik oorspronkelijk dacht van niets meer te schrijven, kan ik het me toch niet laten. We hebben zulke leuke contacten dat ik jullie graag mee wil laten genieten.

 

Na onze omzwervingen in het grootste deel van Lycië rijden we richting Antalya. We weten dat we daar zaken kunnen doen op gebied van lederen handtassen en dat laten we natuurlijk niet links liggen. Het is zondag en dan is elke Turk op stap naar een leuk groen plekje om te picknicken, dus het is erg druk op de baan. Plots zien we midden de straat een rij stoelen staan verbonden met een touw. Dat hadden we nog niet meegemaakt maar al snel merken we dat het een vorm van signalisatie is. Er ligt een auto ondersteboven in de kant en zo worden we gewaarschuwd dat we op onze hoede moeten zijn. Erg origineel!.Trouwens, op de baan moeten we steeds attent zijn want… een rood licht dient hier om door te rijden, van twee rijvakken maakt een Turk er drie en voor de rest geldt de macht van de sterkste; dus oppassen geblazen!
Na de middag dan wil Wim absoluut een klein baantje rijden, een scenic way. Ik hou mijn hart al vast want weet wat dat hier betekent. En inderdaad, een smal pad waarvan de kanten niet te vertrouwen zijn en waar de auto’s elkaar amper kunnen kruisen, voert ons door de bergen. Het landschap is onvergetelijk mooi maar oh wee, in welke omstandigheden hebben we ons toch weer gewrongen. Voor een gewone auto is het wel te doen maar wij met ons rijdend huis zouden beter andere banen kiezen. Ik kan amper ademen van angst maar voor Wim is er geen vuiltje aan de lucht. Langzaam vordert hij terwijl ik maar blijf hopen dat hij rechtsomkeer zou maken. Het zweet breekt me uit en ik ben echt blij wanneer de weg zo eng wordt dat we niet meer verder kunnen. Kalm zoeken we een plaatsje om te keren en terug te rijden. Wat ben ik blij dat ons dat lukt. Intussen is het al 15 uur en moeten we nog lunchen. Alweer zoeken naar een geschikte plek en heel devoot, in de nabijheid van een moskee, kunnen we stoppen om de inwendige mens te versterken. Maar we staan er nog maar amper en daar staan ze alweer met tomaten aan onze deur als verwelkoming. Die hebben we nu zo stilaan wel voldoende maar toch danken we graag. Als tegenprestatie geven wij enkele flesjes Belgisch bier en Belgische chocolade voor de kindjes. Zo is iedereen tevreden. Wanneer we terug willen vertrekken worden we in het Frans, met een Hollands accent aangesproken. Een Nederlands echtpaar wil dat we bij hen op de koffie gaan. Jawel, jullie lezen goed, er bestaan gulle Nederlanders. Zij waren twee jaar terug uitgeweken naar dit land en wonen nu in een leuk huisje midden de bergen. Samen brengen we een aangename middag door en wij passen onze reisplannen wat aan. Wel heb ik ze duidelijk gemaakt dat we Vlamingen zijn en dat ze gerust in het Nederlands mogen verder gaan.

 

Nog één maal wil Wim een opgraving bezoeken want hij heeft er genoeg van. En geloof me vrij, het was en topper. Aspendos heeft een amfitheater zoals we er nog nergens anders een gezien hebben. Onvoorstelbaar hoe goed dat bewaard is gebleven door al de eeuwen heen. De akoestiek is buitengewoon. Zelfs mijn hardhorige Wim kan alles verstaan van om het even waar. Regelmatig worden er nog opera’s opgevoerd en balletten gebracht. Hadden we dat maar in onze planning voorzien, het zou de moeite geloond hebben maar we mogen er niet aan toegeven. De datum van de boot voor onze terugreis staat vast en die moeten we respecteren.
Voor de nacht zoeken we dan een plekje midden de natuur en wat krijgen we bij aankomst? Jawel, twee kindjes brengen ons tomaten en verse basilicum. We geraken echt niet meer door onze voorraad heen. En verder hebben we weer hetzelfde probleem van afvalverwerking; waar moeten we ermee heen? Nergens een vuilnisbak te vinden. Wat doen we? De oplossing ligt zo voor de hand. Een man komt ons gezelschap houden en ik vraag hem waar ik mijn spullen kwijt kan. Dadelijk neemt hij ze mee en zal er zelf voor zorgen. Dat probleem is ook weer opgelost.

 

Een van de volgende dagen overnachten we in een dorpje waar we vorige keer ook waren. Daar was het file, geen ochtendfile maar avondfile, om ons te komen verwelkomen met allerhande lekkers en ons uit te nodigen voor het eten. We zetten alles op een rijtje en gaan eerst typisch Turks eten bij één gezin en nadien op de thee bij een ander gezin. Intussen worden de kersen aan alle kanten aangevoerd en we krijgen ze niet meer opgegeten. Waar moeten we met al dat fruit naartoe; Door de grote hoeveelheid abrikozen te eten, loopt het al van onze billen en nu nog die kersen bovenop. En het is nog niet gedaan. Na het avondeten worden we uitgenodigd om de dag nadien samen met hen te ontbijten. Dat slaan we niet af want we willen wel eens weten hoe er een Turks ontbijt uitziet en het kan tellen. Watermeloen, gebakken aubergines, geroosterd brood met kaas erop, gewoon brood, sla en komkommer, tomaten, twee soorten kaas, olijven, jam en koffie of thee. Hebben jullie nog geen honger?
Na dat ontbijt laten ze ons nog niet gaan. We moeten de auto in en ze rijden met ons naar hun ‘tuintjes’!!! Twee stuks van elk 1 ha. In de eerste tuin, een rozentuin, is men druk doende om de rozenblaadjes te plukken. Daarvan maken ze dan rozenolie en rozenzeep. Zelf krijgen we een ganse zak blaadjes mee naar de camper en nu kunnen we zalig wegdommelen met een uiterts fijne geur boven ons. De andere ha staat vol fruitbomen vnl. Granny Smith, lekkere kersen, pruimelaars en wijndruiven. Met man en macht beginnen ze de dikke vleeskersen te plukken en jawel; een ganse emmer krijgen we mee. Ongeveer 6 kg hebben we nu en weten niet meer waar ze te bewaren. De wijndruiven verwerken ze zelf. Alhoewel ze vertellen dat ze Ataturk moslim zijn, drinken ze toch ook graag een glaasje. En van de wijndruiven maken ze dan zelf wijn. We hebben er samen van gesmuld en het liep goed binnen. En wij die dachten dat men in de Islam geen alcohol mocht drinken. Ze weten het mooi aan te passen aan hun eigen noden!
De volgende dagen krijgen we hetzelfde stramien. We komen ergens aan en dadelijk staan ze er met de nodige kersen of aardbeien. Zelfs een vers gebakken brood van 2 kg, nog warm uit de oven, komen ze ons brengen. Verhongeren zullen we hier zeker niet. We kunnen niet meer volgen met eten. Daarbij wordt Wim op de rooster gelegd en moet hij met de plaatselijke jeugd een basketmach spelen. Twee ploegen; één van 1 persoon nl. Wim tegen een ploeg van 14 jongeren. Zien jullie dat al gebeuren! Het is echt plezierig om dat gade te slaan.

 

Langzaam maar zeker loopt onze trip op zijn einde en rijden we terug richting Isatnboel. Om het rijden te onderbreken doen we het in kleine trajecten en bezoeken we dagelijks een verlaten dorp. Daar is het gewoonlijk ook leuk staan voor de nacht. Comfort moet je er niet zoeken. De mensen leven er midden hun dieren en de stank en vliegen krijgen ze er zo bij. En geef toe, de giften worden meer en meer gevarieerd. We kregen al een nog warm zelfgebakken brood, de kersen zijn er ook nog bij. Daarbij komen nog aardbeien en voor Wim zelfs een paternoster. Zou hij dat echt nodig hebben?
Vandaag dan nog een leuk verhaal. We komen pas ergens aan en daar staat al een jongeling die ons aan het verstand wil brengen dat we uitgenodigd zijn op een warme maaltijd. Het duurde even alvorens we het begrepen maar na het maken van een tekening wordt ons alles duidelijk. Wij samen met hem naar zijn huis. Daar lag er een baby’tje van 10 dagen oud en werd er voor ons lekker gekookt. Een klein tafelkleedje wordt op de grond uitgespreid en wij twee moeten er rond zitten, op de grond. Het eten wordt geserveerd: soep, gebakken stukjes vlees, komkommers, brood en lekkere kersen. Zijzelf aten apart. Na de maaltijd volgde dan de çai. Tijdens de gesprekken was duidelijk geworden dat de gastheer werkloos was en dan worden wij toch nog uitgenodigd. Met het geven van onze laatste chocolade en een geldsom voor de baby hebben we dan onze dank betuigd. We zijn blij wanneer we terug kunnen naar de camper om rustig iets te drinken op mijn verjaardag. Maar de rust duurt niet lang. Na een kwartiertje staat diezelfde man terug aan onze camper. Hij wil ons de omgeving laten kennen zodat ik uitgebreid kan fotograferen. Als een gek rijdt hij met ons rond en onder het mom dat we nu wel gaan slapen keren we terug naar huis. Na een uurtje alweer bezoek aan de camper; een dorpsbewoner brengt ons dik gevulde pannenkoeken voor het ontbijt. Is dat niet lief! En zo gaat dat hier steeds door.
Intussen proberen wij dorpjes te bezoeken en zien we in welke barre omstandigheden de mensen op het platteland wonen. Maar het is wel daar dat we het hartelijkst ontvangen worden. Zo stopten we vandaag in een dorp en moesten we dadelijk in een huisje binnen voor de thee. Er was geen ontkomen aan. Na een tijdje worden de kussens van de zetels opgetild en daaronder ligt heel hun inboedel dus is het duidelijk dat die zetels een dubbel doel hebben; en als zitbank en als berging. En hun geld! Wel dat leggen ze gewoon buiten het huis onder een versleten mat. Van onder die zetel haalde de vrouw dan een sjaaltje te voorschijn, best passend bij mijn kledij. Het werd me omgeknoopt, ze haalt nog een zelf gemaakt pareltasje vanonder een andere zetel en dat moet ik aan de schouder dragen. Als een echte Turkse verlaat ik het huis en zo wandelen we samen verder het dorp rond.

 

De adrenalinebaantjes die Wim uitkiest zijn gewoonweg onbeschrijfelijk mooi en zeer gevarieerd. Het landschap doet ons dan eens aan Cappadocië denken, dan weer aan Zion N.P. of Arches N.P. en dan weer aan Yusefedi. Alle kleuren van het schilderspallet vinden we erin terug; Van oker over geel, roestbruin, rood, donkerrood, grijsblauw tot groen, we zien ze allemaal. Jammer dat ik nu geen 360° foto kan nemen want dat zou ideaal zijn. Ook de meren mogen we niet vergeten. Het turkooisblauwe water met weerspiegelingen van de omliggende bergen erin, een azuurblauwe lucht en groen riet als afboording doen ons denken aan de mooiste prentkaarten. De eindeloze vlakten, goudgeel van het overrijpe graan, met daartussen plukjes groen van heesters en een heiige lucht zijn zeker het vermelden waard. Kortom: de natuur is zo fascinerend en moeilijk te verwoorden. Kijken, vaststellen en genieten is onze leuze en daarbij hopen dat onze eigen harde schijf nog plaats genoeg biedt om heel de omgeving op te stockeren.

 

En zo hobbelen we verder om over een drietal dagen Turkije definitief vaarwel te zeggen. Het zal met spijt in het hart zijn want het loonde alweer de moeite.

Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 09:26 Reageer op dit bericht

Turkije 2007 – Middellands Zeegebied en voornamelijk Lycië

AFLEVERING 3

Onze tocht doorheen het land verloopt verder heel gevarieerd. Dan eens bezoeken we oudheidkundige nederzettingen en andere keren gooien we ons weer op het wandelen. Xantos, Chimrae, Demre en Myra, de stad van de brave goedheilige man, staan op ons programma. De een ervaring valt al beter mee dan de andere. Qua opgravingen zijn ze allen interessant maar die toeristen! Ladingen bussen met Russische toeristen worden gedropt. En nu moeten jullie niet denken dat het leuke mensen zijn. Integendeel, ze zijn heel arrogant en lopen alles behalve fijn gekleed en gedragen zich heel platvloers. Aangepaste kledij om een kerk te bezoeken kennen ze niet. Hun billen puilen uit hun veel te korte short en dat in een land als Turkije. De Nicolaaskerk, genaamd naar de brave sint is het zien waard en zijn verhaal krijgen we duidelijk te lezen aan de ingang van de basiliek.

Op onze wandelingen of de weg er naartoe hebben we keer op keer aangename contacten. Zo rijden we doorheen een vallei waar massaal trostomaten gekweekt worden. Ze zien eruit om dadelijk in te happen. Terwijl ik even de weg vraag, hij was alweer zeer onduidelijk aangegeven, profiteer ik ervan om te proberen een kg van die groenten te kopen. Met drieën springen ze recht en halen uit elk bakje de mooiste exemplaren. Met een zak van 5 kg komen ze terug en wilden niet dat ik er ook maar iets voor betaalde. Wanneer ons dat lukt telkens wanneer we het proberen voor ons geliefkoosd fruit dan kan onze vakantie niet meer stuk.
Een volgend verhaaltje! De auto krijgt dorst en we moeten tanken. Ook onze watervoorraad slinkt goed en die moet eveneens bijgevuld worden. Ik heb vooraf heel goed gestudeerd om in het Turks te vragen of het water drinkbaar is en zowaar, ze verstaan mij. Met een brede glimlach neemt de pompbediende een waterslang van 6 à 7 cm diameter en begint met een krachtige straal de tank te vullen. Vermoedelijk is het water hier gratis want er spuit meer naast de auto dan erin, maar geen enkel probleem. Met een overvolle voorraad kunnen we weer verder.

Enkele dagen later. We wandelen van Demre, waar we de St-Nicolaaskerk bezochten, naar Myra om de rotsgraven te bewonderen. Onderweg zien we een tuin vol sinaasappelen. Geïnteresseerd loop ik op de binnenkoer en vraag ik of ik hun oventje mag fotograferen waar ze brood in bakken. Uiteraard geen enkel probleem. Integendeel, ze zijn erdoor geëerd. Meteen vraag ik ook of ze 1 kg sinaasappelen willen verkopen. Geen probleem. Elf stuks worden voor ons gewassen en in een plastiekzak gestopt. Alweer gratis voor niets. Eigenlijk voelde ik er mij niet gemakkelijk bij. Als tegenprestatie heb ik het gezin dan uitgebreid op de foto gezet met de belofte de foto’s door te sturen. Dat is het grootste plezier dat je de bevolking kunt doen en dan gaan we daar ook ons werk van maken .

Volgend verhaal. We wandelen terug een traject van The Lycian Way. Deze keer iets makkelijker want we volgen in grote trekken de kustlijn. Alweer fijne tafereeltjes die we bij ons niet meer tegenkomen. We zijn in de streek waar volop zuiderse groenten gekweekt worden zoals tomaten aubergines, paprika’s en pepertjes. Om tomatenmoes te maken hebben ze hier alweer een ingenieus systeem bedacht. De tomaten worden in grote plastiek zakken gedaan en dichtgebonden. Zo laten ze die groenten op het strand liggen tussen al de vieze boel die er aangedreven en gegooid is en waar de schildpadden rondkruipen. Onder invloed van de zon beginnen de tomaten overrijp te worden en de plastiek zak komt volledig bol te staan. Nadien worden ze dan manueel geplet en in grote bekkens weggedragen. Hygiënisch is volgens ons toch wat anders maar het werkt. Enthousiast zoals ik ben fotografeer ik er maar op los en wat dacht je? Jawel, we gaan weer naar huis met ongeveer 2 kg gekregen groenten en de thee moesten we ook samen met hen drinken. Gastvrijheid is hier geen loos begrip! Tijdens diezelfde wandeling zijn we er nog maar eens in geslaagd om mekaar te verliezen, niet op de openbare weg maar in een bos tussen struikgewas. Ikzelf blijf er rustig bij en neem de terugweg naar de camper maar Wim kent mijn oriënterings-vermogen en was er niet zo gerust in. Verschillende mensen heeft hij staande gehouden en met hand en tand uitgelegd dat we elkaar kwijt waren. Ze kregen de boodschap mee om, wanneer ze mij zagen, mij te verwittigen dat ze hem gezien hadden. En inderdaad, meerdere mannen hielden me staande maar ik begreep niets van wat ze vertelde. Integendeel, ik dacht dat ze mij wilden meeloodsen en dat ze andere bedoelingen hadden. Ik weigerde dan ook alle tussenkomsten. Intussen was Wim in alle staten en iets later zag ik hem achter op een moto. En het was al de tweede moto waarop hij meekon. De eerste geraakte onder het gewicht van twee personen de helling niet op! Samen met die chauffeur waren ze op weg naar de ‘jandarma’ om mij te zoeken. Gelukkig is dat niet nodig gebleken. Zo zie je maar tot wat het kan leiden wanneer je de taal van een land niet spreekt.

Op onze rustdag zijn we de kleurrijke marktjes gaan afschuimen. Onvoorstelbaar hoe mooi al het fruit en de groenten hier geordend zijn. Tot de aardappelen toe liggen mooi gestapeld. Al wat eetbaar of drinkbar is vinden we er. Zo verkopen ze zelfs de melk van hun enige koe in grote Cola flessen. En er is zulk een aanbod dat het gevaarlijk is voor de geldbeugel. Maar wat geeft het dat we veel kopen; kilo’s fruit en nog geen geld kwijt. Het grootste probleem is om alles in de koelkast te krijgen. Diezelfde dag willen we ook internetten. Nergens iets te vinden en ik stap recht op de politie af. Die is zo charmant dat we in de combi mogen en ze rijden ons tot voor de deur van het internetcafé. Wat een service!

Na het lopen van een laatste traject van The Lycian Way trekken we dan richting binnenland. Daar genieten we nog van de bijzondere hartelijkheid van de mensen alvorens heel rustig de terugweg aan te vangen. Of er nog een volgende deel komt valt nog te bezien maar hou het toch in de gaten.

Alvast als samenvatting deze bedenking:

De wereld is een boek. Wie niet reist, leest enkel één bladzijde

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 11:39 Reageer op dit bericht

Turkije is…

Een land bezaaid met plastiek! Onvoorstelbaar wat hier langs de kanten ligt. Alles is hier in plastiekzakken verpakt. Elke man heeft hier een ‘plastieken zak’ maar dan wel voor zijn boterhammetjes of wat er ook mag inzitten. Al wat men nadien niet meer nodig heeft wordt dan de straat opgegooid en daar blijft het dan voor eeuwig liggen. Op dat vlak zal hier nog veel moeten veranderen!
Momenteel één grote troepenbeweging vaak met kanonnen, geweren en al wat bij een oorlog of gevecht thuis hoort. Ook hun ziekenwagens ontbreken niet. Op 22 juli zijn het hier verkiezingen en het zouden wel eens heel hete dagen kunnen worden waarop geschiedenis geschreven wordt. En die geschiedenis zijn ze zeer goed aan het voorbereiden. Als protest tegen de huidige regering die veel te Islamitisch is, zijn de huizen, flats en openbare gebouwen hier uitbundig bevlagd. Men kan er niet naast kijken. Het is een duidelijk protest. Gelukkig zullen we rond die woelige periode ver van hier verwijderd zijn want veilig zal anders zijn.

Een land met veel oudheidkundige opgravingen.

Deze week hebben we enkele sites bezocht, minder gekend dan Epheze maar zeker even interessant. Het zien van die oude stenen is voor Wim genoeg geweest en de volgende dagen worden anders ingevuld.

Een land met gastvrije mensen.

Zolang we in het Egeïsche gebied waren hebben we daar niet veel van gemerkt. Maar nu we meer Oostwaarts trekken, ervaren we hetzelfde warme onthaal van de twee vorige reizen. En daar bovenop genieten we af en toe van een extra service. Wanneer we gaan tanken en ze zien hoe hoognodig de camper schoongemaakt moet worden, nemen ze spontaan de hogedrukreiniger. Wij worden getrakteerd op çai terwijl zij de camper reinigen en dat alles zonder enige vergoeding te vragen.

Een land waar vele jonge vrouwen tegen de hoek van een ronde tafel gelopen zijn. Begrijpen wie begrijpen kan!

Een wegennet waar duchtig aan gewerkt wordt. We kunnen geen gebied noemen waar de straten niet open liggen of waar ze aan de banen aan het werken zijn. Zouden de nakende verkiezingen daar ook voor iets tussen zitten?

Een land waar de vrouwen hard moeten werken.

Om het even waar je op de velden kijkt, het zijn steeds vrouwen die er het zware werk moeten verrichten. In een broeierige hitte staan ze ganse dagen in twee geplooid met een totaal verkeerde kledij aan. Wie kent de kleurencombinatie niet bij die plaatselijke bevolking: een polderbroek, want het moet zedig zijn, in een fel gebloemde stof waarin alle mogelijke kleuren verwerkt zijn. Daar bovenop een bloes die alle mogelijke lichaamsdelen bedekt en liefst in totaal andere kleuren en motieven vb. in een tijgermotief dat diagonaal loopt en vloekende kleuren heeft. Op hun hoofd mag DE sjaal niet ontbreken, liefst in meerdere wrongen gedraaid. Werk zo maar eens in een hitte van 30°; De mannen drinken intussen rustig hun çai (thee) onder een of andere boom en spelen een spelletje kaarten of een ander typisch Turks gezelschapspel. Je moet hier maar vrouw zijn!

Een land met miljoenen olijfbomen

Waarschijnlijk vandaar dat het eten zo vaak in de olie drijft.

Een land waar de schoolgaande jeugd een uniform draagt.

Alle jongeren lopen netjes gekleed in een geruite plooien rokje of een rokje in een andere kleur met daarop allen dezelfde hemdsbloes en witte sportkousen. Zo trekken ze gedisciplineerd naar hun klaslokalen. De jongens bijna steeds in een donkergrijze lange broek en een wit hemd; erg klassiek maar geen modeshow of naijver wat de kledij betreft.

Een land waar het fruit en de groenten spotgoedkoop zijn en de diesel duur.

Zo kochten we 6 kg fruit voor €6, tomaten tegen €1/kg en de komkommer kregen we er gratis bovenop. Ze keken trouwens maar raar dat ik er maar 1 stuk van kocht en vonden het dan ook de moeite niet om iets aan te rekenen. De diesel echter is hier heel wat duurder dan bij ons. Voor 1 liter eurodiesel betalen we hier gemiddeld €1,33 en de motorin, zeg maar gewone diesel €1,25 hetgeen kan tellen temeer dat we hier heel wat kilometers vreten.

Een land met een weergaloze natuur.

Die beschrijven zou me te ver leiden maar ze is zo spectaculair en verscheiden dat je er niet naast kan kijken.

Kortom: de ware ontdekkingsreis bestaat niet alleen uit het aanschouwen van nieuwe landschappen maar ook uit opnieuw leren kijken naar mensen en toestanden.

 

 

Nu iets over onze activiteiten:

Na de culturele ontboezemingen kozen we voor de natuur. Vooreerst zijn we naar een eiland gevaren waar de karetschildpad terug kans op overleven krijgt. Ze was met uitsterven bedreigd en het WWF heeft er zich achter gezet zodat het dier(tje) voor het nageslacht kan zorgen. We kozen voor een dolmusboot die veel goedkoper is dan die luxeboten. Die zijn niet aan ons besteed en daarbovenop hadden we nog het schip voor ons alleen. Na 45’ varen doorheen grote en kleine kanaatjes, allen omzoomd met riet, waren we er. Op het eiland zagen we duidelijk de sporen waar die gedrochten van 100 kg of meer hun eieren deponeren in het zand. Daar blijven ze dan verstopt liggen tot de kindjes tevoorschijn komen. Tijdens het terugvaren hadden we nog eventjes geluk. Plots zien we een reuzenschildpad het hoofd boven water steken en zagen we in het water verschillende van die grote exemplaren stoeien. Nadien volgde er wel nog een kleine discussie met de bootsman. Hij hield zich niet aan de afgesproken prijs en daar ging ik niet mee akkoord. Uiteindelijk heb ik dan toch moeten bijbetalen maar dat is zeker tegen mijn principes.

 

En eindelijk is het nu zo ver. Vanuit België beslisten we om enkele stukken van The Lycian Way te lopen. Dit is het enige lange afstandspad van Turkije maar met zijn lengte van 509 km zeker niet voluit te bewandelen. Daar bovenop moeten we ook zien of we met onze camper op het beginpunt van een dagtocht kunnen geraken. Jullie weten nu al hoe de banen er hier bij liggen maar voor deze wandelingen, die volledig door het Taurusgebergte lopen, is het niet evident er te geraken. De paadjes zijn zo smal en slecht onderhouden, vaak alleen gravel road en daar moeten wij hotsend en botsend over tot aan ons beginpunt. Maar we halen het wel! Als startpunt van de eerste wandeldag kozen we uiteraard het eerste traject. Maar wat waren we ontgoocheld wanneer we naar de startplaats reden. In plaats van in een leuk klein dorpje aan te komen, arriveerden we in een echt toeristisch gebied waar de Britten hun haken hadden in geslagen. Voor ons niet echt de leukste plek want al die shops en restaurantjes kunnen wij gerust missen. Na het zoeken naar een rustige overnachtingsplek hebben we dan even de buurt verkend om het startpunt van de wandeling te zoeken. Een wandeling die trouwens grandioos was; constant hadden we zicht op de blue lagoon aan de ene zijde en een indrukwekkend berglandschap aan de andere zijde. Als inloopwandeling kon ze wel tellen. Zolang we stapten, mochten we klimmen. Gestaag ging het bergopwaarts maar daar keren wij de handen niet voor om.

 

Voor de volgende etappen kiezen we tussen de vertrekpunten die binnen onze mogelijkheid liggen. En waar we nu terecht zijn gekomen, kunnen we wel als voorhistorisch bestempelen. We staan werkelijk in the middle of nowhere. In een verborgen, smalle vallei zijn de vrouwen aan het oogsten. Vanwaar ze komen en waar ze na de dagtaak naartoe moeten is me nog steeds een vraagteken. Vermoedelijk kunnen ze de maat van hun onderbroek niet lezen maar de gastvrijheid is niet te omschrijven.
Her en der een pover huis je en voor de rest alleen maar graanvelden omgeven door bergen. Daartussen staan wij dan. Het graan is rijp en moet geoogst worden. Denk nu niet van hier gesofistikeerde machines te zien. Neen, hoor. Dubbel geplooid met een sikkel in de hand worden de granen hier gemaaid. In welke eeuw leven wij hier? Bij ons verklaren ze ons gemakkelijk voor gek wanneer we op die manier zouden het werk afhandelen.

Tijdens onze wandelingen maken we dagelijks andere zaken mee. Vooreerst wat het schoeisel betreft. Zouden we het niet wagen om vandaag eens met lage sportschoenen te wandelen i.p.v. die zware bergschoenen? Domme vraag van mij en gelukkig heb ik naar wijze raad geluisterd. Het pad dat we voorgeschoteld kregen was op z’n zachtst gezegd bewandelbaar; dikke keien, door droge rivierbeddingen, grote stukken rots, steeds klauteren, alles hoorde erbij. Ik zal die vraag maar nooit meer stellen en steeds het gepaste schoeisel aantrekken!
Op een ochtend vertrokken we en stopt er een auto. Keuze hadden we niet, we moesten mee naar de market, een groot woord voor een pover lemen huisje en dat was het. Hoe wist die man dat ons brood op was? We kopen twee broden die mooi in krantenpapier verpakt worden. Een ganse dag moeten die zo in de rugzak. Het volgende ontbijt zal delicieus zijn!
Een andere dag zijn we er zelfs in geslaagd om elkaar te verliezen en dat midden in een woest gebergte! Je moet het maar doen. Een bewegwijzering die veel te wensen over laat en geen levende ziel om iets aan te vragen. Blijkbaar zijn wij de twee enige gekken die ons aan dat avontuur wagen maar het loont!!! Wat de bewegwijzering betreft: het is een constant zoeken naar de rood/witte GR-markeringen en daarvan hebben ze hier nog geen kaas gegeten. Wij dan als twee enkelingen daarnaar op zoek.
Te midden van de graanvelden, waar we staan, heeft men ons toch ontdekt. In processie komen ze af en allen willen ze op de foto; Het gaat zover dat ze een soort groenteboer naar ons gestuurd hebben zodat we wat inkopen konden doen. En van die brave man kregen we nog een brood bovenop als verwelkoming. Ons enige probleem was dan van de afval af geraken. Wij alles mooi in een plasrieken zak(hoe kan het hier anders) gedaan en daarmee op stap op zoek naar een vuilbak. Blijkbaar is die hier nog niet uitgevonden. Uiteindelijk ontmoeten we dan toch een dorpsbewoner, pogen ons voornemen ken baar te maken, en dadelijk worden we geholpen. Ze neemt ons vuilnis over en kapt het in de natuur. Dat kunnen wij natuurlijk ook! Toch allemaal leuke tafereeltjes die we niet gauw zullen vergeten.

 


 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 14:03 Reageer op dit bericht

Turkije 2007 – Middellands Zeegebied en voornamelijk Lycië

AFLEVERING 1

Hier ben ik dan voor een eerste kort verslag.
Kennen jullie dat? Vroeg willen vertrekken om een grote afstand te overbruggen en ineens tot de bevinding komen dat er iemand zijn schoenen niet aangetrokken heeft. Waarschijnlijk heeft niemand van jullie dat al meegemaakt maar Wim, mijn verstrooide professor, is daar toch in geslaagd. Wij terug naar huis en natuurlijk komen we dan nadien in de overbekende ochtendfiles terecht. Maar eens Diegem voorbij, rijdt het heel vlot en kunnen we zonder al teveel problemen de kilometers van de eerste dag vreten. Het is broeierig warm en we puffen. Ons huis op wielen had voor het vertrek een grote opknapbeurt gekregen maar blijkbaar heeft men niet naar de airco gekeken en die doet het niet. Daar verschijnt ons tweede probleempje! Toch overbruggen we die eerste dag al zwetend en ’s avonds krijgen we een verkoelend onweer op ons dak.
De volgende dag begint koel en we rijden verder. Maar eens in Italië is het opnieuw heet en zoeken we een Mercedes garage op. Die lossen het foutje snel op en waar we de vorige dagen wegsmolten in de auto moeten we nu de koeling wat minder zetten of we vliegen eruit.
Terug verder richting Turkije. Oorspronkelijk schijnt alles nu naar wens te verlopen tot we beiden ons niet al te best voelen. Iets later beginnen we te niezen en snuiten zonder einde en dadelijk weten we vanwaar het komt. De dag voor het vertrek waren we bij vrienden uitgenodigd en de gastvrouw had zulk een verkoudheid dat het maar een klein kunstje was om die microben door te geven. Die hebben we dan ook spontaan gekregen met het gekende gevolg. Vijf dagen lang hebben we voor een snuit- en niesconcert gezorgd. Op de ferry van Italië naar Griekenland hadden we veel bezien. Iedereen die de camper langs kwam keek binnen met een vragende blik maar we konden er niets aan verhelpen. De Kleenex ging er vlot van door en tegen dat we, na vijf dagen onderweg te zijn, en effectief al 2 250 km gereden te hebben, de Turkse grens bereikten begon het wat te beteren.

 

Als eerste stap in het land bezochten we het schiereiland Gelibolu waar er tijdens de Eerste Wereldoorlog een ware veldslag heeft gewoed met als gevolg meer dan 500 000 doden. Indrukwekkend wanneer we al die kerkhoven zien met namen van gesneuvelden, allen tussen de 17 en 25 jaar.
Nadien trekken we verder om ons met de ferry over de Dardanellen te laten varen naar het Aziatische landsgedeelte. Om zeker geen plat getreden paden te berijden kiezen we voor een alternatieve route en dat hebben we geweten! Zulke slechte banen hebben we vorig jaar zelfs in het Oosten van het land niet gekend: wegen vol met putten, een lappendeken van opgegoten asfalt om andere putten te dichten. Maar denk niet dat ze dat mooi afwerken! Neen hoor, niets dan bulten en gerafelde kanten met een groot niveauverschil die we best constant trachten te mijden. Op andere delen is er van asfalt geen sprake meer en rijden we in een stofwolk.Daarop zien we dan inlanders met met een soort Vespa met een karretje achteraan. Van de twee karrenwielen was er één volledig plat maar geen nood; ‘en de boer, hij ploegde voort’. Gekleed in een militair pak en kanariegele rubberen laarzen hobbelde de man verder op zijn vehikel. Mooi om zien en hij stopte zelfs graag om op de foto te mogen.
Van militaire pakken gesproken: de jandarma is hier duidelijk zichtbaar in het land aanwezig en er zijn meerdere troepenbewegingen. Zouden ze een aanslag vermoeden? Dat ze maar wachten tot wij weg zijn.

 

Om onze cultuur terug wat bij te schaven hebben we de opgravingen te Bergama bezocht. Gezien hun ligging, hoog op berg, hebben we het voor twee jaar niet gedurfd om met ons rijdend huis er naartoe te rijden. Nu zijn we blijkbaar stouter geworden en wagen we het. Natuurlijk komt er net op een smal bergpad waar er maar een breedte voor één auto is, een bus als tegenligger aan. Met een erwt in ons broek zetten we ons behoedzaam aan de kant. Maar de buschauffeur is zo vriendelijk om traag maar zeker achteruit te rijden op dat moeilijk en kronkelig gedeelte tot er een plaats is waar we kunnen kruisen. Ik ben de man er eeuwig dankbaar voor. De opgravingen waren subliem en we dachten er nog een andere bezienswaardigheid aan vast te knopen. Maar zoals overal in Turkije was de streek één grote werf en denk maar niet dat alles hier stil ligt wanneer het zondag is. Neen hoor, zondag is hier werkdag en door Bergama geraken was geen lachertje. We hebben onze plannen dan maar aangepast en zijn tot ver buiten de stad gereden om bij een coöperatieve van tapijten een rustige overnachtingsplek gevonden te hebben. Al dadelijk maken we kennis met de bewaker, zijn dochtertje en zijn vrouw. Door aan onze woorden de nodige tche, dche, che of je toe te voegen en daar bovenop vele gebaren te gebruiken, kunnen we ons wel verstaanbaar maken. Onder zijn waakzaam oog en dat van een paar gevaarlijke honden gaan we, binnen de omheining, een rustige nacht tegemoet.

Tot hier de eerste aflevering en zoals ze in Turkije zeggen:

Allaha ismarladik uit te spreken zoals allaischmarladisj

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 11:20 1 reactie Reageer op dit bericht

Nieuwe plannen

Onze intentie om met de camper het Midden-oosten te doorkruisen mogen we classeren. Tot op heden hebben we ons grondig voorbereid op hetgeen er te zien en te beleven valt. Hoe meer we erover lezen, hoe meer we er naar verlangen. Het moet er schitterend zijn en de bevolking, zo mogelijk, nog gastvrijer dan in Turkije. Tot we aan de praktische kant van de zaak beginnen: hoe komen we het land binnen en wat zijn de formaliteiten. Hebben we nu een koude douche gekregen!!! Meer dan €1000 moeten we neertellen alvorens Syrië binnen te geraken. Men vraagt een 'Carnet de passage', een bankgarantie op de auto en daar bovenop mogen we nog een extra taks betalen omdat we met diesel rijden. Wanneer we het prijskaartje van die drie dingen voorgeschoteld krijgen, is onze beslissing snel gevallen. Die reis gaat niet door en onze ontgoocheling is groot.

Nu maar terug voor de kaarten zitten en een nieuwe bestemming uitzoeken. Turkije is ons vorig jaar zodanig bevallen dat we terug die richting uitwillen. Veel hebben we er al gezien maar het land is zo uitgestrekt dat we rustig nog eens kunnen terugkeren.
Bij het surfen op het internet val ik op een site die onze interesse wekt. In zuidwest Turkije loopt het Lycische pad d.i. een GR die nog niet lang bestaat en die blijkbaar zeer mooi moet zijn. In die richting blijven we verder zoeken en onze bestemming wordt dus West-Turkije en met name het gebied van de Middellandse Zee. Hopelijk valt het daar mee om enkele stukken van dat pad te lopen. Nadien zouden we dan meer landinwaarts trekken om daar te genieten van een rijke cultuur en een schitterende natuur.

Vermits we al in de eerste week van mei zijn, wordt het hoogtijd om de boot te reserveren die ons van Ancona naar Igoumenitsa moet varen. Alweer een opdoffer. We dachten op 30 mei te kunnen varen maar alle boten zitten vol. Er blijft ons slechts 1 datum: 23 mei en dat zal het worden want lang twijfelen moeten we niet meer doen. De twee volgende weken zal het lezen worden over hetgeen we daar te beleven hebben en jullie zullen wekelijks een aflevering krijgen van onze indrukken.
Veel leesplezier
Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

La Palma

Om de grijze wintermaanden te ontvluchten hadden we 6 weken geboekt op La Palma. Jawel, niet Palma de Mallorca maar één van de Canarische Eilanden. Aan zwemmen hoef je daar niet te denken want er is gewoon geen kans toe. Het is louter een wandeleiland en dat zullen we geweten hebben!!

Op de luchthaven stond men ons op te wachten en kregen we de autosleutels en een gans dossier met alle nuttige inlichtingen; pico bello in orde.Op weg naar ons huisje maakte we al dadelijk kennis met het landschap EN het wegennet. Dat laatste is in zeer goede staat maar oh wee, de route zelf!!! Geen 100 meter  recht of vlak. Voortdurend is het bochtenwerk en zorgen dat we in de juiste versnelling de berg oprijden. Doorheen het driehoekig eiland loopt een bergketen waar we so wie so over moeten. Via talloze bochten, steile hellingen en tussen wanden van bergen, waar men een strook in uitgehaald heeft, rijden we tot op onze plaats van afspraak.
Tomás, onze huisbaas wachtte ons daar op en reed ons voor naar hetlogement. Een stralende zon verwelkomde ons en het witte huisje glinsterde voor een rimpelloze oceaan. Een sprookje!! Dadelijk waren we er ons hart verloren.

Gerwapend met het nodige kaartmateriaal hebben we dag na dag wandelingen uitgestippeld. Zes weken lang hebben we gestapt en nog waren we niet rond. Van een onvergetelijk eiland gesproken! Elke windstreek toont een ander gelaat.
Het zuiden is louter vulkanisch. We wandelden er van de ene vulkaan naar de andere doorheen gestolde lava in alle vormen en kleuren. Zwart, bruin, roest, oker met al zijn schakeringen passeren de revue. Op verschillende plaatsen maakten de lavabrokken plaats voor lavagruis. Tot grote ergernis kwam dat steeds in mijn bergschoenen terecht.
We beklommen de Teneguia die voor het laatst in 1971 nog uitgebarsten was. Ruw en woest toonde hij zijn flanken en van begroeiing was er nog geen sprake. Een andere vulkaan heeft dan voor een uitbreiding van 2 km² van het eiland gezorgd. Hij heeft zijn lava tot aan de oceaan gespuwd en daar- door is het eiland op die plek heel wat breder geworden. Nu staat het daar vol met bananenplantages. Heel dat vulkanisch gedeelte stemt wel tot nadenken. Wat moet er toch onder onze voeten gaande zijn?
Het noorden kenmerkt zich door  woeste barranco's of zeg maar kloven. Het ganse eiland is trouwens een aaneenschakeling van kloven, weelderig begroeid. Daar deden we een onvergetelijk mooie tocht doorheen een zeer woeste gedeelte. Om de haverklap stopten we om te genieten van de wonderbaarlijke natuur.
In het westen bloeiden de amandelbomen weelderig. Net op het juiste moment waren we daar. We reden en wandelden temidden van roze flanken: witte, lichtroze en donkerroze bloemen sierden de omgeving.
In het noordwesten maakten we kennis met de drakebloedbomen en in het noordoosten staan er grote laurierbossen en is een zelfs een nevelwoud. Dat laatste hebben we nog niet bezocht en staat op onze agenda voor volgend jaar.
Centraal gelegen hebben we de Caldera de Taburiente, een ingevallen krater. Wanneer men daarin niet gewandeld heeft, heeft men het eiland niet bezocht. Met een jeep worden we naar boven gereden langsheen een baantje om U tegen te zeggen. Het is maar best om niet te veel naar de afgrond te kijken en vertrouwen te hebben in de chauffeur, de auto en de stevigheid van de ondergrond. Eens boven aangekomen kan de wandeling beginnen. Het eerste deel valt nog best mee en kan men volop van de machtige omgeving genieten met zijn mooi begroeide bergflanken waar bijna steeds wat wolkenslierten rondhangen. Na een vijftal kilometer gedaald te hebben komen we aan een 'acampada', een soort camping waar we rustig kunnen lunchen in het bijzijn van enkele hongerige vogeltjes en dan nadien begint het grote werk. We dalen verder af tot aan een rivier en gedurende zeven kilometer moeten we er doorheen tot bij onze auto . En voorwaar dat is geen klein bier. Over rotsblokken klauteren we verder, dan eens in een droge rivierbedding en dan eens waadend doorheen de rivier. Voortdurend is het uitkijken waar de voeten plaatsen en evenwicht is enorm belangrijk. Daarbij komt nog dat het op sommige plekken toch wat zoeken is naar het juiste pad. We maken kennis met alle maten en alle vormen en kleuren van rotsblokken, min of meer geërodeerd. Eindelijk na verschillende uren stappen ziet men dan het einde en hopen we vlug bij het eindpunt te zijn om wat te kunnen rusten. Mooi en onvergetelijk was het zeker maar de moeilijkheidsgraad is niet te onderschatten.
Wat ik nu nog niet vermeld heb, is onze rit naar het hoogste punt: de Roque de los Muchachos. Hoog boven de passatwolken staan daar observatoria waarvan de gegevens tot in Engeland kunnen gelezen worden. Het uitzicht is er zeer indrukwekkend en de rit er naartoe is geen doetje. Het vraagt van de chauffeur een constante aandacht. Hij krijgt de ene bocht op de andere te verwerken met daarbij echte haarspeldbochten met een steigingspercentagevan 15%. Maar goed dat mijn ventje al heel wat in de bergen gereden had want anders zou ik me zeker niet gemakkelijk gevoeld hebben.

En zo kan ik nog zeer veel neerpennen van een eiland dat gekend is bij moedige stappers. Het weerbeeld is er zeer wisselvallig en verschilt van oost naar west en van noord naar zuid. Elke ochtend is het uitkijken waar de bewolking hangt en in functie daarvan kiest men dan een wandeling. De temperaturen variëren eveneens en men moet  erop bedacht zijn zich steeds te voorzien op alle weersomstandigheden. Maar de winteronderbreking in ons grijs en grauw Belgenland was een topper en zeker voor herhaling vatbaar.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

plannen smeden

De vorige reisindrukken zijn verwerkt, de foto's bewerkt en de verhalen verteld. Nu kunnen we beginnen aan een volgend project!

Nog nooit zijn we in het Midden-Oosten geweest. Zou dat met de camper te doen zijn? De nodige informatie wordt opgezocht en ja hoor, het zal er van komen. Uiteraard moeten we eerst nog wat de plaatselijke situatie afwachten. Syrië en Jordanië staan al vast. Graag zouden we er Libanon bijnemen maar daarvoor moeten we nog even uitkijken hoe alles ginder evolueert. Volgens een buurvrouw in de infromaticacursus, die gehuwd is met een Libanees, is de onderneming zeker te wagen. Het is er schitterend, de mensen zijn vriendelijk en we zullen het ons niet beklagen. We zijn zelfs uitgenodigd bij hun familie die ginder verblijft.

Wij naar de boekhandel voor de nodige wegnkaarten en reisgidsen en de voorbereiding kan beginnen. Daar zullen we alvast heel wat tijd insteken want zulke onderneming kan je niet zomaar starten. Ons verhaal zal je de volgende maanden uitgebreid kunnen volgen.
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 00:00 Reageer op dit bericht

EPILOOG

 

Het is voor de tweede maal dat we Turkije bereisd hebben en we kunnen er ons nu een goed beeld over vormen. Graag wil ik dat met jullie delen.

 

Turkije is een groot land tussen Europa en het Midden Oosten met een oppervlakte van 81O OOO km². Slechts een klein deel ervan nl. Tracië  hoort tot het Europese continent maar het overgrote deel behoort tot Azië. De stad Istanbul ligt op de scheidingslijn tussen die twee werelddelen. Als grenzen kent het land de Zwarte Zee, Griekenland, Bulgarije, Georgië, Armenië, Azerbeidjaan, Iran, Irak en Syrië.
Wie over Turkije droomt , denkt automatisch aan de waterpijp, bazaars vol tapijten en exotische geuren opgefleurd met schitterend koper en juwelen, een prachtige kust met helderblauw water en noem maar op. Maar er is zoveel meer. Zo hebben we er de tegenstellingen tussen oud en nieuw die er eveneens voor zorgen dat het land zo fascinerend is en de talrijke opgravingen hebben een culturele waarde. Het land heeft prachtige bergketens die het dun bevolkte Anatolische Hoogland omsluiten, de stroomgebieden van de Tigris en de Eufraat waar niet kan naast gekeken worden. Er zijn uitgestrekte ongerepte gebieden met een zeer rijke flora. Vergeten we de wetlands niet, de bossen en de steppen met enorm veel bloeiende plantensoorten. Het vulkanische Cappadocië mag aan de opsomming zeker niet ontbreken. Foto’s kunnen de betovering hiervan bijlange niet weergeven. Hier is door miljoenen jaren lange erosie het landschap in fantastische sprookjesachtige formaties uitgesleten. Moskeeën en hun minaretten zijn niet uit het landschap weg te denken. Kortom: het is een land dat je zeker moet bezoeken en dan merk je dat alle lof die dit land toegezwaaid krijgt ook met de werkelijkheid strookt. Je ontdekt er juweeltjes die verbazingwekkend zijn en hoe meer je afwijkt van de platgetreden paden, hoe meer je ervan gaat houden. Turkije is onuitputtelijk!!!

 

Een van de belangrijkste kenmerken van dit land is de uitgesproken en welgemeende vriendelijkheid en gastvrijheid van zijn bewoners. Respect voor de medemens staat bovenaan de lijst en het is soms beschamend te ondervinden hoe gemoedelijk en attent je er ontvangen wordt. Zelfs de taal vormt geen barrière. Ze pogen je met hand en tand bij te staan en bij te brengen wat ze bedoelen. Achter hun soms heldhaftige houding schuilen schatten van vriendelijkheid. Wij westerlingen hebben nog een lange weg te gaan!!!

 

Enkele minpunten hebben we tijdens onze reis kunnen ervaren en één daarvan is hun slordig omgaan met de natuur.  Het land is één grote vuilnisbelt waar arme stakkers zoeken naar iets bruikbaars. Plastic vinden we het ganse land door; wat ze niet kunnen gebruiken gooien ze weg, vuilnisbakken worden soms niet geledigd en daar rond is het walgelijk om te zien wat er rondslingert. Op dit vlak is er nog een grote weg af te leggen en kunnen zij misschien van ons iets leren.

Een tweede minpunt is de staat van de wegen. Dit laat  op verschillend plaatsen veel te wensen over. Hoe meer oostwaarts hoe penibeler het wegdek. Maar dat hebben ze blijkbaar zelf ingezien en ik denk niet dat er één gebied is waar ze niet met wegeniswerken doende zijn. Om er momenteel over te rijden is het op z’n minst gezegd ondoenbaar maar binnen een X aantal jaren zal er een grote verbetering te merken zijn.

Roken als een Turk! Dit is een gezegde dat niet uit de duim gezogen is. Wij hebben er ons echt aan gestoord te weten dat de bevolking al zo arm is en dat het ongezond is. Toch blijft men er mee doorgaan. Zelfs op heel jonge leeftijd is men er soms al verslaafd aan. Dar moet zeker aan gewerkt worden!

 

Maar laat dit ons algemeen beeld over Turkije niet vervormen. Je moet het land gezien en beleefd hebben. Dank zij onze zwerfwagen hadden we heel veel aangename contacten die zeker niet te verwaarlozen zijn. Zulke reis is op alle vlakken een verrijking; gewoonweg DOEN.

 

Reizen is de einders zien verweiden om weer thuis vermetel te verklaren

Dat niets …. Vlaanderen kan evenaren!!!

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 09:47 Reageer op dit bericht

Reizen is genieten van alle dingen, hoe klein of hoe groot ze ook zijn

 

Na een pikdonkere nacht wakker geworden in een droomwereld. Yusufeli hadden we gisteren niet meer gehaald en staat dus vandaag op het programma. Met de moed der wanhoop proberen we uit de benarde situatie van gisteren te geraken om zonder kleerscheuren terug op onze weg te komen. Alles lukt ons perfect. Het pad, dat gisteren nog vrij breed was wordt smaller om smaller. We bevinden ons aan de oostkant van het Kaçkargebergte en hadden niet gedacht dat het zo imposant was. Volgens de kaart moeten we de loop van een kolkende rivier volgen en alles verloopt volgens plan. Op de bergen geraken we niet uitgekeken. We zijn hier in een gebied met verschillende toppen die rond de vierduizend meter reiken en dat ondervinden we. Steile, ruwe rotsen naast een smal pad in een nauw V-dal. Prachtig van kleuren maar angstaanjagend. Geen honderd meter recht, alweer die diepe kuilen die we pas te zien krijgen wanneer we er voor staan. Op verschillende plaatsen zijn steenlawines of modderlawines naar beneden gekomen zodat we er nog amper met de camper door geraken. Heel indrukwekkend. Tegen die loodrechte flanken zijn huisjes gebouwd, of liever gezegd hangen huisjes aan, die naam niet waardig; Voor geen geld zouden ze me erin krijgen en toch zijn ze bewoond; door wie en voor hoe lang nog? De ganse weg genieten we van die indrukwekkende kleurrijke rotsmassa’s en daar komt het plaatje tevoorschijn waar we op wachten: Yusufeli! Een prachtig bergdorp in het dal van de woest kolkende Coruh Nehri. Van verschillende zijden hadden we reeds gehoord dat het een must was maar aan zulk een paradijs voor natuurliefhebbers hadden we ons niet verwacht. Voor fotografie zijn de omstandigheden fantastisch en ik schiet er dan ook op los. Eens thuis zal ik weer heel wat werk hebben om al die foto’s te catalogeren of te bewerken. Maar zo beleef ik de reis nog een tweede maal.
Na het aankopen van een fles propaangas gebruiken we de namiddag om al wandelend van de omgeving te genieten. Her en der liggen op de daken van de huisjes abrikozen te drogen. Een lief vrouwtje komt net terug van de oogst en is gelukkig dat ze er ons een ganse zak kan van schenken. Toch wel lieve mensen hier! Wim filmt het ganse gebeuren en maakt alweer een fout. Hij denkt haar plezier te doen met het tonen van de gefilmde beelden maar niets is minder waar. Ze mag blijkbaar niet zo dicht bij een man komen en bekijkt heel schuchter de beelden van op afstand nadat ze haar beide mouwen zedig naar beneden getrokken heeft. Na twee uur lopen bij 26° is onze voorraad water erdoor. We zijn verplicht terug te keren en doen zo snel we kunnen een terrasje aan. Wim kiest voor een halve liter bier terwijl ik zo maar even drie glazen kersensap binnengiet. Wat smaakte dat. ’s Avonds krijgen we regelmatig bezoek van de plaatselijke bevolking die tracht een gesprek aan te knopen. Maar dit is steeds van korte duur om de wel gekende reden. Ons aperitief nuttigen we aan de camper waar een stevige wind voor de nodige afkoeling zorgt. Hopelijk blijft hij goed waaien zodat we eens zonder zweten de nacht kunnen doorbrengen.

 

BLOED, ZWEET EN TRANEN dat zijn de kernwoorden na de koninginnerit van vandaag!
Na overleg met de mannen van het dorp en na de kaart nog eens grondig bestudeerd te hebben, kiezen we toch voor een geel baantje, een tweederangs baantje dus, dat ons naar Ispir leidt. Het zou geasfalteerd zijn maar wel in minder goede staat, we zien wel. Gisteren hadden we er reeds een deel van gelopen en op enkele stukken na viel het nogal mee. Vol goede moed starten we om die 76 km door te bijten maar wat blijkt nu! In een ongekende schoonheid waarvan we jammer genoeg niet voldoende van kunnen genieten, het landschap deed denken aan Bryce Canyon in de States met zijn ongelooflijke kleurschakeringen en de daarbij horende erosie, hebben wij een ganse voormiddag nodig gehad om in het volgende stadje te geraken. Het baantje begon zoals gezegd met asfalt maar al vlug bleek dat dit niet zou blijven duren. De ondergrond werd steeds maar slechter en op menige plaatsen moesten we op grint rijden. Voornamelijk in de dorpen was er bijna niet doorheen te komen. De weg had vaak amper de breedte van onze camper met aan de ene zijde een afgrond met daaronder de kolkende rivier en aan de andere zijde fel uitstekende rotsen. Alsof dat nog niet genoeg was voorzag men op die plekken dan nog een haarspeldbocht ook. Ook moest men steeds aandachtig de boorden mijden want die waren op vele plaatsen instortend klaar. We slalomden regelmatig tussen grote stukken rotsblokken die her en der over de weg verspreid lagen, gevolg van regen van de vorige dagen. We reden door droge rivierbeddingen, moesten zelfs doorheen een rivier rijden tot we een afslag ‘Ispir’ zagen staan. Dan stonden we weer voor steenlawines waar we moesten trachten doorheen te komen ofwel moesten we zorgen dat we niet vastliepen in de modderstroom die over het ‘wegdek’ liep. Kortom; niet te doen! Tegen 17 km/uur vorderden we en in stilte hoopten we steeds geen tegenligger te ontmoeten. Gelukkig haalden we het zonder kleerscheuren.
Even op adem komen en de kaart bestuderen voor het volgende traject. Alweer geen te beste keuze. We kiezen voor een grotere weg maar moesten wel een pas van 2 640 meter over. Alweer sprak men van asfalt maar later bleek dat het ooit asfalt geweest was. En wij maar verder slalommen en hotsen en botsen. De tafel vloog weer van de muur en die heb ik dan maar wijselijk vastgehouden tot we stopten. We reden volop door het hooggebergte. Mooi maar koud en niet te doen. Wim kreeg er in de late namiddag genoeg van en aan de Zwarte Zee, waar we intussen waren aangekomen, zochten we een overnachtingsplek. Een dorp inwandelen en zien waar we konden overnachten. Even een vraagje bij de eigenaar van een ‘otopark’ en alweer was het dadelijk in orde, we mogen er overnachten. Ne enkele minuten geklop op de deur. Hij had voor ons mooi de tafel gedekt en we moesten op de thee. Een half uur zaten we daar met landkaarten en woordenboeken. We waren zelfs al zover dat we verstonden dat hij voor ons eten besteld had. Weg mochten we dus niet! Krantenpapier werd bovengehaald om de tafel te dekken en daar brachten ze per fiets ons eten. Op het krantenpapier werd een stuk karton gelegd en dat was ons bord. We kregen een Turkse pizza die we met onze vingers moesten eten en daarbij 2 liter water. Het smaakte alhoewel het vet zo van tafel droop. Vriendelijk bedankt voor het onthaal en de flessen water kregen we mee naar de camper. Wat zal de nacht ons deugd doen.

 

Tweede dag in het gebied van De Zwarte Zee en tweede dag regen. Dan hebben de reisgidsen toch gelijk. De natuur is hier veel groener dan elders in dit land en er wordt hier thee geteeld, we moeten niet ver zoeken om te weten hoe dat komt. Ook de bevolking is veel koeler en minder hartelijk dan in de rest van Turkije. We zullen zeker niet lang in dit landsgedeelte vertoeven.
Van de uitbater van ons slaapplaats geen slecht woord. Na hetgeen ik gisteren van hem schreef heeft hij ons vanmorgen nog verrast door het stofzuigen en wassen van een camper die het meer dan nodig had. Als tegenprestatie hebben wij hem ons laatste Belgisch bier geschonken en zo te zien was hij geen moslim. Met een smile van zijn een oor naar zijn ander nam hij de flesjes aan.
Trabzone ligt aan de Zwarte Zee en heeft als grote troef de Haghia Sophia. Deze gerestaureerde 13de-eeuwse Byzantijnse kerk bezit een van de mooiste fresco’s met taferelen uit het Oude Testament. Meer dan een bezoek waard. We kunnen er, na een maand onderweg te zijn, terug eens Nederlands praten. Een Turk, die lange jaren in Nederland gewoond en gewerkt had, sprak ons aan en heeft ons rondgeleid in het museum. Het was deugddoend.
Van daar naar het Sumela-klooster. Daar hadden we ons veel van voorgesteld maar er waren daar zulke ingrijpende restauratiewerken gaande dat het wel een tegenvaller was. Dan maar verder. We kozen voor een bergbaan om over enkele dagen terug in Centraal-Anatolië uit te komen. Ze was deze keer in goede staat maar de lucht was dreigend. En inderdaad, eens goed en wel vertrokken, hebben we in dat hooggebergte een onweer mogen verwerken. Het water stroomde langs alle zijden naar beneden, een ganse modderstroom meevoerend. Op sommige plaatsen moest de politie het verkeer regelen en sommige mensen stonden troosteloos te kijken naar hun ondergelopen akkertje. In plaats van 26 graden hadden we er tien minder, tijd om iets warms aan te trekken. Nochtans dachten we terug van het lekker zonnetje te kunnen genieten nadat we de pas van 2 020 meter over waren maar niets was minder waar. Het bleef koel en we zullen vannacht eens een lekker frisse nacht hebben.

 

Vandaag dan de bergketen over om hopelijk terug van beter weer te kunnen genieten maar alweer pech. Bij het staren verschijnen al dreigende wolken die de bergtoppen afsnijden. Toch kiezen we opnieuw voor een tweederangs baantje. Na inwinnen van informatie zou het in goede staat zijn.En het levert alweer prachtige prentjes op. Traag rijdend genieten we van die prentkaart. Halverwege die weg krijgen we plots andere koek te verwerken. Het pad wordt smaller om smaller en wat ooit asfalt was is nu nog slechts grint. De rit Van Yusufeli indachtig maken we rechtsomkeer want die ellende een tweed maal meemaken, dat nooit meer!!! Wij via dezelfde weg terug maar dan wel aan een hogere snelheid, we moeten zomaar eventjes 50 km terug rijden. Nadien kiezen we voor een geasfalteerde baan die toch al in iets betere staat is en we hebben er moed op. Maar hoe hoger we klimmen hoe dreigender de lucht wordt. We zijn op 2 125 meter hoogte.
Zie jij nog iets? Niet veel meer.
Zouden we niet beter stoppen? Zou misschien niet slecht zijn want ik zie de baan niet meer.
En op die hoogte krijgen we daar een onweer te verwerken om U tegen te zeggen. De hagelbollen tikken als knikkers op onze zwerfwagen en we zien nog alleen een regen- en hagelgordijn. Dan maar alle lichten en gevaarslichten aan en mooi blijven staan. De temperatuur daalt tot 8 graden. Dat rotweer blijft maar duren en we wagen de afdaling. Voetje voor voetje vordert de weg terwijl het rondom ons bliksemt en dondert. Rond ons zien we aan alle zijden stukken rotsblokken naar beneden komen en wij maar hopen dat ze tijdig stoppen met rollen zodat we ten minste daarvan gespaard blijven. De modder stroomt in beken naar beneden en daar moeten wij dan ook beducht voor zijn. De lucht zit potdicht en dat het onweer zou voorbij trekken is nog niet voor dadelijk. Met een erwt in de broek redden we ons uit de hachelijke situatie en hopen wat verder het betere weer te vinden. En dat lukt nog ook. Eens in de vallei houdt het op met regenen en is de weide weer bezaaid met bloempjes. We hebben de intentie om het vandaag wat rustiger aan te doen en niet te ver te rijden want we zijn beiden moe. Al vlug zoeken we een staanplaats maar dat lukt ons niet zo direct. Genietend van de bergketens met nog steeds dreigende wolken en op de flanken een lappendeken van kleuren schuimen we de omgeving af. Nog twee uur hebben we moeten verder rijden om een plekje te vinden; een riant plateau met uitzicht over het meer en zijn omgeving. Wij de stoelen uitgehaald om ons te installeren en wat te genieten. Maar de wind blaast zo krachtig dat we bijna met stoel en al omwaaien; Dan maar van de nood een deugd maken en binnen zitten. Hopelijk is het morgenochtend beter weer zodat we kunnen dauwtrappen alvorens te vertrekken.

 

En inderdaad, het is beter. Wij reeds om acht uur op stap. Het licht en de temperatuur zijn ideaal. Na een uur te genieten rijden we verder landinwaarts. Alweer wacht ons het verwerken van een bergpas en de wolken verschijnen terug; Blijven ze ons dan werkelijk achtervolgen? En zeggen dat ze in onze heimat wegsmelten van de hitte. Gelukkig zijn de weergoden ons vandaag wat gunstig gezind en kunnen we ons programma droog afwerken. We houden nog een korte stop te Sivas, een zeer drukke stad. Eruit weg geraken is geen sinecure, richtingaanwijzers kennen ze hier blijkbaar het bestaan nog niet van en dan maar op onze gebruikelijke manier informatie inwinnen. Gebarentaal begint hier echt wonderen te doen. Volgen dan kilometers baan doorheen de graanschuur van Turkije tot we de afslag nemen naar een klein dorp. Zou het hier niet leuk zijn om vannacht te staan? Van bij het zoeken al naar een horizontale plek is er een enthousiaste jonge dame die ons toewuift; Ja, dat lijkt ons wel wat. In de buurt van haar huis houden we halte. Ze komt dadelijk op ons af met het gekende gebaar en çai. Even bekomen van de rit was er dus niet bij en we moeten dadelijk mee naar haar woning. In de tuin is er een deel afgemaakt dat als terras moet dienen; wat planken aan mekaar getimmerd met de nodige ruimten ertussen, iets dat op een poortje moet lijken en daarbinnen de banken met de gebruikelijke kussens op. We moeten er plaatsnemen en haar broer, die een weinig Engels kan, tracht met ons een gesprek aan te knopen. Korte tijd nadien komt de gastvrouw eraan met een dienblad gevuld met eten en een theestel. Ze biedt ons brood aan gevuld met spinazie, een soort marsepein en ander zoetigheden en olijven. En wij maar eten. Wanneer we het welletjes vinden hebben we vriendelijk bedankt en kunnen we eindelijk naar ons huisje. Goed en wel zitten we buiten ons boek te lezen en de rest van het dorp verschijnt. Onze komst had zich weer als een lopend vuurtje verspreid. Met z’n allen willen ze in de camper bezichtigen en even dacht ik eraan om een volgnummer te geven want ik kon niet meer volgen. Intussen is er alweer een lief iemand die koffie gaan zetten is en voor onze zwerfwagen, op de grond, hebben we dan tijdens het nuttigen ervan het gebruikelijke babbeltje gehouden. Gelukkig had haar zoon in Nederland gewerkt als portier en kan hij ons wat bijstaan als vertaler. Tot laat zitten we buiten onder het monotone tromgeroffel van een huwelijksfeest, en indien het echt te fris wordt kruipen we binnen en van lezen is niet veel in huis gekomen.

 

We zijn op de terugweg en doen nog even Cappadocië aan. Het is er zo mooi dat we er voor de allerlaatste keer nog eens willen van genieten. Het wordt een rustige dag zodat we even kunnen bijkomen want we hebben er nood aan. Slapen doen we opnieuw te Zelve maar van een zonsondergang kunnen we alleen maar dromen. Het weer is al verschillende dagen aan de grillige kant en de zon is ver te zoeken. ’s Avonds alweer hetzelfde: de talrijke Turken die tijdens het weekend picknicken komen als het ware in een rijtje staan om toch maar even een kijkje te mogen nemen in de zwerfwagen. Wie kan hen dat verbieden?

 

Nog een laatste wandeling in dit feeëriek landschap en dan op weg naar Sultanhani. Ook op de heenreis hebben we daar overnacht en waren er goed ontvangen. Waarom nu die niet overdoen. De bergen verdwijnen stilaan uit ons vizier en we rijden opnieuw door de graanschuur van Turkije. Centraal-Anatolië produceert trouwens de meeste graangewassen van het land. Het graan staat overrijp en zo ver we zien kunnen zijn ze aan het oogsten. Dat beeld van die gouden graanhalmen met her en der een boom ertussen overweldigt mij zodanig dat ik het niet vlug zal vergeten. Aangekomen op ons voorziene plekje worden we weer met open armen ontvangen en zullen we lekker rustig kunnen uitslapen. Na het nuttigen van de aangeboden thee en de soep die ze voor ons klaarmaken hebben we eindelijk rust en kunnen we even aan ons zelf denken.

 

Het hart van het Aziatisch deel van Turkije wordt gevormd door een hoogvlakte met dorre steppen die worden onderbroken door een groot zoutmeer. Dit is het gebied waar we vandaag doorheen moeten. We kiezen bewust voor toeristische routes omdat die zoveel moois te bieden hebben.In de dorpen die langsheen die baantjes liggen hebben ze voorwaar nog nooit een zwerfwagen gezien en we worden begaapt alsof we marsmannetjes zijn die op aarde neergedaald zijn. We rijden en rijden ettelijke kilometers door een vlak landschap waar het rijp koren staat te wachten om geoogst te worden. Waar ze reeds die taak aan het opknappen zijn, volgen de ooievaars de machines zoals je bij ons de meeuwen achter een traktor ziet vliegen. Met tientallen zoeken ze naar iets eetbaars. Zelf denken we op sommige ogenblikken dat we op het eind van de wereld zijn; geen levende ziel te bespeuren, geen auto’s, geen mensen, geen dieren. Alleen maar dat onmetelijke…. En plots verschijnt daar dan voor ons dat meer, Tuz Gölü, een 80 km lang zoutmeer met een moerasachtige oever. Het bevat zoveel zout (35%) dat dit mineraal zelfs onder water kristalliseert. En die kleur!!! Noem het maar Pink Lake; over de ganse oppervlakte schittert het dieproze meer met naar de kanten toe een brede spierwitte zoutrand waarvan de kristallen glinsteren in de zon. Op slechts één plaats kan men het meer benaderen en dat doen we dan ook uitgebreid. We wandelen op de zoutkristallen en tussen de plassen waarin het kristallisatieproces nog bezig is. Onvoorstelbaar mooi.
Nadien terug de eindeloze vlakte door. De weggetjes worden steeds maar smaller maar de natuur is onvergetelijk. Voor de lunch stoppen we in een klein dorp. Slechts een achttal huizen staan er. Leven is er op het eerste zicht niet te bespeuren. Is het misschien een dorp waar de pest is uitgebroken? We eten er en wagen nadien toch een dorpswandeling. Slechts aan één huis zaten er enkele vrouwen en een man te keuvelen. Daar kunnen we natuurlijk niet zomaar voorbij. Fotograferen stoort hen niet en we beloven dan ook al die foto’s door te sturen. Resultaat: uit dankbaarheid krijgen we twee broden, een pond gezouten boter en 10 kakelverse eitjes mee naar de camper. Bij onze noorderburen zullen er zeker vele jaloersen rondlopen indien we beginnen opnoemen wat wij in dit land allemaal gekregen hebben. Met spijt in het hart verlaten we dat gebied en vervolgen de weg. Die blijft wel even mooi en meerdere malen vliegen de arenden ons zo voorbij.
In de late namiddag beginnen we te denken aan een overnachtinsplek maar dit wil vandaag niet goed lukken. We zoeken en blijven zoeken. Onze keuze om kleine baantjes te nemen is prima maar we hebben er geen rekening mee gehouden dat daar weinig uitwijkmogelijkheden zijn. Het is dan ook al negentien uur alvorens we een plek vinden. Op een plateau te midden van een berglandschap gaan we de nacht doorbrengen; We staan er gans alleen, geen dorp in de omgeving en van vervelende kinderen zullen we geen last hebben.
Resten er ons dan nog twee dagen Turkije waaronder morgen een stadsbezoek aan Istanbul. Nadien doorkruisen we nog het noorden van Griekenland waar we toch nog enkele dagen een strand gaan opzoeken. We kunnen het best gebruiken. Eens in Italië rijden we richting Dolomieten en hopen we in Val Gardena nog enkele schitterende bergwandelingen te doen. Ongeveer 10 000 kilometer zullen we dan gereden hebben en het zal eens wat anders zijn om de benen een inspanning te laten doen. De rest vernemen jullie dan wel wanneer we terug in het thuisland zijn.

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door Bernadette en Wim om 09:45 Reageer op dit bericht

Meer van Reizigers

↑ Terug naar de berichten