Kerstmeisjes

Kerstmeisjes
KerstavondKatholieken gaan op kerstavond naar een middernachtmis in de kerk om de geboorte van Christus te vieren. Ook in steeds meer protestantse kerken wordt kerstavond gevierd met een kerkdienst. Veel mensen gaan dan naar de kerk. Het is vaak een van de drukste kerkdiensten van het jaar.
De gewoonte om op de avond voor de eigenlijke feestdag naar de kerk te gaan is zeer oud en stamt uit de Joodse traditie. In het Jodendom begint de dag namelijk met de nacht. De sabbat begint bijvoorbeeld op vrijdagavond na zonsondergang. Dit is in het Christendom in stand gehouden en viert men dus op de avond voor Kerst al het Kerstfeest.
Bing Crosby
Harry Lillis Crosby (Tacoma (Washington), 3 mei 1903 – Madrid, 14 oktober 1977) was een populair Amerikaans zanger en acteur. Bing Crosby's grootste hit was zijn opname van het door Irving Berlin gecomponeerde lied White Christmas.
Bing Crosby groeide op met Al Rinker, de jongere broer van de zangeres Mildred Bailey. Crosby en Rinker hebben gebruik gemaakt van Bailey's verbindingen in de muziekwereld en na afloop van hun schooltijd werden zij dan ook lid van Paul Whiteman's Rhythm Boys. Crosby bezocht een Jezuïeten-College en studeerde rechten. Terwijl hij met collega's op zakenreis was, zong hij in bars en verklaarde, dat hij hiermee veel meer verdiende dan in zijn baan als advocaat. Hierop besloot hij zijn carrière als advocaat voor altijd op te geven en zich uitsluitend op zijn zangcarrière te storten.
Zijn grootste hit was zijn versie van Irving Berlins song "White Christmas", een van de grootste verkoopsuccessen aller tijden en na Candle in the Wind van Elton John op nummer 2 in de eeuwige bestsellerlijst. Crosby won 21 keer goud, bijvoorbeeld, "I'll Be Home for Christmas", "Too-Ra-Lo-Ra-Loo-Ral" en "Swinging on a Star". Hij speelde ook in tal van films in de jaren 1930 tot 1960. In 1956 kreeg het door Cole Porter gecomponeerde, samen met Grace Kelly gezongen liefdesduet "True Love" uit de film "High Society" een Oscarnominatie en werd een evergreen.
Crosby was twee keer getrouwd. Aangezien zijn tweede vrouw, de actrice Kathryn Grant, aanzienlijk jonger was dan Crosby, had hij ook nog op latere leeftijd kinderen. Zijn kinderen uit beide huwelijken behoorden daarom tot verschillende generaties. Na het overlijden van Bing Crosby, schreef zijn oudste zoon uit het eerste huwelijk een omstreden biografie waarin hij zijn vader als autocratisch beschrijft. Twee van Crosby´s kinderen, Lindsay en Dennis, pleegden zelfmoord. De actrice Denise Crosby is een kleindochter en de actrice Mary Crosby is een dochter van Bing Crosby.
Bing Crosby - een fanatieke golfer - stierf in 1977 na een ronde golf in Spanje - hij was ingestort vanwege een zware hartkwaal. Hij werd op de begraafplaats Holy Cross in Culver City, Californië begraven. Enige onzekerheid bestaat er nog steeds over de geboorteplaats en het geboortejaar van Bing Crosby. De meeste bronnen geven het geboortejaar met 1903 aan, maar op zijn grafsteen staat - op aanwijzing van zijn familie - als geboortejaar het jaartal 1904.
In erkenning voor zijn inzet voor de golfsport werd Crosby 1978 postuum in de World Golf Hall of Fame opgenomen.


The mamas and the Papas
The Mamas and The Papas was een toonaangevende Amerikaanse zanggroep uit het midden van de jaren zestig. Samen met The Beach Boys behoorden ze tot de weinige Amerikanen die succes hadden tijdens de zogenaamde Britse invasie.
John Phillips, Cass Elliot, Denny Doherty en Michelle Phillips formeerden de groep nadat voorgaande pogingen tot het opzetten van een folk-groep hadden gefaald. Ze hadden al direct een reusachtige hit met California Dreamin' , wat nog steeds hun bekendste nummer is.
De naam werd geïnspireerd door een praatprogramma op televisie. Voor het uitbrengen van hun eerste album was de band bekend onder de naam The New Journeymen maar ze zochten een makkelijker in het gehoor liggende naam. Tijdens een brainstorm-sessie zette iemand de televisie aan. In het programma werd een gesprek gevoerd met een Hell's Angel. De eerste zin die ze hoorden was "Now hold on there, Hoss. Some people call our women cheap, but we just call them our Mamas". ("Ho even, Hoss. Sommige mensen betitelen onze vrouwen als 'goedkoop' maar wij noemen ze gewoon 'Mama'"). Cass sprong op en riep uit "Ja! Ik wil een 'Mama' zijn!" Michelle stemde daarmee in en wilde ook een 'Mama' zijn. John en Denny keken elkaar aan en John zei "Papas? Okay, probleem opgelost". De band had haar nieuwe naam.
In interviews geven de bandleden grif toe dat tijdens hun opnamesessies (en eigenlijk ook de rest van hun leven) veel gebruik werd gemaakt van drugs, er was altijd veel marihuana en andere populaire drugs uit die tijd voorhanden. Ze geven zelfs toe dat zij de drugs gebruikten voor de ogen van hun kinderen, die ook vaak bij de opnamesessies aanwezig waren.
Het verhaal van het einde van de band lijkt wel wat op het klassieke Koning Arthur verhaal, vanwege de intriges tussen, en het effect daarvan op, de bandleden. Al lang voor het ontstaan van de band waren John en Michelle getrouwd, toen zij pas zeventien jaar oud was. Vroeg in het bestaan van de band, toen ze nog The Journeymen heetten en Cass er nog niet bij was, begonnen Michelle en Doherty een verhouding. Dit wisten ze lange tijd voor de andere twee bandleden verborgen te houden. Tijdens een reis door Mexico vertelde Denny aan Cass over de verhouding. Cass was woedend omdat ze in stilte verliefd was op Denny. Enige tijd later betrapte John de twee op heterdaad en verliet het huis waar ze samen in woonden.
John kon niet langer samenwonen met Michelle en trok in bij Denny. Beiden heren waren nog steeds verliefd op Michelle en confronteerden haar op een dag met het verzoek om een keuze te maken. Na enige besluiteloosheid koos ze voor John en ging weer met hem samenwonen. Dit hield echter niet lang stand waarna Michelle haar toevlucht zocht in de armen van Gene Clark, lid van de bevriende en concurrerende band The Byrds. Na een concert waarbij Michelle kushandjes blies in de richting van Clark die op de eerste rij zat was de maat voor John Phillips vol. Hij zei dat hij niet langer met Michelle samen kon optreden. Samen met een advocaat stelden ze een verklaring op dat Michelle uit de band werd gezet.
Jill Gibson, een vriendin van hun producer, werd ingehuurd om de plaats van Michelle in te nemen. Gibson was geen zangeres (volgens sommigen was Michelle dat ook niet) maar leerde in enkele weken de nummers goed te vertolken. Haar belangrijkste bijdrage was echter dat ze vooral uiterlijk erg op Michelle leek: lang blond haar, slank, knap gezicht.
Al snel nadat ze weer begonnen op treden bleken de fans niet gelukkig met deze vervanging. Tijdens ieder optreden riepen de fans "Where is Mama Michelle?" en "We want Mama Michelle". Kort daarop werd Michelle weer in de band opgenomen en kon Jill vertrekken.
Alles leek weer bij het oude: John en Michelle waren weer samen en de band was weer aan het werk. Kenny Doherty was echter zwaar aan het drinken geslagen om Michelle maar te vergeten en had het er heel moeilijk mee haar samen met John te zien. De band trad aan als afsluiter van het eerste Monterey Pop Festival maar het optreden was geen succes.
De band probeerde te werken aan een nieuw album (wat ze contractueel verplicht waren) maar vorderden nauwelijks. Om hun creativiteit aan te slingeren maakten ze een trip naar Engeland. Op een feestje aangeboden door hun platenmaatschappij raakte Cass in gesprek met Mick Jagger. John kwam er bij en maakte een grove beledigende opmerking over haar ten overstaan van de aanwezigen. Beledigd en teleurgesteld rende Cass de kamer uit en verliet direct daarop de band. Als lapmiddel bracht de platenmaatschappij daarop een "Greatest Hits" album uit. Cass was contractueel verplicht mee te werken aan het volgende album en werkte dus mee aan The Papas & the Mamas.
Kort daarna, in juli 1968, hield de band op te bestaan.
Cass Elliot begon aan een zeer succesvolle solocarrière en toerde door de U.S. en Europa. Bij het nazien van de contracten besloot de platenmaatschappij dat ze nog een album te goed hadden van de band. Na bijna een jaar uit elkaar geweest te zijn kwamen de bandleden weer samen om hun laatste album"People Like Us (1971) op te nemen.
Mama Cass Elliot stierf tijdens een tournee aan een hartaanval op 29 juli 1974. Papa John Phillips stierf aan een hartstilstand op 18 maart 2001. Papa Denny Doherty overleed op 66-jarige leeftijd op 19 januari 2007 in de Canadese stad Mississauga aan de gevolgen van problemen aan de nieren. [1] Mama Michelle Phillips is als enige nog in leven; zij heeft een succesvolle acteercarrière achter de rug.
De eerste dochter van John, Mackenzie Phillips, had een tiener-rol in de jaren zeventig televisieserie One Day at a Time. De dochter van John en Michelle, Chynna, formeerde de band Wilson Phillips samen met de dochters van Beach Boy Brian Wilson met wie zij al van jongs af aan bevriend was. De derde en laatste dochter van John, Bijou Phillips, is een succesvol actrice.
In 1998 werden The Mamas & the Papas ingevoerd in de Rock & Roll Hall of Fame en in 2000 gebeurde datzelfde voor de Vocal Group Hall of Fame.


Marilyn monroe
Trini LopezTrini Lopez (geboren als Trinidad López III, Dallas (Texas), 15 mei 1937) is een Amerikaans zanger van Mexicaanse afkomst.
Hij had groot succes in 1963 met het lied "If I had a hammer". Het bereikte de eerste plaats in de hitlijsten in vijfentwintig landen, waaronder de Nederlandse Top 40. Het nummer stond op zijn debuutalbum "Trini Lopez Live at PJ's", dat verscheen op Reprise Records, het platenlabel van Frank Sinatra. Ook "La Bamba" van dezelfde lp werd een hit. Latere succesnummers van Lopez waren onder andere "This land is your land", "Kansas City" en "Adalita".
Met minder succes werkte Lopez ook als acteur. Zijn eerste film was "Marriage On The Rocks" (1965), waarin hij optrad naast Sinatra en Dean Martin. De bekendste film waarin hij speelde was "The Dirty Dozen" (1967).
Tegenwoordig treedt Trini Lopez nog steeds op. In 2005 nam hij deel aan een benefietconcert voor de slachtoffers van de Tsunami.
Winter
Blues
The Animals
The Animals was de naam van een Engelse groep, die deel uitmaakte van de Britse beat-explosie van begin jaren zestig.
De blikvanger van The Animals was zanger Eric Burdon, een klein mannetje met een gigantische stem, maar het muzikale genie achter de groep was onmiskenbaar Alan Price. Price vormde in 1961 in Newcastle, samen met bassist Chas Chandler, drummer John Steel en gitarist Hilton Valentine The Alan Price Rhythm and Blues Combo. De leden kenden elkaar van school of uit het kleine jazz- en bluescircuit van Newcastle. Toen een jaar later Eric Burdon er als zanger bijkwam, veranderde men de naam in The Animals. De uitzonderlijke stem van Burdon plaatste hem al snel op de voorgrond.
The Animals beschouwden zichzelf als rhythm and bluesgroep. Hun eerste single, Baby let me take you home, was echter een middle-of-the road popnummer, dat de band nooit live heeft willen spelen. Het nummer kwam op 16 april 1964 uit, maar geraakte in Engeland niet verder dan de 21ste plaats. Twee maanden later volgde hun bewerking van de traditional House of the rising sun en daarmee stootten ze direct door naar de eerste plaats, ook in de Verenigde Staten, waar het nummer echter, zonder medeweten van de band, in een sterk bekorte versie werd uitgebracht. Het nummer viel op door het karakteristieke gitaarintro en door het feit dat het zes minuten duurde, hoewel daar in de VS ruim de helft af ging. De opvolgers I'm crying, het Nina Simone-nummer Don't let me be misunderstood, Boom Boom en Sam Cookes Bring it on home to me deden het iets minder goed, maar de groep had wel haar naam definitief gevestigd. Het succes eiste ook zijn tol. De band werd door het management in een strak schema de weg op gestuurd en toerde door het Verenigd Koninkrijk, de rest van Europa en de Verenigde Staten. Als zanger kwam Burdon steeds meer in het centrum te staan. Muzikale meningsverschillen, maar ook een vliegangst deden Price in de zomer van 1965 besluiten de groep te verlaten. Met zijn nieuwe formatie, 'The Alan Price Set' ging hij een heel andere weg in en scoorde hij grote hits als I Put a Spell on You (1966), het Randy Newman-nummer Simon Smith & His Amazing Dancing Bear (1967) en Don't Stop The Carnival (1968).
Menigeen dacht dat met het vertrek van Price een einde zou aan komen de successen van The Animals. Nadat korte tijd Mickey Gallagher achter de toetsen had plaatsgenomen en Zoot Money werd afgewezen, werd Dave Rowberry het nieuwe lid van de band. Ook met hem bleven de hits komen: We've gotta get out of this place en It's my life stonden wekenlang in de top tien.
In 1966 stapte ook drummer John Steel uit de band. Zijn opvolger werd Barry Jenkins, die bij The Nashville Teens had gedrumd. Het waren de laatste maanden voor the Animals. Tijdens een televisieoptreden in de Verenigde Staten stortten zowel Burdon als Chandler in. In juni 1966 brachten The Animals nog Don't bring me down uit, dat de laatste hit voor de band werd. In september gingen de vijf uiteen. Burdon besloot zijn succes in Amerika uit te buiten en vertrok naar de VS. Zijn nieuwe band, met Jenkins nog steeds op drums, kreeg uit marketingoverwegingen een verwijzing naar the Animals. Aanvankelijk als als Eric Burdon and the Animals, in 1968 als the New Animals. Barry Jenkins bleef de band, waarin ook onder meer John Weider, Danny McCullough en Andy Summers speelden, tot het einde trouw. Burdon ging vanaf 1969 samenwerken met de Amerikaanse band War als Eric Burdon and War. When I was young (juni 1967) was in deze periode een wereldhit en ook de opvolgers Good Times, San Franciscan nights Sky Pilot Monterey en Ring of fire haalden de charts, maar echte knallers kwamen er nooit meer voor Burdon. Hij was onmiskenbaar een fenomenale zanger, maar in zijn eentje miste hij blijkbaar dat "iets" dat hem met The Animals wel in het centrum van de aandacht bracht.
In 1975 kwamen de vijf oorspronkelijke Animals toch weer bijeen om, in de studio's van Chas Chandler, intussen een succesvol manager en produces, een nieuw album op te nemen. Dit Before we were so rudely interrupted kwam pas in 1977 uit en bevatte twaalf nummers die naadloos aansloten bij het geluid dat de groep tien jaar eerder kenmerkte. Hoewel het album door de pers goed werd ontvangen, reageerde het publiek lauw. Dat was anders toen in 1983 het album Ark verscheen, waarop deze zelfde Animals een wat moderner geluid aansloegen. Het nummer The Night was goed voor een bescheiden hitnotering en de band ging, voor het eerst in zeventien jaar, op tournee. Naar aanleiding van die tournee verscheen in 1984 een live-album.
Daarna kwam er niets meer van een reünie. De vijf Animals kregen in 1994 een plaatsje op de Rock 'n Roll Hall of Fame. In de jaren negentig trad Danny McCullough met een band op, die hij the Animals noemde en deze groep bracht zelfs een aantal cd's uit. Op de golven van de nostalgie meeliftend begonnen ook Valentine, Steel en Rowberry weer samen op te treden en deze groep had, met een nieuwe zanger en bassist, de meeste aanspraken op de naam the Animals. Nadat Valentine zich had teruggetrokken, bleven Rowberry en Steel met hun band optreden als Animals and Friends. Intussen had ook Burdon belangstelling voor de oude bandnaam. Hij hernoemde zijn oude begeleidingsband in The Animals en kreeg prompt een conflict met Steel, die zich als rechthebbende op die naam opwierp. De zaak kwam uiteindelijk voor de Engelse rechter, die Steel in 2008 in het gelijk stelde, mede omdat Burdon al in 1967 de bandnaam had laten vallen. In het Verenigd Koninkrijk is Steel momenteel de enige die een band The Animals mag noemen. Burdon toert intussen de wereld rond als Eric Burdon and the Animals en trad in die hoedanigheid in oktober 2009 nog in Paradiso in Amsterdam op.Burdon toert intussen de wereld rond als Eric Burdon and the Animals en treedt in die hoedanigheid in september 2011 in Tivoli op.


Humor
Humor is het vermogen om iets dat grappig, amusant of geestig is aan te voelen, te waarderen of tot uitdrukking te brengen. Humor kan ook een aanduiding zijn van de expressie van iets komisch of grappigs in woord, daad of geschrift. Er bestaan meerdere vormen van humor. Grappen zijn verhalen met een bedoelde humoristische of geestige strekking.
De term humor is, evenals als het woord humeur, afgeleid van het Griekse woord voor vocht of sap (χυμός). De oude Grieken meenden namelijk dat de lichaamssappen het menselijk temperament of stemming regelden. Humor kan ook gezien worden als een eigenschap van het menselijk denken en menselijke emoties. Dit heeft betrekking op het kunnen begrijpen, aanvoelen of zelf bedenken van een bepaalde humoristische boodschap of grap. Wat hierbij een rol kan spelen is de mogelijkheid zichzelf (of de ander) als persoon, de opvattingen (en eventuele gebeurtenissen), zodanig te relativeren, dat men er tegelijkertijd deel van uitmaakt (en de zaak en de betrokken persoon dus serieus neemt), maar tegelijkertijd ook er buiten kan staan (en dus zich afstand kan permitteren tot de zaak en zichzelf, of de betrokken persoon). De double-bind die hierdoor in de hersenen ontstaat, leidt doorgaans tot lachen, al dan niet met tranen. Ook in mensapen kan de lach worden waargenomen, al zijn de wetenschappers het er nog steeds niet over eens of deze hominidae over een zodanig vermogen tot (zelf)bespiegeling beschikken, dat het een vergelijkbaar gevoel voor humor oplevert.
Gevoel voor humor is het vermogen om humor te begrijpen of aan te voelen. Hierbij spelen individuele verschillen een belangrijke rol, zoals verschillen in cultuur, leeftijd, opleidingsniveau en intelligentie. Zo blijken kinderen nogal gevoelig voor slapstick: een typische nogal grove vorm van humor vervat in tekenfilms, cartoons of poppenkast. Satire slaat daarentegen op een meer verfijnde vorm van humor die volwassenen beter begrijpen.
Humor kan in de volgende situaties optreden:
Nederlanders hadden tot de 17de eeuw de reputatie een vrolijk volk te zijn, ze stonden toentertijd bekend om hun grote gevoel voor humor. In reisverhalen van buitenlandse schrijvers die Nederland bezochten, wordt gesproken over feestvierende Hollanders. Iedereen las kluchten en schilders zoals Jan Steen schilderden vrolijke taferelen. De Haagse jurist Aernout van Overbeke was dé humorist van de 17e eeuw, hij trok het land door en trad op op feesten en partijen. De Nederlanders raakten hun gevoel voor humor aan het einde van de 17e eeuw kwijt, met de opkomst van het calvinisme. De kerk vond lachen zondig en zo werden de Nederlanders een somber volk. Pas in de 20ste eeuw kwam de humor weer terug in het publieke leven.
Niet alle soorten humor zijn voor ieder publiek plezierig. Sommige soorten humor wekken pijnlijke reacties op bij bepaalde mensen: wat voor de één grappig is, is voor de ander niet grappig. Humor die grappig is voor het ene soort publiek en juist kwetsend voor ander soort publiek is bijvoorbeeld racistische humor, tenzij er in die racistische humor een ironische ondertoon aanwezig is.
Het bezigen van grove humor kan een effectieve manier zijn om bijvoorbeeld een taboe-onderwerp bespreekbaar te maken maar omdat ironie vaak niet door iedereen als zodanig herkend wordt is het ook een risicovolle stijlfiguur, de kans dat er misverstanden ontstaan is groot.
Bij humor is het vaak zo dat dat bij de mens een bepaalde uitdrukking in het gezicht oproept. Deze uitdrukking varieert van een voorzichtige glimlach waarbij alleen de mondhoeken omhooggetrokken worden tot vervormingen van het gezicht waarbij vrijwel alle spieren in het gezicht een rol spelen. Vooral het gebruik van spieren rond de ogen zijn belangrijk: dankzij de uitdrukking rond de ogen is vaak het onderscheid op te merken tussen een echte, welgemeende (glim)lach, die plezier aanduidt, en een die alleen voor de vorm wordt gedaan, zoals wanneer een foto wordt genomen.
Onderzoek naar de relatie humor en hersenfuncties suggereert dat vooral dat de mediaal prefrontale cortex actief is als mensen naar gesproken grappen luisteren. Dit deel van de hersenen is ook actief bij beloning, en is vermoedelijk vooral betrokken bij het verwerken van de affectieve component van humor. Daarnaast blijken ook de taalgebieden in de temporale kwab actief. Dit deel van de hersenen lijkt vooral verbonden te zijn met de cognitieve kant van humor: dat wil zeggen het begrijpen van de betekenis van taalkundige grappen.
Ook in de literatuur wordt gebruikgemaakt van humor, soms als doel op zich, maar meestal als stijlmidddel om bijvoorbeeld de spanning wat te ontladen of sympathie voor een personage op te wekken. Geestigheid hoort net als intelligentie bij de persoonlijkheid van de schrijver, waardoor het ook in de producten van die schrijver zichtbaar zal worden. Het is dus best mogelijk dat die schrijver zich niet echt bewust is van zijn 'geestigheid'. Willem Elsschot die met Lijmen een van de geestigste boeken uit de Nederlandse literatuur schreef, beschouwde zichzelf geenszins als humoristisch.
Vaak worden sommige vormen van "lol" buiten de definitie van humor gelaten met als argument dat het gelach niet veroorzaakt wordt door ingrijpen in het denkproces. Dat zou dan bijvoorbeeld gelden voor poep- en pieshumor. Die tweedeling is echter moeilijk te maken: er zijn veel tussenvormen en een fysiologisch onderscheid is niet te maken.
Maandag
Gitaren





Mooi
Gitaar
Sint-Niklaas
mopje
Dave dee,Dozy,Beaky,Mick&Tich
Dave Dee, Dozy, Beaky, Mick & Tich bestond uit:
Ze traden sinds 1961 op als groep onder verschillende namen, waarvan de voorlaatste 'Dave Dee and The Bostons' was. In Duitsland (Star Club) en Engeland traden ze op, maar succes bleef vooralsnog uit. Totdat ze in de zomer van 1964 optraden als 'supporting act' van de Honeycombs, die destijds een hit hadden met Have I The Right.
De managers van de Honeycombs, Ken Howard en Alan Blaikley, zagen een optreden van Dave Dee & The Bostons en waren razend enthousiast. Een platencontract werd getekend en Howard & Blaikley gingen de songs componeren. Met hun eerste hit You make it move scoorden ze eind 1965 een bescheiden notering (# 26) in de Britse charts. De periode 1966-1968 werd echter heel succesvol. Hits als Bend it, Save me, Okay, Zabadak, The legend Of Xanadu en Last night in Soho bereikten allemaal de Britse top 10. In de Verenigde Staten kwam de groep weliswaar niet van de grond, maar in Duitsland waren ze op enig moment zelfs populairder dan de Beatles.
In september 1969 verliet Dave Dee de groep en probeerde het met een solo-carrière. Alleen zijn single My woman's man uit 1970 kreeg enige aandacht. In datzelfde jaar scoorden Dozy, Beaky, Mick & Tich (zonder Dave Dee) als DBM&T met Tonight today nog een laatste hit. In 1972 ging de groep uit elkaar.
De band maakte in de jaren tachtig een doorstart als oldies-act en trad nog regelmatig op. Zo zouden zij op 13 december 2008 optreden in het Sportpaleis in Antwerpen. Echter, vlak voor het vertrek op een Londens vliegveld werd Dave Dee onwel en werd direct naar een ziekenhuis vervoerd. De overige bandleden traden wel op en de afwezige Dave Dee kreeg er een staande ovatie.
Dave Dee (65) overleed op 9 januari 2009. Hij was al enkele jaren ziek.


Betty Boop
Gerard de VriesGerard de Vries (Poeldijk, 19 augustus 1933) is een Nederlands zanger en diskjockey.
Gerard de Vries is vooral bekend om zijn Parlando-muziek, waarin hij in de zestiger jaren van de 20e eeuw enkele grote hits scoorde. Bekende hits van hem zijn Het Spel Kaarten uit 1965 en Giddy up go uit 1966. Veel van zijn nummers hebben het leven als vrachtwagenchauffeur als onderwerp. Onder meer Giddy up go en Teddybeer zijn hier voorbeelden van. Vaak zijn deze nummers vertalingen van de populaire Amerikaanse zanger Red Sovine. Opvallend is dat de vertaalde nummers van de Vries niet rijmen, terwijl die van Sovine dat wel doen. De hits over het leven als vrachtwagenchauffeur zijn in de regel verhalend. De nummers van De Vries hebben vaak een moraliserende ondertoon.
Radio Veronica-medewerkers en diskjockeys Ad Bouman, Hans Mondt, Tom Collins, Gerard de Vries en Klaas Vaak namen begin 1970 onder de naam De Binkies de carnavalshit "Met carnaval" op. Het reikt niet verder dan de Tipparade.
Naast zanger was Gerard de Vries diskjockey. Hij presenteerde aanvankelijk bij Radio Veronica onder het pseudoniem Cowboy Gerard en later bij de TROS onder eigen naam. Gerard de Vries baarde opzien door als eerste diskjockey openlijk voor zijn homoseksualiteit uit te komen. In 1972 praatte hij over Les Crane's Engelse tekst heen op diens single "Desiderata". Het werd de B-kant van de in Nederland uitgebrachte single. Op dit moment is Gerard de Vries actief bij de lokale omroep in Wijdemeren, Radio Wijdemeren.
Na zijn carrière als zanger en diskjockey werd Gerard de Vries ondernemer in de paranormale branche.
In 2007 was De Vries kort te zien in het 'datingspektakel' van (de Nederlandse versie van) het televisieprogramma Man bijt hond; hij had gereageerd op een oproep van kandidaat 'Gijs', die een man zocht. De Vries bood Gijs een zelfgeschreven boekje aan met de titel De Nederlandse taal.
Een soldaat moet verantwoording afleggen aan zijn sergeant over het uitspreiden van een spel kaarten in een Franse dorpskerk. Hij overtuigt de sergeant ervan dat de kaarten niet bedoeld zijn voor vermaak, maar dat alle kaarten een betekenis voor hem hebben. De 'drie' staat bijvoorbeeld voor de heilige drie-eenheid, de 'tien' staat voor de tien geboden en de boer staat voor de duivel. Hij concludeert daarom dat zijn spel kaarten veel meer zijn dan een vermaaksmiddel: ze betekenen voor hem 'een bijbel, een almanak en een kerkboek tegelijk'.
Een vrachtwagenchauffeur laat zijn nieuwe truck aan zijn vrouw en zijn zoontje zien. Het kind, dat net kan praten, roept "Giddy up Go!". De chauffeur besluit zijn truck zo te noemen en schildert de naam achterop. Na een lange reis met zijn truck blijkt zijn vrouw verdwenen te zijn, samen met zijn zoontje. De chauffeur rijdt jaren alleen rond, tot hij een vrachtauto ziet rijden die ook 'Giddy up Go' heet. De chauffeur daarvan blijkt zijn verloren zoon te zijn die in de voetsporen van zijn vader was getreden en zijn truck ook 'Giddy up Go' had genoemd.
Een jonge, gehandicapte jongen zoekt contact via de 27MC met vrachtwagenchauffeurs. De 27MC-'bak' heeft hij van zijn vader, die overleden is. Hij voelt zich eenzaam omdat zijn moeder de hele dag moet werken om de kost te verdienen. Uiteindelijk raakt hij aan de praat met een chauffeur, die hem uiteindelijk komt opzoeken met een aantal andere vrachwagenchauffeurs, en zijn droom om ook vrachtwagenchauffeur te worden even waar maakt door hem in hun trucks te laten zitten. Hierdoor heeft de jongen de dag van zijn leven.
Behalve de vertaalde nummers van Sovine schreef De Vries ook zelf nummers, onder meer het nummer Handen waarin hij een opsomming geeft van zowel de positieve als negatieve activiteiten die mensen met hun 'handen' kunnen uitvoeren. Zo kunnen mensen zowel met hun handen 'een kind vasthouden', maar ook 'een pistool of geweer omklemmen'. Hij besluit het nummer dan ook met 'Wij hebben zo erg veel in eigen hand'.
Dit liedje gaat over een jongetje dat alles heeft opgeschreven wat hij die week gedaan heeft en het papiertje aan zijn moeder geeft. In totaal vraagt hij 14 gulden 75. Als zijn moeder dat gelezen heeft, draait zij het papiertje om, schrijft op de achterkant en liet het aan haar zoontje zien. Daarop leest het jongetje dat zijn moeder hem negen maanden bij zich heeft gehouden, hem getroost als hij verdrietig was, de dokter gebeld heeft als hij ziek was, tot zijn zesde heeft voorgelezen, naar hem toe is gekomen als hij bang was en altijd van hem houdt. In totaal vraagt zij niets. Het jongetje schrijft dan weer op de voorkant van het papiertje: alles afbetaald en heeft tranen van ontroering in zijn ogen.
Wim is een vertegenwoordiger die sinds jaren weer eens uit zou gaan met zijn vrouw. Maar die avond kwam er wat tussen. In het café belde hij zijn vrouw en zei hun afspraak af. Kwaad hing zijn vrouw op. Boos bestelde Wim de ene na de andere borrel. Na zijn zestiende borrel, stond Wim op en zei tegen de caféhouder dat hij opstapt. Deze raadde hem aan om een taxi te nemen. Wim deed dit en bestelde een taxi. Onderweg naar huis reed de taxi een vrouw aan; Wim's vrouw! Wim was op slag weer nuchter. Zijn vrouw werd naar het ziekenhuis gebracht en daar bezocht Wim haar de volgende morgen. Als zijn kind hem vraagt hoe dit kon gebeuren, zei Wim: "Als ik mij aan mijn belofte had gehouden, was dit nooit gebeurd."
Gilbert 'OSullivan,deze uitzending dateerd van 37 jaar terug in top off the popsGilbert O'Sullivan (pseudoniem van Raymond O'Sullivan) (Waterford, 1 december 1946) is een Iers zanger en songwriter.
O'Sullivan werd geboren in Ierland. Hij verhuisde in 1960 naar Swindon waar hij geïnteresseerd raakte in muziek. In 1967 tekende hij een vijfjarig platencontract bij CBS Records Eind jaren '60 maakte hij zijn eerste plaatopnamen, maar met weinig succes. Wel namen The Tremeloes enkele nummers van hem op ('You' en 'What can I do?'). In de jaren '70 had hij zelf wereldwijd succes met nummers als
Zijn debuutalbum 'Himself' stond wekenlang aan de top. Zijn populariteit in Japan heeft er in de jaren '90 voor gezorgd dat hij in de muziek kon doorgaan.
Zijn muziek wordt gekenmerkt door soepele melodieën die gekoppeld worden aan een zeer kunstig samengestelde tekst. Zijn bescheidenheid en teruggetrokken leven (wars van 'showbusiness') hebben voorkomen dat hij in de schijnwerpers bleef. O'Sullivan woont anno 2009 op Jersey in de gemeente Saint Mary, maar schrijft nog steeds muziek, maakt nog steeds CD's en treedt nog steeds op.
In 2003 verscheen zijn jazzy-CD 'Piano Foreplay', in juni 2005 gaf hij 13 uitverkochte concerten in Japan en in oktober 2006 verscheen zijn nieuwste album 'A scruff at heart'. Op 26 oktober 2009 stond hij weer in de Royal Albert Hall.
Vermaard zijn O'Sullivans aanvankelijke crisisimage (met bloempotkapsel, streepjesdas en 3/4-broek) en zijn proces tegen de manager die hem beroemd maakte Gordon Mills. Hij won zijn proces en kreeg de rechten terug van zijn sublieme, miljoenenverkopende nummers. In de muziekindustrie is deze uitspraak een precedent geweest voor vele andere artiesten.
Op 26 augustus 2010 verbindt Gilbert zich aan platenmaatschappij Hypertension (waar o.a. ook Gerry Rafferty, Chris DeBurgh, Joan Armatrading, Leo Sayer en Fleetwoord Mac onder contract staan).
Op 31 januari 2011 verscheen zijn nieuwste album 'Gilbertville' (met 14 nieuwe composities en een door Harry Hill voorgedragen gedicht) en in 2011 tourt Gilbert door Engeland, Ierland, Denemarken, Noorwegen, Duitsland en Nederland.
Vermaard zijn O'Sullivans aanvankelijke crisisimage (met bloempotkapsel, streepjesdas en 3/4-broek) en zijn proces tegen de manager die hem beroemd maakte Gordon Mills. Hij won zijn proces en kreeg de rechten terug van zijn sublieme, miljoenenverkopende nummers. In de muziekindustrie is deze uitspraak een precedent geweest voor vele andere artiesten.
Op 26 augustus 2010 verbindt Gilbert zich aan platenmaatschappij Hypertension (waar o.a. ook Gerry Rafferty, Chris DeBurgh, Joan Armatrading, Leo Sayer en Fleetwoord Mac onder contract staan).
Slade
Slade is een Britse rockgroep, die in het midden van de jaren 70 van de twintigste eeuw in Groot-Brittannië zeer populair was: in de jaren 1971 tot en met 1973 hadden ze daar zes nummer 1-hits, waarvan de laatste drie (Cum on feel the noize, Skweeze me pleeze me en Merry Xmas everybody) alle vanuit het niets op de toppositie belandden.
De bezetting van Slade was:
Allen zijn afkomstig uit het Midden-Engelse industriestadje Wolverhampton.
Slade begon als The 'N Betweens in 1966, een typische modband. Op aanraden van Chas Chandler, bassist bij The Animals en manager van Jimi Hendrix, ging de band vanaf 1969 verder als skaband Ambrose Slade, met millimeterkapsels. Het grote succes kwam er echter nog niet van.
Begin1970 werd de band - vanaf dan Slade geheten - het zat en begon blues te spelen in een stijl die tegen hardrock aan zat. De band werd enorm populair in het clubcircuit en in de zomer van 1971 scoorden ze hun eerste hit: Get down and get with it, nummer 15 in de Britse hitlijsten, nummer 6 in Nederland, dankzij steun van zeezender Radio Noordzee, waar de single Treiterschijf was.
Jimmy Lea vond dat de band beter in kon haken op de glamrage die door T-Rex op gang was gekomen. Noddy en Dave vonden dat hun arbeidersklasse- en bluesachtergrond erin verweven moest worden, waarop de hit Coz I luv you gemaakt werd, dat in november 1971 een regelrechte Engelse nummer 1-hit werd. Samen met producer Chas Chandler was een sound uitgevonden die tot in 1974 gehandhaafd bleef: harde, makkelijk in het gehoor liggende muziek met alledaagse in streekaccent gezongen teksten, waarvan de titel bijna fonetisch geschreven werd. Een rij van tien top 10-hits volgde in Engeland, ook in Europa scorend, maar de Verenigde Staten raakten niet overtuigd, ook al werd Merry Xmas everybody in New York City opgenomen.
In de zomer van 1974, toen The bangin' man in de hitparades stond, besloot de groep een andere, ingewikkeldere sound te gebruiken, in de hoop op trans-Atlantisch succes. Toch scoorden Far far away (uit de film Slade in Flame) en volgende hits nog steeds niet in de VS. Tegelijkertijd verliep het succes van de glamrock in het thuisland en Slade raakte uit de gratie.
In 1980 was hardrock, inmiddels heavy metal genoemd, in navolging van de hardcore punk, opnieuw populair geworden in Groot-Brittannië. Hét heavy metal-festival bij uitstek, het Reading Festival, zocht invallers voor de plots verhinderde band van Ozzy Osbourne. Het om de hoek wonende Slade bood zich aan. Tot grote verbazing van de muziekpers was het publiek vanaf de opkomst van Slade op het podium reeds verkocht, niet alleen uit nostalgie, maar ook door de nieuwe nummers, waarvan We'll bring the house down een Engelse top tien-hit werd.
Vanaf Lock up your daughters in 1981 scoorde de groep ook weer hits in Europa. Zelfs Merry Xmas everybody werd in 1983 opnieuw een hit in Engeland, toen My oh my aldaar nummer 2 stond.
In de VS begon het succes onverwacht toen heavymetalgroep Quiet Riot met hun bewerking van Cum on feel the noize nummer 2 in de Billboard Hot 100 stond. Ook andere hardrockgroepen als het Finse Hanoi Rocks gingen Sladesongs in hun repertoire opnemen. Run runaway werd de eerste Amerikaanse hit voor Slade en behaalde in 1984 de top 20.
Na 1984 hield Noddy het toeren voor gezien, moe geworden van al het reizen. Hij begon voor ITV programma's te presenteren, maar maakte tot in 1991 nog wel enkele platen met Slade. De single Radio wall of sound (met een cameo-optreden van BBC Radio 1-diskjockey Mike Read) werd in dat jaar nog een hit voor Slade. De week nadat Radio wall of sound uit de hitparade was verdwenen, kwam Merry Xmas everybody opnieuw binnen.Ook Jim Lea stapte in 1991 uit de band.
De rest van de band speelt en toert nog steeds in het gouwe ouwe-circuit, met name in West-Europa, Scandinavië en Rusland onder de naam Slade II.
Noddy werd in 1987 in de adelstand verheven.
Noddy Holder - met zijn bijzonder karakteristieke stemgeluid - verliet de band in 1991 en werd opgevolgd door Steve Whalley , die op zijn beurt op 30 juni 2005 bekendmaakte Slade te verlaten. Diens opvolger is Mal McNulty (die The Sweet versterkte van 1985 tot in 1992).



Fijne week

Frankie Laine
Frankie Laine, pseudoniem van Francesco Paulo LoVecchio (Chicago, 30 maart 1913 - San Diego, 6 februari 2007) was één van de meest succesvolle en invloedrijke Amerikaanse zangers uit de twintigste eeuw. Zijn bijnamen zijn onder andere "Mister Rhythm", "Old Leather Lungs" en "Old Man Jazz". Wereldwijd verkocht hij ongeveer tweehonderdvijftig miljoen grammofoonplaten.
Laine vierde successen met nummers als "Answer me", "I Believe", "Hey Joe", "Granada", "Jealousy", "Mule Train", "Cool Water" en "That Lucky Old Sun".
Hij was gezegend met een zeer krachtige stem en kon hallen vullen zonder microfoon. Hij was één van de grootste 'hitmachines' uit de jaren veertig en vijftig, met meer dan zeventig hitnoteringen, éénentwintig gouden platen en alleen al in de Verenigde Staten honderdvijftien miljoen verkochte platen en albums. Laine was van origine een door blues beïnvloede jazz-zanger, maar beheerste nagenoeg iedere muziekstijl. Hij maakte dan ook muzikale uitstapjes naar gospel, folk, country, americana en rock 'n roll. Zijn bijnaam "Mister Rhythm" dankt hij aan zijn pompende jazzy stijl.
Laine liet zich inspireren door de zwarte muziek, en zijn zangstijl leek aanvankelijk niet aan te slaan. In plaats van zich keurig aan de 'maat' te houden, plaatste Laine juist graag de nadruk op de downbeat, in tegenstelling tot zijn tijdgenoten. Ook zijn voorkeur voor een melodielijn die niet exact dezelfde was als de melodie van de muzikale begeleiding zorgde ervoor dat het publiek erg aan Laine moest wennen. Echter toen het publiek hem eenmaal had omarmd, werd Laine ook een echte superster.
Hij werd wel "de eerste blauwogige soulzanger" genoemd, waarmee bedoeld wordt dat hij als blanke muziek ging maken die oorspronkelijk door zwarten werd gemaakt. Hiermee baande hij de weg voor zangers als Frank Sinatra, Elvis Presley en Tony Bennett.
In de jaren vijftig maakte Laine een soort tweede carrière door een flinke lijst titelsongs voor Hollywoodfilms in te zingen. Zijn gepassioneerd en energiek vertolkte versie van de (oorspronkelijk door Tex Ritter gezongen) titelsong van de westernfilm "High Noon" (uit 1952, van Fred Zinnemann, met Gary Cooper en Grace Kelly als sterren) leverde hem op slag grote internationale bekendheid en popularititeit op. In Nederland wist Joop de Knegt met een cover van die grote hit flink van het succes mee te profiteren. Andere films waarvoor hij zong waren "Gunfight at OK Corral" en "Bullwhip". Zijn vertolking van de titelsong van de Mel Brooks-film "Blazing Saddles" leverde hem zelfs een Oscarnominatie. Laine zong ook de begintune van de televisieserie "Rawhide" uit de jaren zestig in; dit werd één van de meest bekende televisietunes aller tijden.
Laine werd geboren als oudste van acht kinderen. Zijn ouders, Giovanni en Cresenzia Lovecchio, waren geëmigreerd vanuit Monreale op Sicilië. Laine's vader werkte in Little Italy, zoals Chicago wel genoemd werd, enige tijd als persoonlijke kapper van de beruchte gangster Al Capone.
Laine maakte kennis met de muziek door op de lagere school in het kerkkoor te zingen. Toen hij Al Jolsons film The Singing Fool zag wist hij zeker dat hij muzikant wilde worden, en ging hij van school af. Op zeventienjarige leeftijd zong hij voor een zevenduizendkoppig publiek, en werd hij vijf maal teruggeroepen voor een toegift. Maar echt succes als zanger was toen nog zeventien jaar verder.
Laines carrière omspant meer dan zeventig jaar. Zijn laatste single nam hij op naar aanleiding van de aanslagen op 11 september 2001. Hij droeg het nummer Taps/My Buddy op aan de brandweermannen van New York. In 1996 kreeg hij een Lifetime Achievement Award. Op zijn tachtigste verjaardag werd hij door het Amerikaanse National Congress uitgeroepen tot National Treasure.
In 1953 trouwde Laine met actrice Nan Grey. Hij adopteerde Grey's twee dochters. In juli 1993 stierf Grey, Laine hertrouwde in 1999 met Marcia Ann Kline.
Laine woonde in San Diego (Californië). Hij heeft nog tot op zeer hoge leeftijd opgetreden, o.a. in 2005 voor een muziekspecial van TV-zender PBS. Ondanks het feit dat hij kort daarvoor een lichte TIA had gehad, klonk zijn vertolking van "That's My Desire" nog zeer krachtig. Hij overleed op 93-jarige leeftijd in het Mercy Hospital in San Diego aan een hartinfarct


Kunst?

CreamDe Engelse band Cream werd in 1966 gevormd op initiatief van drummer Ginger Baker. De band zou de standaard zetten voor rockbands die bestonden uit een drummer, een bassist en een gitarist, zogenaamde powertrio's.
Baker kende bassist Jack Bruce uit bands als de Graham Bond Organisation en de band van Alexis Korner. Bruce had enige tijd met Eric Clapton gespeeld in John Mayall's Bluesbreakers. De beslissing om met elkaar een band te beginnen werd genomen na een jamsessie bij Baker thuis. Naar eigen zeggen vond ieder bandlid de andere twee leden de beste muzikanten die hij kende, bovendien waren ze niet tevreden over de bands waarin ze tot dan speelden.
Voor Eric Clapton gold dat hij graag een goeie bluesgitarist, als Buddy Guy, in een bluesband wilde zijn en daarvoor een goede ritmesectie zocht. Deze ambitie moest hij weldra bijstellen, omdat Jack Bruce en Ginger Baker sterke persoonlijkheden bleken te zijn en muzikaal zeer veel in de melk te brokkelen hadden.
Het drietal koos de naam 'Cream' omdat ze, als ze dan toch een supergroep gingen oprichten, niet bescheiden hoefden te doen over hun pretenties: ze vonden zichzelf het neusje van de zalm, oftewel the Cream of the crop.
Eric bleef de belangrijkste muzikant. Ook al zou de band zonder de composities van Jack Bruce wellicht niet die superstatus hebben veroverd. Het geluid van de band ontwikkelde zich snel. De gitaar van Clapton had al de scherpte die hij had ontwikkeld bij John Mayall's Bluesbreakers, maar zou zich verder ontwikkelen mede door de technologie. Er kwamen steeds zwaardere gitaarversterkers. Daarbij komt dat het podiumgeluid wel hard moest zijn. Zeker als opgetreden moest worden in grotere ruimtes. Er bestonden nog geen P.A. systemen, die het zaalgeluid voor hun rekening konden nemen. Ook de persoonlijkheden van de drie muzikanten zelf zorgden ervoor dat er steeds luider werd gespeeld. In een trio is het aandeel van elk van de drie muzikanten even belangrijk. Jack Bruce experimenteerde met het geluid van en type basgitaar. Toch bleef er controle over het geluid.
De band besloot in 1968 uit elkaar te gaan. Clapton had daar op aangedrongen nadat hij een recensie had gelezen in het muziekblad Rolling Stone. De band werd daarin sterk bekritiseerd. Clapton trok zich de kritiek erg aan en zou later zeggen dat hij vond dat de band stil had gestaan in zijn ontwikkeling.
Na een afscheidstournee door de VS traden ze nog eenmaal op in eigen land. Het afscheidsconcert in de Royal Albert Hall heeft een legendarische reputatie.
Toen de band uit elkaar ging was Clapton 23 jaar oud, Bruce 25 en Baker 29. Eric Clapton en Ginger Baker vormden na Cream samen met Steve Winwood en Rick Grech de band Blind Faith.
Op 2, 3, 5 en 6 mei 2005 kwam The Cream bij elkaar op een reünie-concert in The Royal Albert Hall in Londen.
T-Bone Walkeraron Thibeaux Walker of T-Bone Walker (Linden (Texas), 28 mei 1910 – Los Angeles (California), 16 maart 1975) was een Amerikaanse bluesgitarist, en tevens een van de meest invloedrijke muzikanten van het begin van de 20e eeuw.
Hij is geboren in Linden, Texas als zoon van een Afrikaanse Amerikaan en een Cherokee.
Als een jonge man ontmoette Walker Blind Lemon Jefferson, een andere grote blueslegende, die hem muziek leerde. Walkers debuut was "Wichita Falls Blues" / "Trinity River Blues", opgenomen in 1929 voor Columbia Records. Zijn kenmerkende geluid ontdekte hij zelf pas in 1942, toen Walker "Mean Old World" opnam voor Capitol Records. Zijn elektrische guitaarsolo's waren een van de eerste die men kon horen op moderne bluesopnames, en zijn vandaag nog een standaard.
Veel van Walkers muziek is opgenomen van 1946-1948 voor het label Black & White Records, zoals zijn "Stormy Monday Blues" uit 1947 met de beroemde openingszin "They call it stormy Monday, but Tuesday's just as bad". Hij vervolgde met zijn "T-Bone Shuffle": "Let your hair down baby, let's have a natural ball". Beide liedjes worden beschouwd als bluesklassiekers. B.B. King zegt dat "Stormy Monday" hem inspireerde om gitaar te leren.
Gedurende heel zijn loopbaan werkte hij met de top van de muzikanten, zoals Teddy Buckner (trompet), Lloyd Glenn (piano), Billy Hadnott (bas) en Jack McVea (tenor sax).
Na zijn werk voor Black & White, werkte hij van '50 tot '54 voor Imperial Records (bijgestaan door Dave Bartholomew). Walkers enige opname in de 5 daarop volgende jaren was T-Bone Blue, opgenomen over drie weidverspreidde sessies in 1955, 1956 en 1959, en uiteindelijk uitegegeven door Atlantic Records in 1960.
In de vroege jaren 60 vertoonde Walkers carrière enige vertraging, desondanks zijn verschijning op het Amerikaanse Folk Blues Festival in 1962 met onder andere Memphis Slim en Willie Dixon. Enkele albums volgden nog, zoals I Want a Little Girl, en Good Feelin', waarvoor hij een Grammy won in 1970.
T-Bone Walker stierf in 1975 op 64-jarige leeftijd, en werd begraven in Inglewood Park Cemetry in Californië, Inglewood.
Walkers spel beïnvloedde onder andere artiesten zoals Chuck Berry en was zelfs Jimi Hendrix' grootste held toen deze een kind was. Hij is in 1980 opgenomen in de Blues Hall of Fame en in 1987 in de Rock and Roll Hall of Fame.
Weekgroetjes,
11 NovemberEen wapenstilstand of bestand betreft een officieel tussen de oorlogvoerende partijen afgesproken staakt-het-vuren.
Een wapenstilstand gaat vaak vooraf aan de officiële vredessluiting; in sommige gevallen duurt een wapenstilstand voor onbepaalde tijd voort. Een voorbeeld hiervan is de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 die resulteerde in een langdurige wapenstilstand tussen enerzijds Israël en anderzijds Egypte, Jordanië, Syrië en Libanon. Met Egypte en Jordanië sloot Israël in de jaren zeventig respectievelijk negentig een vredesverdrag, met Syrië en Libanon werd tot op heden nog steeds geen vredesverdrag gesloten.
Ook in de Koreaanse oorlog (wapenstilstand sinds 1953) is nooit een vredesverdrag getekend.
Een wapenstilstand die slechts een onderbreking van een oorlog vormde was het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) tijdens de Tachtigjarige Oorlog.
Een beroemde wapenstilstand die het feitelijke einde van een oorlog inluidde was de wapenstilstand van 11 november 1918 waardoor de gevechten van de Eerste Wereldoorlog ophielden. In diverse deelnemende landen is dit een officiële feestdag geworden zoals in België (Wapenstilstand) en Frankrijk.
Atomic Kitten
Atomic Kitten is een damestrio uit Liverpool, Verenigd Koninkrijk, bestaande uit Natasha Hamilton, Elizabeth McClarnon en Jennifer Frost.
De band werd in 1997 door Andy McCluskey van Orchestral Manoeuvres in the Dark opgericht en bestond uit de zangeressen Elizabeth McClarnon, Kerry Katona en Heidi Range (later lid van de Sugababes). Andy richtte zich op het schrijven van de liedjes en de muziek. De band werd eerst "Honeyhead" genoemd maar de naam is later gewijzigd in "Automatic Kittens" en afgekort tot "Atomic Kitten". Toen Heidi Range in 1999 de band verliet werd zij vervangen door Natasha Hamilton.
In deze formatie scoorde de groep zijn eerste hit in december 1999 in het Verenigd Koninkrijk met "Right Now". Het bijbehorende album, ook genaamd Right Now, had een bescheiden succes. Atomic Kitten scoorde zijn eerste nummer 1-hit met "Whole again". In het liedje en de video voor "Whole Again" deed oorspronkelijk Kerry Katona mee, maar zij had net daarvoor in januari 2001 de band verlaten vanwege haar zwangerschap en was vervangen door Jenny Frost. Het succes was dusdanig dat er besloten werd de video en het album opnieuw op te nemen en ook buiten Groot-Brittannië uit te brengen. In de zomer van 2001 heeft Atomic Kitten ook in Nederland een nummer 1-hit met Whole again.
De volgende single, "Eternal Flame", een coverversie van de hit uit 1988 van The Bangles, die niet op het oorspronkelijke album stond, wordt ook een hit. Er wordt spoedig een nieuw album opgenomen, Feels So Good en de video voor "It's Ok!", de eerste single, wordt in Zuid-Afrika opgenomen. Hoewel deze single redelijk succesvol was, is het "Tide Is High (Get The Feeling)", een cover van de hit uit 1980 van Blondie (oorspronkelijk nummer was uit 1965 van The Paragons), waarmee ze een hit scoren.
Daarna volgden nog Be With You (gebaseerd op een sample van ELO's Last Train To London) en het voor een Kool & The Gang-tribute-album opgenomen Ladies Night. Maar op 23 januari 2004 besloot Natasha rustig aan te doen en een tijdje niet in de schijnwerpers te staan, omdat het combineren van de band met haar privéleven te veel voor haar werd en ze meer tijd met haar zoon wilde doorbrengen. Er werd dus niet officieel gebracht dat Natasha uit de band stapte of dat de band stopte. Ze namen alleen geen platen meer op. Op 29 maart 2004 zou hun laatste single Someone Like Me en als met op de b-kant het opnieuw uitgebrachte Right Now 2004 uitkomen. Maar in Groot-Brittannië zijn er sindsdien nog twee singles uitgebracht, re-realeses van Cradle en All Together Now. Zowel Jenny Frost als Liz McClarnon hebben gekozen voor een solocarrière.
Op 11 december 2006 werd er bekend gemaakt dat Atomic Kitten een comeback gaan maken. Bij een speciaal optreden op een kerstliefdadigheidsconcert in 2006 vonden ze het weer erg gezellig. Daarom zouden ze vanaf januari 2007 weer optreden en zouden ze opnieuw de studio's induiken voor nieuw materiaal voor een vierde studioalbum. In april 2007 zou er een nieuwe single uit, namelijk Nothing In The World. Deze single staat ook op het album Ladies Night, maar zou opnieuw worden ingezongen. Later wordt deze come-back toch geannuleerd.Solocarrieres
Na de zomer van 2007 werd bekend gemaakt dat de meiden in januari 2008 een come-back zouden gaan maken, maar ook ditmaal kwam het er niet van. Jenny werd presentatrice van het BBC-programma Snog Marry Avoid waarin vrouwen een make-under krijgen. Liz heeft in 2010 een soortgelijk programma gekregen (Hotter Than My Daughter) over moeders met dezelfde kledingstijl als hun dochters.



Kraftwerk
Kraftwerk is een Duitse band uit Düsseldorf die in 1970 gesticht werd en nog steeds actief is. Zij hadden een grote invloed op de ontwikkeling van elektronische muziek.
In 1970 brachten Ralf Hütter en Florian Schneider-Esleben - toen nog onder de naam Organisation - het album Tone float uit. Een half jaar later werd de naam veranderd in Kraftwerk. In eerste instantie concentreerde de groep zich meer op avant-gardemuziek, later pas op elektronica en het maken van eigen, elektronische instrumenten waaronder speciale drummachines waar Florian Schneider patenten op heeft. Tussen 1970 en 1973 had de groep verschillende bezettingen, in 1972 is zelfs Ralf Hütter even uit de groep gestapt. In 1973 maakten ze met zijn tweeën een lp (Ralf + Florian), om vanaf 1974 langzaamaan de groep te vormen waarmee ze jaren bekend zijn geweest: Ralf Hütter, Florian Schneider, Karl Bartos en Wolfgang Flür.
De doorbraak voor Kraftwerk kwam in 1974 met het album Autobahn, waarbij voor het eerst gebruik werd gemaakt van de Minimoog, zeker in die tijd een extreem duur apparaat. De 22 minuten durende, gelijknamige openingstrack belandde wereldwijd in de hitparades en was een duidelijk teken dat synthesizers niet meer waren weg te denken uit de muziek.
Ook in de daaropvolgende jaren bleven de bandleden experimenteren en op zoek gaan naar de mogelijkheden die elektronische muziek bood en tijdens optredens werd er ook geëxperimenteerd met computeranimaties. De groepsleden werden live ook vaak vervangen of "geassisteerd" door robots die voor honderd procent lookalikes waren.
Opmerkelijk is dat de meeste albums in eerste instantie met Duitse teksten en titels uitgebracht werden, hoewel er achteraf vaak ook Engelstalige uitgaven verschenen.
Vanaf ongeveer 1981 werd het wat stiller in de Kling-Klangstudio van Kraftwerk in Düsseldorf. De re-release van The Model in 1982 leverde echter een nummer 1-hit op in het Verenigd Koninkrijk. In 1986 verscheen het album Electric Café en verliet Wolfgang Flür de groep en werd vervangen door de plaatselijke geluidstechnicus. In 1991 werden de grootste hits opnieuw uitgebracht op het album The Mix en vertrok Karl Bartos, om door een andere technicus uit de Kling-Klangstudio vervangen te worden.
In 2003 bracht Kraftwerk het eerste nieuwe album in 15 jaar uit, volledig gewijd aan de obsessie van Ralf Hütter met de Ronde van Frankrijk. Dit album was deels al geschreven in de tijd van de Tour de France-12-inch (1983). Het bestaat dus uit oud (opnieuw bewerkt) en nieuw materiaal.
Tussen 1995 en 2000 begon de formatie weer met liveoptredens en in 2004 startte een wereldwijde tour. 21 maart 2008 overlijdt slagwerker Klaus Dinger, vlak voor zijn 62e verjaardag.
In januari 2009 komt het bericht naar buiten dat mede oprichter Florian Schneider na 40 jaar de band verlaat. Toch heeft de groep in 2009 nog diverse optredens gedaan, zij het in een andere opstelling, met Hütter als enige van de oude bezetting. Zo opende Kraftwerk in maart voor de Radiohead tournee in Zuid-Amerika. In augustus trad de groep met succes op tijdens het Belgische Pukkelpop-festival. Verdere toekomstplannen zijn niet bekend.
Kruiwagens!!

Ga met de cursor over de afbeelding!!!!
Grondverf
Allerheiligen,Allerheiligen (Sollemnitas Omnium Sanctorum in het Latijn) is een christelijk feest dat valt op 1 november en gevierd wordt onder katholieken en Anglicanen. In de Katholieke Kerk is het een hoogfeest. Ook de Byzantinische Orthodoxe Kerk kent het feest, maar op de eerste zondag na Pinksteren. De feestdag viert de nagedachtenis aan alle heiligen en martelaren.
De volgende dag wordt Allerzielen gevierd. Het is aannemelijk dat men tijdens de kerstening van Europa, het feest van Allerheiligen is gaan vieren rond de periode dat voordien een heidens feest ter nagedachtenis van de doden werd gehouden. In 837 riep Paus Gregorius IV 1 november uit als de katholieke gedenkdag.
Allerheiligen is ook een merkeldag en hierbij hoort de weerspreuk: Allerheiligen is een waterken of een winterken.
Allerheiligen is een vrije dag in vele landen, waaronder België, Frankrijk en delen van Duitsland. In Nederland werd deze vrije dag afgeschaft in de jaren 1960.
In de beeldende kunst is Allerheiligen een voorstelling van heiligen om de Drieëenheid, volgens de tekst in Openbaring 5 en 7. Een bekend schilderij Aanbidding van de Drieëenheid door de Civitas Dei van Albrecht Dürer bevindt zich in het Kunsthistorisches Museum te Wenen.
1 november

Iets te laat!!!!
Janis Joplin,Janis Lyn Joplin (Port Arthur (Texas), 19 januari 1943 – Los Angeles (Californië), 4 oktober 1970) was een Amerikaans zangeres. Een van haar bekendste nummers is Me and Bobby McGee.
Haar vader werkte bij Texaco Oilcompany en haar moeder was administrateur. Joplin bezocht in de vroege jaren 60 enkele universiteiten, maar studeerde nooit af. De muziek trok haar meer en dan met name de blues, rock-'n-roll en soul. Grote voorbeelden voor haar waren Odetta, Leadbelly, Bessie Smith en "big mamma" Thornton. In 1963 woonde Joplin enige tijd in San Francisco, maar keerde al snel terug naar Port Arthur.
In 1966 vertrok Joplin opnieuw naar San Francisco op uitnodiging van de impresario van Big Brother and The Holding Company, Chet Helms. In het begin was de band niet succesvol, maar de grote doorbraak kwam met het optreden op het Monterey Pop Festival in 1967. Met het album dat daarna verscheen, Cheap Thrills, vestigde Joplin definitief haar naam als blueszangeres. Joplin besloot Big Brother and The Holding Company te verlaten en begon The Kozmic Blues Band en later The Full Tilt Boogie Band. Met deze laatste band maakte ze het album Pearl. Haar laatste opnames waren het lied Mercedes-Benz en een verjaardagswens voor John Lennon. Janis Joplin overleed op 27-jarige leeftijd aan een overdosis.
Dat de dood van Janis veroorzaakt was door een overdosis drugs kwam misschien niet echt als een verrassing. Een groot deel van haar leven had zij te kampen met een drugs- en alcoholprobleem. Zo kreeg zij als kind al de bijnaam 'speedfreak'. En dat was zeker niet voor niets; op haar dieptepunt woog zij nog maar 40 kilo. Gelukkig bood toen de uitnodiging om naar San Francisco te komen om bij Big Brother and the Holding Company te gaan zingen, uitkomst. Helaas was die redding maar van korte duur. Terwijl de band steeds meer successen boekte, steeg niet alleen Janis' inkomen maar ook de druk om te presteren. Deze grote druk kon Janis niet aan. Zij greep meteen weer terug naar de alcohol en drugs. Uiteindelijk werd Janis Joplin op 4 oktober 1970 dood gevonden in haar hotelkamer in Los Angeles, overleden aan een overdosis heroïne. Wat Janis niet wist is dat haar dealer de heroïne deze keer niet eerst zelf getest had en dat het onversneden (pure) heroïne bleek te zijn. Janis nam een voor haar gebruikelijke hoeveelheid van de drugs in wat haar fataal werd
Het album Pearl verscheen postuum in 1971. Haar bekendste nummer was Me and Bobby McGee, geschreven door Kris Kristofferson en uitgebracht na haar dood in 1971
Joplin wordt nog steeds beschouwd als een van de invloedrijkste blueszangeressen van de jaren '60. Vooral haar optreden in Woodstock (1969) wordt nog steeds als klassiek beschouwd. Joplins teksten weerspiegelen een gevoel van pijn en eenzaamheid van een vrouw die een laag zelfbeeld had en gekweld werd door een gebrek aan zelfvertrouwen. Dit zal ongetwijfeld ten grondslag hebben gelegen aan haar succes als blueszangeres.
Joplin wordt nog steeds beschouwd als een van de invloedrijkste blueszangeressen van de jaren '60. Joplins teksten weerspiegelen een gevoel van pijn en eenzaamheid van een vrouw die een laag zelfbeeld had en gekweld werd door een gebrek aan zelfvertrouwen. Dit zal ongetwijfeld ten grondslag hebben gelegen aan haar succes als blueszangeres.
Gibson gitaren,
De Gibson Guitar Corporation is een Amerikaanse firma die onder meer gitaren bouwt. Ze specialiseert zich niet in een bepaald type zoals de gitaarbouwer Martin die zich toelegt op de bouw van akoestische gitaren maar biedt alle categorieën aan.
Een bekende gitarist die op Gibson-gitaren speelt is Slash van Velvet Revolver en Guns 'n Roses, die in zijn privécollectie meer dan 100 Les Paul-gitaren heeft. Kenmerkend voor de Gibson-gitaren is het gebruik van zogenaamde dubbelspoel-elementen ("humbuckers"), die ervoor zorgen dat deze gitaren een relatief vol en 'warm' geluid geven. Een ander voordeel is dat deze spoelen magnetische stoorvelden elimineren. Dé grote concurrent van Gibson, Fender, gebruikt enkelspoel-elementen(beter bekend als single-coil elementen).
Orville H. Gibson (geboren in 1856 te Chateagay, New York) verhuisde in 1881 naar Kalamazoo en werkte daar als schoenmaker. Maar door zijn grote liefde voor houtbewerking en muziek begon hij de bouw van gitaren en mandolines te onderzoeken. Voor zijn eerste mandolines en gitaren, die uitkwamen in 1894, gebruikte hij ideeën uit de vioolbouw, en ook nieuwe ideeën.
Omdat er meer vraag was dan hij had verwacht, was Orville genoodzaakt een bedrijf op te starten dat zijn instrumenten zou maken. Zo ontstond op 11 oktober 1902 "Gibson Mandolin - Guitar Co., Ltd". In 1919, een jaar na de dood van Orville, kwam Lloyd Loar, mandolinist en akoestisch ingenieur, voor Gibson werken. Hij verfijnde de originele ontwerpen van Orville en bracht de eerste gefrette instrumenten met f-gaten uit: de F-5-mandoline en de L-5-gitaar.
In 1924 ontwierp Loar een prototype voor een elektrische bas, maar omdat dit ontwerp niet werd aanvaard door het management van Gibson, nam hij nog datzelfde jaar ontslag.
In de catalogus van 1937 stond er voor het eerst een elektrische gitaar, de ES-150 (Electric Spanish).
Gitarist Les Paul experimenteerde in de werkplaats van Epiphone om een nieuwe massieve gitaar te ontwerpen. Toen hij iets had klopte hij met zijn ontwerp bij Gibson aan, die zijn ontwerp in eerste instantie verwierp als iets waardeloos. In 1950 kwam Gibson echter terug op haar besluit en Les Paul en Gibson sloten een contract. Na zo'n 60 prototypen werd in 1952 de eerste Gibson Les Paul in productie genomen. In het begin wou Gibson zijn naam niet vermelden op de gitaren, maar Gibson kwam op die beslissing terug en de nieuwe gitaar werd een succes.
Les Paul wilde zijn gitaren een lange klankduur (sustain) meegeven en daarom waren de gitaren relatief zwaar en gemaakt van mahoniehout.
In 1957 nam Gibson de firma Epiphone uit New York over (hoewel de productie rond die tijd na een arbeidsconflict inmiddels plaatsvond in Philadelphia). Geleidelijk werd de productie van Epiphone gitaren door Gibson naar Kalamazoo verplaatst, zodat er tussen de Gibson en Epiphone gitaren uit de jaren '60 nauwelijks verschil is. Zo heeft de Epiphone Casino (bekend van o.a. The Beatles) dezelfde specificaties als de Gibson ES 330. Alleen aan de specifieke, smalle Epiphone kop was de Casino te herkennen. Eén van de typische Epiphone onderdelen die Gibson in zijn eigen instrumenten integreerde is de mini-humbucker. Dit gitaarelement -dat oorspronkelijk op Epiphone gitaren als de Broadway en de Riviera zat- werd later gebruikt voor o.a. de Gibson Les Paul Deluxe (1969-heden) en de Gibson SG Special (jaren '70). Vanaf 1971 is de productie van Epiphone naar Azië overgebracht. Aanvankelijk Japan, later Korea en tenslotte China en Indonesië. Sinds begin jaren '90 van de vorige eeuw werden met name kopieën van Gibson gitaren onder de naam Epiphone verkocht. Incidenteel zijn er in de V.S. en Japan gefabriceerde Epiphones op de markt gebracht. Voorbeelden zijn de Amerikaanse Epiphone Spirit en Special in de jaren '80 en de Japanse Elitist versies van de Casino.
Naast gitaren en mandolines heeft Gibson ook luiten, mandola's en violen gebouwd. Na de Eerste Wereldoorlog legde men zich, omwille van de gewijzigde vraag naar muziek, toe op de bouw van banjo's. In de jaren '60, '70 en '80 werden versterkers op de markt gebracht onder de naam Gibson.





Rhythm-and-blues met nieuwe clipRhythm-and-blues (ook bekend als R&B of RnB) is een muziekgenre met invloeden uit jazz, gospel en blues, oorspronkelijk ontstaan bij de Afro-Amerikaanse artiesten. De term werd in 1947 ingevoerd door Jerry Wexler van Billboard magazine. Het moest de plaats van race music (rassenmuziek) innemen, een term die beledigend opgevat werd door de zwarte gemeenschap in de Verenigde Staten.
RnB was een van de voorgangers van rock-'n-roll. Het bevatte sterke invloeden uit de jazz, jumpblues en gospel, maar beïnvloedde op zijn beurt ook de jazz. RnB, blues en gospel werden gecombineerd met bebop om hardbop te maken.
Vele muzikanten maakten jazz en RnB, zoals de swingbands van Jay McShann, Tiny Bradshaw and Johnny Otis. Count Basie had wekelijks een RnB-live-uitzending vanuit Harlem. Het icoon van de bebop, Tadd Dameron, maakte muziek voor Bull Moose Jackson en was twee jaar lang diens pianist, nadat hij zichzelf tot de bebop toegewijd had.
De meeste Rnb-muzikanten waren jazzmuzikanten en vele muzikanten op Charlie Mingus' bekende jazz-opnames waren RnB-professionals. Lionel Hamptons bigband van het begin van de jaren 40 legde de basis voor vele beboplegendes van de jaren 50.
De periode jaren 50 was het begin van de klassieke RnB. De bekende Chuck Berry was een van deze RnB-gitaristen. Overlappend met andere genres als jazz en rock-'n-roll ontwikkelde RnB regionale specialisaties. Een sterke stroming langs de "blues-kant" kwam van New Orleans en was gebaseerd op een vloeiend piano-spel, gelanceerd door Professor Longhair. Tegen het einde van de jaren 50 scoorde Fats Domino met "Blueberry Hill" en "Ain't That a Shame". Andere artiesten die een Louisiana-touch gaven aan RnB waren o.a. Clarence Henry, Frankie Ford, Irma Thomas, The Neville Brothers en Dr. John.
Aan het begin van de jaren 60 nam RnB meer en meer invloeden over van gospel met artiesten zoals Ray Charles, Sam Cooke, James Brown en Aretha Franklin, en kreeg het de naam soul. Barry Pearson schreef dat dit een naam was die door de zwarte gemeenschap aan de muziekindustrie opgelegd werd. Hoe dan ook, een goede 10 jaar later had de RnB een ware comeback. In de loop van de jaren zestig steeg het aantal blanken dat het label RnB op hun muziek kleefden (en soms ook blue-eyed soul, terwijl het eerder naar de rock-'n-roll neigde), zoals The Yardbirds, The Rolling Stones, The Pretty Things, The Small Faces, The Animals, The Spencer Davis Group en The Who.
Freddy Breck
Freddy Breck, artiestennaam van Gerhard Breker (Sonneberg (Thüringen), 21 januari 1942 - Rottach-Egern (Beieren), 17 december 2008) was een Duits zanger, componist en producent. Hij was vooral bekend door zijn schlagerliedjes uit de jaren '70.
Breck studeerde machinebouw. Na het einde van zijn studies werd hij ontdekt als zanger. In 1972 had hij zijn eerste hit met Überall auf der Welt, waarvan de melodie gebaseerd was op een lied van het slavenkoor uit Nabucco van Giuseppe Verdi. Het bezorgde Freddy Breck meteen zijn eerste gouden plaat. Daarna zouden nog meer hits volgen die gebaseerd waren op bekende klassieke melodieën.
In april 1974 bereikte hij met een Engelstalige single een notering in de Britse hitparade. So in love with you behaalde er de 44ste plaats.
Vanaf de jaren '80 begon hij zich meer toe te leggen op het componeren van liedjes voor andere zangers. In die periode trad hij in het gezelschap van Dennie Christian, Mieke en later ook Micha Marah tevens op in Vlaanderen en Nederland en zong daarbij in het Nederlands. Vanaf 1990 legde hij zich weer meer toe op het (solo) zingen, maar hij zou zijn eerdere succes nooit meer evenaren.
In 1998 richtte hij samen met zijn vrouw Astrid de platenfirma Sun Day Records op en zong hij met haar als het duo Astrid & Freddy Breck.
Eind 2008 overleed Freddy Breck omringd door zijn familie op 66-jarige leeftijd in zijn huis aan de Beierse Tegernsee aan longkanker.

Weekend
Duffy
Aimee Anne Duffy (Nefyn, 23 juni 1984) is een Welshe zangeres en songwriter. Haar stem wordt vaak vergeleken met die van Dusty Springfield en Amy Winehouse. Met haar soulnummers wordt ze getipt als een groot doorbrekend talent in 2008.
Duffy werd in 1984 geboren in het stadje Nefyn. Haar ouders scheidden toen ze tien jaar oud was en ze verhuisde met onder andere haar moeder en tweelingzus naar een andere stad. Toen Duffy vijftien jaar was, zong ze in verschillende lokale bands. In 2003 deed ze mee aan Wawffactor, een alternatieve versie van Idols en eindigde als tweede. Na die deelname was ze een graag geziene artiest in de lokale jazz- en bluescafés. Een platencontract volgde en haar doorbraak was in november een feit, toen ze mocht optreden in de BBC2-show Later with Jools Holland.
Sinds maart 2008 ligt haar debuutalbum Rockferry in de winkels. Daar staat onder andere de eerste single Mercy op. De single was Megahit op de radiozender 3FM en bereikte de nummer 1 positie in de Nederlandse Top 40. Ook wordt deze single gebruikt in het voetbalspel FIFA 09.
In mei 2008 werd de tweede single Warwick Avenue uitgebracht. De derde single was Rain On Your Parade, gevolgd door de vierde single van het album: Stepping Stone.



Avril Lavigne
Avril Lavigne, voluit Avril Ramona Lavigne Whibley (Belleville (Ontario), 27 september 1984) is een Canadese zangeres, tekstschrijfster en actrice. Ze trouwde op 15 juli 2006 met Deryck Whibley, zanger van de Canadese poppunkgroep Sum 41, in Montecito, Californië. Het paar woont momenteel in Beverly Hills.
Lavigne werd opgevoed door conservatieve ouders. Ze groeide op met het zingen van countrymuziek en in een kerkkoor en leerde zichzelf gitaar spelen. Toen ze 16 jaar oud was tekende ze een platencontract bij Arista Records, onderdeel van BMG. Ze verhuisde naar New York City om aan een album te werken.
Haar pogingen om met behulp van anderen nummers te schrijven die aan haar wensen voldeden mislukten. Daarom ging ze naar Los Angeles om te schrijven met hulp van Cliff Magness en een schrijversteam, The Matrix genaamd, dat eerder al nummers had geschreven voor Sheena Easton en Christina Aguilera.
Op 4 juni 2002 bracht ze haar eerste album Let Go uit. Binnen zes maanden haalde ze met de verkoop van het album een viervoudig platina. Van het album verschenen "Complicated", "Sk8er Boi", "I'm With You" en "Losing Grip" op single. Van het album Let Go werden wereldwijd 15 miljoen exemplaren verkocht. Het album vertoonde poprock, alternative en grunge invloeden. Ruim een maand na de release verkreeg Let Go midden augustus in de Verenigde Staten de platina status. Daarmee is het het op vier na beste verkochte album in 2003. In december 2003 is het ruim 6.6 miljoen keer verkocht in de Verenigde Staten en ruim 16 miljoen keer wereldwijd.
Op 25 mei 2004 verscheen haar tweede album Under My Skin, grotendeels geschreven in samenwerking met de Canadese zangeres Chantal Kreviazuk. Daarnaast zijn een paar tracks geschreven door Ben Moody (oprichter Evanescence), Butch Walker van Marvellous 3, haar voormalige leadgitarist Evan Taubenfield en haar voormalige drummer Matt Brann. Kreviazuk's echtgenoot, Raine Maida (voorman van Our Lady Peace) co-produceerde het album samen met Butch Walker en Don Gilmore.
Deze cd bevatte meer rocknummers dan haar eerste album met poppunk en zachte post-grunge geluiden. Het debuteerde in dertien landen op één. Er verschenen vier singles van dit album: leadsingle "Don't Tell Me", "My Happy Ending", "Nobody's Home" en "He Wasn't". Op dit album stond ook het nummer "Slipped Away" ter herinnering aan haar overleden opa.
Lavigne ging, ter promotie van het album, in 21 steden touren in de Verenigde Staten en Canada. Elke optreden van deze "Live and by Surprise" tour bestond uit een paar korte live-akoestische nummers van het album. Ze werd vergezeld door haar gitarist Evan Taubenfield. De optredens werden binnen 48 uur voor het begin van het concert bekendgemaakt. De toer was erg populair en succesvol als promotiemiddel. Selecties van deze toer staan op haar EP Avril Lavigne Live Acoustic.
| . |
Avril Lavigne maakte op 2 december 2004 bekend dat ze in maart 2005, na het afronden van haar Japanse tour, de studio zou gaan voor opnamen voor haar derde album. Een groot deel van de nummers hiervoor had ze al geschreven tijdens de Europese tour in de herfst van 2004. Een ander deel had ze al op haar antwoordapparaat ingezongen.
Lavigne heeft een contract bij modellenbureau Ford Models en stond model voor de make-uplijn van Chanel van herfst 2006. Ze heeft een filmrol in de misdaadfilm The Flock en een rol als serveerster in The Fastfood Nation gespeeld. Ook heeft ze de stem van Heather, een buidelrat in de animatiefilm Over the Hedge, ingesproken. Ook heeft ze het nummer Keep Holding On voor de film Eragon ingezongen. Deze staat op haar album The Best Damn Thing. Lavigne's derde album, The Best Damn Thing, verscheen midden april. De eerste single daarvan was "Girlfriend". Avril beschrijft haar album als ondeugend, up-tempo, fris, maar vooral één met een eigen stijl. Lavigne, die in het begin van haar carrière zich afzette tegen alles en iedereen, begint nu wat rustiger te worden; ze heeft haar stropdassen ingeruild voor haute couture-jurkjes van Gucci en is naast zangeres nu ook actrice.
Lavigne verkocht in totaal rond de 30 miljoen albums wereldwijd waarvan bijna 10 miljoen in de Verenigde Staten. Haar tweede single van The Best Damn Thing was "When You're Gone", een rockballad. Het derde nummer was "Hot" en kwam uit op 5 oktober 2007. De videoclip hiervan is 8 september 2007 opgenomen in New York City. Op 4 maart 2008 ging haar 'Best Damn Tour' van start. Ze begon haar tour in de Verenigde Staten en ging daarna naar Europa en Azië. Ze stond op 20 juni 2008 in de Heineken Music Hall in Amsterdam. Op 9 september kwam de dvd The Best Damn Tour uit, met daarop een concert geregistreerd in Toronto, Canada.Parfum
Sinds eind 2009 heeft Lavigne een parfum, Black Star. Het geurtje ruikt naar bloemen en fruit. In juni 2010 kwam er een nieuw geurtje uit: Forbidden Rose.
Sinds 2008 heeft Avril heeft een eigen kledinglijn, Abbey Dawn. Die heeft ze zelf opgestart en ze verzint de ontwerpen zelf. Abbey Dawn is een onderdeel van Kohl's. De naam Abbey Dawn komt van haar opa die haar vroeger zo noemde. Eerst waren er alleen in Amerika en in Tokio (Japan) Kohl's-winkels. Maar sinds een tijdje is er in Nederland een webshop. Lavigne heeft ook een Alice in Wonderland-collectie.



<
John Fogerty
John Cameron Fogerty (Berkeley, Californië, 28 mei 1945) is een Amerikaanse singer/songwriter. Hij is vooral bekend als voorman van de rockgroep Creedence Clearwater Revival. Karakterisiek is zijn raspende stem en pakkende gitaar-riffs.
John en zijn broer Tom Fogerty vormden een bandje in El Cerrito, Californië, aan het eind van de vijftiger jaren, als Tommy Fogerty and the Blue Velvets. De naam werd, door toedoen van de platenmaatschappij die hen wilde contracteren (Fantasy), veranderd in The Golliwogs in 1964.
In 1968 bracht de band hun eerste album uit onder de naam Creedence Clearwater Revival. Deze naam had de band in 1967 aangenomen. Hierop stonden onder andere covers waaronder Susie Q en I Put A Spell On You, dat hun eerste hits werden. Nadien volgde vele hitsingles waaronder Proud Mary, Fortunate Son, Up Around The Bend, Green River, Down On The Corner, Travelin' Band, Lookin' Out My Back Door, Bad Moon Rising, en Who'll Stop The Rain.
Door spanning onderling vertrok Tom na het zesde album Pendulum. De andere bandleden wilden meer invloed in de composities en uitvoering, aangezien John de bepalende factor was. Dit experiment duurde één album, Mardi Gras, en de groep ging in 1973 uit elkaar.
John Fogerty bracht nadien enkele soloalbums uit. In 1973 brengt hij Blue Ridge Rangers uit met country-covers, waarbij hij alle instrumenten zelf bespeelt. In 1975 brengt hij John Fogerty uit waar onder andere Rocking All Over The World op staat, dat later een grote hit zal worden voor Status Quo. Ondertussen ruziet Fogerty met Fantasy Records over de royalty's van zijn CCR-songs. In 1985 komt Centerfield uit. Dit wordt een succes in de VS. Op dit album staat het nummer The Old Man Down The Road. De oud-collega's van CCR klagen Fogerty aan omdat dit nummer teveel zou lijken op Run Through The Jungle van CCR. Fogerty wint het proces door de songs voor te spelen in de rechtszaal. Hierbij weet hij de rechter ervan te overtuigen dat het wel degelijk een andere song is. Maar de mogelijkheid op een eventuele reünie is voor altijd verkeken, zoals Fogerty in interviews benadrukt. Dit wordt versterkt door het overlijden van Tom Fogerty in 1990. Een jaar later komt het teleurstellende Eye Of The Zombie uit. In 1993 wordt Creedence Clearwater Revival in de Rock and Roll Hall Of Fame opgenomen. Fogerty weigert met zijn oud-collega's op te treden tijdens deze huldiging en speelt enkele CCR-nummers samen met Bruce Springsteen. Pas in 1997 komt Fogerty met een nieuw album, Blue Moon Swamp en wordt bekroond met een Grammy Award. In 1998 komt het live-album Premonition uit waarbij hij onder andere weer zijn oude CCR-songs ten gehore brengt. In 2004 wordt het album Deja Vu (All Over Again) uitgebracht. Inmiddels zijn Fogerty en Fantasy Records weer verzoend met elkaar, wat Fogerty weer de gelegenheid geeft zijn oude repertoire op te pakken. De reden is dat Fantasy is verkocht en het nieuwe management de zaak met Fogerty schikt. In 2006 wordt onder het label van Fantasy een verzamelalbum uitgebracht van CCR-songs en songs van Fogerty zelf, genoemd "The Long Road Home". Fogerty heeft in september 2007 een nieuw studio-album uitgebracht en gaat weer op wereldtournee. Dit nieuwe album heet "Revival". Als onderdeel van de "Revival Tour" trad Fogerty op 20 juni 2008 op in Ahoy Rotterdam.Op 2 september 2009 komt er een nieuw album uit. Het is een vervolg van de "blue ridge rangers" uit 1973 en heeft als titel 'Blue ridge rangers rides again'. Het betreft hier wederom covers uit de country en western scene van o.a John Denver & Ricky Nelson. Ook staat hier een eigen cover op 'Change in the weather' van het album 'Eye of the zombie' uit 1986.
In songs als Who'll Stop The Rain, Have You Ever Seen The Rain en Fortunate Son levert Fogerty kritiek op de Vietnamoorlog. Vandaar dat deze muziek prominent aanwezig is in de populaire tv-serie Tour of Duty. Met het album Deja Vu (All Over Again) levert Fogerty kritiek op de Irak-oorlog en wijst op de vergelijking (Deja Vu) met de Vietnamoorlog.
Veel liederen gaan over het diepe zuiden van Amerika. Fogerty kende dit deel van zijn land alleen uit verhalen, die hij als kind gretig tot zich nam, aangezien hij in een voorstad van San Francisco is geboren en getogen. Het mysterieuze van het moerasland inspireerde hem tot songs als Walking On The Water, Green River, Born On The Bayou, Bad Moon Rising en It Came Out Of The Sky. Fogerty zingt hierom met een aangedikt 'Southern' accent en draagt vaak een houthakkersblouse.
Er gaan geruchten dat met Proud Mary mari(y)huanna bedoeld wordt. Fogerty zelf verklaart dat het verhaal draait om een stoomboot en dat hij vaak woorden en teksten achter elkaar zet omdat ze lekker klinken en niet altijd een verhaal te vertellen hebben. Zo is Willy and the Poor Boys, de naam van een CCR-album én een zin in het refrein van Down On The Corner, gebaseerd op Winnie de Poeh. Hieruit blijkt dus dat Fogerty niet altijd zijn teksten voor een onderliggende boodschap gebruikt.



mop
The TroggsThe Troggs zijn een Engelse rockband, die een aantal hits hadden in de jaren zestig, waaronder "Wild Thing", "With a Girl Like You" en "Love is All Around". De band wordt beschouwd als één van de eerste garagerockbands. "Trogg" is een afkorting van "troglodiet", wat holbewoner betekent.
The Troggs werden in 1964 opgericht in de Zuid-Engelse plaats Andover. De vier jongens, onder leiding van zanger Reg Presley, konden echter nauwelijks een instrument spelen. Het simpele gitaargeluid van de band groeide uit tot hun handelsmerk en bleek van grote invloed op de latere garagerock en punk. Mid-jaren zestig tekende de groep een contract bij Larry Page, de manager die The Kinks onder zijn hoede had.
The Troggs werden beroemd met de hit "Wild Thing" uit 1966, geschreven door de Amerikaanse countryzanger Chip Taylor. Het nummer werd wereldwijd een grote hit, waaronder nummer één in de Verenigde Staten en nummer vijf in Nederland. Een jaar later speelde Jimi Hendrix het nummer aan het einde van zijn optreden op Monterey Pop.
In de Verenigde Staten nam de populariteit van de band na 1966 af, maar in Europa bleef de groep razend populair, met door henzelf geschreven hits als "With a Girl Like You" (nummer één in het Verenigd Koninkrijk en Nederland) en "I Can't Control Myself". Door de sensuele teksten werden de nummers van de band door de meer behoudende radiostations geweerd, met als gevolg dat ze gematigder teksten schreven. Met de powerballad "Love Is All Around" uit 1968 hadden ze weer een internationale hit, die ook in de VS de top tien haalde. Het was echter hun laatste grote hit.
De bandleden bleven ook na 1970 bij elkaar, maar wisten geen successen meer te behalen. Ze bleven echter nog wel optreden. Op een gegeven moment dook een beruchte opname op, bekend onder de naam "The Troggs Tapes", waarop te horen is hoe de bandleden, onbewust dat ze werden opgenomen, onderling aan het ruzie maken. De opname werd wijd verspreid in de muziekwereld en kreeg een cultstatus. Een scène uit de komische film This Is Spinal Tap zou gebaseerd zijn op deze opnames.
De band kwam weer opnieuw in de aandacht toen R.E.M. het nummer "Love Is All Around" coverde. In 1992 werkten drie leden van R.E.M. mee aan hun album Athens Andover. Het nummer werd in 1994 eveneens een hit voor Wet Wet Wet, voor de soundtrack van de film Four Weddings and a Funeral.
Mijn buurmeisjes
Martin gitaar
De Firma C.F. Martin is een bekende naam als bouwer van akoestische gitaren.
Haar gitaren zijn en worden door diverse muzikanten gebruikt; van Hank Williams tot Neil Young en door duizenden onbekende gitaristen.
Johann Georg Martin was een Duitser die in zijn gemeente (Markneukirchen in Saksen) als timmerman voor een gilde van vioolbouwers werkte. Toen hij voor het eerst een gitaar hoorde besloot hij er zelf een paar te maken en die te verkopen.
Zijn zoon Christian Friedrich trad in dienst bij de Weense viool- en gitaarbouwer Johann Staufer en bouwde later samen met zijn vader gitaren. De gildebouwers voelden zich zo bedreigd dat ze allerhande druk uitoefenden waardoor vader en zoon Martin naar de Verenigde Staten uitweken. Ze openden in 1833 een winkel in New York (Hudson Street 196); in 1839 verhuisden ze naar Cherry Hill (Pennsylvania). Frank Henry Martin (1866-1948), kleinzoon van Christian Friedrich maakte de fabriek groot door in te spelen op de populariteit van de banjo, ukelele en mandoline. Momenteel (in 2009) verlaten enkele tienduizenden gitaren jaarlijks de fabriek.
In de gitaarwereld werd zijn Dreadnought , die in 1931 op de markt kwam, alombekend. Ze laten, door hun groter formaat, een wat zwaardere toon klinken en werden door veel fabrikanten geïmiteerd. Men beschouwt het model D-45 als de top van de fabriek. Martin bouwde ze speciaal voor Gene Autry in 1933; tot oktober 1942 beliep de productie 91 stuks toen de aanmaak werd stopgezet omwille van de Tweede Wereldoorlog. Er volgde zoveel vraag dat de D-45 in 1968 opnieuw werd uitgebracht.



Britney Spears


Britney Jean Spears (McComb, Mississippi 2 december 1981) is een Amerikaanse popzangeres, songwriter, danseres, actrice en auteur. Volgens de Recording Industry Association of America is Spears de op zeven-na best best verkopende vrouwelijke artiest van de Verenigde Staten met 31 miljoen gecertificeerde albums. Ook is zij een van de best verkopende artiesten in de wereld met een geschatte verkoop van 83 miljoen albums . Spears is ook titelhouder van meerdere Guinness World Records.
Spears werd opgevoed als een Southern Baptist in Kentwood (Louisiana). Ze is de dochter van James Parnell Spears en Lynne Irene Bridges. Haar broer, Bryan (geboren in 1977) is een van haar managers, en haar zusje, Jamie Lynn (geboren in 1991) is actrice en zangeres. Britney zelf is geboren op 2 December in 1981.
Op zeventienjarige leeftijd bereikte Spears in 1999 de eerste plaats van de hitlijsten in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk met haar single …Baby One More Time. Ook in Nederland behaalde dit nummer de nummer 1-positie. Haar eerste album, genaamd ...Baby One More Time verkocht wereldwijd miljoenen exemplaren. Ook haar tweede album Oops!... I Did It Again zorgde voor een groot aantal verkochte platen en hits. Het derde album van Spears, dat luisterde naar de naam Britney was ook een groot succes.
Haar vierde album verscheen op 18 november 2003 en had de naam In the Zone. Met een nummer van dit album, Toxic, heeft Spears in 2005 haar eerste Grammy Award weten te bemachtigen voor 'Best Dance Recording', waarbij ze Kylie Minogue een haarlengte voorbleef. Tijdens het maken van een videoclip van Outrageous (waarbij ze samenwerkte met Snoop Dogg) heeft ze een zware knieblessure opgelopen, waardoor ze haar wereldtournee, 'The Onyx Hotel Tour', niet kon afmaken. In november 2004 heeft ze haar vijfde album gelanceerd onder de titel Greatest Hits: My Prerogative waarvan ze de gelijknamige single ook heeft uitgebracht (in deze clip is o.a. een rol voor haar inmiddels ex-man Kevin Federline weggelegd). Nadat het album was uitgekomen liet Spears via haar officiële site weten een rustpauze in te lassen van minimaal een jaar vanwege haar eerste zwangerschap.
Na die rustpauze waren er veel geruchten dat er een nieuw album zou komen, maar dat werd uitgesteld vanwege haar zwangerschap. Mona Lisa, Chaotic, Someday (I Will Understand) en Over to You Now waren toen al klaar voor het nieuwe album. In plaats van een nieuw album werd B in the Mix: The Remixes door Jive Records uitgebracht om de fans wat 'nieuw' materiaal te geven. De vier nummers kwamen op een bonus-cd van Spears' persoonlijke dvd Britney & Kevin: Chaotic.
Haar zesde album B in the Mix: The Remixes werd uitgebracht op 25 november 2005 door Jive Records. Dit album is niet zo groots uitgebracht als de andere albums van Spears, waardoor het ook niet een zeer groot succes is geworden. Desondanks werden er meer dan 1 miljoen exemplaren van dit promotieloze album verkocht.
Sinds het zesde album is Spears bezig geweest met het opnemen van een nieuw album. In mei 2007 gaf ze een aantal mini-concerten onder de naam The M & M's . In augustus werd door verschillende media bekend gemaakt dat het album op 13 november en de eerste single, Gimme More, in september zou worden uitgebracht. Echter, in de laatste week van augustus werd bekend gemaakt dat de single zou debuteren tijdens een opening van een nachtclub. Spears opende de MTV Video Music Awards van 2007 met een optreden van Gimme More. Er waren hoge verwachtingen van het optreden, maar het viel tegen. Britney leek niet geïnteresseerd en zenuwachtig.
Op 5 oktober werd bekend gemaakt dat Blackout de titel is van het nieuwe album . Gimme More, de eerste single van Spears' nieuw album deed het redelijk. De single bereikte nr. 1 in iTunes, maar kwam in de Nederlandse Top 40 niet verder dan een 32e plaats. De andere singles van dit nieuwe album haalden de top 40 niet eens. In de buitenlandse hitlijsten doen ze het over het algemeen wel wat beter. Een paar weken voordat Blackout uitkwam, lekten vele nummers uit, waardoor er een 'Rush-Release' was voor 30 oktober. Er werd officieel aangekondigd dat Piece Of Me de tweede single was. De clip van Piece Of Me werd veel gunstiger ontvangen, mede omdat Britney er veel beter uitzag. Een paar weken later werd aangekondigd dat Break the Ice de nieuwe single zal worden. Op 26 januari won Britney een NRJ music award voor 'Best Album International' voor Blackout. Ze versloeg Amy Winehouse met 'Back To Black', James Blunt met 'All The Lost Souls', Mika met 'Life In Cartoon Motion' en Rihanna met 'Good Girl Gone Bad'. Op 14 maart ging Spears nieuwe single Break the Ice in première op een site die speciaal voor de gelegenheid ontworpen was, waar fans de videoclip konden bekijken en over praten in een chatruimte. Break the Ice was eveneens Spears' eerste nummer met een geanimeerde videoclip waarin zij als een heldin voorgesteld wordt en komaf maakt met iedereen die in haar weg komt.
In 2008 had Spears een gastrol in de televisieserie How I Met Your Mother waarin ze een receptioniste speelde, ze kreeg positieve recensies voor haar optreden in de serie en bracht de serie haar hoogste kijkcijfers ooit . In mei keerde ze terug in de televisieserie waarin ze de verhaallijn open hield voor een terugkeer in de toekomst .
In mei 2008 bevestigden producenten J.R. Rotem en Sean Garrett in People dat Spears in de studio bezig is met een nieuw album . Op 15 september werd bekend gemaakt dat Spears haar zesde studioalbum Circus op 2 december, haar 27ste verjaardag, zal uitbrengen. De eerste single genaamd Womanizer werd op 22 september uitgebracht. . Spears zal een gastoptreden geven in het Britse televisieprogramma X Factor . Tijdens een radioprogamma op Z-100 op 29 september kondigde Spears een wereldtour aan voor 2009 .
Het door Britney Spears uitgevoerde werk wordt vaak als schoolvoorbeeld van hitparadepop aangevoerd: popmuziek waarbij het succes zich in de eerste plaats in de verkoop en airplay van individuele hitsingles laat meten, die (althans voor een belangrijk deel) door professionele producers wordt gemaakt en die vooral op jonge tieners gericht is. Met name haar eerste twee albums, geproduceerd door de Zweed Max Martin, voldoen aan dit profiel. Ondanks (of mogelijk juist dankzij) de hoge verkoopcijfers was de kritiek van de poppers over deze albums vernietigend.
Haar derde en vierde album vertoonden echter een duidelijke evolutie naar een andere stijl: de songs, onder andere geproduceerd door The Neptunes en voor het eerst ook met muzikale bijdragen van Spears zelf, waren gedurfder en haar imago werd veranderd. Dit leidde tot een navenant gunstiger beoordeling bij invloedrijke popcritici. Ook Britney's laatste album Black out werd bejubeld door critici..
Britney Spears heeft op enig moment voor 2004 een tijd een relatie gehad met Justin Timberlake, een zanger die bekendheid kreeg als lid van de boyband *NSYNC. Deze relatie eindigde in een breuk. Spears heeft na haar derde succesvolle hitalbum een tijdje vrij genomen om in 2002 de film Crossroads op te nemen en tot rust te komen na haar breuk met Justin Timberlake. Crossroads liep redelijk. Aanvankelijk was Spears populair onder het conservatieve deel van de Amerikaanse bevolking, omdat ze verklaarde als maagd in het huwelijk te willen treden. Enige tijd later verklaarde haar ex-vriend Justin Timberlake dat hij haar ontmaagd had. Een andere opmerkelijke gebeurtenis waar lang over nagepraat werd, was een tongzoen met Madonna tijdens de live-uitzending van de MTV Video Music Awards in 2003.
Begin 2004 veroorzaakte Spears ophef door op 2 januari in een dronken bui te trouwen met haar jeugdvriend Jason Alexander en op 5 januari na amper 55 uur getrouwd te zijn, weer te scheiden. Op 18 september trad ze voor de tweede maal in één jaar in het huwelijk met danser Kevin Federline (26), die uit een voorgaande relatie met Shar Jackson al twee kinderen heeft . Op 12 april 2005 maakte Spears bekend dat ze zwanger was . Op 14 september 2005 beviel zij van een zoon genaamd Sean Preston Federline.
Op 9 mei 2006 maakte Spears bekend dat ze zwanger was van een tweede kind. Haar tweede zoon, Jayden James Federline, werd geboren op 12 september 2006. Nog geen twee maanden later, op 7 november 2006, vroeg ze een scheiding aan met als reden 'onoverkomelijke meningsverschillen' .
Spears werd op 16 februari 2007 in een afkickkliniek opgenomen, kort daarop verliet ze de kliniek. De dag erna reisde Spears naar Los Angeles om daar in een kapsalon eigenhandig haar hoofd kaal te scheren, ook nam zij dezelfde avond nog twee nieuwe tatoeages . Daarna is ze voor de derde maal in de kliniek gebleven. Op 21 maart 2007 werd Spears uit de kliniek ontslagen waar ze vanaf 25 februari in had gezeten toen ze haar behandeling succesvol had voltooid . Gedurende juli en augustus vertoonde Spears ook controversieel gedrag, waaronder een aanval met een paraplu op een paparazzo. Na een maandenlange rechtszaak bevond de rechtbank in september dat Spears zich schuldig had gemaakt aan "volhardend, veelvuldig en aanhoudend gebruik van drugs". Ze werd gedwongen om mee te werken aan onaangekondigde drugs- en alcoholtesten, en naar gezinstherapie te gaan. Spears en Federline hielden beiden voogdij op een voorwaardelijke basis. Een paar dagen later werd Spears officieel beschuldigd van een misdrijf vanwege het doorrijden na een ongeval en rijden zonder rijbewijs . Op 1 oktober werd bekend dat Spears vanaf 3 oktober tijdelijk de voogdij over haar kinderen moest afstaan aan Federline .
Op de avond van 3 januari 2008 werd politie ingeschakeld om een familieconflict over haar kinderen op te lossen, enige tijd daarna werd ze door een ambulance afgevoerd naar het Cedars-Sinai Medical Center omdat ze er werd van verdacht onder de invloed te zijn van een onbekende substantie . Life & Style maakte later bekend dat bloedtesten uitwezen dat ze niet onder invloed was . Hierna werd ze nog een dag vastgehouden voor psychologische observatie .
Op 21 januari werd James Spears tot bewindvoerder over zijn dochter benoemd, samen met advocaat Andrew Wallete is hij ook curator over haar financiën . De gebeurtenissen veroorzaakten een crisis in Spears's psychische problemen in verband met haar zoontjes en op 31 januari 2008 werd ze met een ambulance naar een ziekenhuis gebracht. De bedoeling was, dat de popster 14 dagen ter observatie in de psychische kliniek zou worden opgenomen , op 6 februari 2008 mocht ze het ziekenhuis echter alweer verlaten.
Nadat Federline op 4 januari door een rechter de volledige voogdij toegewezen kreeg over Jayden James en Sean Preston werden Spears en haar kinderen op 23 februari met elkaar herenigd . Op 18 juli kwamen Spears en Federline overeen dat Federline de volledige voogdij behoudt en dat Spears een omgangsregeling kreeg .
In augustus 2007 botste Spears tegen een geparkeerde auto, ze bleek toen niet in het bezit te zijn van een geldig rijbewijs voor de staat Californië. Toen de jury het niet eens werden over het wel of niet schuldig zijn van Spears werd op 21 oktober de rechtszaak geseponeerd .
In april 2009 uitte Spears haar steun aan het homohuwelijk in de media, dit gebeurde na een controversieel incident bij de verkiezing van Miss USA waar deelneemster Carrie Prejean, vertegenwoordigster van de staat Californië, haar afkeuring uitsprak over het homohuwelijk. Spears liet een bericht op Twitter met de inhoud "Liefde is liefde! Mensen zouden in staat moeten zijn om te doen wat ze gelukkig maakt!".
In mei 2010 werd door een vertegenwoordiger van Spears bevestigd dat ze een relatie heeft met haar agent Jason Trawick, en dat ze hun professionele relatie zouden beëindigen om zich meer te kunnen concentreren op hun privérelatie.
Sony Music Entertainment bevestigde al vroeg dat het nieuwe album in de winkel zal liggen in begin 2011. Het is ook bevestigd dat Britney de release verplaatst had naar 2011 omdat ze wil dat het nieuwe album perfect is. Daarnaast bevestigde Pharrel Williams (NERD) dat hij aan een nieuwe song bezig is voor Britney genaamd 'My Big Secret', deze naam staat ook al in de BMI Music lijst samen met 'Downtown'. Verder werken aan dit album (schrijvers,producers): Ryan Tedder (OneRepublic), Darkchild, Max Martin, DJ Tiesto, Dr. Luke, The Outsyders, Danja en David Guetta. Zij hebben allemaal bevestigd in/op interviews, tweets, facebook dat ze meewerkten. Britney hield ook een 'Writing Camp' voor haar nieuw album, waar producers en schrijvers voor haar kwamen en een vergadering.


En nu de sport!!!
