Naar de inhoud

De Beul van Rumbeke

Herinneringen, anekdotes, gebeurtenissen...
akke.beakke.be

Archief

Enkele toeristische inlichtingen over Ilha Grande en Angra dos Reis, in Brazilië

De gemeenten “Ilha Grande” en “Angra Dos Reis” zijn dicht bij elkaar gelegen en kunnen samen in één of twee dagen bezichtigd worden. Alias, Ilha Grande is een redelijk groot eiland dat praktisch juist voor Angra ligt (aan het vasteland) en Angra is ongeveer twee uren weg, met de bus, naar het zuiden op, van Rio De Janeiro.

In Ilha Grande is er één van de grootste gevangenissen van Brazilië gevestigd, met de meest gevaarlijke en belangrijkste bandieten van de streek. Toeristen worden daar dikwijls onderhandeld om, met een mes op (of door) hun keel, een vluchtpoging te wagen. Gelukkig dat de gevangenisdirecteurs meer belang hechten aan het vermijden van het vluchten van die wreedaardige misdadigers dan aan het leven van een paar onnozele gijzelaars (die ze toch niet kennen), zodat er weinig veroordeelden in slagen het eiland achter zich te laten (zwemmend is ietwat ongemakkelijk). Men kan daar een nacht (in Angra, bijvoorbeeld) blijven slapen of zowel terugkeren naar Rio, om dan, de volgende dag, een andere bus te pakken naar "Parati", een derde beroemde gemeente, nog ne keer een uur verder weg, vanuit Angra, naar het zuiden op. Daar, nota bene, bevindt zich de enige atoomcentrale van Brazilië.

Af en toe worden er kleine ongelukjes gerapporteerd, met onbelangrijke ontsnappingen van radioactief materiaal, maar de burgerwacht heeft de inwoners al verschillende keren degelijk voorbereid en getraind om efficiënt te kunnen vluchten op die eventuele gelegenheden. Toevallig aanwezige toeristen, op deze enge ogenblikken, worden dan vriendelijk uitgenodigd de grote mensenstromen te volgen, die uiterst rap en een beetje verward naar de busstations rennen, om ook te trachten te ontsnappen. Misschien zullen de laatst gerangschikte atleten dan wat langer moeten wachten op de volgende bus, maar voor de rest zijn er geen aanzienlijke problemen te bespeuren. Men moet, in alle geval, kalm trachten te blijken en te blijven en vooral niet panikeren. De burgerwacht raadt aan uw adem zolang mogelijk in te houden.

Iedereen weet dat er duizenden bussen bestaan in Brazilië, zodat ge daar niet teveel moet over treuren. Als de nood het hoogst is, is de laatste bus eigenlijk misschien nog een beetje ver weg, maar dat betekend nu ook weeral precies het einde van de wereld niet...

Afgesproken dus: ziet ge veel mensen in één richting lopen, begin er dan rustig achter te rennen. Gedurende de laatste kilometers raad men aan een goede spurt te proberen om te trachten te ontdekken of ze niet een sambaschool aan het volgen zijn. Ik denk trouwens dat ge op zo’n gelegenheden niet bekommerd moet zijn met beleefdheid! Tenandere, hier in Brazilië is iedereen er aan gewend rap te lopen zonder te ademen (vooral de dieven), zodat uw spurt misschien alleen maar zal helpen om de oudste wijven achter te laten. Herinner u dan de wijze woorden van Nonkel Fons: “voeten opheffen”, want die oude wijfkes zullen daar naar mikken... om zich eraan vast te klampen en nooit nemeer los te laten.

In Parati kunt ge dan ook nog eens een nachtje slapen. Ik tracht mij de naam te herinneren van dat hotelleke daar, dat door een Belg wordt uitgebuit, zonder succes nochtans. Ik bedoel: zonder mij de naam te herinneren. In alle geval het kost niks het ene of het andere hotel binnen te springen met de volgende uitroep “eu Belgicano e tu?” Als ze niks antwoorden wil dat zeggen dat ze niet verstaan hebben wat ge bedoeld en dan kunt ge beter het volgende hotelleke proberen. Als ge dan toch eindelijk die wereldberoemde Belg ontdekt zal hij zeker een gat in het dak springen van het geluk en u uitbundig begroeten met de volgende vertrouwelijke inlichting: "eindelijk eens een Belg die absoluut gene afslag zal vragen.."

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Oprechte verjaardag' s wensen

Woensdag 21 november:

"Jaajaat, bijna 53 jaar hé. We worden oude zakken gelijk dat ze zeggen. 't Haar op onzen kop begint al goed uit te dunnen (maar J. is daar al een hele tijd mee bezig - ter compensatie laat hij het groeien ter hoogte van zijn boven- en onderlip - tevens kwestie dat men niet zou zien dat er al fakken uit zijn neus groeien), onze buik begint lichtjes uit te zwalken zodat we, als we gaan pissen, pas kunnen beginnen mikken als we al den helft op onze schoenen gesturt hebben. De oren gaan ook al achteruit bij wijze van spreken en bij wijle hebt ge het gevoel dat ge uwen bril niet op hebt terwijl hij dus pal op dat voorwerp staat dat men gemeenlijk "neus" noemt maar dat meer en meer begint te gelijken op een mislukte patat. Jaja, vroeger waren we schoon en arm, en nu zijn we alleen nog arm...

Natuurlijk niet degenen die boten en zo kopen alwaarop ze hopen jonge bronstige wijvekes te kunnen lokken in de verwachting dat ze dan ook nog gewillig zullen zijn.

Dromen is ons niet vreemd, en het doet dan ook geen zeer. Hoewel dat ontwaken uit den droom nogal eens durft tegenvallen. Ge gaat u dus samen met J. wagen op de wilde baren der stormachtige zeeën? Zorg maar dat ge plastiek zakskes bij de hand hebt. Wellicht herinnert ge u nog dat ons vader van die papieren zakken meehad toen wij met ons zessen vanachter in de Chevrolet geplooid zaten en den enen na den andere moest spugen... allemaal in diezelfde zak natuurlijk (vader was nogal profijtig), die dan nog juist zijnen bodem verloor als het mijne toer was. Ik heb altijd de bescheten commissies aan mijn kloten gehad. Ik verdenk er trouwens F. van dat hij, toen hij zijn bijdrage had geleverd en de zak doorgaf, nog rap eens met zijn scherpe nagels een trek heeft gegeven aan het gat van diene zak in de hoop dat hij zou scheuren op het ogenblik dat hij over H. haren schoot passeerde. Dedju, neejhé! Altijd juist als het aan mij was!

't Was hetzelfde toen dat we eens blaasorkest speelden: we moesten met zijn achten (eerst vader, dan mama, dan F. en zo verder tot het piepscheetse van G.) elk op toer een scheet laten op de gewenste toonhoogte zodat er een melodij ontstond. Vader eerst, en ge weet nog wel dat die niet alleen geweldig stonken, maar dat ze meestal ook hééél lang duurden, en intussen trouwens heel den tijd van toon veranderden. Toen was het aan mama, die ook flinke scheten kan laten, weliswaar met een beetje meer geniepige reuk. Bref, tegen dat F. en H. hun beste scheetje hadden voorgezet (of achtergelaten), en dat het mijne toer zou zijn, had ik al zo hevig mijne prot opgehouden dat mijn darmen dachten dat het niet een scheet was die zat te steken, maar een regelrechte kak. Deze dus zonder veel lawaai in mijne broek. Ik van niets gebaren, ge kent mij, maar de geur heeft mij verraden en vader heeft mij daar een pak voor mijne broek verkocht dat de stront bijna weer langs mijn oren er uit kwam. 'k Ben altijd voor de malchance geboren geweest...

Maar nu genoeg gelachen met mij. Ik wens u een prettige verjaardag, en ik hoop dat de beneveling niet van dien aard zal zijn dat ge er u 's anderendaags niets meer van herinnert. Mama heeft een briefke geschreven en een gedicht gevonden die ik ingescand heb in de hoop dat ge ze kunt lezen. De groeten alvast van het thuisfront, R. incluis."

Maandag 28 november:

"Mama zegt dat ge morgen 57 wordt. Ik zegge tegen haar: maar allez da kan niet: hij heeft nog een vrouwke van 35 en een verse dochter van 8. Toettoet zegt mama, ik herinner het mij nog goed. Ik moest nog zjust een scheet laten toen hij al zijn hoofd uitstak, vandaar dat hij al die sproeten heeft. E 'k zegge tegen mama: da was Rudo nie zulle, da was F.! Ehbenjeenet zeise, F. is verlost van een veearts, daarmee heeft hij een peirdemuile. En daar wist ik geen antwoord ne meer op hé. Ik kon toch moeilijk zeggen dat dat ik was, van die schete....

Alze kik van u was, ik zou er morgen een grote bruine Leffe op drinken, en een caparina of twee (één in uw linker neusgat, en één in uw ander).

Geef er daar nog ne lap op en als ge goesting hebt (pakt dan een koude douche zou ik zeggen), dan moet ge maar afkomen: mama vindt dat het weeral hogen tijd is..."

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Jokes

Why is the space between a woman's breasts and her hips called a "waist?"
Because one could fit another pair of tits there.

Harry goes up to a whore and says, "How much for a blow job?"
She says, "A hundred bucks."
He says, "Okay," and he starts to jack off.
She says, "What are you doing that for?"
He says, "For a hundred bucks, you don't think I'm gonna give you the easy one, do you?"

Monica Lewinsky's lawyer hands a picture of her to Bill Clinton and says, "Mr. President, do you recognize this woman?"
Clinton says, "I think I've come across her face a couple of times."

A guy reaches out of his apartment window to see if it's raining, and a glass eye falls into his hand. He looks up and sees a woman looking down.
He yells, "Is this yours?"
She says, "Yes... could you please bring it up?"
He goes up, walks into her apartment, hands her the eye, and she says, "I'm about to have dinner. Please join me."
After dinner, she says, "Want to go to bed?"
He says, "Are you this friendly to every guy you meet?"
She says, "No. Only the ones who catch my eye."

Hillary Clinton says, "Bill, now the press is saying you lent money to that Monica Lewinsky for plastic surgery."
He says, "You see how they twist things? What I said was that I blew a wad on her face.

What's worse than a male chauvinist pig?
A woman that won't do what she's told.

Why do women have smaller feet than men?
So they can stand closer to the sink.

Women are like guns.
Keep one around long enough and you're going to want to shoot it.

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Pépé!!

Er zit iets in het bloed (DNA) van de Van Leuven's dat vanzelfsprekend geërfd is geweest van ons braaf (toen ze nog jonger was dan negentig, in alle geval) moederke en bijgevolg van de tak van de familie Baetens afkomstig is in onze stamboom, met name de onweerstaanbare voorkeur voor goed gemoed, algemene opgewektheid (zelfs wanneer men met tijdelijke tegenslag aan het kampen is) en waarom niet, ook een beetje op spot is afgestemd en nog meer zelfs, aan zelfspot grenst. Ik heb dat voor het eerst opgemerkt en pas later bewust de overtuigende verbinding geklonken, bij Pépé, de vader van mijn moeder die ik me, eigenaardig genoeg altijd als een oude mens herinner, alhoewel hij toen, een halve eeuw geleden, waarschijnlijk nog rond de zestig was. Ik bedoel: hij scheen mij al een oude mens te zijn vooraleer hij echt oud is beginnen te worden. In compensatie, toen ik nog een snotneus was vond ik mensen van achttien al redelijk getemd en overmeesterd door het dictatoriaal reglement van de maatschappij.

Toen ik zelf achttien werd en eindelijk toegelaten werd in de Ciné Rex in Roeselare en andere sekscinema's in Izegem (waarvoor er, in mijn onschuldige ogen, expliciete advertenties gedrukt werden op de voorlaatste bladzijde van de weekkrant “De Weekbode”) en die ik, tussen haakjes, heimelijk frequenteerde, gewoon om me daar scheel te zitten staren op al die blote billen en borsten van de toen heersende seksgodinnen, zonder ooit aan mijne opstandige piemel aandacht te hebben geschonken, daar in de cinema, op zijn minst, tenware om hem in een minder ambetante positie te wringen, oordeelde ik dat mensen over de dertig al praktisch afgeschreven waren voor avonturen, enzovoort, tot ik tegenwoordig begin te vermoeden dat een oude mens overeen komt met diegene die al een paar jaar in zijn graf aan het verteren is.

Tot daar de inleiding over Pépé.

Zoals het in diene tijd paste is hij gestorven zonder dat iemand mij ooit heeft ingelicht (ik beken dat ik daar eigenlijk ook nooit de minste interesse voor heb gekoesterd) van wat precies. Ik denk nu, misschien aan de ziekte van Parkingston (of was het Alzheimer?) die dus waarschijnlijk ook in mijn bloed zit, net zoals de zelfspot, ook eigen aan Mama, die niet aarzelde met zichzelf en haar “toeren” schouderschuddend ná te zitten lachen. Hij, Pépé dus, beefde zo constant en verontrustend, terwijl hij zich “kwijlend” (’t zal niet van de goesting geweest zijn, verdenk ik), voort sleepte, somtijds bijna struikelend, tot hij niet alleen nemeer recht kon staan, zich niet alleen naar het WC-kot kon begeven en nog minder aan zijn eigen achterkant kon krabbelen. Volledig afhankelijk dus van vrijwilligers, iets wat iedereen, uit de grond van hun hart, haat, zwerend nooit daarvan af te willen hangen en liever verkiezen te sterven vooraleer zover te geraken, tot het zover geraakt en men die woorden terug moet inslikken, want de dood komt nooit zonder moeite en als het puntje bij paaltje komt vinden ze de moed niet uit het venster te springen, al ligt het venster op het gelijkvloers en men, op den duur, beslist toch alle schaamte te verliezen en zonder aarzelen bloot in de bassin te gaan stappen, gelukkig dat ge nu toch eigenlijk ne keer verlost zult worden van diene jeuk daar beneden, langs achteren, die onverdraaglijk is geworden, de gehele dag lang en sinds gisteren, want niemand kuist beter zijn eigen uitlaatbuis dan de persoon hemzelf en dat het daar is, waar het het een mens meest ambeteert...

Ik kan me nu zo oneindig goed voorstellen dat dat laatste, waarschijnlijk, de grootste ergernis is van de zieken en die de meeste geheime jeuk veroorzaakt, wat me automatisch doet herinneren aan het spreekwoord van Mama dat “wie het eerste riekt, zijn nolleke piekt”...

Zijn oudste dochter, mijn tante, heeft het op haar schouders genomen zijn lijden, zo goed als mogelijk, te verzachten, want ze kampte met haar eigen remmen en grenzen, in overweging genomen haar maagdelijke toestand, zelfs na ook dicht bij de negentig te zijn geraakt. Het was toch opmerkelijk hoe “gemakkelijk” hij zijn eigen drama en teneergeslagenheid bekwaam was te overmeesteren wanneer hij zichzelf iets leutigs herinnerde, zoals de muizen die over en ’t were rond zijn aangezicht en borst wriemelden, ´s nachts en ´s morgens vroeg en hij over de kracht niet beschikte om ze, beslist, weg te jagen...

Datzelfde is daarna eender gebeurd met Mama, toen ze ineens snel begon af te takelen en waarschijnlijk beïnvloed door die herinnering, zichzelf ook begon voor te stellen dat het, in haar woon-en slaapkamer, krioelde van de muizen die er echt niet waren en waarover ze zich eerder nooit ongerust had gemaakt. We hebben zelfs verschillende muizenvallen moeten verspreiden in haar appartement, op het tweede verdiep, zodat ze zich wat geruster voelde. Dan nog, zweerde ze, dat ze de muizen hoorde ritselen onder en in haar bed, vooral dicht bij haar voeten, terwijl ze verontwaardigd rond loerde en zich halvelings oprichtte, tot ze, moe en uitgeput, in slaap viel. Maar dan ´s anderendaags morgens zat ze er zelf wat mee te schaterlachen.

Gelijkwaardige gebeurtenissen hebben zich af gespeeld, zijn zich tegenwoordig aan het afspelen, of zullen zich zeker afspelen in de toekomst, met ons, de kinderen en de kleinkinderen en toch ben ik er absoluut van overtuigd dat we, in de meest verontrustende toestanden, nooit ongevoelig zullen blijven voor grappige of lollige anekdotes, wanneer ze voorgesteld worden.

Meneer De Sombra, kan daar van meespreken.

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

What She Really Means

At long last... The Men's ultimate Guide to what a woman really means:

·        You want = You want

·        We need = I want

·        It's your decision = The correct decision should be obvious by now.

·        Do what you want = You'll pay for this later.

·        We need to talk = I need to complain.

·        Sure... go ahead = I don't want you to.

·        I'm not upset = Of course I'm upset, you moron!

·        You're ... so manly = You need a shave and you sweat a lot.

·        You're certainly attentive tonight = Is sex all you ever think about?

·        I'm not emotional! And I'm not overreacting! = I'm on my period.

·        Be romantic, turn out the lights. = I have flabby thighs.

·        This kitchen is so inconvenient = I want a new house. I want new curtains = and carpeting, and furniture, and wallpaper.....

·        I need wedding shoes = the other 40 pairs are the wrong shade of white.

·        Hang the picture there = NO, I mean hang it there!

·        I heard a noise = I noticed you were almost asleep.

·        Do you love me? = I'm going to ask for something expensive.

·        How much do you love me? = I did something today you're really not going to like.

·        I'll be ready in a minute = Kick off your shoes and find a good game on T.V.

·        Is my butt fat? = Tell me I'm beautiful.

·        You have to learn to communicate = Just agree with me.

·        Are you listening to me!? = [Too late, you're dead.]

·        I'm sorry = You'll be sorry.

·        Do you like this recipe? = It's easy to fix, so you'd better get used to it.

·        Was that the baby? = Why don't you get out of bed and walk him until he goes to sleep.

·        I'm not yelling! = Yes I am yelling because I think this is important.

·        All we're going to buy is a soap dish = It goes without saying that we're stopping at the cosmetics department, the shoe department, I need to look at a few new pocket books, and OMIGOD those pink sheets would look great in the bedroom and did you bring your checkbook?

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

S.H.I.T. - Special High Intensity Training

In order to assure the highest levels of quality work and productivity from employees, it will be our policy to keep all employees well trained, through our program of Special High Intensity Training (S.H.I.T.). We are trying to give our employees more S.H.I.T. than anyone else.

If you feel that you do not receive your share of S.H.I.T. on the job, please see your manager. You will be immediately placed at the top of the S.H.I.T. list, and our managers are especially skilled at seeing that you get all the S.H.I.T. you can handle.

Employees who do not take their S.H.I.T. will be placed in Department Employee Evaluation Programs (D.E.E.P. S.H.I.T.). Those who fail to take D.E.E.P. S.H.I.T. seriously will have to go to Employee Attitude Training (E.A.T. S.H.I.T.). Since your managers took S.H.I.T. before they were promoted, they do not have to do S.H.I.T. anymore, because they are full of S.H.I.T. already.

If you are full of S.H.I.T., you may be interested in a job, training others. We can add your name to our Basic Understanding Lecture List (B.U.L.L. S.H.I.T.). Those who are full of B.U.L.L. S.H.I.T. will get S.H.I.T. jobs, and can apply for promotion to Director of Intensity Programming (D.I.P. S.H.I.T.).

If you have any questions, please direct them to our Head Of Training Special High Intensity Training (H.O.T. S.H.I.T.).

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

His and Her guide to cash machines

MEN:

1. Pull up to Automatic Drive Through Cash Machine
2. Insert card
3. Enter PIN number
4. Take cash, card and receipt

WOMEN:

1. Pull up to Automatic Drive Through Cash Machine
2. Check makeup in rearview mirror
3. Shut off engine
4. Put keys in handbag
5. Get out of car because you're too far from machine
6. Hunt for card in handbag
7. Insert card
8. Hunt in handbag for tampon wrapper with PIN number written on it.
9. Enter PIN number
10. Study instructions for at least 2 minutes
11. Hit "cancel"
12. Re-enter correct PIN number
13. Check balance
14. Look for deposit envelope
15. Look in handbag for pen
16. Make out deposit slip
17. Sign cheque
18. Make deposit
19. Study instructions
20. Make cash withdrawal
21. Get in car
22. Check makeup
23. Look for keys

24. Start car
25. Check makeup
26. Start pulling away
27. STOP
28. Back up to machine
29. Get out of car
30. Take card and receipt
31. Get back in car
32. Put card in wallet
33. Put receipt in chequebook
34. Enter deposits and withdrawals in chequebook
35. Clear area in handbag for wallet and chequebook
36. Check makeup
37. Put car in reverse gear
38. Put car in drive
39. Drive away from machine
40. Travel 3 miles
41. Release handbrake

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Over "zaken"..

Zaken doen, hier in Brazilië, verschilt van zaken doen in België.

Om de manier van zaken doen hier beter te kunnen begrijpen zal ik twee voorbeelden aanwenden.

Ik zal beginnen met een verhaaltje dat weinig belang heeft op zichzelf, maar typisch is en aanduidt hoe een commercieant, door aanvankelijk aan te dringen op een klein voordeel, merkwaardige verliezen kan lijden, in sequentie.

Een klant in Rio had een manuele "phototypesetter" gekocht, gefabriceerd in Japan door de firma Morisawa, nuttig voor het zetten van titels en ondertitels van kranten, onder andere. De klant had verstaan dat hij samen met die machine (ongeveer dertig duizend dollars) tien extra matrijzen zou ontvangen, elk met een bepaald type van letter en grootte, die in werkelijkheid optioneel waren. Onze verkoper had waarschijnlijk diene indruk gegeven, of niet, maar dat verschil moest opgelost worden door hogere instanties in onze firma. De klant echter wilde geen millimeter van zijn "begrip" afwijken. Het geval werd dus aan de attentie gebracht van de algemene manager in Rio die, alhoewel weinig theoretische achtergrond bezat, toch intelligent was. Zijn beslissing was die gunst toe te staan en zelf naar de klant te bellen om hem deze beslissing persoonlijk mede te delen en hem ook te laten weten dat hij, de algemene manager, Sr. Almeida, tot zijner beschikking stond, eender welke tijd in de toekomst, gedurende zijn volgende eventuele aankopen. Zo gezegd zo gedaan en ze werden heuse vrienden. De volgende keer dat de klant iets nodig had belde hij, zoals afgesproken, rechtstreeks naar Sr. Almeida, met de bedoeling de beste en meest voordelige prijs te verkrijgen, denkend dat hij slim was geweest. Almeida, zonder enig gevoel van wraak, vroeg een ogenblikske geduld, zocht de juiste prijs op, telde er de waarde van tien matrijzen bij en in een kwestie van enige weinige minuten werd ook deze splinternieuwe zaak afgesloten. Het duurde niet lang en daar was hij terug, met de bedoeling nog een nieuwe aankoop te realiseren. Intussen had onze manager niet vergeten dat diene klant "eens" een extra voordeel had bemachtigd, maar had wel vergeten dat dat voordeel intussen al vereffend was geweest. Weeral somde hij de waarde van die tien matrijzen op aan de prijs van het materiaal waarin de klant nu belangstelling had gesteld.

Conclusie: ik heb dat geval gevolgd gedurende ongeveer tien jaar en ik ben er zeker van dat die klant, in de beste vriendschappelijke verhouding, de waarde van die tien matrijzen, op zijn minst, tien keer heeft betaald.

Ik heb er, eigenaardig genoeg, geen spijt van gekoesterd...

Een ander voorbeeld gaat over een klant in Belo Horizonte waarmee ik gedurende verscheidene jaren een nieuwe offset drukpers aan het onderhandelen was geweest. Een zaak van rond de drie miljoen dollars. Na vele reizen, contacten, ontmoetingen, alternatieven en voorstellen gemaakt te hebben (zaken realiseren hier duurt gemiddeld drie/vier jaar), was er tussen ons een waar klimaat van vertrouwen gegroeid (wat de kern van die zaak was en waardoor ik tientallen andere zaken, over de loop van de jaren, ook heb kunnen afronden) en spraken we een nieuwe vergadering af, in Rio, met de aanwezigheid van mijn directeur en belangrijke afgevaardigden van de fabriek in de VSA, met het doel de zaak uiteindelijk te sluiten en de papieren officieel te tekenen. We hadden eerst wat over koetjes en kalfkes geklapt, dan allemaal goed onze penzen gevuld (het middagmaal van Directeurs smaakt veel beter) en het moment was aangebroken om over da zaken te spreken. Vooraleer echter plaats te nemen aan de ronde tafel zocht de eigenaar van de krant mij op, sleurde me ergens in een hoekje mee en vroeg binnensmonds of het niet gepast was, van zijnentwege, een afslag op de geofferde prijs te vragen. Ik trok mijn beste anglicaans gezicht aan dat ik bezit (een masker) en met de verontschuldiging dat ik oprecht en eerlijk wou antwoorden, zei ik, met alle woorden: "NEE"; dat dat onmogelijk zou zijn en dat het bovendien de opgewekte stemming helemaal zou verbreken. Diene heilige mens heeft mijn raad gevolgd, heeft jaren later nog twee keren nog twee grotere en kostelijkere machines gekocht, van hetzelfde merk (over de twintig miljoen dollars reikend) en ik heb er zelf, later, toch WEL spijt over gehad zeker?? Hij verdiende een afslag! Mijn eeuwige beul, mijn geweten...

Hier bestaat er een ongeschreven en uitzonderlijk vreselijke regel dat GOEDE klanten, MEER moeten betalen!!

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De Fons; "The Bad"

Jazeker, de Fons was een kwaadaardige mens (kwaadaardig = slecht, zelfs in de grond).

Op een zekere namiddag, ik geloof dat het een woensdagnamiddag geweest moet zijn, want dan waren we "vrij" van de school, stond ik alleen te voetballen tegen de muur van de fabriek rechtover ons huis in Rumbeke (ik weet nog altijd niet wat ze daar precies fabriceren).

Al van verre had ik opgemerkt dat de auto van Nonkel Fons (een Citroen die eigenaardig, zoals een puit, op-blaasde ene keer in gang gestoken) de Spanjestraat aan het indraaien was, vanuit de Prins Albert I Straat (dat ben ik niet helemaal zeker, aangezien er meerdere prinsen beschikbaar waren) en in zo'n geval ik het altijd aangeraden vond mezelf rap te doen verzwinden, meestal in het portaal van het huis van onze buren, de "Van Steenkiste's" geloof ik, tot hij uit het gezicht verdween in onze eigen oprit naar de garage. Terwijl ik daar verschrikt mijn buik aan het intrekken was, durfde ik toch nog eens de hoek om gluren om te bevestigen dat hij me niet had opgemerkt. Op dat moment stak een kat de straat over. Ik had eerlijk gedacht en gehoopt dat hij de snelheid van de wagen wat zou verminderen om de kat de kans te geven aan de andere kant te geraken, maar nee, toen pas gaf hij wat extra gas en maakte ook een extra bochtje, genoeg om ze, de kat, omver te rijden. Hij deed alsof er niets gebeurd was en draaide de oprit naar onze garage in.

De kat echter begon geweldig te miauwen en te schreeuwen, terwijl ze verschillende keren op en neer, meer dan een meter, omhoog sprong, zodat ik daar verlamd bleef staan staren, zonder te weten wat te doen om haar van haar lijden te verlossen en vooral herinnerend dat katten zulke enorme klauwen bezitten dat ze zelfs de hals van een stier kunnen open snijden met één enkele beweging, indien nodig. Ik besloot twee keren na te denken vooraleer haar te gaan troosten. Enkele seconden later, echter, daagde de zoon (Mark) van de buren op met een verschrikkelijke bezemstok in zijn handen, die hij bovendien dreigend over zijn hoofd draaide, terwijl recht op de kat af dravend en haar daar zo geweldig heeft staan slaan dat ze de strijd vroegtijdig heeft opgegeven en gestorven is van de uitputting.

Terwijl hij mij, op de terugweg, voorbij passeerde legde hij beleefd uit dat ze, de kat dus, toch ging sterven en dat hij haar alleen maar geholpen had dit saai leven te vervangen door het eeuwig leven. Achteraf beschouwd, ben ik er bijna zeker van dat ze alleen maar licht gewond geweest moest zijn, want een bijna dode kat springt geen gaten in de lucht.

Over die wreedheid van Fonske mijmerend heb ik mij later herinnerd dat iemand mij ooit had gezegd had dat hij, de Fons dus, als onderofficier van het Belgisch leger, gedurende de eerste (of was het de tweede?) wereldoorlog, verschillende kogels langs zijn oren had horen fluiten, half verborgen in die typische vlaamse grachten toen hij, met een bajonet op zijn geweer de vijand persoonlijk moest bestrijden en dat het zich toen betrof om "doden, om niet te sterven", terwijl de echte ruziemakers, daar in hun veilige bunkers, dikke cigaren aan het roken waren en ook dikke boeken, met grote letters, aan het lezen.

Zou het daarom geweest zijn dat hij zo "ziek" was??

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Nerveusheid, schrik en afwachting

Ik ben altijd een ontembare "pis-van-de-schrik" geweest. Hoe ge het ook maar draait, keert of wringt, op het einde heb ik vele keren mijne waterdarm niet ferm genoeg kunnen toeknijpen: in de tijd, met een overvloedig resultaat, van de nerveusheid en de angst en nu, tegenwoordig, één enkel eenzaam druppeltje, toch nog teveel eigenlijk om niet luizig op mijn lome benen te staan bibberen van de verwachting.

Vroeger gebeurde dat, zonder fout, iedere keer dat ik bevolen werd, in afwachting van de rammeling vanwege Vakelief, mijn handen zorgvuldig achter mijn rug te kruisen en onbewust de cronometer af begon te tellen. Het probleem toen, bestond erin dat men nooit van tevoren wist of hij geduldig zou zijn diene dag en tot aan tien zou geraken, of zowel, of hij zijn eigen ongeduld niet meester zou kunnen worden en de echo van de platte-hand-met-open-vingers-slag-op-mijn-kaken over de gehele buurt, zonder verder uitstel, zou laten dreunen.

Nu is het terug aan het gebeuren, iedere keer dat ik een judokampioenschap van mijn dochter beslis bij te wonen. Herinnerend dat een gewaarschuwd mens er twee waard is, maak ik er mezelf zeker van, vooraleer te vertrekken, eerst eens goed mijn blaas te gaan ledigen, maar op het moment dat ik uit de WC aan het stappen ben, verovert diezelfde goesting mij opnieuw en verkies ik nog enkele additionele druppels te gaan afschudden, vooraleer me definitief op weg te begeven. Eenmaal het betreffend sportpaleis instappend overvalt die immense drang mij opnieuw en nogmaals wend ik mij rechtstreeks en met toegeknepen billen, naar het toilet, zonder enige opmerkbare verlossing, nochtans, want op hetzelfde ogenblik dat ik de darm terug aan het opplooien ben, neemt de blaasdruk opnieuw toe. Een automatische reactie. Het is ongelooflijk hoeveel het hoofd invloed bezit over mijn pisorgaan en dat is verschrikkelijk ambetant want al ontsnapt er maar één enkele druppeltje, men voelt terstond dat de onderboek niet meer over diezelfde vers gewassen geur beschikt.

Overigens ben ik ook tot het besluit gekomen dat het geen zin heeft een fototoestel of een camera mee te nemen om mijn dochter's verschillende strijden te registreren, want ik tril en beef zodanig, op de meest belangrijke momenten (zoals een rietje in de stormwind, om het oerenoude cliché te gebruiken), dat ik ongelooflijk veel op Pépé begin te gelijken, gedurende zijn laatste dagen. Ik slaag er trouwens ook nooit in het focus van het toestel te blijven behouden en daarom had ik beslist het apparaat aan mijn vrouw te overhandigen zodat zij die taak kon vervullen, koel zoals ze is, maar later dan, thuis, ik dat mezelf toch weeral niet vergeef, wanneer ik tot de conclusie kom dat deze nieuwe tactiek ook van geen avance is geweest, gewoonweg omdat ze, nog altijd "cool", vergeten had de "rec"-toets in te drukken. Nog ne andere keer, opnieuw haar capaciteiten testend, had ze wel degelijk niet vergeten de knop in te drukken, maar in compensatie, wel vergeten hem terug uit te duwen en had ze alles gefilmd wat niets met de strijden te maken had, zelfs op het moment dat ze zich neergehurkt had op de Wc-bril en toen het moment aanbrak om de eerste strijd van mijn dochter te registreren tot het besluit kwam dat de batterijen plat waren gelopen. Ik heb zelfs getracht "collega vaders" daarvoor lastig te vallen, maar juist wanneer het de beurt was van mijn dochter, was het ook de beurt van hun eigen nageslacht en werd mijn "vereeuwiging" opzij geschoven..

Aarhhh, die alomheersende goesting om te wateren, dat vernietigt mij en mijn moraal (ik moet hier eerlijk bekennen dat ik bekwaam ben drie van die grote 600ml flessen bier, in amper één uur tijd, uit te zuipen, zonder naar de WC te hoeven te gaan). Zelfs mijn dochter heeft intussen verrast ontdekt dat ik over geen onpeilbare gevoelens beschik en nog minder over "stalen zenuwen". Meteen is ze ook tot het besluit geraakt dat de "heiligen die thuis wonen geen mirakels verwezenlijken"..

De schrik ook, om een dode of een ernstig gewonde mens (of zelfs dier), te moeten aanschouwen, verstrekt hetzelfde resultaat. Ik moet er gewoonweg van vluchten. Die laattijdige commentaar vanwege Mama, dat ik een echte duivel ben, zoals Papa beweerde en zweerde, is een verkeerde conclusie, waar zelfs zij aan bezweken is. Beter aangepast zou zijn te durven zweren dat ik diabolische plannen in mijn hoofd koester, nodig bijvoorbeeld, om meer kinderen te verwekken, te krijgen of te veroveren. Veel meer dan dat, nochtans, is er niet te ontdekken....

De laatste dode mens die ik, van dichtbij, heb moeten aanzien was Mémé, tweede vrouw van de Chef van de Post van Rumbeke, mijn grootvader dus, vader van Nonkelke Fons, die ik zelden, alles tezamen misschien twee keren, heb ontmoet, alhoewel ze in onze zelfde straat woonden, in Rumbeke dus en die mij, toen ik daar, ik herinner me niet meer precies voor welke reden, aanwezig was, op een zekere dag, in een aanschuivende rij werd geloodst, ik veronderstelde om mijn portie oude en uitgedroogde koekskes te gaan ontvangen en ik ineens op haar bleek aangezicht botste, plat uitgestrekt in haar bed, in de woonkamer(?) van hun huis, met twee watjes in haar neusgaten, wat ik allemaal niet goed heb begrepen en eraan begon te twijfelen dat er, van diene kant, lekkere verse koekjes zouden kunnen verwacht worden en ik me daarom vlug heb verwijderd, niet zonder verrast vast te hebben gesteld dat mijn jongere broer, de volgende in de rij, meer tijd nodig had om alles serieus na te gaan en zelfs nieuwsgierig dat stukske "watte" uit haar neus trachtte te peuteren met het gedacht, waarschijnlijk, daarachter zijn portie zoete spekskes te ontdekken, zoals men de paaseieren zoekt onder het vierklaverenblad...

Geschreven door Rudo om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van De Beul van Rumbeke

↑ Terug naar de berichten