Chico


liedjes van splietje en tekeningen van splietje
Chico

Prutske
.
Mijn zusje heeft een keukentjeDe keukenmeid
Mijn zusje heeft een keukentje
Daar is van alles in
Een schoorsteen om te roken
Een potje om te koken
En ook een kleine koekenpan
Waarin zij koeken bakken kan
’t Is alles even net ja, ja
’t Is alles even net
Mijn zusje speelt er dikwijls mee
Dan is ze keukenmeid
Eerst gaat ze groente halen
Dan moet ze koffie malen
Het water giet ze in de kan
Het eten doet ze in de pan
Dan heeft mijn zusje pret, ja, ja
Dan heeft mijn zusje pret.
Wij dansenWij dansen
Zeven boerenmeisjes
Dansten op een rij
Wiegden met hun rompjes
Kletsten met hun klompjes
Van hopsasa, heisasa, hopsasa, hei
Van hopsasa, heisasa, hopsasa, hei
Van hopsasa hei!
Zeven stadse meisjes
Dansten op een rij
Knikten met hun kopjes
Draaiden met hun rokjes
Van tralala, tralala, tralala la
Van tralala, trala, van tralala la
Van tralalala
Zeven oude vrouwtjes
Dansten op een rij.
Met rimpelige snoetjes
En met onvaste voetjes
Van ene, twee, drie Hoplala hop
Van ene, twee drie Hoplala hop!
Van ene, twee drie, Oef!!
Alle weken 2 maal

In het bad
Alle weken tweemaal
Mag ik in het bad
Jongens, wat een reuze pret is dat
‘k Tuimel vierkant tot mijn kin
Zo pardoes de badkuip in
‘k Tuimel vierkant tot mijn kin
Zo pardoes de badkuip in
Truitje Treuzel stipt eerst
Bang een teen er in
Doopt er dan voorzichtig
’t Halve beentje in
Staat te huilen bij het bad
Hi, hi, hi het is zo nat
Staat te huilen bij het bad
Hi, hi, hi het is zo nat
Keesje en het meesje

Keesje en ’t Meesje
Kleine vogel waar vandaan
Komen toch jouw liedjes
Waarvan krijg je altijd weer
Nieuwe melodietjes?
Leert je moeder jou misschien
Al die mooie dingen
Zit ze ‘s avonds bij je bed
Jou wat voor te zingen
Trala tralalalala lala
Zie je dat doet moesje ook
Zie je dat doet moesje ook
Bij mijn broertje Keesje
’t Is toch haast hetzelfde he
’n Kindje of een meesje?
Beiden zijn ze van hun moes
Echte lievelingen
Maar m’n broertje kan toch heus
Nog zo mooi niet zingen
Trala tralalalala lala
Maar kipje

Maar kipje
Maar kipje, maar kipje
Wat heb je gedaan
Je bent naar de stal van het sikje gegaan
Ik vond er dit eitje
Hoe of ik ’t weet?
Ik hoorde je kaak’len
En keek door een spleet.
Als moeder dit hoorde
Ja, kijk me eens aan
Dan mocht je vooreerst niet meer
wand’len gaan
Daantje zou naar school toe gaan

Daantje zou naar school toe gaan
Maar hij bleef voortdurend staan
Hier te kijken, daar te turen
En het zou niet lang meer duren
Of de klok zou negen slaan
Jongen, jongen stap toch aan
Daantje bleef te lang op straat
Daantje kwam op school te laat
Daarom moest hij ’s middags blijven
En een hele lei vol schrijven
D’andren speelden Daantje niet
Jongen, jongen wat verdriet.
Aan de groene waterkant
.
Aan de groene waterkant
Staat klein Toosje
Al een poosje
Met wat kruimpjes in haar hand
En met veel gesnater
Komen door het water
Al de eendjes heel parmant
Van de overkant
Maar een kleine stoute hond
Ging aan 't grommen
En aan 't brommen
Sprong maar blaffend in het rond
En met veel gesnater
Vluchten door het water
Alle eendjes naar het land
Aan de overkant
Maar een vriendelijke heer
Bond stout Moortje
Aan een koordje
En de eendjes kwamen weer
Zie met veel gesnater
Komen door het water
Alle eendjes één voor één
Naar klein Toosje heen
Als ik eens een vogeltje was

.http://i27.photobucket.com/albums/c180/splietje/is8_zpsa4f31101.jpg
Als ik eens een vogeltje was
O, wat zou ik vliegen
Heel de lange zomerdag
Heen en weder wiegen
Als ik eens een vogeltje was
O , wat zou ik vliegen
Tralala lalala la la
Tralala lalala la la
Als ik eens een visje was
O, wat zou ik spart'len
In het koele held're nat
Heen en weder dart'len
Als ik eens een visje was
O, wat zou ik spart'len
Tralala lalala la la
Tralala lalala la la
Nu ik maar een kindje ben
Wil ik lustig zingen
Heel de lieve lange dag
Vrolijk zijn en springen
Nu ik maar een kindje bven
Wil ik lustig zingen
Tralala lalala la la
Tralala lalala la la
nog een keer proberen


Jacob Hamel Album 1939 (10)

Voor het eerst naar school
Klein Keesje gaat voor 't eerst naar school
Dat is geen kleinigheidje
Hij draagt een schooltas op zijn rug
Met griffel en een leitje
Druk pratende en heel parmant
Stapt Keesje aan zijn vaders hand
Stapt Keesje aan zijn vaders hand
Zijn mond staat geen minuutje stil
Van alles wil hij weten
Of lezen moeilijk is en hoe
De juffrouw wel zal heten
En rekenen kan hij zo goed
Van een tot tien wel als het moet
Van een tot tien wel als het moet
Maar als ze ze bij de schooldeur zijn
Wordt kleine Kees verlegen
De kind'ren kijken hem zo aan
Daar kan hij heel niet tegen.
Hij huilt zijn hoofd in Vaders jas
'k Wou dat ik thuis bij Moeder was
'k Wou dat ik thuis bij Moeder was
Jacob Hamel Album 1939 (9)Herfst
Het kindje steekt de handjes uit
Het wil de blaren vangen
Een rode, gele, bronzen buit
Ze vallen zonder één geluid
'n Enk'le blijft nog hangen
'n Enk'le blijft nog hangen
Het kindje steekt de armpjes hoog
Het danst gelijk een blaadje
Met rode blos en tint'lend oog
Alsof de wind het zelf bewoog
Daarbuiten op het paadje
Daarbuiten op het paadje
Het kindje vangt de blaren niet
Ze vluchten op het windje
En ieder blaadje dat het ziet
Waardoor het zich verlokken liet
Dat ritselt zacht "Mis kindje"
Dat ritselt zacht "Mis kindje"
Jacob Hamel Album 1939 (7)Zeg kleine, kleine kleutertjes
Waar gaan jelui naar toe
Je bent nog zulke peutertjes
Mag dat wel van je Moe?
Wat deden toen die kleutertjes?
Ze draaiden zich eens om
En toen riepen de peutertjes
We komen gauw weer om
We moeten even voor Mama
Naar 't winkeltje op de hoek
Dan halen we tabak voor pa
En voor ons zelf wat koek!
Zeg kleine, kleine kleutertjes
Stap dan maar rustig door
Want zulke kleine peutertjes
Zal men geen kwaad doen hoor!
Jacob Hamel Album 1939 (6)Naar zee
Voor de eerste keer mocht Bertje
Mee naar ’t Scheveningse strand
Op z’n kleine, blote voetjes
Liep hij door het mulle zand
’t Ging naar zee toe op een drafje
Want daar mocht je baden gaan
Maar bij ’t zien van al die golven
Bleef hij aan het kantje staan
Heel voorzichtig, op z’n teentjes
Tripte hij het water in
Even moest ie er aan wennen
’t Was zo koud in het begin
Steeds wat verder, voet voor voetje…
Toen, o wat een schrik was dat
Kwam een grote golf aan rollen
En die spoelde hem kletsnat.
Toch moest Bertje er om lachen
Het beviel hem meer en meer
En hij danste heel parmantig
Met de golven op en neer
Toen zijn moeder hem kwam halen
Riep hij “Mam, wat fijn gaat dat.
Mag ik voortaan altijd baden
In dit mooie grote bad”.
Jacob Hamel Album 1939Pop Annetje
Pop Annetje is zo ziek
Zij heeft last van rheumatiek
Daarbij is ze snipverkouden
’t Is haast niet om uit te houden!
Hatsjie, hatsjie, o ,o , o!
Dat genies verveelt haar zo!
Hatshie, hatsjie, o ,o , o!
Dat genies verveelt haar zo!
Pop Annetje heeft zo’n pijn
Daarom slikt ze medicijn
Eerst wat haverstroo en later
Zoute drop en suikerwater
Hatsjie, hatsjie, au, au, au!
O die nare, nare kou !
Hatsjie, hatsjie, au, au, au!
O die nare, nare kou !
Pop Annetjes mammie zegt:
“Dat komt allemaal terecht,
Maar je moet geduldig wezen
Morgen ben je weer genezen
Hatsjie, hatsjie, ach, ach!
Wat een akelige dag.
Hatsjie, hatsjie, ach, ach!
Wat een akelige dag.
Jacob Hamel Album 1939 (8)

Een muisje zat voor het muizengat
En vlak bij het gaatje daar zat de kat
Het muizeke likte zijn baardje
Het poesje dat kwikte zijn staartje
Het poesje zei “Kom eens dichterbij
Hoe zacht is dat pootje van mij, als zij
Zal ik je fluwelen buisje
Nou ’s aaien mijn snoeperig muisje?”
Het muisje riep “Sliep uit, sliep, sliep
Dan was het gedaan met mij. Piep, piep piep
Dag poeslief je bent er niet achter
Mijn moederke aait me veel zachter!”
Jacob Hamel Album 1939 (4)Zeven Musjes
Zeven musjes zitten knusjes
Op een takje naast elkaar
En zij babb’len en zij brabb’len
Nu eens onzin dan weer waar
Over pluisjes, strootjes, huisjes
Lispelt Kraaloog en zij vindt
Hare woning voor een koning
Ook al waait er wel eens wind
Met een vaartje
Wipt nu Staartje
Vlug van boven naar omlaag
Want dit klantje ziet een handje
Met wat kruimpjes voor haar maag
Wat gesnater en getater
Van het troepje op de tak
Want zij zullen
Strakjes smullen
Van het brood op hun gemak
Jacob Hamel Album 1939 (3)De groenboer.
Daar komt Jaap de groenboer aan
Met zijn ezelswagen
Voor de huizen blijft hij staan
En ik hoor hem vragen
“Juffrouw, koopt u wat van mij?
Erwten, bonen selderij
Kijk maar in mijn manden
Alles is voor handen.
Juffrouw zie mijn waar eens na
Zeg, wat moet er wezen?
Wort’len, bloemkool, uien, sla…
Alles uitgelezen.
Twee bos wort’len? Dat is goed
Fris van kleur en suikerzoet
Juffrouw, o, wat zullen
Straks uw kind’ren smullen
Zie de mooie peulen daar
Wilt u die niet kopen
Blijft de kar zo vol en zwaar
Dan wil grauw niet lopen.
Jaapje, Neen! Vandaag niet meer
Morgen kom je wel eens weer
“’k Zal het niet vergeten,
Juffrouw, smakelijk eten
Jacob Hamel Album 1939 (2)Oompje
Als oompje komt is ’t feest in huis
Daar kan je van op aan
Ik juich al als ‘k van boven af
Hem op de stoep zie staan
Ik ren dan naar beneden toe
“He Oom, mag ‘k op je rug?”
Nu oompje vindt dat altijd goed
En zegt “Vooruit dan vlug!”
Hij zegt, hij zegt,
Hij zegt “Vooruit dan vlug!”
Als oompje komt is ’t feest in huis
Dan wordt er ook gestoeid.
Mijn oompje heeft nu altijd zin
En is ook nooit vermoeid
Hij pakt me beet
Ik ruk me los
M’n vrijheid duurt niet lang,
Want of ik hem ook stompen geef
Mijn oompje is niet bang
O nee, o nee
Mijn oompje is niet bang
Als oompje komt is ’t feest in huis
Dan wordt er ook gesmuld
En altijd brengt hij ’n zakje mee
Een zakje goed gevuld.
Hij heeft me laatst een flink gefopt
Het zakje was toen zwaar
Wat zag ik toen ‘k het opendeed?
Een steen er in zo zwaar
Ja heus, ja heus
Een steen er in zo zwaar
Hij knikkert en hij voetbalt goed
Hij pingpongt razend snel
En dat hij alles spelen kan
Nu dat bevalt mij wel
Als oompje komt is ’t feest in huis
He, ‘k vind het altijd fijn
Zeg alle mensen moesten maar
Zoals m’n oompje zijn.
He ja, he ja
Zoals m ’n oompje zijn.
1 reactie op dit bericht
Lieve zaterdaggroetjes maatje(s)...