Naar de inhoud

liedjes van splietje en tekeningen van splietje

Herinneringen aan mijn kinderjaren
seniorennet.beseniorennet.be

Touwtje springen

De school gaat uit
En op het plein
Daar buiten in de zonneschijn
Gaan alle meisjes groot en klein
Een beetje touwtje springen
Daarbij een liedje zingen
Een twee, een twee in de maat
Anders kom je veel te laat
Een twee, een twee in de maat
Anders kom je veel te laat
 
Wie moeite hebben met een som
Zijn soms in 't springen lang niet dom
???????????????
De wangen krijgen kleurtjes
Als rode bellefleurtjes
Een twee, een twee in de maat
Anders kom je veel te laat
Een twee. een twee in de maat
Anders kom je veel te laat.
 
(Wie weet het ontbrekende regeltje??)
 
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door splietje om 00:00 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Jacob Hamel album 1937

1

De kleine dirigent
 
We hebben thuis een echt orkest

Ik ben de dirigent

Wij spelen altijd liedjes

die elk op z’n duimpje kent

M’n zusje blaast op de trompet

M’n broertje slaat de trom

Zo gaat het dan van tierelier

En rataplan, plan, plan, sjing bom!
 
Ons moesje zingt er liedjes bij

Dat doet ze o zo fijn

Allen de baby doet niet mee

Want die is nog veel te klein

Wij spelen dan die lieve schat

De leukste wijsjes voor

’t Zijn altijd weer de liedjes

van het AVRO Kinderkoor

 

-0-0-0-0-0-

 

2.

M’n Hobbelpaard
 
Ridder heet mijn hobbelpaard

Het is een dapper dier

Duizend gulden is het waard

Wakker is ’t en fier!

’t Loopt en draaft in ferme pas

Of het een circuspaardje was
 
‘k Ben een ruiter onversaagd

Vast in ’t zadel hoor!

Zit ik op m’n hobbelpaard

‘k Vlieg er flink van door

Maar hoe Ridder draaft of holt

‘k Ben toch nooit in ’t zand gerold.
 
Toe mijn klepper dapper aan

Reizen is plezant

‘k Wil met jou een even gaan

Naar Kabouterland

Naar dat landje lief en fijn

Waar zoveel kabouters zijn
 
Al dat klein kaboutergoed

Zal dan staan te zien

Kleine koning Edelmoed

Biedt mij geld misschien

Licht dat hij honderd gulden gaf

‘k Geef voor geen duizend m’n Ridder af.
 
-0-0-0-0-0-

 

3.
Kapiteintje
 
Als Jantje in de badkuip gaat

Neemt hij z’n scheepje meer!

Dat deint en dobbert in het rond

Precies als op de zee, de zee!

Het heeft twee zeiltjes aan de mast

Een vlaggetje in de top

En ’t vaart door zeepsop golven heen

Die spatten duizend schuimend op, ja op!

Die spatten schuimend op.
 
Klein Jantje is de kapitein

Hij stuurt z’n stevig schip, z’n schip!

Naar Spanje en Amerika

Daar is ’t ie in een wip, een wip!

Dan gaat het naar Oost-Indië

Naar China en Japan

Het wordt een hele verre reis

Zo ver als het maar kan, ja kan!

Zo ver als het maar kan!
 
Tot moeder zegt “Kapiteintje-lief,

Verlang je niet naar huis, naar huis?

Toe kleine zeeman maak wat voort

Kom nu maar weer eens thuis, eens thuis!

Ziezo het scheepje aan de wal

De reis is weer gedaan

Nu is ’t tijd om één, twee,drie

Naar Dromenland te gaan, te gaan!

Naar Dromenland te gaan!”
 
-0-0-0-0-0-
 
4.
De koekoeksklok
 

Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek

‘k Heb zo’n grappig klokje

’t Hangt in onze kamerhoek

En een vogel roept “Koekoek”

“Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek.”

’n Vogel op een stokje.
 
Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek

Roept hij alle uren

Soms wel minstens twalef keer

En dan komt hij telkens weer

“Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek.”

Om een hoekje gluren.
 
Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek

‘k Vind het echt een pretje

En als hij het acht maal doet

Zegt hij dat ik slapen moet

“Koekoek, koekoek, koekoek, koekoek.”

Slapen in mijn bedje
 
-0-0-0-0-0-

 

5.

Lientje kan piano spelen
 
Lientje kan piano spelen

Kijk, daar zit ze - fier rechtop

Met de handen op de toetsen

Vingertjes mooi op de top
“Vrouw daar ligt een kip in ’t water”

C, d, e, f, g, f, e,

En ze kan ook netjes tellen

Hoor maar eens: van ene-twee
 
Gauw is mijn mamatje jarig

En dan ga ik, zegt die Lien

Een heel aardig stukje leren

‘k Doe mijn best, dat zul je zien.
‘k Moet er heel hard op studeren

Want het is erg moeilijk, hoor!

En is ’t dan ma’s verjaardag

Dan speel ik haar netjes voor.

 

-0-0-0-0-0-
 
6.
De duikelaar
 
Drie popjes stonden naast elkaar

De ene was een duikelaar

Hij had een buikje dik en rond

En stond te wiebelen op de grond

De popjes smaalden

“Moet je zien,

Heb jij een buik van lood misschien?”

Kijk, wij zijn chic en elegant

Maar jij lijkt wel een olifant

Daar kwam een klein boos kindje, zeg

Dat schopte al die popjes weg……..

Twee lagen zielig naast elkaar,

Maar één bleef staan: De duikelaar!

 

-0-0-0-0-0-
 
7.
Kleine Toos is jarig
 
Kleine Toos is jarig

O wat zijn we blij!

Omdat Toosje jarig is

Springen, dansen wij

Zingen wij de hele dag

’t Nieuw verjaardagslied

’t Is gemaakt speciaal voor Toos

Maar dat wist ze niet.
 
Kleine Toos is jarig,

’t Leuke vlotte kind

Weet je één te noemen

Die Toos niet aardig vindt?

Nee toch, want die is er niet

Ieder houdt van haar

Dus wij vieren deze dag

Vrolijk met elkaar!
 
Kleine Toos is jarig

Zij krijgt maar cadeaux

Ieder pakje dat er komt

Is bestemd voor Toos

Zij bekijkt ’t cadeautje eerst

Legt het naast haar nee

En ze roept dan lachend uit

Nu komt ‘r toch niet meer!
 
Kleine Toos is jarig

Dat betekent feest!

En er wordt dus flink gesnoept

Toos snoept zelf het meest

Elkeen neemt maart wat hij wil

Is dat even fijn?

Toos zou eig’lijk ied’re dag

Jarig willen zijn!
 
-0-0-0-0-0-
 
8.
Keesje en ’t Meesje
 
Kleine vogel waar vandaan

Komen toch jouw liedjes

Waarvan krijg je altijd weer

Nieuwe melodietjes?

Leert je moeder jou misschien

Al die mooie dingen

Zit ze ‘savonds bij je bed

Jou wat voor te zingen

Tralala tralala.
 
Zie je dat doet moesje ook

Bij mijn broertje Keesje

’t Is toch haast hetzelfde he

’n Kindje of een meesje?

Beiden zijn ze van hun moes

Echte lievelingen

Maar m’n broertje kan toch heus

Nog zo mooi niet zingen

Tralala tralala.

 

-0-0-0-0-0-

 

9.

Bellen blazen
 
Op’t hoge stoepje voor de deur

Zijn Janneke en Jetje

Aan ’t bellen blazen in de zon

Een dol gezellig pretje

Ze hebben elk een lange pijp

Zo’n echte Goudse, weet je

En zeepsop in een kommetje

Voor allebei een beetje.
 
Het lijkt warempel toverij!

Ze blazen maar eens even

En daarna zie je door de licht

De mooiste bellen zweven

Twee, vier, zes, zeven

Almaar meer

De ene na de ander

Ze drijven met het windje mee

En spatten uit elkander.
 
Maar Janneke en Jetje gaan

Daar immers niet om treuren

Zij blazen wel weer een andere

Met nog veel mooier kleuren

Het zeepsop borrelt

Bruist en spat

Tot over hunne oren

Hun schortjes worden klets, kletsnat

Dat schijnt er bij te horen!
 
-0-0-0-0-0
 
10.
Absalom
 
Mijn broertje heeft een krullebol

Van blinkend gitszwart haar

Maar op een zek’re morgen kwam

De kapper met een schaar

En in een wip

Is knip, knap knip

Mijn broertje Bram

Zo kaal als een geschoren lam
 
Mijn broertje had een krullebol

Hij heeft hem nu niet meer

Maar als hij nu geduldig wacht

Dan groeit zijn haar wel weer

Want in een wip

Is knip, knap, knip

Zijn haar weer om

En lijkt hij sprekend Absalom!
 
-0-0-0-0-0-
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door splietje om 00:00 Reageer op dit bericht

Jacob Hamel album 1936


1.

A.V.R.O. Kinderlied
 
Wij zijn de AVRO zangertjes

En zingen blij, ja blij ons lied

Want zingende AVRO kindr’ren

Die kennen geen verdriet

Het zingen maakt ons vrolijk

En opgewekt van zin

En zo gaan onze liedjes steeds de wijde wereld in

Hoor, Hoor! Daar is het kinderkoor!

Fluitend klepp’rend wat u wil

Onze mondjes staan niet stil

Hoor, Hoor! Het AVRO kinderkoor

Dat zingt nu weer met blij geluid

Het hoogste liedje uit.

 

Wij zijn de AVRO zangertjes

En wij hebben allemaal

Zo’n liefde en ook eerbied

voor het  lied in eigen taal

Wij zingen van de bloemen,

 van zon en kinderpret

Wij zingen bij het opstaan

en gaan zingend weer naar bed

Hoor, Hoor! Daar is het kinderkoor!

Fluitend klepp’rend wat u wil

Onze mondjes staan niet stil

Hoor, Hoor! Het AVRO kinderkoor

Dat zingt nu weer met blij geluid

 

-0-0-0-0-0-


2.

Poppen slaapliedje

Popje, ik stop je

Maar gauw in je bed

Jij moet gaan slapen

Niet langer gapen

Jetje, wat letje

Om slapen te gaan!

’t Pretje is uit en het spelen gedaan

Jij moet van ’t slapen

Heel hard groeien

Jij bent zo moe van al dat stoeien

Ook bij je moeke gaan d’oogjes al toe

Wel te rusten.

Wij beidjes zijn moe.

 

-0-0-0-0-0-

 

3.

De Verkeersagent


Als Bobby thuis aan ’t spelen gaat

Dan is hij een agent

Staat op een houten voetenbak

Voelt zich een grote vent

Zijn wagentje en ook zijn tram

Zet hij aan d’ene kant

Aan d’andere een bruine beer

Een hond en olifant
 
Eerst gaat de linkerhand omhoog

En blijft de rechter neer

Dan wenkt hij met zijn rechterarm

Zo regelt hij ’t verkeer

Maar ach, zijn dieren en zijn tram

Zijn toch zo vrees’lijk dom

En als ’t verkeer niet verder gaat

Draait hij zichzelf maar om.

 

-0-0-0-0-0-

 

4.

Maar kipje

Maar kipje, maar kipje

Wat heb je gedaan

Je bent naar de stal van het sikje gegaan

Ik vond er dit eitje

Hoe of ik ’t weet?

Ik hoorde je kaak’len

En keek door een spleet.

Als moeder dit hoorde

Ja, kijk me eens aan

Dan mocht je vooreerst niet meer

wand’len gaan

 

-0-0-0-0-0-


5

Regen

 

Het regent, Oh! wat regent het!

Het regent dat het giet

Er liggen plassen op de straat

Er door loopt kleine Piet

Hij is niet bang voor al dat nat

Al stroomt de regen neer

Want met zijn regenjasje aan

Verdraagt hij ’t slechtste weer

Stap, stap, stap stap

Gaat onze Piet

Stapt onze Piet.

 

En natte voeten? Wees niet bang!

Ook daar is aan gedacht

Want laatst heeft vader van zijn reis

Kaplaarsjes meegebracht

En met die jas en laarsjes aan

Gaat Pieter nu naar school

Van regen heeft hij heel geen last

Maar juiste de grootste jool

Stap, stap, stap stap

Gaat onze Piet

Stapt onze Piet.

 

-0-0-0-0-0-

 

6.
Dom Jantje
 
Janneman heeft zich bezeerd

Hoor een hoe hij snikt

Ach, hij heeft zijn vingertje

Aan een speld geprikt

En nu roept hij “Au, au, au
 Moesje, moesje, Kom eens gauw ».
 
Moeder bromt een beetje boos

“Stoute, stoute vent

Jij kwam aan de speldendoos

Domoor die je bent

Kom maar even op mijn schoot

Ja, je vingertje ziet rood”
 
“Hier een kus er bovenop,

Nog niet over zeg?”

Dan een lapje er omheen

Zo. De pijn is weg

Nog een snikje, nog een traan

En  ’t verdriet is weer gedaan

 

-0-0-0-0-0-
 
7.

IJdeltuitje

 

Jozetje kijkt in ’t spiegelglas

Dat kleine ijdeltuitje Ze heeft een snoezig jurkje aan

Een jurkje met een ruitje

Moes heeft het stilletjes gemaakt

Om haar eens te verrassen

Toen’t klaar was Moest Jozetje

Gauw het nieuwe jurkje passen

 

Ze spreidt het wijde rokje uit

Versierd met smalle strookjes

O, denkt ze. ‘k Lijk wel zo’n prinses

Waarvan je leest in sprookjes

Ze kijkt eens naar de kanten kraag

Met het fluwelen lintje

Dan roept ze “Moesje

‘k ben zo mooi!

Ben ‘k heus uw eigen kindje

 

-0-0-0-0-0-

 

8.

Kleine Cotje kreeg van oma

Een piano in een doos

’s Morgens zat z’in haar bedje

En zij sloeg een hele poos

Op de toetsjes en zij zong

Ping , pang, pong
 Ping pang, ping pong
 Ping , pang, pong
 Ping pang, ping pong  

 

Paps en moeder werden wakker
 En ook kleine broertje Piet
“Speel zoveel je wilt” zei vader

“Maar zo vroes des morgens niet

Overdag, ga dan je gang”

Ping , pong, pang
 Ping pong, ping pang
 Ping , pong, pang
 Ping pong, ping pang
 
 Kleine Cotje was ondeugend
En zij speelde ‘s morgens weer

Pap kwam heel boos naar de stouterd

En zei “Dat ’s de laatste keer

In de kast dt tingelding”

Pang, pong, ping
 Pang, pong, pang ping
 Pang, pong, ping
 Pang, pong, pang ping  

 

-0-0-0-0-0-

 

9.
 De Wip
 
 Jet, Marie en Fien
Pieter, Jan en Flip
Heb je ’t al gezien?
Zitten op de wip

Wip hoog, wip bom!

Gaan ze aldoor om en om

Wip hoog, wip bom!

Gaan ze om en om

 

Fientje houd je vast
Pieter zit toch recht

Straks val je der af

Dat bekomt je slecht
Wip hoog, wip bom!

Gaan ze aldoor om en om

Wip hoog, wip bom!

Gaan ze om en om

 

O, wat gaat dat fijn

Fientje geeft een gil..

Zou ze duiz’lig zijn

Houd de wip maar stil

Wip laag, wip stil

Niemand die meer wippen wil

Wip laag, wip stil

Niemand die meer wil.

 

-0-0-0-0-0-

 

10.

Jokkebrokje

 

Jokkebroekje

Waarom jok je

Toch bij alles wat je zegt?

Vader bromt dan,

En er komt van

Jokkers nooit iets goeds terecht

En men noemt omdat gejok

Spottend jou een jokkebrok

En men noemt omdat gejok

Spottend jou een jokkebrok

 

Jokk’rig vrindje

Ieder vindt je

Stout waar eerlijkheid ontbreekt

’t Komt omdat je

 vriendje, vat je

Nimmer ooit de waarheid spreekt

En men zegt door dat gejok

“Kijk daar gaat die jokkebrok”

En men zegt door dat gejok

“Kijk daar gaat die jokkebrok”

 

Jokkenaartje

Niemand spaart je

Omdat jokken lelijk staat

Ieder mijdt je

En verwijt je

Altijd weer die leugenpraat

Ieder zegt om jouw gejok

“’k Houd niet van een jokkebrok”

Ieder zegt om jouw gejok

“’k Houd niet van een jokkebrok”
 
-0-0-0-0-0-
Hoe vind je dit bericht? 11 stemmen
Geschreven door splietje om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van liedjes van splietje en tekeningen van splietje

↑ Terug naar de berichten