Winterpret










Winterpret









Sneeuwpret








Paardenhumor

Het paard van een manegehouder was ziek geworden. De man had de dokter laten komen en wachtte nu in spanning af wat er ging gebeuren. De dokter kwam naar hem toe en vroeg om een schroevendraaier. Vijf minuten later had hij een tang nodig en na nog eens vijf minuten vroeg hij om een hamer en een beitel. "Mijn hemel!" riep de manegehouder uit, "Wat is er met mijn paar aan de hand?" "Geen idee," zei de dokter. "Ik moet eerst zien dat ik mijn tas openkrijg".
Opzadelen
| Het zadel | ||
| Er zijn verschillende zadelsoorten voor gespecialiseerde ruiterdisciplines, zoals springen, dressuur, shows, lange-afstandsritten en rennen. Maar voor een beginner is een veelzijdigheidszadel het beste. Zo een zadel is zodanig gemaakt zodat de lengte van de beugelriem veranderd kan worden. Zo blijven dijbeen en knie op het schutblad, zowel tijdens het springen als bij een normale lengte. |
![]() | |
| Het hoofdstel | ||
![]() | ||
| Als u een vinger onder het hoofdstel langs het hoofd van het paard kunt schuiven, zit het los genoeg. Een te strak hoofdstel is heel ongemakkelijk voor het paard en kan pijnlijke plekken opleveren. Het frondeel is niet verstelbaar. U moet er dus voor zorgen dat u de juiste maat krijgt. Andere onderdelen zijn van gespen voorzien en dus verstelbaar. Tussen de keelriem en de ronde kaakbeenderen moet een ruimte van vier vingers zijn. Het bit moet aan weerskanten van de mond 7 mm uitsteken. Als het breder is, glijdt het door de mond en verliest het zijn effect. Als het smaller is, drukt het. | ||
| De halsriem | ||
![]() | ||
| Ook als u geen beginner bent, kan een halsriem nuttig zijn. Deze wordt om de hals van het paard gegespt en met twee leren lussen aan de D-ringen van het zadel bevestigd. | ||
| Een sjabrak | ||
![]() | ||
| Een sjabrak of zadeldekje absorbeert zweet en beschermt het paard tegen zadeldruk. Een sjabrak is echter geen essentieel onderdeel van de uitrusting van een beginnende ruiter, en een dikke sjabrak maakt van een slecht liggend zadel geen passend zadel. Als u toch een sjabrak koopt, moet u het bij het opzadelen in de zadelkamer optrekken. U moet een zweepje van de voorboom tot de achterboom door de kamer kunnen steken. | ||
| De trens | ||
|
Klik op deze tekening om hem uit te vergroten |
|
|
|
Het woord trens verwijst naar diverse bitsoorten, die verschillend op de mond van het paard inwerken. Ze bestaan allemaal uit een mondstuk met aan weerskanten ringen waaraan de teugels en bakstukken worden bevestigd. Een goed passend bit oefent druk uit op de lagen van de mond en de liphoeken. De mate van druk hangt af van de keuze van het bit. De trens is een eenvoudig en mid werkend bit. Het is een hulpmiddel bij het bestuderen van het paard, waarbij echter niet het bit, maar uw lichaam en benen het meeste werk dienen te verrichten. | ||
Het opzadelen
| Veiligheid |
| De paarden van een rijschool hebben elk hun eigen goed onderhouden harnachement. Hun tuig wordt door geen ander paard gebruikt. Een goed passend harnachement is essentieel. |
| Voorbereiding |
| Hou uw aandacht bij het paard terwijl u met zadel en hoofdstel bezig bent. U kunt op voorhand even nagaan hoe een hoofdstel dient te zitten. |
| Het opzadelen |
![]() |
| Terwijl u links van het paard staat, doet u het halster om. Kies een plek om het paard op te zadelen en bind het paard daar met een losse knoop vast. Bij het opzadelen moet het zadel vlak achter de schoft liggen. Ga links van het paard staan en neem met uw linkerhand de voorboom en met uw rechterhand het achterboom vast. Zorg dat de singel over het zadel ligt en til vervolgens het zadel op. Het zadel moet zorgvuldig op de rug gelegd worden. Door het vanaf de schoft naar achteren in positie te schuiven, worden de haren op de rug glad gestreken en voelt het paard zich goed. Leg het zadel iets op de schoft. Schuif het dan wat naar achteren totdat het op natuurlijke wijze op de rug van het paard rust. Bij een juiste posite van het zadel liggen voor- en achterboom op dezelfde hoogte. Als het zadel op de juiste plek ligt loopt u naar de andere kant van het paard en haalt u de singel naar beneden. Zorg dat ze niet gedraaid ligt. Terwijl u dit doet moet u zolang mogelijk een hand op het zadel houden. Loop terug naar de linkerkant, haal de singel onder de buik van het paard door en gesp hem losjes vast. Later wordt hij strakker aangehaald. |
| Het optomen |
![]() |
| Als het hoofdstel bij het paard hoort, zal het al afgesteld zijn en hoeft u zich daar de eerste keer niet om te bekommeren. Maar controleren of een hoofdstel goed past, kan nooit kwaad. Breng het hoofdstel zijwaarts langs het hoofd van het paard, zodat het bit in de juiste positie in de mond komt te liggen. Er zijn diverse methoden om een paard op te zadelen, maar de basisprincipes zijn gelijk. U kunt een hoop leren door andere ruiters bij het opzadelen te observeren. Respecteer zelf de veiligheidsvoorschriften. |
Afzadelen en aftomen
| Het einde van de rit |
| Zorg dat het paard aan het einde van een les ontspannen en afgekoeld bij de stal arriveert. Maakt vanuit stap de overgang tot halt houden; klop het paard als dank op de hals als hij stilsttat. Maak de singel twee tot drie gaten losser terwijl u nog in het zadel zit. Stijg af en haal de teugels over het hoofd van het paard. Houd uw arm door de lus van de teugels. |
| De stijgbeugels |
| Schuif de stijgbeugels langs de beugelriemen naar boven, zodat ze niet tegen het lichaam van het paard zwaaien. Houd hiervoor de riem bovenaan met een hand vast. Met uw andere hand schuift u de bugel over de onderste riem naar boven tegen de gesp aan. Steek het afhangende riemgedeelte door de beugel, zodat deze op zijn plaats blijft zitten. |
| Het afzadelen |
| Gesp de singel aan de linkerkant van het paard los en leg hem over de zitting. Zorg dat het leer niet door de gespen beschadigd wordt. Pak met uw linkerhand de voorboom vast en met uw rechter de achterboom. Til het zadel van de rug van het paard en leg het voorzichtig op de grond. Zet het met de voorboom op de grond en laat het achterboom tegen de stalmuur rusten, zodat het zadel niet om kan vallen. Hang een zadel nooit over een staldeur. Het kan vallen en beschadiging oplopen. Nog beter dan het op de frond neerzetten van een zadel is een opvouwbaar zadelrek bij de staldeur, waar het zadel op lan liggen totdat u het paard afgetoomd hebt. |
| Het aftomen |
![]() |
| Gesp een halster om de hals van het paard. Maak dan de neus-en de keelriem van het hoofdstel los. Schuif het kopstuk samen met de teugels over de oren van het paard. Vang het bit met één hand op terwijl u het hoofdstel afdoet. Nu kunt u het halster aandoen. Leg de neusrime over de neus van het paard. Met uw rechterhand legt u het kopstuk over de nek vlak achter de oren. Maak de bakriem vast, waarbij u een ruimte van vier vingers overlaat. Bind het paard vast en berg het tuig op. |
Kwalen van het paard
Kwalen van het paard
| Het medisch onderzoek |
![]() |
| Wanneer uw paard ziek of kreupel wordt, moet u altijd de veearts waarschuwen. Bovendien moet hij een aantal routinehandelingen verrichten om ziekte te voorkomen. |
| Een volledig onderzoek kunt u elk moment van het jaar laten doen. Na een inenting mag het paard echter vier of vijf dagen geen zwaar werk verrichten, voor het geval er neveneffecten zoals een stijve nek optreden. Geef hem een grondige poetsbeurt en krab zijn hoeven uit. Controleer, terwijl u dit doet, alvast zelf de huid, hoeven en benen, voor het geval u daar vragen over hebt. Het controleren van het gebit van een paard dat pas heeft gegeten, is riskant. Geef hem zijn voer een uur van tevoren en laat hem geen stro of hooi eten. |
| Tetanusspuit |
![]() |
| Dit is een essentieel onderdeel van het jaarlijks onderzoek. Inenting, vooral tegen de ernsige ziekte tetanus, is een van de belangrijkste dingen die u voor de gezondheid van uw paard kan doen. Een paard kan gemakkelijk tetanus krijgen wanneer een wond met tetanusbacillen, die in de grond leven, besmet raakt. Paarden hebben een grotere kans op besmetting omdat deze bacteriën soms in hun darmen aanwezig zijn. Als de darmwand beschadigd wordt, kunnen de bacillen in het lichaam vrijkomen en tetanus veroorzaken. Een paard moet permanent tegen tetanus worden ingeënt: twee maandelijkse inentingen, gevolgd door een herhalingsinenting een jaar later, en vervolgens een inenting om de twee tot drie jaar. Een paard dat niet regelmatig wordt ingeënt, moet elke keer als hij een snijwond of diepe wond oploopt, het serum toegediend krijgen. Dit serum werkt onmiddellijk, maar niet langer dan drie tot vier weken. |
| Griep |
![]() |
| Dit is ook een vervelende ziekte die zeer snel epidemische vormen kan aannemen. Het paard kan er tevens een nare hoest aan overhouden die verscheidene maanden kan aanhouden. Het paard moet in eerste instantie twee maal worden ingeënt met een tussentijd van 21 tot 92 dagen, gevolgd door een herhalingsinenting een half jaar later, waarna hij elk jaar wordt ingeënt. |
| Het gebit |
![]() |
| Het op een na belangrijkste onderdeel van het jaarlijks onderzoek is de gebitscontrole. Ideaal gesproken moeten de boven- en onderkiezen precies op elkaar passen, en door het constant vermalen van voedsel gelijkmatig afslijten. In werkelijkheid staan de bovenkiezen iets meer naar buiten dan de onderkiezen, waardoor de binnenste randen van de bovenkiezen en de buitenste randen van de onderkiezen meer slijten. De buitenste randen van de bovenkiezen blijven scherp en snijden in de wang, terwijl de binnenste randen van de onderkiezen in de tong snijden. Bovendien krijgt het paard alleen voldoende voedingsstoffen binnen als hij het voedsel goed kan kauwen. Anders wordt het maar half verteerd of valt het uit zijn mond. De veearts kan de scherpe randen bijvijlen en het maaloppervlak van de kiezen bijwerken. |
| Wormen en wormkuren |
![]() |
| In het wild grazen paarden over uitgestrekte gebieden en hebben ze zelden last van wormen. De domesticatie van het paard en het beperken van zijn graasgebied heeft het wormprobleem doen ontstaan. Paarden moeten dan ook regelmatig een wormkuur hebben. |
|
De wormen die in het lichaam van elk paard leven, zijn parasieten. Hoewel het moeilijk, zo niet onmogelijk is om worminfecties helemaal te laten verdwijnen, kunt u toch het een en ander doen om de gezondheidsproblemen die wormen veroorzaken te reduceren. Regelmatig ontwormen heeft twee voordelen:
De wormkuur is slechts een onderdeel van de bestrijding van worminfecties. Door het weiland zo nu en dan te laten rusten, de mest enkele keren per week te verwijderen kunt u ook het risico voor paarden verkleinen. |
| Koliek |
![]() |
| Om koliek of ernstige buikpijn te voorkomen moet u uw paard regelmatig ontwormen, topkwaliteit voer geven, en hem niet zo hongerig laten worden dat hij zich overeet. Koliek kan diverse oorzaken hebben, en als u vermoedt dat uw paard aan deze pijnlijk kwaal lijdt, moet u de veearts waarschuwen. |
|
Sommige vormen van koliek zijn ernstiger dan andere, maar de symptomen komen overeen. Het paard kijkt naar de buik en probeert er wellicht naar te bijten. Hij krabt met zijn voorhoeven, kreunt en begint te zweten. Hij gaat herhaaldelijk rollen, maar schudt zich niet wanneer hij weer opstaat. Een veearts zal allereerst de oorzaak proberen te achterhalen.
|
| Lamininitis |
![]() |
| Laminitis is een van de meest voorkomende oorzaken van kreupelheid. Deze zeer pijnlijke ziekte treedt op als er iets mis is met de hoefstructuur. Laminitis is niet besmettelijk, en het is zelden het gevolg van voetproblemen. Het ontstaat doordat elders in het lichaam van de pony giftige stoffen vrijkomen die de bloedtoevoer naar de voet aantasten. Deze stoffen komen met name vrij in de darmen na het eten van te veel proteïnerijk voer. Het spijsverteringsstelsel van een pony is geschikt voor het verteren van kleine hoeveelheden vezelig, moeilijk te verteren boedsel. Grote hoeveelheden concentraten of mals, proteïnerijk voorjaarsgras kan een pony nier verwerken. De meest voorkomende oorzaak van laminitis is dus door het eten van te veel mals gras in het voorjaar of vroege zomer, vooral als de grond met kunstmest behandeld is. |
| Laminitis veroorzaakt veel pijn waardoor het paard weigert te staan of te lopen. Gaat hij wel staan of lopen, neemt hij een bepaalde houding aan, met de acherbenen onder zijn lichaam om zoveel mogelijk gewicht te kunnen dragen, en zijn voorbenen vooruit om het gewicht naar de hielen te verplaatsen. Hij loopt met korte passen op zijn hielen. De voeten voelen warm aan. Waarschijnlijk heeft hij koorts en een kloppende slagader aan de achterkant van de koot. |
| Het paard moet dadelijk door een veearts behandeld worden voordat de hoef te zeer vergroeid is. Hij zal een pijnstillende injectie geven en poeders achterlaten om de pijn te verzachten. Door het paard te laten lopen wordt de bloedtoevoer bevordert naar de voeten. De pijn zal verminderen terwijl hij beweegt. |
| Verrekkingen en spat |
![]() |
| Verwondingen aan de benen komen vaak bij paarden voor. Kreupelheid en andere problemen koen zich voor bij niet fitte paarden die te hard moeten werken. |
| Verrekkingen treden bij zware inspanning op. Als u een niet fit of moe paard laat galopperen, zijn de spieren niet meer soepel genoeg om stoten op te vangen. De meeste verrekkingen komen in de voorbenen voor. De beste manier om te voorkomen dat uw paard iets verrekt, is hem alleen te laten galloperen als hij fit is en niet te forceren als hij moe is. |
De broers en zussen van Jasmine
HERKOMST : Wales.
TYPE : pony.
SCHOFTHOOGTE : 1,20 tot 1,52 m.
KLEUR : alle kleuren, behalve bont.
GEBRUIK : rijpony (buitenritten), tuig- en springpony, dressuur.

De Welsh Mountainpony is afkomstig uit Wales. Hij stamt waarschijnlijk af van de Keltische pony en hij werd ten tijde van Julius Caesar gekruist met oriëntaalse paarden. Kruisingen met Arabische paarden die ingevoerd werden in de 1711 en 1811 eeuw droegen bij tot zijn huidige uiterlijk. Omdat hij opgroeit in het gebergte, bezit deze pony een sterk temperament en een grote gehardheid. Zijn ras wordt onderverdeeld in vier secties - A, B, C en D - ter aanduiding van de verschillende schouderhoogtes, die allemaal dezelfde disciplines aankunnen. Daardoor kan de opgroeiende ruiter een rijdier vinden dat afgestemd is op zijn lichaamslengte, zonder van ras te hoeven veranderen. Omdat hij aangepast is aan een leven in de open lucht, is de Welsh een echte 'gentleman farmer': elegant en robuust. Ook heeft hij weinig eten nodig. Hij is meegaand en behendig en geeft blijk van een natuurlijke aanleg voor hindernissen.



Ho,ho,ho!!! ik kom eraan,nog 7 nachten.



Paardenliefde
Oefeningen aan de hand

De meeste mensen trainen hun paard regelmatig onder het zadel, in de koets of aan de longe. Natuurlijk hoort daar ook af en toe een lekkere, ontspannen buitenrit bij.
Toch is er nog veel meer mogelijk met je paard! Voor jezelf en voor je paard is het leuk om zoveel mogelijk afwisseling in de training te brengen. Waarom dan niet eens wat werk aan de hand? Je kunt je paard zo allerlei 'kunstjes' leren zoals de Spaanse stap, een buiging, gaan liggen enz. Je kunt je dressuurtraining ondersteunen met schouder binnenwaarts, appuyeren en de wending om de voor- en achterhand en bovendien kun je ook met oude paarden, jonge paarden die nog niet zadelmak zijn en paarden die (tijdelijk) niet bereden mogen worden aan de hand werken. Misschien vraag je je af waar die 'kunstjes' nou allemaal goed voor zijn. Nou, er zitten een hoop voordelen aan:
Eigenlijk kunt u met ieder paard vanaf ongeveer 2½ jaar oud aan de hand gaan werken. Als je paard gewend is aan een halster kun je beginnen met de oefeningen. Je kunt bijna alle oefeningen doen met een gewoon halster, een halstertouw en een lange rijzweep.
Enkele oefeningen om te beginnen zijn bv je paard aan de hand geleiden op een correcte manier! Dit is volgens mij een goed begin want dit is wel een zeer duidelijke basisvereiste. Toch zijn er veel mensen die dit niet op een juiste manier doen.
Daarna kan u leren uw paard rustig laten stilstaan, later kunt zich van u paard verwijderen terwijl u een commando geeft om te blijven staan en u niet te achtervolgen, keer altijd naar u paard terug en beloon hem! Voorkom ook zo dat hij het beu raakt en zelf de oefening afbreekt.
Als je dit een tijdje geoefend hebt kunt u uw paard naar u toe roepen, zorg wel in dit geval dat het paard dit niet verward met de vorige oefening, het rustig blijven stilstaan!
Ook kan het nuttig zijn een paard achteruit te laten wandelen op stembevel, dit kunt u dan onder het zadel ook oefenen, eveneens het rustig blijven stilstaan tot hij ertoe aangespoord wordt terug te wandelen kan onder het zadel ingeoefend worden.
Dit zijn enkele basisoefeningen die op dit moment misschien heel eenvoudig en zelfs belachelijk lijken. Toch durf ik er voor wedden dat bijna de helft van de mensen met paarden deze oefeningen niet op een juiste manier kunnen uitvoeren. En dit is nog maar het begin! Denk maar aan de Spaanse stap en de buiging, ook dit kunt u uw paard allemaal leren. En u zult zien hoe meer u hiermee bezig bent hoe verrijkender de omgang met u paard zal zijn. Zeker het proberen waard!
6 december Hij komt!!!
Darmkolieken

Dinsdag hadden we een paard met beginnende kolieken.Omdat dit een voor het paard een levensbedreigende aandoening is vindt je hieronder meer info
Alle uitingen van buikpijn bij het paard worden koliek genoemd. De oorzaken van de pijn zijn zeer variabel en kunnen uiteenlopen van blaasstenen tot een afgesnoerde darm of zelfs een draaiing van de baarmoeder.
Symptomen
Het paard wil meestal niet meer eten, is onrustig en begint te zweten. Het krabt met zijn hoeven over de grond, maakt aanstalte om te gaan liggen of laat zich zelfs plots vallen. Het paard kijkt of stampt ook vaak naar de buik. Bij erge buikpijn rolt het heen en weer en blijft zelfs op de rug liggen.
Wat te doen
Verwittig altijd de dierenarts!
Geef je paard niets meer te eten en probeer er rustig mee te stappen. Lukt het niet om er op een veilige manier mee te stappen zet hem dan in de binnenpiste of in een grote goed ingestrooide stal (zodat hij zich niet vast rolt of bezeerd). Leg je paard een (zweet)deken op om te voorkomen dat hij te snel afkoelt als hij bezweet is.
Wat doet de dierenarts
De dierenarts zal vragen wanneer de koliek begonnen is, of je paard nog gemest heeft, wat hij gegeten heeft, wanneer hij laatst ontwormd is,…
Vervolgens onderzoekt hij de algemene toestand van je paard (kleur van de slijmvliezen, hartslag, lichaamstemperatuur,…). Meestal zal hij ook een rectaal onderzoek verrichten en de maag sonderen.
De behandeling die volgt is volledig afhankelijk van de oorzaak van de buikpijn (blaasstenen vragen natuurlijk een andere behandeling dan een darmverstopping).
Enkele vaak voorkomende soorten koliek:
Krampkoliek
De krampen kunnen veroorzaakt zijn door veel koud water te drinken, door plotse voederveranderingen,…vaak is er echter geen duidelijke oorzaak te achterhalen.
Deze koliek gaat meestal over na het toedienen van een krampstillend geneesmiddel.
Gaskoliek
Plotse voederwijzigingen, kwalitatief slecht voeder, te weinig ruw voeder enz. kunnen aan de basis liggen van overmatige gasproductie. Door de grote hoeveelheid gas wordt de darmwand uitgetrokken. In de natuur volgt op elke actie een reactie, dus als gevolg van het uitrekken van de darmwand wil deze terug samentrekken en alzo worden krampen veroorzaakt.
De dikke darm bij het paard hangt in tegenstelling tot bij de mens en andere diersoorten niet zo stevig vast aan de buikwand. Opstapeling van gas in een darmsegment kan dus snel tot liggingverplaatsingen en zelfs afsnoering van de darm leiden.
Verstoppingskoliek
Paarden die een tijdje op de weide gestaan hebben en vervolgens terug in een propere stal gezet worden, beginnen vaak gretig stro te eten. Stro wordt pas in de dikke darm van het paard verteerd en wanneer je paard op korte tijd te veel gegeten heeft dan kan de darm de aanvoer van stro niet meer verwerken. De dikke darm raakt overvuld en de darminhoud begint in te drogen. Zo ontstaat een harde verstopping.
Naast het eten van stro kan ook een mindere beweeglijkheid van de dikke darm leiden tot verstoppingen. Ook hebben oude paarden vaak last van verstoppingen omdat ze slechtere tanden hebben en het hooi, gras of stro niet zo goed meer kauwen.
Darmverplaatsing en Darmdraaiing (darmtorsie)
De oorzaken kunnen zeer sterk uiteenlopen.
Deze koliek heeft veruit de slechtste prognose van deze tot hiertoe besproken.
Het paard vertoont erge kolieksymptomen die meestal plots zijn ontstaan.
Door de draaiing (torsie) van de darm worden ook de bloedvaten afgeklemd en krijgt er dus een stuk darm onvoldoende bloed. Wanneer niet spoedig ingegrepen wordt, dan sterft dit darmsegment af. Hierdoor komen de bacteriën die in de darm zitten vrij in het bloed en in de buikholte en gaat het paard in shock.
Paardentransport

Waar moet men naar kijken voor het laden van een paard? Gebruiken we een trailer of een camion?? Hoe moet men het voorzichtigste rijden?? Moet mijn paard beschermers aan?? veel gestelde vragen door mensen die beginnen met paarden. Dit zijn enkel enkele tips voor een goed en vlot verloop bij het transport van de paarden.
Transport van paarden
De keuze tussen aanhanger of vrachtwagen moet afgewogen worden tussen:
a) de aankoop (prijs en staat)
b) onderhoud (een aanhanger heeft minder onderhoud nodig)
c) slijtage (vb. van de wagen)
d) hoeveelheid paarden die geladen moeten worden
e) rijbewijs (BE of C)
Het laden (Best met 2 personen)
a) reuk: een nieuwe of geverfde wagen of een wagen waarin een ander paard of een paard met een bloedende wond heeft gestaan, kan bepaalde paarden schrik aanjagen.
OPLOSSING: eventueel stro en/of mest uit de eigen box op de laadklep en in de wagen leggen of eerst een aantal andere paarden laden.
b) Het paard voor transport klaarmaken:
bandages of beenbeschermers
halster en koord
staartbandage
deken of vliegendek
hoofdbeschermer
Deze materialen zijn niet voor alle paarden nodig, maar men moet zoveel mogelijk beschermen of verwondingen te voorkomen.
c) de plaats waar men het transportvoertuig plaatst:
zo horizontaal mogelijk om een stabiele laadklep te hebben, anders kan de laadklep scheef staan.
WANKEL: gevaar voor ongelukken
men kan de wagen tegen een muur plaatsen, maar oppassen dat het paard niet tussen het voertuig en de muur springt
d) Altijd het paard eerst achter vergrendelen en dan vooraan
e) Mogelijkheden om het paard te laten:
gewoon (op camion of trailer zetten)
met longes (achter het paard kruisen)
elkaar de hand geven (aan de achterhand)
eventueel geblinddoekt (gevaarlijk)
Het rijden
Rustig rijden, stoppen en vertrekken. De bochten rustig nemen.
Chauffeur = belangrijk
Transport = voorkom ongevallen
Het paard houdt er een onaangename herinnering aan over zodat het de volgende keer moeilijk in te laden/ transporteren zal zijn.
Een paard dat leert opstappen, best niet achteruit laten afstappen de eerste keer.
Doordenker
Rebecq 2006
Hoe het begon

|
|
Orion

| Onze Orion is de kleinste en de jongste van de 4paarden. In feite was hij zo klein en zo schattig dat we het niet over ons hart kregen om hem achter te laten. Orion is in feite een kruising tussen een shetlander en een Welsh en is opgegroeid tot zijn 15 maand bij de geitjes.Even zot ,overal opspringen en opkruipen. De eerste maal dat ze in een stal stond met halve deur zat ze onmiddelijk met haar voorpoten op de bovenkant van de deur.Ondertussen is ze haar stilaan als een klein paard gaan gedragen en niet meer als een geit.Toch hebben we de ganse wei moeten afzetten met speciale draad want op 1 ,2 3 staat ze anders in de wei van de buren aan t'grazen en komt ze ineens tot het besef dat ze niet meer in haar eigen wei staat maar ergens op de wegel naast de wei.Gelukkig is een paard een kuddedier en zal het niet uit eigen beweging wegtrekken maar blijft het steeds in de nabijheid van zijn stagenoten. Bij aankoop zei de verkoper ons dat Orion normaal niet groter zou worden dan 1m schofhoogte. Ondertussen zijn we 1 jaar verder en zit hij al aan 1.15cm.Niettegenstaande zijn kleine gestalte is dit echter een zeer sterk dier en verschrikkelijk lief en aanhankelijk.In feite kan je haar momenteel vergelijken met een grote schoothond Onze Orion wordt momenteel nog niet bereden. |
|
|
|
|
Donna
DE IDENTIFICATIEVERPLICHTING VAN PAARDEN IN EEN CENTRALE GEGEVENSBANK
Het Koninklijk Besluit van 16 juni 2005 betreffende de identificatie en de encodering van de paarden in een centrale gegevensbank voorziet een identificatie van alle paardachtigen. Deze identificatie gebeurt door middel van een microchip, een paspoort en het encoderen in een centrale gegevensbank. Na uitvoering te hebben gegeven aan de Beschikking 93/623/EG van de Commissie betreffende het paspoort voor geregistreerde paardachtigen geeft hiermee de Belgische overheid uitvoering aan de Beschikking 2000/68/EG van de Commissie houdende vaststelling van de identificatievoorschriften voor als fok- en gebruiksdier gehouden paardachtigen (m.a.w. de niet-stamboekpaarden)meer info op
Memorial Eric Wauters 2007
Vlaanderens Kerstjumping – Memorial Eric Wauters 2007 zal er weer snel zijn.
De 27ste editie staat op de kalender van woensdag 26 tot en met zondag 30 december.

Het programma is hier en daar gewijzigd. De amateur- en de eventingruiters hebben plaatsgemaakt voor de jeugd met alle finales van de Gouden Laars verspreid over de verschillende dagen en internationale juniorproeven van de CSIJ A.
De 4 hoofdacts zijn als het volgt: Wereldbeker dressuur op donderdagnamiddag, de GP Topsport Vlaanderen op zaterdagavond, Wereldbeker springen op zondagnamiddag en de Wereldbeker mennen op zondagavond. Jumping Mechelen heeft nog steeds veel aandacht voor de fokkerij met het vrijspringen voor 2-jarigen, de Darco Cup, hengstenspringen en de veiling. Daarnaast ook nationale proeven, proeven voor Children, jonge hengsten, de zes-baren and de Ride & Drive (voor ruiters en hun grooms). Dit allemaal afgewisseld met prachtige spektakels van o.a. Jean-François Pignon, de mini steeple chase, leuke animaties en swingende feestjes ! Mis dit paardenfeest zeker niet !