film op tv
Zap op een willekeurige avond van zender naar zender: hoeveel films kom je tegen die niet afkomstig zijn uit de USA? Hoe vaak heb je al geschreven dat Europa en andere werelddelen cultureel worden gekoloniseerd en dat de meeste media, de tv-zenders in het bijzonder, kruiperige collaborateurs zijn bij dit kolonisatieproces? Jaarlijks worden honderden boeiende films gedraaid in alle continenten, die onze bevolking de kans zouden kunnen bieden om met andere culturen kennis te maken. Doch neen, onze Vlaamse en Europese zenders kiezen voor de gemakkelijkste en misschien goedkoopste oplossing: zij blijven klant bij de filmstudio’s van Hollywood, bij de producenten van de wansmaak en van de oppervlakkige sensatie.
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
vrouwelijk


vrouwelijk
waarom kleur je woorden in
met tepel en bil, een vermoeden
van vrouw buiten de lijnen
van een gedicht
weet je, woorden zijn vrouwelijk
nooit mooier dan ave en magnificat
het bezoek van een engel en stilte
na zijn verdwijnen
snij wat rode lippen uit
die proeven van een aardbei
vergeet de keel die twijfelt
zich verslikt, het middenrif
dat dreigt te scheuren
woorden zijn zoals vrouwen
een reisfolder en wie slaapt
in naast het rammelen
van een lift, de stortvloed
en gorgelen in een buis
neem nooit meer aan
dan je toekomt, een lispelen
geur van fruitschil en oude
wijnen in hun kelder
flessen die ooit worden
open gedaan, nu nog niet
een vinger van licht gaat
over het stof, een naam
wordt gepreveld, men kijkt
elkander aan en glimlacht
alsof men al gedronken heeft
karma


karma
zo troosten de eeuwen door
wat rituelen: siddharta,
wie nooit op aarde woonde
die duizelt tuimelt uit de wolken
wie zegt het zalige daalt
als een gouden regen
vergeet uit zandige pijn
de geperste roos
de leer is in het leven
wij scharten in paring en dans
over de ruiten van de hemel
en geen oppassend baasje
geen engel die ons binnenlaat
sjamaan sjacheraar met woorden
de leer is het leven
de verlichting van het verzaken
kan enkel aan bezit
wie de laatste leegte wil omhelzen
moet vervuld zijn tot de rand
Men kan zich afvragen waarom deze jongen zo fors ingaat tegen de dopinghysterie. Naar mijn mening is het volk geestesziek wanneer het zich alleen nog kan opwinden over een probleem als de doping (en er zijn er nog dwazere zoals de prestaties van de Rode Duivels of van Kim Clijsters). Verontwaarding heeft met waarden te maken: welke waarden staan vooraan op het lijstje van onze prioriteiten? Wie schuimvlokken van woede op de lippen krijgt vanwege een zich doperende wielrenner, houdt geen schuim meer over om essentiële schandalen aan te klagen. Wie van de dopingdominees ligt wakker van Afrika, van de kansarmoede in eigen land? Stel je voor dat een fractie van de mediahypes die nu aan de doping worden verspild, zouden gaan naar de strijd voor een veiliger en meer rechtvaardige wereld. Onze politici zouden zich in het nauw gedreven voelen en wel verplicht zijn om dringende maatregelen te treffen. Dan zou de kans bestaan dat de beschaving een pas vooruit maakt. Doping is een drug, niet alleen voor de gebruikers, maar net zo goed voor de consumenten van het mediacircus: de blik wordt vernauwd en alle emoties worden als in een hypnose gericht op dat ene onderwerp – de wezenlijke uitdagingen van onze tijd loopt men onverschillig of moedeloos voorbij
Bertje goes to battle.
Scoutsleider Bert Anciaux wil van Vlaanderen een modelstaat maken inzake dopingbestrijding. Hij denkt aan spijtoptanten en al de moderne opsporingstechnieken. Wellicht gaat hij in de leer bij het Amerikaanse gerechtsapparaat waar zij ervaring hebben in het vogelvrij verklaren van hun eigen burgers. Een kliklijn mag zeker niet ontbreken: verklikken wordt stilaan de opperste nationale deugd, de DDR is alive and kicking made in Flanders.
Een paar bedenkingen.
Ten eerste: zowat twee jaren geleden werd de voetballer Tony Herreman toen spelend voor Charleroi voor drie maanden geschorst wegens te veel cafeïne in zijn body. Voor zover ik weet is cafeïne intussen van de dopinglijst gehaald, maar dit heeft alleszins niet geleid tot enig eerherstel voor de betrokkene. Bovendien: in hoeveel competitieve beroepen bleef men toen (en nu nog altijd ) aan de slag dankzij zwarte koffie; zijn er ooit controles geweest bij politici wanneer die wat ouwere mannetjes en has-been beauties nachtenlang zaten te vergaderen?
Ten tweede: ik heb als student zelf tweemal doping gebruikt, eenmaal op doktersvoorschrift en een andere keer via een student dierengeneeskunde die ‘het spul’ toegeschoven kreeg op medicamentenbeurzen. Zijn er ooit controles geweest bij de studenten, in het bijzonder tijdens de examenperiodes?
Ten derde: iedereen weet dat fotomodellen slikken, snuiven en spuiten om extra slank te blijven. Gebeuren er in dat milieu systematische controles en in ‘the scene’ van popvedetten?
Ik blijf uitgaan van het gelijkheidsbeginsel in onze grondwet en in de Universele Verklaring over de Rechten van de Mens. Aan één bepaalde beroepscategorie normen opleggen kan pas wanneer die normen ook gelden voor gelijkaardige burgers: topsport is een competitief beroep; de politiek, de zakenwereld, de amusementsindustrie zijn dat ook. En gezien de waarde van een diploma op de arbeidsmarkt geldt deze redenering net zo goed voor studenten.
Kortom, zolang dit beginsel niet wordt gerespecteerd, zijn voor dappere Akela Anciaux en soortgenoten drie woorden van toepassing: willekeur, machtsmisbruik en hypocrisie.
Anders gezegd: kan er over doping nog geschreven worden met enige wetenschappelijke afstandelijkheid, met zin voor verhoudingen en met de noodzakelijke zelfkritiek?Nu ontstaat het beeld van de zuiveren versus de corrupten: de zuiveren zijn de dopingdominees à la Michel Wuyts, en bij uitbreiding wij brave burgers allemaal; de corrupten zijn de beroepssporters en de primussen onder de verdorvenen zijn de wielrenners.
Hoe vaak heeft Het Laatste Nieuws al geschreven over de slachtpartijen in Oost-Congo, over de schande van Darfour: aan je prioriteiten herken je de waarde van je moraal.
gedichtendag


gedichtendag 2007
beverig staan hun woorden
als reizigers in een bushokje
te kleumen in de krant
stuif ze niet voorbij
in je coupé of SUV
de dichters hebben hun dag
zoals melaatsen en blinden
zoals een vrouw die tegen
een deur aanloopt en dapper
lacht uit de diepste blauwe ogen
hun woorden slaan de armen
uit, de bus heeft weer vertraging
blijft er een zitje voor ze vrij
een zijwaarts troontje, voorbehouden
aan wie anders valide is, de zwangere
poedels, geschopte moeders van de taal
cultuur op school
how does


how does that spell
deze piëta
zijn naakte dijen op haar schoot
en haar schoot
een open gordijn
deze tombe
een holte in de tijd
en balsem van ontkomen
aan huid en aarde
deze slaap
door veel te korte dromen
en dan vis uit golvende moeder
verrezen verweesd
regensneeuw
meestal weet je het niet
vallen je woorden
door de mand
voor de eenoog van je raam
valt nu een regensneeuw
als razenden slaan de witte
kogels in de grond
blijft een tuin met een pokdalige
huid, een blubber op het voetpad
die onder je zolen slurpt zoals
een zeug van haar trog
blijft wat gauw weer over is
de herinnering aan een
harlekijn die tuimelde
uit zijn draden
meestal weet hij het niet
vullen zijn woorden een korf
die aan een touw boven
de stalvloer hangt, tot
een ondernemende rat over
de dakspanten sluipt, het touw
doorknaagt en het feestmaal
begint – hoe meer je
aan ideeën vergaart
hoe minder je overhoudtTuinfeest
Tuinfeest is uit, het epos van György Konrád. Verwantschap en bevreemding: hoe vaak moet je zinnen aanstrepen die haarscherp formuleren wat je zelf hebt gedacht maar nooit zo helder onder woorden kon brengen. En verbazing om Konrad en andere grote joodse kunstenaars die de Endlösung hebben overleefd en blijven of bleven herhalen in hun werk. Hoe valt zo’n man in slaap die in de loop van een pistool heeft gekeken, die een oom voor zijn voeten zag neervallen met een kogelgat in zijn hoofd? Iemand die achteraf moest vaststellen dat er van de 200 schoolmakkers slechts zeven overbleven. Iemand die de dagelijkse taferelen heeft gezien in Boedapest van joodse mannen, vrouwen en jongeren die naar de Donaukade werden opgedreven en daar met een nekschot afgemaakt. Niet door Duitsers, wel door volks- en dorpsgenoten, door Pijlkruisers, de Hongaarse fascisten. Dit alles in één enkel jaar: honderdduizenden Hongaarse joden die werden afgevoerd naar de gaskamers of stierven op straat. En zovele die de kans hadden te vluchten en dit niet deden: gehoorzaamheid is de meest verfoeilijke deugd. Wie opvoedt tot gehoorzaamheid, bereidt kinderen erop voor om dader of slachtoffer te worden. Leer kinderen neen te zeggen en geef het voorbeeld: zeg zelf luid en duidelijk neen tegen de dwazen, de massamoordenaars die de titel dragen van president, maarschalk of generaal. Haal die blikken bordjes van de muren, de protserige namen die straten en pleinen onteren met hun geschiedenis. Eis een Gandhistraat, een Jaurèsplein, een Frederik van Eeden- en Sigmund Freudlaan: eer de mannen en vrouwen die ijverden voor het voorkomen van een oorlog, niet de schurken die hem zogezegd wonnen.
verandering van spijs doet eten
Kan het debat over de didactiek in ons onderwijs nog gevoerd worden zonder te vervallen in simplismen en karikaturen? In De Standaard van vandaag is het alweer prijs: ‘veel leraars houden vast aan hun jaarlijkse monoloog voor de klas en noemen "dynamische werkvormen" nieuwlichterij. Een leraar aan de Leuvense hogeschool Groep T noemt dit niet verwonderlijk ‘want in de nieuwe vormen kruipt meer tijd dan in het traditionele lesgeven’.
Besluit: de traditionalisten zijn luierikken die niet mee willen met hun tijd.
Dan volgt een opsomming van de vernieuwende projecten in een modelschool in Schoten.
Uit al deze voorbeelden blijkt dat er weinig nieuws aan is: wij hebben onze leerlingen altijd toneel laten spelen en hebben dit zelfs uitgebreid tot podiumkunsten in de ruimere zin. Na de lectuur van Het Huis van Mama Pondo zijn mijn leerlingen reeds in het schooljaar 77-78 op bezoek geweest bij de auteur Aster Berkhof en hebben zij met de hele klas een enquête gehouden over het racisme in Brugge en Gent. En later over de vervuiling door de suikerfabriek in Veurne. Een collega ging jaarlijks met zijn klas naar een Turks jeugdcentrum in Gent om zijn West-Vlaamse leerlingen met die grote onbekenden te laten kennis maken.
Bij anderen moesten de leerlingen een nieuwsoverzicht samenstellen op basis van hun zelfstandige lectuur van de kranten etc etc
So what’s new, pussycat? Stop toch eens met de leerkrachten die pleiten voor een meer inzichtelijk en kennisgericht onderwijs voor te stellen als verstarde ouwe knarren die alleen nog één deuntje kunnen neuriën: ‘vroeger was het beter’Nogmaals de doping.
Het team Medisch Verantwoord Sporten van de Vlaamse Gemeenschap publiceert in DS de resultaten van zijn dopingonderzoek. Aan de top van betrapte sporters staan de powerlifters die in meer dan 28 % van de gevallen positief testten. De wielersport komt op de vijfde plaats met 5 %. Wat valt hierover te zeggen? Op zijn minst dat de mediabelangstelling zeer eenzijdig focust op de wielersport.
Ten tweede: wat is de grond van het probleem? Opvallend is het aantal 50-plussers dat werd betrapt, en mannen testten drie keer vaker positief dan vrouwen. Gaat het in wezen niet om de prestatiecultus die in onze maatschappij en in ons persoonlijk leven zo dominant aanwezig is? Zelfs tot in het bed willen we presteren: een man voelt zich gefrustreerd als hij zijn partner geen orgasme kan bezorgen.
Vandaar ook een fundamenteel bezwaar tegen de willekeur in de dopingrepressie: er zijn nog zoveel andere beroepen waarin de prestatie primeert en die worden nooit gecontroleerd. De zakenmensen niet, de politici niet, de studenten niet etc
Wat dit team nu eist is nog meer onaangekondigde tests waarvoor nog meer sporters lang van te voren zullen moeten bekend maken waar zij zich zullen bevinden. Hebben deze mensen dan geen recht op privacy, is het in overeenstemming met het gelijkheidsbeginsel uit onze grondwet dat een deel van onze bevolking onderworpen wordt aan het regime van een politiestaat?
Zolang de prestatiecultus, met zijn voordelen van status en geldelijk gewin, centraal staat in ons leven, zal een groter aantal onder ons dan nu in kaart wordt gebracht naar middeltjes blijven grijpen om die prestatie op te krikken. Viagra is niet voor niets een goudmijn voor de farmaceuticareus die deze ‘powerlifter’ heeft ontworpen
de braekeleer


Henri de Braekeleer
schilder het verstilde
het licht van boenwas
en honing, het rondt
de koppen van spijkers
die marokijn klinken
aan een eiken stoel
het trilt in vitrage,
wemelt in het glas
van een open raam
het aarzelt onder
een schemerlampje
van brokaat alsof
de brief op het damast
beter ongelezen bleef
schilder de schakels
van goud, de keten
die loopt van knoopsgat
naar zakhorloge
stil ligt een pluizig
wezen, het ademt
alsof de namen slechts
hoezen zijn om
het tere te bewaren
hij schildert de stilte
en je hoort het suizen
in de schoorsteen alsof
heel het huis nu op en
neer gaat, zoals een hand
op een slapende borst
Scholenrapport
Het initiatief van De Standaard doet denken aan de demarche van het weekblad Knack dat de licentiaatsverhandeling van Freya Vandenbossche op zijn website plaatste. Het fundamentele verschil is de intentie: De Standaard wil geen hetze voeren. Om die reden ben je niet van plan je abonnement op te zeggen, wat je wel hebt gedaan in het geval van het achterbakse en platvloerse Knack. Maar het kernprobleem blijft hetzelfde: hoeveel lezers kunnen zo’n rapport correct interpreteren? Er is niet alleen de terminologie, er zijn ook de verwijzingen naar documenten zoals het leerplan: wie weet wat er in zo’n leerplan staat?
Eén detail uit het rapport van onze school: de leerlingen van de eerste graad klagen over de werkdruk. Nu heb je nooit anders meegemaakt dan dat leerlingen kloegen over weer eens een overhoring, weer een huistaak. En op het einde van elk trimester kreeg je de vraag: ‘hoeveel van de leerstof gaat u laten vallen?’
In scherp contrast daarmee hoorde je van oud-leerlingen enkele jaren later: ‘op onze school hebben we nooit leren werken, we zijn niet voorbereid op het hoger onderwijs…’
Ouders die zich zorgen maken omtrent een schoolkeuze zouden daarom beter persoonlijk contact opnemen met alle betrokkenen: directie, leerkrachten, oud-leerlingen. Het papier is geduldig: met rapporten kan men zowel verdoezelen als ten onrechte aanklagen.
In de praktijk is het zo dat in de weken voor de aankomst van een doorlichtingcommissie gauw gauw allerlei documenten worden bijgewerkt, maar wat zegt dit over de dagelijkse kwaliteit van het onderwijs en de opvoeding in een school? Is een goeie leerkracht iemand die stipt een agenda bijhoudt? Scholen worden geprezen om de bijscholing van hun personeel, kun je hier en daar lezen. Wat betekent dit in de feiten: leerkrachten gaan naar een symposium, laten een kruisje zetten bij hun naam en ze zijn bijgeschoold. Wat nog nooit is gevraagd, noch door zo’n team van doorlichters, noch door een pedagogische begeleider (de vroegere diocesane inspectie) : wat doet een leerkracht thuis aan zelfstudie, blijft een leraar Nederlands boeken lezen, onderhoudt een leraar Engels zijn kennis van deze taal etc
Kortom, het is niet met bureaucratie dat je mensen beter doet functioneren. En het is evenmin aan de hand van paperassen dat je een correct beeld krijgt van het niveau van menselijke arbeid of van de waarde van een persoon: er bestaat geen prikklok die enthousiasme meet.

mater et magistra
de zee is gelukkig. ze valt aan land
en loopt in eigen schoot terug. ongebroken.
zij werft niet en geen weigering kan haar verstoren.
de zee is gezond. zij weet van bewegen
het lenig en menigvuldig vertoon,
het enkelvoudig bestaan en evenwicht.
de zee is heel soepel. de maan heft haar
en legt haar op een muziek van meeuwen en mist.
de vezels, verzinsels der volledigheid
zijn haar louter water en zout.
ik ben licht, zegt ze, het luchtigste zand
kan mij dragen. zij draagt het zaad van alle
zwarigheid in d’r losse meisjesharen.
kom, zingt ze, zwel en ik zal je verzwelgen.
kom, zingt ze en wiegt, en wacht.
30.
Waarom kroop Saddam als een aardworm uit zijn hol ? Waarom volgde hij het voorbeeld van Hitler niet, of van Himmler : een kogel, een ampul ? Drijft doodsangst een mens zover dat hij tot het uiterste wil marchanderen met het onvermijdelijke ? Of was deze man zo vervreemd van de wereld dat hij erop rekende dat hij nog weg zou komen met zijn verleden ?Of word je na dagen en dagen onder de grond zo mul en murw dat om het even wat een verlossing is, zelfs de ergste vernedering ?
Wat weten wij van deze mens, van de mens tout court ; wat weten we van onszelf ?
Soms maken we de deemstering mee van de god in onszelf, soms zijn ontmaskering, soms zijn kruisiging : maar de ontkenning van zijn goddelijk bestaan, staat die niet gelijk aan de ontkenning van ons bestaan zelf ? Wij willen veel bekennen, maar niet dat we niet bestaan.
31.
Een lege brievenbus te veel en je loopt lek als een fietstube die een kiezel heeft weg geknald.
Of ben je gewoon van minderwaardig rubber en moet er om de zoveel dagen iets gebeuren dat je oppompt ? Het hellend vlak van moe naar moedeloos : soms is een blik op je pens in de spiegel voldoende, soms een verwijt – in het bijzonder het verwijt dat ‘somber’ met ‘nors’ verwart. Soms is het een kettingzaag die je te vroeg het bed uit jaagt en die een berk verminkt tot er alleen nog een witte paal staat in een winterse tuin. En soms komt dat alles samen en is dat alles veel, te veel en loop je leeg als minderwaardig rubber.
32.
Het blijft een wonder : een blad dat leeg was, is nu volgeschreven ; en vóór je eraan begon, had je er geen vermoeden van dat deze tekst in jou aanwezig was. Soms is de verwondering zo groot dat je geneigd bent op of om te zien of daar niemand is die jou heeft ingefluisterd.
33.
Alweer een fletse :
ook de schoonste heeft een streepjescode aan haar slipje.
35.
De woorden en hun waarheid. Na het triomfantelijke ‘we’ve got him’ en de lofzang op de eigen intelligence services en de dappere troepen, zegt de krant vandaag dat het monster is verklikt door een van zijn vroegere slachtoffers en door Koerden gedrogeerd en dan overgeleverd aan de Yankees. Het zijn misschien slechts nuances die nooit de geschiedenisboekjes zullen halen, maar ze illustreren wel hoe we voortdurend onderhevig zijn aan propaganda en make believe. In eigen land waren de dampen van Vilvoorde onschadelijk tot één interview met één wetenschapper op het tegendeel wees. Je zou wensen dat de leugen altijd zo stonk.
36.
Is dit een positief fatalisme: doodgaan is voor losers, mijn dood zal een voltooiing zijn ? Misschien is dit een kleine bijdrage tot de oplossing van de vergrijzing : laat mensen beslissen wanneer hun leven ‘af’ dan wel ‘op’ is. De basisgedachte is dat iedereen begint met een ‘levensprogramma’ dat moet worden afgewerkt en eens afgewerkt, wordt al wat volgt overbodig en ongewenst. Tijdens het Romeinse bestuur over Marseille kon iedere romein in een centraal depot een fiooltje ophalen – na goedkeuring van een verzoekschrift – met een lethaal drankje : soms gaat beschaving vooruit door terug te keren.
37.
Elke dag is weer zo’n glazen kast waar je een munt in stopt en een kraan rijdt langs een verchroomde stang, ploft neer en de blinkende vingers halen een hoopje vlokken op, wat piepschuim of schaafsel en nooit een horloge of zo’n poppeding en het is dat licht in die glazen ruimte die je aanlokt, elke dag weer, al weet je dat zo’n horloge uit Hongkong geen kloten waard is en dat popje met haar tutu van geperste kant : je kan het op je revers spelden en je hopeloos belachelijk maken bij je leeftijdsgenoten met een echt lief en zonder tutu.
Elke dag weer is een kermisdag en je haalt een muntje boven.
38.
Je kan een bestemming niet bereiken zonder de erbij horende weg af te leggen, het enige Rome waarnaar alle wegen leiden, is het knekelveld of de strooiweide.
Is dit wel een troost voor machteloze afgunst : een mausoleum is niet méér dan een massagraf ? Waar worden bloemen neergelegd en welke dode ruikt de bloemen?
39.
Kunst is mislukken met stijl.
na de reünie
Terug van de nieuwjaarsbijeenkomst met de 55-plussers van onze school. De directeur gaf een uiteenzetting over het rapport van de doorlichtingcommissie die in september-oktober onze lokalen onveilig had gemaakt.
Wat opvalt is het apodictisch karakter van al de oordelen: deze doorlichters-oplichters spreken alsof ze de paus himself zijn die ex cathedra zijn onfeilbaarheid proclameert. Zij weten het, de directeur en zijn leerkrachten zijn stumperds die ondanks hun jaren ervaring nog alles moeten leren. Het gaat dan zowel om essentiële didactische of pedagogische zaken als om praktische details. Volgens het ene orakel moet de school driemaal per jaar een brandalarm inoefenen, volgens een andere volstaan twee oefeningen; een ontruiming waarbij achteraf de leerlingen op foute reacties worden gewezen is geen oefening maar een les.
Er moet meer gedaan worden aan BZL, door de directeur al lachend vertaald als ‘bijna zonder leraar’, eigenlijk betekent het ‘begeleid zelfstandig leren’. De leraar moet een coach zijn die opzoekopdrachten geeft en zijn leerlingen stuurt bij hun opzoekingen. Alsof dit in het verleden nooit gebeurde: altijd hebben leerlingen documentatieopdrachten gekregen, altijd moesten zij naslagwerken raadplegen om een boekbespreking of andere uitvoerige taak uit te werken.
Om de zoveel jaar moet het pompwater worden uitgevonden en het moet dan exact gebeuren zoals de nieuwlichters het zich in hun arrogante kop hebben gehaald.
Dit is wat het meeste stoort: het autoritaire, zelfgenoegzame van deze betweters en het tragische voor ons onderwijs zou kunnen zijn dat precies de leerkrachten met persoonlijkheid, met een eigen visie en een originele creativiteit de scholen ontvluchten en op zoek gaan naar een werkmilieu waar hun talenten wel worden gewaardeerd. Het resultaat zou kunnen zijn dat het lerarencorps bevolkt wordt door meelopers, dienstkloppers, uitvoerders zonder enige persoonlijke inbreng, zonder enige gedrevenheid en wellicht met geringe competentie.
Terloops, laten we eerlijk zijn: we hebben 20, 30 jaren geleden ook al gemopperd over de gebrekkige kennis en de povere taalbeheersing van onze leerlingen. Maar het fundamentele verschil met toen is dat je in die tijd de opdracht kreeg er iets aan te doen, terwijl het vandaag juist verboden wordt: we mogen niet meer ‘systematisch’ aan spraakkunstonderwijs doen, we mogen geen woordenlijstjes meer aanleggen etc
En telkens sta je voor de vraag: op welke grondslag is deze rage gefundeerd, op welk wetenschappelijk onderzoek dat zou aantonen dat de nieuwe aanpak betere resultaten oplevert dan de traditionele?
De recente tribulaties over kennisgericht onderwijs versus vaardigheden vormen slechts een deel van de problematiek: in essentie gaat het om formalisme versus inhoudelijkheid, volgzaamheid tegenover passie. Onderwijs kan maar niveau halen wanneer het verstrekt wordt door enthousiaste geesten, gedreven door liefde voor het vak en oprechte bekommernis om de leerlingen, niet alleen in hun huidige situatie maar ook in hun toekomstige. Dit laatste houdt in dat de leerkracht weet waar hij of zij naartoe wil. Aan welke toekomstige samenleving wil men meewerken, wat voor mens wil men mee helpen vormen. Het licht van de doorlichters is blijkbaar niet sterk genoeg om zover te schijnen
12.
Wie zijn zelfrespect opgeeft, verliest uiteindelijk het respect van de anderen. Het zijn niet de goedkoopste hoeren die met de meeste egards worden behandeld.
13.
Een meisje is poëzie, een vrouw proza. Een vrouw heeft verhalen, een meisje dromen. Zolang een vrouw droomt is ze een meisje, zodra een meisje verhalen vertelt is ze een vrouw.
14.
Flauwe woordspeling : toen hij klaarkwam liet hij een rukwind.
15.
Kun je een partner bespelen zoals een instrument wordt bespeeld en levert het bespelen van het eigen instrument de betere muziek op ?
Allicht hoort bij elk type speler een passend type instrument, maar zonder virtuositeit
én overgave blijft het povere muziek.
16.
De waarheid van een tekst, in het bijzonder van een gedicht, bestaat binnen de grenzen van de tekst, van het gedicht. Als de auteur daarin al aanwezig is, dan alleen als asielzoeker, sommigen zullen zeggen als illegaal.
17.
Woorden kunnen vuurstenen zijn : als je die woorden tegen elkaar knotst leveren ze vuurwerk op, de lichtflits van het inzicht.
18.
Jong zijn is morsen met de tijd alsof men er te veel van heeft.
19.
Je kan in elk dorp een Eifeltoren bouwen, maar wat is er dan nog bijzonder aan een Eifeltoren ? Niet elk theelichtje is meteen een vuurtoren. Anders gezegd : indien iedere dichter zich een Gezelle waant, iedere schilder een Picasso, waar blijft dan de grootheid van Gezelle of van Picasso ?
20.
Ontmoet een tijdgenoot, lees Montaigne : hij beheerst de klassieken zodanig dat hij er modern van wordt.
21.
Het ligt in de aard van de mens om zijn zelfoordeel te laten afhangen van het oordeel van de anderen. Zo blijft ‘geluk’ uitgesteld geluk, een wachten op, tot het enige zekere ‘geluk’ je te beurt valt : de dood die alles glad veegt, alles om het even maakt.
22.
Een gezond alternatief voor prozac : hou een rijpe trostomaat tegen je neus.
23.
Schrijven is gaan zitten en het doen.
24.
Alleen het perfecte is goed genoeg. Althans in de kunst en in de techniek, daarbuiten is het een dwangneurose.
25.
Alweer een flauwe : die slapjanus schiet alleen nog wanneer hij wakker schiet.
26.
TV-bekendheid is de trampoline naar de onsterfelijkheid, de meeste TV-goden komen tussen de rubberen ophanging terecht en breken hun ‘te korte beentjes’ (dixit Boon)
27.
Mexicaans gezegde (uit ‘Amores Perros’ ?) : ‘als je god wil doen lachen, vertel hem dan je plannen.’
Vervang ‘god’ door ‘goden’ of ‘noodlot’. Dit gezegde tast de grenzen van de persoonlijke vrijheid af. Imre Kertèsz heeft het daar ook over in ‘Onbepaald door het lot’ : de gebeurtenissen komen niet alleen op je af, jij gaat evenzeer naar de gebeurtenissen toe. Jij bent niet alleen de executeur van je lot, je bent dat lot zelf. In de rally van je leven ben jij piloot en co-piloot, maar de vraag is of die elkaar begrijpen : de ene die de route leest en de andere die ze aflegt. En ‘lezen’ betekent hier ‘herkennen’ zoals een chip zijn eigen code herkent.
28.
Verzaken kan maar aan bezit. Men kan moeilijk ascese eisen van iemand die is geboren op een vuilnisbelt. En over de betrekkelijkheid van ambitie kan men pas onverdacht praten als men ze heeft gerealiseerd.


gezinsvriendelijk
als die bom al morgen valt
mijn hondsvod in jouw eeuwig leven
geeft vader geen zoentje waar het zeer doet
straks mandarijnenstroop voor je borst barst barst
een handgranaat in de nacht
genezen zijn? morgen, jongetje, morgue
dan gaan we de slapers oprapen
een kuiltje graven bij het preventorium
door de lusttuin der terminalen draven
in je nieuwe jogging – gelijk jou, hee!
aan de lijn klaar start – de eerste zijn?
je weet het al: er is geen zebra op de boerderij
wel een zwijn – dank u lieve heer
die ken je ook bij naam en postbus
mijn bobbejaan met je sarie malaise
we maken een kringetje
den uyl vivat gaf zijnen geest
morgen mijn kwakje is jarig
het jijtje, jij hetje van mij
je brandt in mijn nacht
mijn kind waarom gekomen
waar omgekomen
als die bom toch morgen valt
kidman


are you kidding, Kidman
soms is ze naakt
een efebe op een vaas
een jongeling waar de wijze
Socrates een dwaas van werd
dan weer draagt ze slangen
in het haar, een verwende
erfgename en geen dame
is zo weerloos, de reptielen
zijn maar ranken van een
niet te stelpen roos
soms staat ze vermomd
met een fopneus, in de jurk
van een oude vrijster, een wrong
om haar hoofd, ze rookt
en haar gedachten gaan
reeds stapvoets in het water
veelvoudig, een vrouw
van rood zand en smaragden
en zwart email op terracotta
een zalm die door je dromen
zwemt, over de schotbalk wipt
van je ontwaken - ze is
het wenkende masker van de dag

