Naar de inhoud

boek onder lava

verzwegen berichten
seniorennet.beseniorennet.be

kom van vrede

kom van vrede

 

windstil. zoals grote handen

zich winden om de warmte

van een kom, zo stevig

omsluiten de beukenhagen

deze luisterende tuin

 

een kom van vrede

een witte sluier schuimt

over de rand, mousseline

van een guirlande d’amour

 

een lijster beklimt de hoogte

van zijn tonen, als gele

theeblaadjes drijven de brede

harten van de catalpa

 

de jonge berken schuiven

als koffielepeltjes in de kom

ze  roeren de stilte om

alsof daarboven een onzichtbare

mond wacht om te drinken

 

nog geen kuch in de ochtend

alleen  dat vrolijk gehuppel

in   het lied van een lijster

gedempt door de hagen

 

een kom van vrede

in gedachten hou je ze vast

je ruikt en luistert

op je handen rust nu

de bodem van porselein:

 

laat dit beeld niet los

je bent verantwoordelijk

voor een windstille vrede

die huivert in een tuin

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 08:06 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

bij de dood van Yasmine

Yasmine

 

Consternatie in het mediawereldje: zangeres en tv-presentatrice Yasmine heeft een einde aan haar leven gemaakt. En weer valt het op hoeveel vrienden BV’s hebben wanneer ze plotseling sterven, ook Karel van Miert bleek na zijn dood opeens iedereens intieme vriend.

Is het dan niet raar dat al deze intieme vrienden hun droefheid uiten door te zeggen dat de 37-jarige ‘zich van het leven heeft beroofd’?

Diefstal is een misdrijf, als hommage ga je toch niet zeggen dat je betreurde dode een misdadiger was?

Reeds ongeveer 45 jaren denk ik na over het fenomeen zelfdoding. Ik ben tot het inzicht gekomen dat alle redenen om voor het leven te kiezen tegelijk argumenten kunnen zijn om eruit te stappen. Liefde en succes worden ervaren als zingevers maar de angst om ze te verliezen of de psychische druk van ze te beleven, kan een aansporing zijn om aan deze angst of druk een einde te maken. Ik verwijs hier nadrukkelijk naar de schitterende film van Patrice Leconte ‘Le mari de la coiffeuse’ (1990) waarin een vrouw zich verdrinkt omdat ze vreest dat de passie in haar relatie zal verdwijnen. En er is het voorbeeld van Ian  Curtis, de zanger van punkgroep Joy Division die zich verhing juist op het moment dat zijn groep werd uitgenodigd voor een tournee door de USA,  wat hun grote doorbraak zou hebben betekend. Het is een complex fenomeen te vergelijken met de angst om te winnen in het tennis en misschien zelfs met de faalangst in bed.

Daarom lijkt het me een ijdele bezigheid om als commentator van op een afstand te gaan peilen naar de beweegredenen van een zelfdoding: die zijn hooguit interessant voor psychologen of sociologen en voor de beleidsmensen die aan preventie willen doen – voor zover het gaat om vermijdbare oorzaken.

Eveneens viel het op dat de collega’s van  de nieuwsdienst er scrupuleus over waakten om toch maar niet het gekozen middel te vernoemen. En even gewetensvol werd een noodnummer meegegeven voor kijkers die zelf in moeilijkheden zouden verkeren.

Om copy cats te vermijden is deze keuze te verantwoorden. Al vind ik het raar dat van een kleuter die  gestorven is door aan de methadon van zijn stiefvader te zitten, wel dit detail wordt meegegeven: er werd zelfs een heel item over gemaakt met tips om dit soort incidenten te vermijden.

Alweer wordt bewezen dat de zelfgekozen dood een groot taboe blijft in een samenleving die dweept met de eeuwige jeugd: iedereen moet 100 worden en liefst met de conditie van een 50-jarige.

Het grootste bezwaar tegen taboes is echter dat de openbaarheid en de bespreekbaarheid erdoor worden aangetast. Een intieme vriendin van Yasmine getuigde in het VRT-journaal dat ze de zangeres  een heel weekend in huis had genomen en zich niet had verwacht aan zo’n afloop. Dan zijn er twee mogelijkheden: ofwel is de beslissing genomen in een vlaag van ontmoediging of diep verdriet, ofwel  sluimerde het besluit reeds en kon het niet worden uitgesproken uit schaamte, uit vrees voor onbegrip of afkeuring.

Bespreekbaarheid  zal onmogelijk  blijven wanneer  tegenover de zelfdoding een houding van verkramping blijft domineren. Ik geef toe dat het onderwerp allesbehalve gemakkelijk ligt: de dood, zeker die van een geliefde, is nooit een banaal feit. Je praat er niet over alsof je samen de catalogus doorneemt van een reisbureau en aan vergelijkend onderzoek doet: voor of tegen het leven, en via welke weg of met welk vervoersmiddel.

Maar voorkomen impliceert dat je iets ziet aankomen en dat kan enkel met een open blik: wie de ogen sluit of afwendt die ziet niets aankomen.

Als dichter en taalkundige kan ik daarom niet anders dan blijven hameren op een correct taalgebruik: schrap uitdrukkingen als ‘ zich van het leven beroven’ of ‘zelfmoord plegen’.

Dit zijn vormen van verbale agressie: ze stigmatiseren en versterken het taboe.

Vriendschap zou moeten inhouden dat men zich in vertrouwen over alles kan uitspreken, al schrijft Louis Paul Boon ergens in zijn Kapellekensbaan: ‘Beken nooit aan een ander wat ge zelfs voor uzelf moet verborgen houden.’

Het begint dus met zelfkennis en het herkennen van de suïcidale impulsen in zichzelf: wie bang is om in deze ultieme spiegel te kijken zal er nog meer voor schromen om het sombere spiegelbeeld ter sprake te brengen, zeker als men daarmee de gevoelens van een geliefde zou kunnen kwetsen. ‘Ik zie het niet meer zitten’ kan de eerste stap zijn naar deskundige hulp. En wie de levensmoeheid kan zien als moeheid – los van om het even welk moreel oordeel - zal gemakkelijker over het onderwerp praten. Preventie begint bij deze openheid en niet bij het wegmoffelen in de beschimmelde atmosfeer van het taboe.

 

 de haan 26 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 14:29 Reageer op dit bericht

hoe ga je om met fanatisme?

Rik Pinxten over het hoofddoekenverbod

 

Het verwondert mij dat antropoloog Rik Pinxten in De Morgen van 26 juni zo weinig empathie vertoont tegenover de godsdienstbeleving.

Hij kan het niet aanvaarden dat gelovigen hun godsdienst belangrijker vinden dan de wetgeving. Nochtans is het zo dat ondanks de legalisering van abortus en euthanasie heel wat gelovigen die ingrepen voor zichzelf niet toestaan en er evenmin aan wensen mee te werken.

Dat is geen probleem zolang zij  hun opvattingen niet opdringen aan de andersdenkenden.

Deze druk komt ook in beeld bij het hoofddoekendebat maar als je daartegen in wil gaan moet je de onderdrukkers aanpakken en niet degenen die eventueel onderdrukt worden.

Pinxten stelt de essentiële vraag: ‘Vinden wij het normaal dat jongeren al vanaf hun zesde geïndoctrineerd worden (...)?’

Dit geldt voor elke vorm van indoctrinatie, ook voor de katholieke en voor de rabiaat vrijzinnige: het gaat bij indoctrinatie altijd om gesloten systemen waarin geen tegenstem of twijfel wordt toegelaten. En precies deze veelstemmigheid zou in het onderwijs moeten worden aangeboden – ook in het katholieke onderwijs.

Pinxten gaat voorbij aan de kern van de zaak: wat is doel en wat is middel?

In zijn ‘Idee’ over het ‘divertissement’ merkt de filosoof Pascal op dat beide wel eens worden verwisseld zodat het middel een doel is geworden.

De doelstelling moet zijn tot een pluralistische en verdraagzame samenleving te komen.

Gedragscodes en kledijvoorschriften kunnen daartoe een middel zijn maar ze zijn nooit een doel op zich. Ik stel gewoon vast dat het hoofddoekenverbod contraproductief werkt wat bewezen wordt door de oproep van de Antwerpse imam om desnoods het onderwijs te verlaten.

Bij mijn weten is deze fanaticus nooit eerder in dit atheneum aanwezig geweest: het  verbod zorgt ervoor dat hij het spontane protest kan recupereren voor een heel wat gevaarlijker betoog.

Ik ben een overtuigd atheïst en worstel telkens weer met de vraag of mijn toegeeflijkheid ten opzichte van de hoofddoek geen verraad aan de principes van de Verlichting betekent.

Ik denk het niet omdat vrijheid  eveneens impliceert dat een individu zich mag onderwerpen aan godsdienstige regels, hoe bizar deze houding voor mijzelf ook mag zijn.

Tolerantie en opvoeden daartoe betekent leren omgaan met het verschil: dit bereik je niet door de verschillen weg te moffelen met een verbod. Zoals je evenmin de ene dwang opheft door een andere in te voeren.

De sterkste krachten in het integratieproces zijn het onderwijs en de tewerkstelling: doe er dan ook alles aan om jonge mensen binnen deze systemen te houden, vermijd de uitsluiting.

Een hoofddoek – of een kledingcode in het algemeen - is te futiel om daarvoor de grote doelstelling te ondermijnen: het gaat om medeburgerschap en participatie aan een maatschappij die voortdurend in verandering is. Een verbodsbepaling heeft meestal als gevolg dat houdingen worden verhard en verstarren of zelfs terugkeren in de tijd wat het tegendeel is van een evolutie naar meer  emancipatie en ruimdenkendheid. Wat in de hoofden zit is belangrijk, niet de haartooi of het hoofddeksel: op het denken heb je geen impact meer als je mensen uitsluit en terugjaagt naar een ‘Igelstellung’, een oninneembare burcht van fanatisme.

De geschiedenis bulkt van de bewijzen: godsdienstig  fanatisme is altijd en overal een zwam die woekert in de duistere sfeer van de onderdrukking.

 

de haan 26 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 07:31 Reageer op dit bericht

sledehonden

sledehond

 

als een span sledehonden

die uithijgen na hun tocht

zo druisen ruig de kruinen

 

 

je wordt er rustig van

je bent nu  zelf een zuiver

dier dat neerligt in de sneeuw

honden janken als ze dromen

 

ondanks de zomer loop je

door een decembernacht

de Bunt is duister, alleen

de sloten glanzen als

brede linten van satijn

 

je draagt een zeildoek

en voor je uit verkent

je herdershond de weg

jij volgt maar, volgt

maar  in blind vertrouwen

 

je zal behouden aankomen

bij de hoge dijk, de Schelde

zal geweldig zijn, met zware

baren op de stenen slaan

alsof het water de kracht

heeft van een drilboor

 

omstandig druisen de kruinen

en jij droomt van glanzen

alsof je  uithijgt in de sneeuw

en een stuurman op de slede

staat, een hand die jou zal leiden

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 17:40 Reageer op dit bericht

Tom Boonen en het imago van de Tour

imago en moraal – nogmaals over Tom Boonen

 

Van ASO en de Franse staatssecretaris voor de Sport mag Tom Boonen niet deelnemen aan de Tour omdat  zijn imago niet strookt met dat van deze hoogmis van de wielrennerij.

Wat is het imago dan van de Tour? Net als bij andere topsportfestijnen staat het geld centraal

en daarom moet er zoveel mogelijk spektakel zijn want dat verhoogt de kijkcijfers en brengt meer reclame-inkomsten op. De Tour is heel wat minder bekommerd om de gezondheid en de veiligheid van de renners – al moet ik toegeven dat inzake onveilige parkoersen de Giro nog erger is. Kortom, de Tour en ASO zelf is niets anders dan big business en dat heeft niets te maken met een hooggestemde moraal.

In het algemeen kan men zich de vraag stellen of om het even welk imago wel iets  van doen kan hebben met moraliteit: imago is altijd een buitenkant en moraal slaat op de binnenkant van een mens. Een politicus kan een voorbeeldig imago hebben maar in de praktijk zo corrupt zijn als de pest.

En wanneer heeft men een schadelijk imago:  geldt deze kwalificatie ook voor atleten die hun vrouw bedriegen of  hun kinderen geregeld een klap verkopen. Zijn de geldbedragen die omgaan in de topsport – in het bijzonder in het topvoetbal en het topwielrennen - bevorderlijk voor het imago? Om nog te zwijgen over de Formule 1:  is het wel fatsoenlijk dat daar zogenaamde pitspoezen bij horen, schaars geklede  schoonheden die een en al seksuele bereidwilligheid uitstralen?

Steeds heeft men het over de voorbeeldfunctie:  is die ook van toepassing op graatmagere mannequins die jonge meisjes eetstoornissen kunnen bezorgen? En wat te zeggen van popsterren en filmvedetten die zich te buiten gaan aan allerlei drugs of er graag een liederlijke levenswandel op na houden: is hun imago van libertijns gedrag geen voer voor al de sensatieblaadjes die zonder hun escapades en excentriciteiten geen reden van bestaan zouden hebben. Anders gezegd: het getuigt van een onaanvaardbare willekeur om aan de ene beroepscategorie wel fatsoensnormen op te leggen en de andere juist  sympathiek te vinden omdat zij dezelfde fatsoensnormen overtreden.

Van atleten worden sportieve prestaties verwacht,  in een faire competitie – dus zonder het gebruik van onbetwistbaar prestatievervalsende middeltjes – maar zij hoeven geen  toonbeelden te zijn van morele deugdzaamheid.

In het concrete geval van de cokesnuivende Boonen moeten we objectief vaststellen dat het gaat om een wetsovertreding – cocaïne is immers een bij wet verboden drug – maar de overtreding kwam enkel aan het licht omdat deze particuliere gebruiker, de sportvedette, systematisch wordt gecontroleerd wat niet gebeurt met al de andere gebruikers.

Dit is een schending van het gelijkheidsbeginsel uit onze grondwet: normen en opsporingsmethodes moeten voor iedereen gelden en op een gelijkaardige manier worden afgedwongen. Atleten zijn ook burgers die dezelfde rechten hebben als iedere andere burger.

Op mijn school had ik het imago van een anarchist en onaangepaste dichter, de brave collega’s gingen  ervan uit dat ik wel een druggebruiker zou zijn. Tegelijk schepten zij graag op over hun drankgebruik onder meer tijdens het personeelsfeest dat steeds eindigde met whisky en cognac waarna ze halfdronken achter het stuur van hun wagen kropen. Toch hadden zij het imago van fatsoenlijke burgers en ik dat van een decadente marginaal – al geef ik toe dat ik zelf met dit imago heb gespeeld: deze pose beviel mij wel omdat ik er  raar maar waar meer pedagogische vrijheid door kreeg.

Besluit: een imago zegt niets over  het morele gehalte van een persoon en elke volwassene heeft een voorbeeldfunctie ongeacht het beroep dat men uitoefent. Een sportvedette hoeft geen pater Damiaan te zijn.

de haan 25 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 07:56 Reageer op dit bericht

een straffe madam

straffe madam

 

neen, moeder was geen straffe

madam, je zag haar wel eens

grienen, ze sprak met zachte stem,

ze gierde als ze werd gekieteld

door vader en haar jongste zonen,

toen was het feest in huis

 

ze deed geen grootsere daden

dan wachten op wat beterschap

wanneer het huis was afbetaald

en haar hoofdpijn verdwenen

 

soms gebaarde ze stiekem

zoals dat reepje chocolade

waarvan vader niet mocht

weten want jij had een zwakke

lever en zij een zwaar figuur

 

je zoekt vergeefs een straf

verhaal  uit de weinige jaren

van haar leven, je geheugen

bewaart alleen maar kleinigheden

die bij een moeder horen

 

zoals  tranen van een machteloze

wanneer vader weer eens toesloeg

op zijn zonen, en grienen als een tiener

om een zo groot verdriet dat er

geen woorden voor bestonden

zoals die fraaie koets op weg

naar het kerkhof met twee jongens

aan boord, verdronken  in een winter

toen de dijken braken en ook

haar zwijgen brak  al was ze

doorgaans daar een meester in:

 

ze kon schrijden door ons huis

stil aanwezig in al wat glansde

van boenwas en loog en in het zoete

van gestoofde pruimen des zondags

bij haar fricandon – zo bleek, gekleed

in schemer zat ze af te wachten tot

vaders  kameraden ophielden met kaarten

haar ogen tranend van hun rook

 

neen, moeder was geen stoere

ze had alleen een  brede schoot

je hoort haar wel nog altijd kijven

toen je een vriendje wou bedriegen

en je ziet haar trotse  blijdschap

toen je een prijsboek won op school

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 10:19 Reageer op dit bericht

hommage aan Karel van Miert

Karel de Koene

- een hommage aan van Miert -

 

een man op een ladder

in een zomerse boomgaard

is geen ander dan die kerel

op een dak in de stad

die de wolken meet

 

doch meer nog peilt hij

de schaduwen geworpen

door die wolken: al het onheil

dat loze beloften aanvoeren,

alle leugens verpakt in fraaie taal

 

fruit ligt eerlijk in je hand

het houdt zich aan de beloofde

zoetigheid als het niet geroofd

wordt door de vogels

 

daarover klaagde hij wel eens

al monkelend om aan te geven

dat hij de gevederde vrienden

ook wat gunde – zijn ware woede

 

betrof die andere vogels die

have en goed verwoesten en daken

doen neerstorten op bewoners:

moeder en kind, grootouders

die al te suf zijn om te vluchten

 

een machtig symbool: in een boomgaard

hield zijn hartslag op, in een oord van

rijpen en gisten, van reiken naar

de schoonste vruchten

 

er was een toonaard in zijn stem

het timbre van een vaste overtuiging

en soms niet meer dan  een moe

en smalend zuchten

 

de dood is ook maar een simpele geest

die verzot  blijft op smakeloze kluchten

 

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 06:06 Reageer op dit bericht

Karel van Miert

Karel van Miert

 

Kan het lot nog ironischer zijn: je tuiniert en kweekt fruit om je geestelijk evenwicht te bewaren en dan verlies je op een ladder je fysieke evenwicht en breekt je nek.

Mocht de scène beschreven staan in een boek van Reve of Brusselmans, we zouden spreken van een cynische grap.

Voortaan is het dus gedaan met al die schitterende televisiemomenten die zich telkens voltrokken wanneer Karel van Miert nog eens werd geïnterviewd.

Als geen ander bezat hij de gave van de verontwaardiging  die hij bovendien lucide kon verwoorden. Van Miert was een levende remedie tegen de anti-politiek: wanneer hij aan het woord was mocht je beseffen dat het ergens over ging en dat er nog altijd politici zijn die hun vak – zeg maar: roeping - ernstig nemen.

Van Miert was een oprechte anti-militarist en alweer de ironie van het lot wou dat sommigen binnen zijn eigen partij zich schuldig maakten aan louche deals met een wapenleverancier.

Zijn verontwaardiging deed hem  het partijbestuur verlaten met slaande deuren: een kaakslag waarvan de vingerafdrukken nooit helemaal zouden genezen.

Wat van Miert ook ondernam hij deed het met verve en overgave. Ik ging niet altijd akkoord met zijn verdediging van de vrije concurrentie binnen Europa, naar mijn mening stelde hij zich in deze kwestie wat te dogmatisch op: ik  vroeg me vaak af hoe hij het competitiemodel dacht te verzoenen met een sociaal Europa. Maar aan zijn eerlijkheid en moed kon je niet twijfelen: hij wou de consumenten beschermen en ging daarin tot het uiterste, ook als hij daarvoor de strijd moest aanbinden met concerns en multinationals die er niet aan gewend zijn om zoveel weerstanden te ontmoeten.

Met  van Miert verdwijnt een monument uit de socialistische beweging dat nooit een monument wou zijn: hij bleef liever een eenvoudige boerenzoon die niet zo eenvoudig was – boeiende mensen zijn altijd wat dubbelzinnig.

Ongeloof is een kanjer van een cliché om op een doodsbericht te reageren, maar in dit geval vind ik geen beter woord.

de haan 23 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 14:53 Reageer op dit bericht

boerkaverbod, hoofddoekenverbod

waarom de boerka wel en de hoofddoek niet verbieden

 

Twee berichten in dezelfde krant: in Frankrijk wil hyperpresident Sarkozy de boerka weren uit het openbaar leven, en in Antwerpen wil een concentratieschool, een GO-atheneum, vanaf volgend schooljaar de hoofddoek verbieden.

De boerka is om drie redenen onaanvaardbaar: de identificatie van de draagster wordt onmogelijk, er ontstaat een barrière voor een normaal contact en het kledingstuk symboliseert een negatieve seksuele obsessie -  de verplichting gaat er immers van uit dat elk vrouwelijk lichaamsdeel de seksuele lust van de mannen kan opwekken en die lust is  het werk van de Satan. Samengevat: de boerka is bedacht door een zieke geest.

 

De hoofddoek daarentegen is van dezelfde orde als de peiges (pijpenkrullen) en het keppeltje van orthodoxe joden of het christelijk crucifix: het verschil zit in het feit dat de hoofddoek duidelijker zichtbaar als de christelijke symbolen. Een verbod op godsdienstige symbolen kan neutraal worden geformuleerd maar is in de praktijk discriminerend: christenen worden niet gecontroleerd op het dragen van een  onder de kledij verborgen medaillon of kruisje, naast de hoofddoek kan men echter niet kijken.

De vrijzinnige professor Vermeersch heeft reeds geargumenteerd dat hij zich jarenlang heeft ingespannen om kruisbeelden uit de rechtszaal te laten verwijderen en daarom wil hij consequent zijn en ook de hoofddoek laten verdwijnen uit openbare functies. Het onderscheid zit in het feit dat een rechter macht heeft en daarom absoluut neutraal dient te zijn – al zit die neutraliteit meer tussen de oren dan op het hoofd – terwijl een loketbediende geen macht heeft en gemakkelijk te controleren is op haar behoorlijk functioneren.

De scholen kunnen een kledingcode opleggen voor zover die code noodzakelijk is voor het  normale verloop van de lessen: kledingstukken kunnen dus geweigerd worden wanneer die de veiligheid in gevaar brengen (bij het bedienen van machines in het technisch onderwijs) of  onhygiënisch zijn (bij zwemlessen bijvoorbeeld). Maar een  algemeen verbod op de hoofddoek treft de moslima’s dubbel: zij kunnen door de vertegenwoordigers van hun godsdienst (een imam, een vader of oudere broer) onder druk gezet worden om het kledingstuk te dragen terwijl ze omgekeerd door een  zich neutraal noemende instantie juist het verbod krijgen om dat te  doen. Wat moeten ze dan kiezen, in geen van beide gevallen zijn zij vrij. Religieus geïnspireerde dwang moet worden bestreden bij diegenen die de dwang uitoefenen en dat zijn meestal mannen en niet bij de eventuele slachtoffers en dat zijn in deze context altijd vrouwen of meisjes.

Er is een belangrijke reden om de hoofddoek niet te verbieden: het komt erop aan om moslima’s zolang mogelijk bij de les te houden, daar hangt hun integratie in onze samenleving in grote mate van af. Hoe meer moslima’s in onze scholen of op onze arbeidsmarkt hoe beter voor de integratie, niet enkel van de vrouw in kwestie zelf maar ook van haar toekomstig gezin. Een hoofddoekverbod kan daarentegen leiden tot verharding van de standpunten, tot meer godsdienstig fanatisme dus.

Ik pleit met andere woorden voor redelijkheid en doeltreffendheid: men moet voor ogen houden wat men wenst te bereiken op langere termijn. Wie moslims en moslima’s tot volwaardige medeburgers wil zien evolueren moet hen de kans bieden op hun eigenheid en tegelijk hen in contact brengen met onze pluralistische waarden: dit kan alleen als zij worden opgevoed in onze scholen en ook in overheidsfuncties mogen werken.

Men dient zich af te vragen wat werkelijk hindert: de boerka is  zonder enige twijfel een hindernis, de hoofddoek niet. Tenzij men zich ook stoort aan Joodse keppeltjes  en aan de witte boord van een pastoor, maar in dat geval is men zelf een fanaticus.

de haan 23 jun. 09

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 08:20 Reageer op dit bericht

vluchteling of illegaal

vluchteling of illegaal?

 

In De Standaard van maandag 22 juni probeert woordvoerster Katrien Janssens het beleid van haar dienst te verdedigen. Ze hanteert daarbij een bijzonder dubieus uitgangspunt als ze beweert dat in de vluchtelingencentra geen vluchtelingen zitten maar illegalen: wordt een vluchteling opeens iemand anders als hij of zij een ander etiket krijgt opgekleefd?

Niettemin heb ik begrip voor de gewetensnood van de mensen die administratieve beslissingen moeten nemen: voor ngo’s en iedereen die zijn humanisme of evangelisch christendom ernstig neemt zal het nooit goed genoeg zijn.

De waarheid is dat het vluchtelingenprobleem nooit bevredigend zal worden opgelost of zelfs maar verminderd indien de oorzaken niet worden aangepakt: de onveiligheid in de wereld en de schrijnende tegenstellingen tussen rijk en arm, niet enkel tussen de geïndustrialiseerde wereld en de ontwikkelingslanden maar ook binnen die Derde Wereldlanden zelf. De oplossing zal afhangen van politieke beslissingen en de wereldleiders vertonen tot op de dag van vandaag een schandelijke onverschilligheid voor de problematiek.

Het Wereld Sociaal Forum dat in 2001 in het Braziliaanse Porto Alegre samen kwam, als tegenhanger van de G20 die het liefst in mondaine kuuroorden samenkomt, heeft reeds voorgesteld om iedere bewoner van onze planeet een minimuminkomen te bezorgen. Er wordt op aarde voldoende rijkdom gecreëerd om deze ingreep mogelijk te maken, alleen ontbreekt de wil.

Enkele dagen geleden kregen we te lezen en te horen dat het aantal hongerlijders geschat wordt op 1 miljard terwijl onze planeet best in staat is om iedereen te voeden. Het probleem zit telkens in de distributie van het voedsel  en van de welvaart.

Onze Europese landbouw leeft van subsidies en maakt door dumping  de landbouw in de Derde Wereld onrendabel, Amerika doet hetzelfde. De vissers van Afrika halen geen leefbare vangsten binnen omdat de vissersvloten van Japan en andere rijke landen de visgronden leegroven. Wij kopen allerlei producten – onder meer kledij – tegen een spotprijs omdat de arbeiders ergens aan de andere kant van de wereld er schandalig laag voor worden betaald. De prijzenpolitiek van de WTO (wereldhandelorganisatie) is systematisch in het nadeel van de boeren en arbeiders uit de arme landen. Kortom, de heersende economische wereldorde is in wezen  geen orde maar een complete chaos inzake efficiëntie en rechtvaardigheid.

We kunnen niet verwachten dat elke inwoner van de getroffen landen lijdzaam in zijn ellende blijft zitten: de meest dynamische elementen zullen altijd trachten aan hun miserie te ontkomen – dat hebben wij Vlamingen in het verleden ook gedaan. Het is daarom in ons eigen belang dat zij in hun land van oorsprong kansen krijgen om een menswaardig bestaan op te bouwen.  Op termijn moet de doelstelling zijn het asielrecht overbodig te maken door het te vervangen door een recht op een leefbaar inkomen  in een veilig land.

 

 de haan 22 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 11:38 Reageer op dit bericht

verdoken armoede

verdoken armoede

 

In De Morgen van maandag 22 juni klaagt een lezer meer dan terecht over zijn veel te laag pensioen. De verdoken armoede in ons land is een regelrechte schande.

Bart De Wever heeft succes met zijn opmerking dat België de hoogste belastingen heft, de grootste overheidsschuld heeft en de laagste pensioenen uitbetaalt. Voor De Wever is het duidelijk: België is een geld verslindende moloch die maar best zo gauw mogelijk verdwijnt. Maar  De Wever doet niet meer dan het benoemen van de symptomen: wanneer zal eens een objectieve analyse worden gemaakt van het ontstaan van de Belgische overheidsschuld?

Wellicht heeft het onder meer te maken met ‘les grands travaux inutiles’, de nutteloze openbare werken die Douglas De Coninck heeft aangeklaagd in de reportages voor zijn  ‘Grote Blunderboek’.

In de jaren 1970 werd gedemonstreerd tegen de aankoop van F 16-vliegtuigen: hoeveel kapitaal heeft ons land al nodeloos uitgegeven als Natobondgenoot tot meerdere glorie van de Amerikaanse oorlogsindustrie? Een Europese defensie zoals voorgesteld door Guy Verhofstadt zou veel economischer kunnen zijn indien iedere land zich mag specialiseren in de opdrachten waar men goed in is zodat het overlappen van investeringen verdwijnt.

En dan is er de dure en vaak weinig efficiënte bureaucratie in ons land: het afslanken van het overheidsapparaat moet kunnen zonder taboes maar eveneens zonder een anti-etatistisch, anti-Belgicistisch fanatisme. Zoals Obama in de VS heeft gezegd gaat  de discussie niet over meer of minder overheid maar over een doeltreffender, intelligenter overheidsapparaat.

Al meer dan eens is erop gewezen dat de arbeid in ons land te duur is omdat die veel te zwaar wordt belast. Nochtans  nemen de sociale noden onder meer door de vergrijzing alleen maar toe: de globale belastinginkomsten kunnen dus moeilijk worden verminderd, wel  dringt zich een verschuiving op van belastingen op arbeid naar andere bronnen van inkomsten zoals het hoger taxeren van kapitaaltransacties (Tobintaks), vermogens, energie en milieuschade.

Het uitgangspunt is dubbel: de sterkste schouders dienen de zwaarste lasten te dragen en het meest schadelijke moet het strengst worden belast.
In elk geval behoort de strijd tegen de zichtbare en verdoken armoede een absolute prioriteit te zijn voor een regering waarin humanisten en christenen zetelen.

En voor ons, burgers van een welvarend land, zou  het gegeven dat er in onze buurt, in ons dorp of  onze stad mensen wonen die elke maand moeten vechten om te overleven, een onverdraaglijke  gedachte moeten zijn. Een verzorgingsstaat is die naam slechts waardig wanneer zij zorg draagt voor de zwaksten onder ons en daarop moeten wij onze volksvertegenwoordigers en ministers aanspreken.

de haan 22 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 09:19 1 reactie Reageer op dit bericht

lijster

lijster

 

je bent al vroeg uit bed

je wil de lijster horen

lustig geborgen in zijn berk

de junizon beklimt de daken

 

je bent met twee, de anderen

slapen, je luistert in een loge

boven een lege zaal: de lijster

brengt zijn solo, zijn dagelijks

madrigaal en hosanna in den hoge

 

hosanna, lieve lijster, hou

je tonen hoog, verscholen

door het loof van jonge bomen

die jou bijstaan met violen

 

de morgen trilt van tremolo’s

uit  de bladeren van een berk

je hoeft alleen te luisteren

wat aandacht is het halve werk

 

dan de woorden, ze bootsen na,

ballen gezangen samen, een stroeve

strofe moet nu vloeien: doe

de lijster na, het kwelen van

een madrigaal, blijf het uren

spelen, jij, metalen nachtegaal

 

vroeg uit bed mag je de lijster

horen, verscholen in zijn berk:

hij leert jou te verpozen, de tuin

die welft nu als een kerk

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 08:50 Reageer op dit bericht

Jef Lambrecht in De Morgen

Jef Lambrecht

 

Wat Jef Lambrecht vertelt over de nieuwsdienst bij de VRT stemt wonderwel overeen met wat ik  enkele dagen eerder met vrienden zat te bespreken, en ‘bespreken’ is een eufemisme voor ons echte  taalgebruik.

Heeft het te maken met het feit dat we tot dezelfde generatie behoren: een generatie die student was in een tijd dat ‘sensibiliseren’ nog als een opdracht werd ervaren en niet als een scheldwoord?

In  ons eigen beroepsmilieu, het onderwijs, hebben we eveneens moeten vaststellen dat de geëngageerde leerkrachten – zij die meer deden dan het doorgeven van steeds dezelfde leerstof en het aanleren van door het leerplan opgelegde vaardigheden – gemakkelijkheidshalve kunnen worden aangeduid als post-68’ers zonder daarom te hebben deelgenomen aan de contestatie of aan de verdwazing van kleinlinks.

Wat de journalistiek betreft gaat het mijns inziens om de fundamentele vraag of een journalist(e) kan aanvaarden dat hij of zij een volksopvoeder behoort te zijn, hoe bekakt dat woord ook mag over komen. Zoals Lambrecht terecht opmerkt is in toenemende mate de tendens ontstaan om het nieuws te zien als koopwaar wat impliceert dat men de weg opgaat van de minste weerstand: maak het vooral licht verteerbaar. Vaak heb je de indruk dat de tv-zenders (met uitzondering van een aantal sterke programma’s op Canvas) de modale Vlaming beschouwen als een randdebiel die zich niet langer dan 5 minuten op één onderwerp kan concentreren.

Dagelijks bekijk ik na het journaal op Eén ook dat op La Une en ik kan alleen maar vaststellen dat de RTBF heel wat ruimer en diepgaander informeert, al wordt dit  door de VRT wel ten dele gecompenseerd door Terzake op Canvas.  En naast het journaal merk je de teleurgang van een programma als ‘De Zevende Dag’: is dit nog een duidingprogramma of entertainment? Ooit wou je hiervoor thuis blijven op zondagvoormiddag, de laatste tijd  weet je niet wat eerst gedaan om aan die ergernis en stompzinnigheid te ontsnappen.

Als leraar heb ik ondervonden dat je een groep ofwel op een hoger niveau kan brengen door ze intellectueel en creatief uit te dagen ofwel nog gemakzuchtiger en dommer kan maken door  de populaire kwast te willen uithangen – al is het wel merkwaardig dat juist leerkrachten die nog eisen stellen het meest worden gerespecteerd als ze tenminste er al hun enthousiasme en wat humor tegenaan gooien.

Ik deel volkomen de mening van Lambrecht dat verdomming leidt tot anti-politieke houdingen en ontvankelijkheid voor de simplismen van de extremisten. In die zin hebben alle opvoeders – ook die van de media – een democratische verantwoordelijkheid: inhoudelijke keuzes kan men niet verwachten als men het kiespubliek geen inhoud meegeeft.

De VRT heeft maar één excuus: de  commerciële zenders zijn nog vele malen erger, maar die werken dan ook niet met het geld van de belastingbetaler.

Wellicht ben ik een cultuurpessimist maar ik zie zowel in ons onderwijs als in de media een tendens naar meer en meer gemakzucht en oppervlakkigheid. De gevolgen zijn naar mijn aanvoelen niet te overschatten: niet enkel het politiek bewustzijn zal erdoor worden aangetast, maar ook het vermogen om te participeren aan de cultuur  in de ruimste zin van dit woord: alles wat te maken heeft met een bijzondere kennis en kunde. Ik vrees zelfs voor een devaluatie van onze diploma’s.

Het arme Vlaanderen van pater Stracke was arm van inkomen, het Vlaanderen (en Europa want  men kan landen opsommen waar het er nog idioter aan toegaat) van de toekomst dreigt  pover en bekrompen van geest te worden. Het minste wat je er in alle nuchterheid over kan zeggen is dat het onvoldoende benutten van de moderne media neerkomt op een gemiste kans.

 de haan 20 jun. 09

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 15:42 Reageer op dit bericht

priesters: een uitstervende soort?

priester: een knelpuntberoep?

 

Ooit zei de Nederlandse cabarettier Wim Kan: ‘Wie de sport niet beoefent, die moet zich niet bemoeien met de regels.’  Hiermee zinspeelde hij op de veroordeling van contraceptiva door de kerk van Rome.

Als ongelovige hond zou ik mij dan ook niet moeten uitspreken over het priestertekort binnen de Roomse kerk, maar als oud-leraar van een katholieke school doe ik het toch.

Mevrouw Kiebooms van de Sint-Egidiusgemeenschap is geen onverstandige vrouw: ze weet maar al te goed waar het schoentje wringt. Al schrijft ze in het begin van haar tekst in De Morgen van 18 juni: ‘ Het alternatief is ‘protestantisering’, een evolutie die volgens mij geen heil biedt.’ Na zo vele jaren van oecumenische beweging kan zo’n uitspraak tellen.

Belangrijker is echter wat zij zegt over het verplichte celibaat dat zij in het bijzonder een probleem vindt ‘in een tijd die seksualiteit verafgoodt.’

Dit getuigt van weinig historisch besef: de celibaatsverplichting heeft altijd voor problemen gezorgd. Reeds in Van den Vos Reynaerde is er sprake van een pape met zijn ‘wijf’ Julocke, een pape die door Tybaert de Kater geraakt wordt in zijn ‘beurse zonder naad waarmede men den beiaard slaat’: de satiricus die ons fameuze dierenepos heeft geschreven, beleeft duidelijk genoegen aan deze castratie.

Enkele weken geleden werd in Ierland een rapport uitgebracht over kindermisbruik binnen de katholieke kerk: het ging om tienduizenden dossiers, sommigen gewagen van misschien wel honderdduizenden slachtoffers. En dit misbruik heeft niets te maken met eigentijdse fenomenen als porno op het internet.

Kiebooms merkt zeer terecht het volgende op: ‘Priester-zijn is nu te vaak een veroordeling tot eenzaamheid. Geen wonder dat sommigen troost zoeken in de armen van een vrouw (of een man).’

De enige fout in haar opmerking is het gebruik van het woordje ‘nu’: het is altijd zo geweest.

Het meest krankzinnige aan de celibaatsverplichting is het feit dat ze alleen in de katholieke kerk voorkomt – in de andere christelijke kerken en andere monotheïstische godsdiensten bestaat deze verplichting niet en niet toevallig zien we daar ook veel minder kindermisbruik -  en ten tweede vinden we in de basisteksten nauwelijks een grond voor deze absurditeit. Jezus heeft zelfs nadrukkelijk gezegd: ‘Het is beter te huwen dan te branden.’

De behoefte aan seksueel genot, aan lichamelijke aanraking en tederheid is in de gezonde mens onuitroeibaar. Afgezien van de seksuele mistoestanden en misdrijven die van het celibaat het gevolg zijn, merken we zeer  dikwijls dat celibataire geestelijken hun seksuele wellust inruilen voor machtswellust: de misgelopen voldoening op het ene terrein wordt gecompenseerd door een bevrediging op een ander, namelijk op dat van de machtsuitoefening en dat maakt sommige geestelijken vaak onmenselijk zoals bewezen is in de zogenaamde Magdalene-instituten in het door en door katholieke Ierland, maar ook in Vlaanderen zullen er wel voldoende mensen zijn die te maken hebben gekregen met een dictatoriale non, pater of pastoor.

Het basisargument om het celibaat te verdedigen is meestal dat het priesterschap een volledig engagement behoort te zijn en niet kan gedeeld worden met een engagement voor een eigen gezin. Dat deze redering niet opgaat wordt bewezen door Joodse rabbijnen, protestantse dominees en islamitische imams of mollahs.

Dieper nog dan dit kromdenken ligt de negatieve seksuele obsessie van de katholieke kerk die in de seksualiteit alleen het werk van de duivel kan zien: mocht men in staat zijn om de erotiek te beschouwen als een mensenrecht en als een eerbare en onmisbare bron van levensvreugde dan zou de idiotie van het celibaat onmiddellijk worden afgeschaft.

De vraag is alleen of een instituut dat autoritair wordt geleid door oude en wellicht reeds impotente mannetjes daartoe in staat is. De apostelen waren oorspronkelijk wel getrouwd (hoe ze na Jezus’ dood hebben verder geleefd is niet zo duidelijk zoals het evenmin duidelijk is wat de positie was van al die heilige vrouwen in hun gezelschap: er zijn alleszins geen onomstotelijke bewijzen voor hun maagdelijkheid), maar dat waren dan ook nog vitale en – te oordelen naar de bruiloft van Kana -  bijzonder levenslustige kerels. 

Maar mevrouw Kiebooms kan gerust zijn: er zijn nog steeds voldoende landen waar het katholieke machtsbolwerk sterk staat en waaruit men priesters kan rekruteren om dit knelpuntberoep in te vullen.

 

 de haan 18 jun. 09

 

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 07:45 Reageer op dit bericht

versjes van verleden tijden

versjes van verleden tijden

- bij: ‘spin uw draad o spinner’ -

 

versje uit de tijd van vroeger,

versje in de maat; deuntje

van twee strofen groot;

leer het vlijtig fluiten,

jij, vogel in de goot

 

zie  gezichten stralen bij de

stemmen in je hoofd, een zaal

parochianen, blije vrienden

van mijnheer pastoor

 

versjes uit de kinderkamer,

versjes van op school,

blijf maar duren, word maar

doorgegeven van ma en pa op

dochter, zoon, van opa  in een zetel

 

loop ermee door bos en duinen,

wandel over straat al fluitend,

vreemde ogen zien jou struinen,

zelfs de bloemen voor de ruiten

staren jou verwonderd  na

 

versjes van verleden tijden

toen de meester baas was

in zijn klas en deuntjes opgaf

om  vandaag pas juist te fluiten,

nu je ouder dan de meester bent

 

 

weer eens zal je weemoed smelten

ja, je oude dwaze hoofd verweekt

met wierook  warm omgeven

hoor je wat een herder preekt

al ben je nu een boze ketter

die veel liever als de duivel spreekt

 

versje uit de tijd van moeder,

versje  in jouw vaders maat;

leer het vlijtig fluiten, jij,

verblijde vogel in een straat

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 17:07 Reageer op dit bericht

de uier van de staat

waar hangt de uier van de staat?

 

In De Standaard van 18 juni reageren Jan Jambon en Jan Peumans van NVA op een bijdrage van professor Decoster (KUL) over het begrotingsvraagstuk van België en Vlaanderen.

Het is waar dat de Vlaamse regeringen met Dirk van Mechelen als minister van begroting een budgettaire orthodoxie aan de dag hebben gelegd. Maar tegelijk is de voorbije jaren een aantal Vlaamse uitgaven objectief en terecht gestegen: bijvoorbeeld op de departementen onderwijs, welzijn en cultuur.

De verklaring voor deze schijnbaar tegengestelde gegevens zit inderdaad in de Lambermont-akkoorden  waardoor Vlaanderen meer middelen heeft ontvangen ten nadele van de federale staat. Meer fiscale autonomie voor de gewesten is dan ook maar fair indien men tegelijk het federale niveau wil versterken. Wie van oordeel is dat de regeringen Verhofstadt hebben gefaald inzake begroting moet dan ook de eerlijkheid hebben om aan te geven op welke posten paars dan wel had moeten besparen: toch niet op onze pensioenen die nu al tot de laagste van Europa behoren?

Het plaatje van de fiscale inkomsten zou er anders uitzien mochten de belastingen geheven worden op de plaats waar men is tewerkgesteld en niet waar men woont: dan zou het Brusselse gewest wellicht het rijkste van het land zijn. En dat zou ook fair en logisch zijn want de  gemeenten waar  gewerkt wordt, dragen de zwaarste lasten inzake infrastructuur, verkeersellende en milieuhinder.

Jambon en Peumans halen met recht het voorbeeld van de ziekenhuiskosten aan die in  het Franstalig landsgedeelte onverantwoord hoger liggen als in Vlaanderen wat te maken heeft met een andere benadering van de gezondheidszorg. Responsabilisering zou aan deze scheeftrekking veel kunnen verbeteren.

De staatshervorming die er onvermijdelijk zit aan te komen en die ongetwijfeld in de richting van meer fiscale autonomie zal gaan, kan men vergelijken met de verbouwing van een huis.

Maar wie zijn huis wil laten verbouwen, die haalt er geen sloper bij. En dat is precies wat NVA wenst:  hun partijprogramma is gericht op  het slopen van de Belgische federale staat.

Een discussie over de federale en regionale begrotingen zouden we daarom beter overlaten aan neutrale wetenschappers die argumenteren met onweerlegbare cijfers in de hand en niet aan politici die spreken vanuit hun partijbelang.

 

de haan 18 jun. 09

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 09:16 Reageer op dit bericht

aankondiging

Zevende Brugse Poëzieavond

dinsdag 12 februari om 19.30 uur

Balsemboom (Ganzestraat)

met

Patricia Lasoen
Marcus Cumberlege
Paul Saccasyn
Staf de Wilde

toegang: 2 euro

(de Ganzestraat is een zijstraat van de Langestraat)

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door staf de wilde om 12:20 Reageer op dit bericht

vampier

Bal der Vampiers – naar Roman Polanski

- voor Paul Saccacijn –

 

struikrovers zijn het, de dichters:

ze springen je op de nek, slepen

jou naar hun holen, jouw dromen

sluiten ze in hun kluizen op

 

ze eisen het hoogste losgeld,

niet zomaar afdokken levenslang,

neen, meteen het geheugen van kind

en volk in secula seculorum

 

op boom  en steen griffen ze

hun woorden, hun naam moet

gegeven aan zee en hemellichaam:

geen melkweg is veilig voor

hun drift en waan, hun honger

naar een nabestaan

 

hou je gedeisd, lezer, doe alsof

je hen begrijpt, leen je oren,

leen je hart, zeg: jij hebt

de schoonste doornen, in jou

wil ik zijn verward

 

dichters, het is al eerder

opgetekend: oplichters zijn het,

pur sang, zakkenrollers,  je staat

erbij en kijk achteraf je ogen na,

zie je de wereld nog

buiten hun verbeelding?

 

ben je wel zeker, lezer,

dat jij daar bent en niet

een ander: stroomt

jouw bloed wel door je aders,

verzenmakers hebben rare

manieren, ze komen door

spleet en kieren, bijten in je

blanke hals, maar zuigen, neen,

zo zuinig doen ze niet

 

ze spuwen, stuwen hun gif en

fluimen door je lijf, geen vampier

sluipt even stiekem, even gulzig:

voel je de beet terwijl ik schrijf?

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 10:56 Reageer op dit bericht

zeegezichten 2

 zeegezichten 2

 

de zee is een woud

van water, dolfijnen

wippen van tak naar tak:

schilder ze bruin en

ze dragen een pels,

een solsleutel als staart

 

ruisen is hun beider taal:

woud en zee verhalen

over draken, geesten

die  huizen in de holte

van een draaikolk,

een boomstronk

 

en beiden goochelen

met sierlijke pols,

toveren glans uit

een hoedje van schrikken,

uit het blauwe fluweel

van de nacht wanneer

nimfen zich de ogen

uitwrijven en zingen

 

hoor je hun boodschap,

het woud van water,

de zee van hout,

ze melden het beiden:

deze wereld is meer,

onder zijn oppervlak

bewaart hij geheimen

 

open zijn diepere huid, kijk

onder zijn hogere voeten, vind:

verborgenheden speels als

dolfijnen en eekhoorns, hongerig

om jou te ontmoeten

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 18:53 Reageer op dit bericht

bezoeking

bezoeking

 

 

vader,

je woelt weer door mijn aarde,

maakt de wormen wakker -

de regen zingt zijn dronkemanslied,

waggelt over het raam

 

je hand staat als een spade

op mijn nek -

het was een vrouw zopas

die mijn vlees kneedde,

zoete broodjes bakte

van mijn adem

 

het is de brand in mijn keel

die jou terugroept

ik rook te veel en jij

hangt weer in mijn kleren

 

jij graaft  in mijn grond

en ik damp als een dorp

na een bommenregen

mijn woorden lopen als gek

geworden weduwen

om mijn gespleten schedel

 

dan lach je,  waggelt

naar de rand van het blad

en ik ben je kwijt,

adem je verschijning in

je verdwijning uit

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 11:14 Reageer op dit bericht

Meer van boek onder lava

↑ Terug naar de berichten