gezondheid in het onderwijs
gezondheid in het onderwijs
de Post
ecotoerisme

ecotourists
tussen de krikri die
sprongen van rots naar rots,
boos gonzende bijen in een
canyon op Kreta, dachten we:
dit is de berg Ida, de wieg
der goden, na twintig eeuwen
kaalslag rondom: bomen
werden bogen, schepen,
as in een ingestorte haard
en boven een heuvel
in de vijfhoek van een
schutterspost wuifden
klaprozen hun
bloedrode afscheid
we stonden in het snijpunt
van steen en tijd, deel
van voorbijgaan en blijven
twee rusteloze goden
met een digitaaltje
de toren van een uitgebrand
klooster deed alsof hij nog
bonsde van gebeier
twee rustelozen rustig alleen
tot de bussen kwamen
met digitalen en kabaal:
let op de bloemen, bloed-
spatten van de goden
een toerist in een mist
van stuifmeel, is een gorilla
met baseballpet: don’t
feed the animals
Götterdämmerung

Götterdämmerung
toen was het donker
uit klonters en klieders
van raadsel en angst
boetseerden ze beelden
bedachten de namen
Jahweh, Quetzalcoatl
aanbaden een steen
geslingerd naar de aarde
het duister is gebleven
in dromen, in het handschrift
van een afscheid: nog steeds
het raadsel, de onverklaarbare
pijn, droefenis vroeg om
een reden en geen klonk zo
meeslepend als de oude namen
met ontzag en verlaten
als kinderen keerde men weer
naar steen en zuil, legde
een vinger in de groeven
der tekens, las het onuitsprekelijke
in een voorgeschreven woord
men duizelt in het licht
in de hoogtevrees van een oordeel:
handel en wandel naar eigen wet
schrijf stenen vol, richt ze op
als een toren, een baken
van herkenning wanneer je weerom
van beeld en lichaam verlaten
de donder hoort, de bliksem ziet
krassen in de zwarte schors
van de hemel – weet dat alles
een boom is en jij van wortel
en vrucht een vezel: vast en
vloeibaar, veranderlijk
volgens seizoenen, uren
je bent van het weefsel
dat licht zuigt uit het duister
adem haalt uit het ademloze
je hebt de klieders, de klonters:
boetseer je evenbeeld, schrijf
onder je geschiedenis je eigen naam
stakingsrecht
media
Jeroen Brouwers
weldra novembernil inúltum remanébit
nog eens november
de lucht een natte dweil
alsof daarboven gang en drempel
zijn schoon geschrobd
in afwachting van de gasten
maar het zijn de bewoners
die naar buiten komen
in zwarte vogels
wiebelen op het druipen
van tak en draad
een veeg over de woorden
die ze spraken, verzwegen
een spons over de handen
die sloegen en droegen
je bent een lei
om nog eens te beginnen
met een gebroken griffel
flemend temend
voor dezelfde oude meester
in zijn stofjas als een dweil
Mia miauwt en krabt
tonen van oktober

tonen van oktober
razend op de wereld
race je door een dreef:
dode bladeren, waren ze ooit
zo levend als ritselend
onder je voet en wiel –
de tonen van oktober in licht
gezeefd door duizend vingers?
de bomen zingen het voor
met witte adem: leer eens
door de vingers zien, neem
vrede met de tijd, met stemmen
veelvoudig als de tonen van oktober
oker en zilverdons alsof ze
nadert: het doorzichtig meisje
en je wandelt mee langs tijm,
jasmijn, vertoeft bij rozen
en fontein – een kleine sprong
van een bos naar een Alhambra
leer het van de tonen van
oktober: wie veel wil zien,
zal door de vingers zien,
zal omgaan met de wereld
in mededogen, in mede-ogen,
met de ogen van velen zien
hoofddoek
vergrijzing
quo vadis SP.a
donkerblauw
Mia miauwt
euthanatosDer Tod ist ein Meister – naar P. Célan
om te benijden:
de ogen die glazig
in een verte staarden,
de adem die vertraagde
zo, zei een meester
in het vak, dit is het:
zo’n verglijden
ons viel te beurt
de vrede van verraders
die vriendschap offeren
voor een hoger doel:
de pijnloze staat
een sluitspier ging open
als een grenspost:
het laatste bewijs
dat men achterlaat
wij dachten, ingewijd,
uitgenodigd: ooit komt
een lieve verrader
en onze adem vertraagt
we glijden in een staat
van vrede, een meester
beweert: zo moet het
zijn, een golfstroom
ondertekent het afscheid
op een uitgespreid doek
de weg naar mekka
Friedrich Nfolge Friedrich nach
toen kon het nog:
meisjes hingen hun kleren
als gordijnen voor de wereld
en alle geweld en gruwel
werd een beet, een beetje
kleverig van perziklippen
en ademnood een tijdverdrijf
van gonzende hormonen,
zweet dat gomde over de tijd
nu hangen je kleren
als getuigen van vermiste
lijven, dansen
in de wind
meisjes zijn feiten van
een vermoeid verleden
beelden die de wereld verzint
om voor te buigen:
al de dingen en hun aard
na het scheuren der gordijnen
er staat wel ergens nog een paard
als je in een omhelzing wil verdwijnen
llanto por el C

vamonos a Vallegrande
- llanto por el C. –
na dertig jaar bleven
de botten herkenbaar
aan oogkas, voorhoofd,
polsgewrichten waaraan
de handen ontbraken
(waarom dacht je aan
een asbak waarin een
sigarenpeuk smeult?)
de doos van een speelgoed-
trein onder driehoek, ster
en strepen gedragen door
jongens in ganzenpas
bleven over in shops, bazaars
en kraampjes: de posters,
T-shirts, stickers op
rugzak en pet
zeefdruk, silhouet
op omheining, blinde gevel
baret en baard, en gericht op heel
de wereld: die ogen herkenbaar
aan oogkas en voorhoofd
Ja WADA
1 reactie op dit bericht
groetjes uit Koekelare
Staf, wij komen u een leuke donderdag wensen. Alles heeft te maken met het plezier dat men er aan beleefd, graag doen en niet graag doen.