droom

Droom,
ik droom een toonladder vriendschap,
waarop noten tederheid zich strengelen
tot een melodie van vreugde,
en ik ben de mens,
die dat lied mag zingen,
aan de voet van een lindeboom,
waarin vogels ' vrijheid ' fluiten.
En mijn hart zingend meedragen,
op sluiers bloemengeur en
vleugels windzang over alle drempels heen,
naar een onzichtbare genieter,
van wie ik de hand reeds warm vertrouwd
om mijn schouder voel.




















