De Gastric bypass
Via een laparoscopisch ingreep (kijkoperatie) construeert de arts een voormaag die volledig onafhankelijk functioneert. Deze voormaag of pouch heeft slechts een inhoud van 15 à 25 cc waardoor u sneller een gevoel van verzadiging krijgt (restrictieve fase).
De arts verbindt de pouch via een bypass (van 150 cm lang) met de dunne darm. Hij bevestigt de bypass pas na de eerste bocht van de dunne darm zodat de maag-, gal- en pancreassappen pas hier in de darm terechtkomen (malabsorptieve fase).
Voordelen bij de ingreep
De ingreep wordt laparoscopisch uitgevoerd, wat minder ingrijpend is en waardoor er minder kans is op wondbreuk tengevolge van de incisie. Bovendien blijft uw ziekenhuisverblijf beperkt tot vier à vijf dagen.
Zowel zogenaamde volume-eters als snoepers (door de verminderde opname van suikers) ondervinden een gewichtsverlies van 60 tot 70% van hun overtollige gewicht.
Er treedt zelden een vitaminetekort op.
De patiënt heeft geen last van diarree, aangezien nog een groot deel van de dunne darm kan instaan voor de vertering.
Nadelen van de ingreep
Door het afsluiten van de pouch kan de arts geen gastroscopie en geen ERCP (onderzoek van de galwegen via een endoscopie) meer uitvoeren.
Het mogelijks voorkomen van het dumping syndroom: vooral het eten van suikers, vetten of koolhydraten kan misselijkheid, kramp, zweten, versnelde hartslag, diarree of duizeligheid veroorzaken. Dit verdwijnt meestal spontaan.
Resultaten
De patiënt mag een gemiddeld gewichtsverlies van 60 à 70% van het overtollige gewicht verwachten. De eerste 6 maanden is het gewichtsverlies het grootst. Nadien gaat het vermageren trager, maar houdt het 12 tot 18 maanden aan. Nadien stabiliseert het gewicht.
Voeding
Verander uw eetgedrag
De eerste weken na uw operatie zijn heel belangrijk naar het opvolgen van uw dieetvoorschriften. Uw maag werd nog maar pas geopereerd, er werden nietjes geplaatst ter hoogte van het afgesneden stuk maag. Als u bijvoorbeeld een hele boterham eet, moet uw kleine maag teveel uitrekken, waardoor er teveel tractie komt op de sutuur (naad) in de maag.
Dit betekent dat de hoeveelheid voedsel dat u per maaltijd kan gebruiken, beperkt is. Het volheidgevoel zal dan ook snel optreden. Hou daar dan ook rekening mee: genoeg is genoeg. Dit volheidgevoel is niet hetzelfde als een verzadigingsgevoel. U zal in het begin waarschijnlijk wel nog zin hebben om verder te eten. Dit is echter niet de bedoeling. Het is bijgevolg uiterst belangrijk dat u het volheidgevoel snel leert herkennen en meteen ook stopt te eten.
Dit kan enkel gebeuren door rustig en traag te eten. Kauw heel goed uw eten en wacht een paar minuten tussen elke hap. Neem kleine hapjes. Drink niet tijdens de maaltijd. Drink een halfuur tot 1 uur na de maaltijd, om het verzadigde gevoel zolang mogelijk vast te houden. Uw maaltijd kan in de beginfase tot 30 minuten duren. Alleen door dit nieuw eetgedrag aan te leren, kan u het volume probleem overwinnen zonder pijn, misselijkheid en zonder braken.
De voedingsaanpassing na een gastric bypassoperatie gebeurt in verschillende stappen.
Introductiedieet : De eerste dagen na de ingreep (tijdens uw opname) zal de voeding langzaam opgebouwd worden volgens de orders van uw chirurg. Er zal gestart worden met kleine slokjes water, daarna kan u water drinken naar believen tot een ‘vol’ gevoel (kleine hoeveelheden). De volgende stap zal bestaan uit kleine porties vloeibare voeding.
Tijdens uw verblijf zal u geen vlees, geen vis en geen brood krijgen.
Maak gebruik van
magere (soja) melkproducten, zoals magere yoghurt, magere melk, magere platte kaas
gemixte groentesoep of bouillon
groente- en fruitsappen
thee en slappe koffie
niet bruisend water
Wanneer de vloeibare voeding na enkele dagen goed verdragen wordt, mag er overgeschakeld worden naar gepureerde, zachte voeding.
Ontbijt en avondeten : beschuiten, OF geroosterd brood,OF cornflakes laten weken in (soja)melk. Als beleg kan u magere smeerkaas OF magere witte kaas met energievrije zoetstof OF confituur met verlaagd suikergehalte zonder pitten en vellen gebruiken OF vanillecrème OF yoghurt zonder stukjes.
’s Middags : magere gemixte groentesoep OF aardappelpuree met zacht gekookte, best gepureerde groenten zoals : bloemkool, broccoli, wit van prei, wortelen, appelmoes. Geen rauwe of vezelige groenten zoals asperges, selder, erwten, bonen … OF een middagmaal zonder stukjes uit het aanbod van de kindervoeding. Geen vlees, vis of brood.
Tussendoor : niet-bruisend water, thee of slappe koffie met energievrije zoetstof. Geen alcohol, frisdranken, fruitsappen, gesuikerde melkdranken, sport- en energiedranken.
Na enkele weken : als de voeding goed verdragen wordt, kan er geprobeerd worden met het toevoegen van kleine porties niet vette gepocheerde vis, of kleine hoeveelheden gemalen kip, kalkoen.
Geleidelijk aan kunnen de beschuiten vervangen worden door oudbakken wit of geroosterd brood.
Na 2 à 3 maanden : kan er overgeschakeld worden naar een eiwitrijke, caloriearme voeding.
Tips
Neem aan tafel een rustige houding aan en geniet van uw maaltijd
Neem voldoende tijd voor de maaltijden. Kijk geen tv tijdens het eten en loop niet rond.
Eet rustig, vermijd stress.
Neem altijd zeer kleine hapjes en kauw zeer goed.
Gebruik geen drank tijdens of vlak voor de maaltijd want dit zou te snel tot vol gevoel geven. Drink tussen de maaltijden door, drink traag en neem kleine slokjes. Drink niet meer een half uur voor de maaltijd en tot een half uur na de maaltijd. Drink per dag 1,5 l water.
Gebruik geen bruisende dranken
Stop met eten zodra u een eerste volheidgevoel ervaart.
Meer eten of drinken veroorzaakt misselijkheid, braken.
Gebruik zo weinig mogelijk suikers, aangezien dit ‘dumping syndroom’ kan veroorzaken. Dit komt doordat de suikers nu onmiddellijk in de darm terecht komen
Houd u aan het drie maaltijden patroon (morgen, middag en avond)
Naast de postoperatieve controle, moet u absoluut uw chirurg verwittigen, wanneer u bijvoorbeeld één van de volgende situaties vaststelt:
een aanhoudende koorts
rillingen
bloedingen
een toenemende zwelling van de buik of toenemende pijn
aanhoudende misselijkheid of braken
blijvende diarree
aanhoudende hoest of ademhalingsmoeilijkheden
doorsijpelen van vloeistof uit de wonde
