De selection- beweging.
Om geboorte en leven te kunnen begrijpen van een nieuwe stroming in de kunst die haar naam ontleend heeft aan een winkel en aan een tijdschrift, moeten wij een eind terug in de geschiedenis.
De oorlog 1914- 1918 is voorbij. Men verwacht wereldschokkende dingen. Een overal voelbare nood aan vernieuwing wakkert de geesten aan en vind ook weerklank in de kunst. In België en Frankrijk en in geheel Europa schudt de schilderkunst een zekere loomheid van zich af en houdt zich bereid tot de meest gewaagde experimenten. Het publiek is rijp om toe te geven, want de kritiek heeft het voor en het tegen gewikt en gewogen; de kunsthandelaars kijken waakzaam toe.
Op dat ogenblik verkeren de schilders van de tweede Latemse groep in de meest gunstige voorwaarden om overvloedig te produceren. De probeersels uit hun jeugdjaren liggen achter de rug. Hun vingers tintelen om rijp werk voort te brengen. Terwijl aanmoediging van buiten af een gans oorspronkelijke kunst van hen vraagt, heeft in hun binnenste een splinternieuw ideaal gestalte gekregen dat brandt om zich te kunnen vestigen. Toen zij het onderling kontakt hadden verloren, vonden zij mekaar onverwacht terug; maar zij waren verrijkt met opvattingen en inzichten die sterk op elkaar geleken en die gloednieuw waren. Allen bezaten de sterke wil om te werken, om gedragen werk te leveren, om de strijd aan te binden waardoor zij hun nieuwe visie en hun buitengewone stijl wilden opdringen en verdedigen.
PERMEKE komt met een indrukwekkende reeks doeken uit Engeland; GUSTAAF DE SMET heeft het overgrote deel van zijn werken achtergelaten in Nederland, maar hij gaat met overtuiging voort op de ingeslagen weg; VAN DEN BERGHE heeft een tijd van bezinning doorgemaakt en zijn kunst een algehele ommekeer doen ondergaan; hij weet wat hij wil en hoe hij in het vervolg zijn werk zal aanpakken; SERVAES is trouw gebleven aan zijn vroegere stijl; in ieder geval zijn de anderen, dank zij hun nieuwe gerichtheid dichter bij hem komen staan. Vroeger reeds had hun aller vriend , de letterkundige PAUL- GUSTAAF VAN HECKE, hen ontmoet in Gent en daarna in Latem; ook nu is hij in Latem aanwezig om verzameling te blazen voor al deze oorspronkelijke strekkingen en om zich op te werpen als de leider van de omstuimige nieuwe groep.
























