Naar de inhoud

een lief okerkleurig scharminkel

akke.beakke.be
literatuur, cultuur, small talk

Berichten van 25 april 2011 tot 1 mei 2011

de villanella en de sestina (2)









Dylan Thomas


DO NOT GO GENTLE INTO THAT GOOD NIGHT


Do not go gentle into that good night,
Old age should burn and rage at close of day;
Rage, rage against the dying of the light.


Though wise men at their end know dark is right,
Because their words had forked no lightning they
Do not go gentle into that good night.


Good men, the last wave by, crying how bright
Their frail deeds might have danced in a green bay,
Rage, rage against the dying of the light.


Wild men who caught and sang the sun in flight,
And learn, too late, they grieved it on its way,
Do not go gentle into that good night.


Grave men, near death, who see with blinding sight
Blind eyes could blaze like meteors and be gay,
Rage, rage against the dying of the light.


And you, my father, there on the sad height,
Curse, bless me now with your fierce tears, I pray.
Do not go gentle into that good night.
Rage, rage against the dying of the light.



in vorig blogbericht legde ik wel tot in de puntjes uit wat een sonnet en een sestina is, maar ik vergat te vermelden dat een middeleeuwse villanella uit vijfvoetige verzen bestaat, opgebouwd rond twee rijmklanken en verdeeld over vijf terzienen en een kwatrijn. de eerste en de laatste regel uit de eerste strofe komen volgens een vast schema in de andere strofen als keervers terug en vormen aan het eind van het gedicht een refrein.


een villanella oeioei, als ik dit woord hoorde vond ik dit super, ik dacht aan een mooie villa, van een meisje dat nella of zo heette, maar het is dus een schijnbaar aartsmoeilijke dichtvorm.


het lijkt erg ingewkkeld en dat is het ook wel een beetje, maar een recept uit de keuken van peeter goossens is dat ook, temeer daar hij aanraadt twee keer verse frituuroiie te gebruiken om frietjes te bakken, haha....


de beroemdste villanella is bovenstaand gedicht van de ierse dylan thomas (Swansea, 27 oktober 1914 – New York City, 9 november 1953)  - een van mijn vroegere lievelingsdichters, nu opnieuw in de schijnwerpers gezet door jan decleir in een programma dat in onze zalen speelt met de titel under the milkwood.


dylan thomas schijnt geen moeite te hebben met al die versvoeten en rijmklanken en keerverzen, maar ik geloof dat ik zelf zou zwoegen als ik het eens zou uitproberen!


Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door nicole2 om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

de villanella en de sestina (1)

Katryn Simmonds (1972)


‘Quirky, witty, moving. Katryn Simmonds’ gift is to find joy and beauty in unexpected places. She invests the everyday world with an extraordinary luminosity.’  Jackie Kay.  


de laatste dagen diende zich, in zijdelingse en echte gesprekken omtrent literatuur, volgend item aan: het gebruik van klassieke vormen in hedendaagse poëzie. catharina boer, een collega - dichteres in rozentuin, klavierklanken*, grijpt bijvoorbeeld in het jaar 2011 terug naar de petrarcaanse sonnetvorm. om een sonnet te schrijven moet je ontegensprekelijk het vak beheersen, je schrijft twee strofen van elk vier vijfvoetige jamben, die samen het octaaf vormen, en twee strofen van elk drie vijfvoetige jamben, die samen het sextet vormen. zelf heb ik dit nog nooit geprobeerd, laat staan dat ik me zou wagen aan een middeleeuwse villanella of een sestina.


de sestina is een ingewikkelde versvorm, uitgevonden door de 12de eeuwse occitaanse troubadour arnaut daniel. ze bestaat uit zes strofen van zes regels, gevolgd door een strofe van drie regels, waarbj de eindwoorden van elk vers uit de eerste strofe in een bepaalde volgorde terugkeren.  ook in de afsluitende drieregelige strofe worden ze ale zes herhaald. 


een sestina schrijven, dat doet de britse auteur Kathryn Simmonds in haar gedicht 'S ZONDAGS IN DE HUIDWASSALON * dus wel. simmonds veroorlooft zich echter vrijheden met de strakke structuur. ze doet dat door in sommige strofen het eindwoord te vervangen door een woord dat daarop rijmt.


maar het resultaat is een om van achteroveropjebuiktevallen gedicht. zij beschrijft in een surrealistische scène hoe enige mensen naar het wassalon gaan, niet om hun kleren te wassen, maar om  hun vel af te stropen en dit in de wasmachine te stoppen.


katryn simmonds slaagt erin gewone gebeurtenissen een metafysische dimensie te geven. de naakte staat van de personages laat hen toe diep in hun ziel te kijken:


Nu zijn huid/ wordt gezwierd, bekijkt de man zijn hart. De dames zijn druk/ met hun lijf, of tillen zacht hun borsten op, sluitwerk/ waar een ziel achter verborgen zit.


hier komt het dus, katryn's pièce de résistance: een lyrisch, exuberant, theatraal gedicht, dat ondanks de inhoud niet zwartgallig is, maar geestig, humaan en warm.


'S ZONDAGS IN DE HUIDWASSALON

Het wekeljks bezoek aan geurige stoom. Ernaast,
op straat, valt bijbelse regen, die zegt: wees rein.
Niemand binnen, merkt het; te druk met het werk
een machine te kiezen, pasmunt te zoeken, te zien
of de temperatuur ok is. Men tracht het product
nergens te strooien dan in het bakje. Andere huid

begint voor plastic patrijspoorten te draaien. Huid
van een Thai, een Keniaan, een Jamaicaan naast
een blauwig wit, getaoeëerd goedje, mislukt
vol vlekken en striemen, elke haarsoort net en rein.
Een dikkerd zit op een bank gebogen, je kunt zien
hoe hij uitgebreid vouwen scheidt, alles in het werk

stelt om zijn penis los te pullen. Een secuur werk.
Zijn borstkas zwelt als hij worstelt met zijn voorhuid,
broos als sushi, dan de ballen, totdat we zien
hoe zijn immense satijnen kont los raakt. Naast
hem pelt een meisje haar arm, hanschoen van fijn grein
zonder pezen. De man stroopt, nog steeds gebukt,

zijn vette klauw, raapt zijn vel op, het meisje drukt
glossy lagen om haar heupen, onderbreekt dat werk
voor de knieënklus, de lastige tenen. Reine
bedwelmende damp stijgt op wanneer ze haar huid
als een avondjurk over haar arm drapeert. Naast
haar kleedt een oude vrouw zich omzichtig uit, misschien

om haar ellebogenrag niet te scheuren, misschien
om haar moedervlek te sparen. Ze stopt en plukt
aan de schram op haar slaap, gefrommeld als een haast
versleten rits. Het is een kies, delicaat werk
dat alles los te tornen, het wrikken aan de huid
die nu dun is als mottenvlerken, tot haar fijn

skelet vol kreukelzijde hangt, en haar lijf ein
delijk wordt bevrijd. Zo wachten ze en overzien
hun lijstje, staren naar de machine. Nu zijn huid
wordt gezwierd, bekijkt de man zijn hart. De dames zijn druk
met hun lijf, of tillen zacht hun borsten op, sluitwerk
waar een ziel achter verborgen zit. Buiten, naast

de deur, rimpelt regenhuid de schemerstraten. Water rukt
op door gaten, het zwiept de straten rein, en we zien
hoe alles nieuw oogt, ernaast gaat men door met het werk.


* http://www.lulu.com/product/pocketboek/rozentuin-klavierklanken/14407277

* Poëziekrant 7/8, 2010, p.51

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door nicole2 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van een lief okerkleurig scharminkel

↑ Terug naar de berichten