De acht zogenaamde ‘koeriervluchten' van ­defensie richting de ­vakantieadressen van de koning in Frankrijk, Italië én Kroatië werden ook nog eens grotendeels uitgevoerd met een Embraer, een passagierstoestel met liefst 34 plaatsen. Totale kostprijs: 60.000 euro.

Maar de koeriervluchten blijken alsmaar vaker nodig, omdat de koning vaak in het buitenland zit. Als er op datzelfde moment wetten en koninklijke besluiten (KB's) ondertekend moeten worden, rest het parlement geen andere keuze dan per vliegtuig een koerier naar zijn vakantieadres te sturen.

‘Dat we met een veel te groot toestel duizenden kilometers over en weer vliegen voor zo'n handtekening is te gek voor woorden', zegt Theo Francken, die deze gegevens opvroeg bij defensieminister Pieter De Crem (CD&V). ‘Waarom regelen we niet dat de parlementsvoorzitter die wetten en KB's ondertekent, net zoals in onze buurlanden? Kost minder en is veel efficiënter.'

Vaker varen

Wat zijn persoonlijke uitstapjes per legervliegtuig betrof, was de koning vorig jaar zuiniger dan in 2011, toen de luchtmacht hem dertig keer aan boord had.

Dit jaar bracht het leger hem zeven keer naar zijn villa in Zuid-Frankrijk, evenveel keer naar Italië, twee keer naar Kroatië, waar hij op vakantie ging, en vier keer naar Groot-Brittannië. Hij ging daar onder andere in Schotland zeehonden fotograferen. De kostprijs, 160.000 euro, is ten laste van defensie, dat net te horen kreeg dat het opnieuw 25 miljoen euro moet besparen. De koning is overigens om veiligheidsredenen verplicht zich met een legervliegtuig te verplaatsen.

Opmerkelijk is wel dat de koning afgelopen jaar veel meer tijd op zijn jacht Alpa IV doorbracht. In 2011 moesten de drie militairen die de boot bemannen 73 dagen opdagen, vorig jaar verdubbelde dat tot net geen 140 dagen, bijna vijf maanden. De kostprijs voor defensie: 22.000 euro.