Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
maandag 25 februari

Voormiddag: genieten van de zon…![]()
![]()
Namiddag: Christiane doet een babbeltje met onze buurvrouw (je weet wel, vrouwen ondereen); dan met de dolmus tot Kizkalesi voor een bezoek aan de ruïnes van het kasteel Korikos.
Het zullen onze laatste ruïnes zijn want ik ken er eentje die stenen genoeg gezien heeft.
zondag 24 februari
Het is 10 u, we zitten in een klein restaurant in de buurt van Narlikyu. Stralend weer en we hebben ons geïnstalleerd op het terras, gedeeltelijk in de zon.
Bij zeer veel eetgelegenheden hier in de streek zie je borden met in grote letters “Khavalti”. Dit blijkt een zeer uitgebreid ontbijt te zijn dat wij dus ook eens moeten uittesten.
Onze tafel wordt gevuld met een 15-tal schoteltjes en 2 pannen, er is geen plaats meer om de broodmand te plaatsen zodat deze naast Christiane op de bank terecht komt. Er zijn groenten, olijven, kazen, eieren, gebakken worst, frieten!, börek, honing, confituren en uiteraard thee, koffie, water en vers geperst fruitsap.
Wanneer we rond 12 u het etablissement verlaten hebben we ons buikje vol, niet alles opgekregen en hebben we 33 TL (14,3 euro) besteed.
We doen nog een wandeling aan het strand van Kizkalesi (waar de wekelijkse markt gehouden wordt).
Wanneer we thuiskomen horen we op de radio dat Kuurne-Brussel-Kuurne afgelast is wegens sneeuw en ijsel; van hieruit klinkt dit echt hallucinant.
zaterdag 23 februari
De zon is wat gesluierd deze morgen maar de plaatselijke weermannen(vrouwen) voorspellen een mooie dag. We rijden richting Silifke waar Christiane haar schoenen eens laat opblinken.
Even buiten Silifke ligt het heiligdom van de Heilige Thecla (Ayatheckla). Thecla was een van de eerste predikers van het Christendom. Ze werd bekeerd en geïnspireerd door Paulus. Ze trok zich tijdens de vervolgingen terug in een grot dicht bij Silifke. Reeds in 480 na Christus werd er een Byzantijnse kerk gebouwd boven de grot.
We rijden naar Taşucu, de haven van Silifke waar we de plaatselijke vissers steunen in een visrestaurant. Op het menu: zeebaars.
Na het middagmaal rijden we, aan een bordje dat we toevallig opmerken, naar de delta van de Göksu rivier en we ontdekken het grote natuurgebied en vogelreservaat. Het is een zeer groot schorrengebied met een meer dat in verbinding staat met de zee. Hier leven zo’n 330 zeldzame en/of bedreigde vogelsoorten. Naast de vogels leven hier ook de Caretta carreta schildpadden en biedt het strand een broedplaats aan de zeldzame monniksrob.
Wij zien, buiten wat kleinere vogels, geen andere dieren wel enkele (ook zeldzame) mensen.
vrijdag 22 februari
Terug veel wind en grijze hemel. Dus, ik wat koken, lezen en aan het scherm (mij in stilte bezighouden)en Christiane opruimen, strijken en sudoku.
Ik maak van de gelegenheid gebruik om wat te vertellen over de streek.
We verblijven in de appartementen Larissa 1 in het dorp Ayaş, provincie Mersin in het zuiden van Turkije.
De provincie Mersin is 15.737 km² groot en heeft 1.647.899 inwoners (2010). De hoofdstad is het gelijknamige Mersin. Tot 2002 heette de provincie Ïçel.
De kust waar Mersin aan ligt heet de Cylicische Kust. Omdat er hier relatief weinig westerse toeristen komen kun je wat meer van het echte leven zien. Urenlang rondwandelen zonder aangesproken te worden door iemand die beter wil worden van de aanwezigheid van toeristen kan hier nog, in tegenstelling tot de populaire Turkse badplaatsen waar je tot vervelens toe aangesproken wordt door verkopers, kelners, bedelaars, time-sharingverkopers en andere mensen die iets van je willen.
De economie van Mersin, gelegen op de Çukurova vlakte, is vooral gericht op de (internationale) handel. De stad Mersin huisvest de grootste haven van Turkije en herbergt daarnaast ook enkele Free Trade Zones, hetgeen beide onmisbare factoren zijn in het economisch succes van Mersin.
De haven van Mersin is het zwaartepunt van de economie van de provincie. Het is
de grootste haven van Turkije en in 2008 werd er voor meer dan 18 miljoen ton
aan containers verwerkt.
De economie van Mersin drijft dus op internationale handel. De belangrijkste
exportlanden zijn China en Turks Cyprus, waarbij voornamelijk landbouw
goederen, metalen en textiel verhandeld worden.
Deze regio is de “fruitschuur“ van Turkije, overheerlijke kersen, watermeloen, appelsienen , citroenen, appels en zoveel meer. Het aanbad van groenten is navenant en best te zien op de vele marktjes waar de plaatselijke bevolking hun verse producten verkopen.
De kust waar Mersin aan ligt heet de Cylicische Kust. Omdat
er hier relatief weinig westerse toeristen komen kun je wat meer van het echte
leven zien. Urenlang rondwandelen zonder aangesproken te worden door iemand die
beter wil worden van de aanwezigheid van toeristen kan hier nog, in
tegenstelling tot de populaire Turkse badplaatsen waar je tot vervelens toe
aangesproken wordt door verkopers, kelners, bedelaars, time-sharingverkopers en
andere mensen die iets van je willen.
donderdag 21 februari
Spannend en frustrerend, zo kan je onze dag omschrijven. Wij (ik) wilden toch nog eens naar het Alahan klooster. Ik had in de documentatie gelezen van adembenemend, prachtig, unieke vergezichten, Werelderfgoed,…
We zijn terug vroeg (10u) op weg naar Mut (± 100 km). Ik had uitgevlooid dat we , enkele kilometer over Mut een weg naar rechts moesten nemen die loopt naar een kasteel in een dorpje Dağpazari. Ergens moesten we dan een weg naar links vinden naar het klooster.
We verlaten de hoofdweg en rijden een snel stijgende
geasfalteerde weg (met veel putten) in. We moesten naar schatting een 10-tal km
rijden vooraleer de weg naar links te vinden. We geraken boven de boomgrens en
zien dat de regen die wij gisteren aan de kust kregen hier neergekomen is als
sneeuw. De weg die wij in moesten voor het klooster(dat denken wij toch want,
geen wegwijzer te bespeuren) blijkt een onverharde weg te zijn die bovendien
besneeuwd is en spekglad.
Dus, bye, bye Alahan klooster…
Wij zijn nu zo ver en zo hoog, wij besluiten om langs een andere weg, via Dağpazari terug te rijden naar Mut. Het landschap is zeer ruw en totaal anders dan de bergen die we reeds bezochten in Frankrijk en Oostenrijk. We komen op een plateau terecht en zien het dorpje liggen. Wanneer we er even stoppen komt er onmiddellijk iemand dichterbij om te helpen. Hij wijst ons de weg naar Mut maar maakt ons ook duidelijk dat we traag gaan moeten rijden (of zoiets). Dat voorspelt niet veel goeds maar wij rijden door in de richting die hij aanwijst.
Na 5 à 6 km voelen we dat er toch iets niet klopt, wij rijden steeds verder in de tegenovergestelde richting van Mut. En zie, daar verschijnt de reddende engel in de persoon van een tegenligger. Hij kent 2 woorden Engels en zegt ons rechtsomkeer te maken en hem te volgen. We rijden de hele weg terug van waar we gekomen waren maar moeten hem toch laten rijden omdat hij alle putten in het wegdek weet liggen en er een “rotvaart” op na houdt.
Terug in Mut willen we nog een heel mooie waterval zoeken (paradijselijke plaats, prachtig, …). Wij vinden een wegwijzer: “Yerköprü çağlayan 7 km”, rijden de aangewezen weg in en na 10 km besluiten we terug te rijden… geen waterval en geen volgende wegwijzer gezien.
Voor de rest van ons verblijf zullen we de bergen laten waar ze zijn.
woensdag 20 februari
dinsdag 19 februari
maandag 18 februari
zondag 17 februari
Vandaag weer een mooie dag achter de rug. Deze morgen zijn we wat gaan window shoppen in Silifke. Silifke ligt op 32 km van Larissa en telt zo’n 55000 inwoners. We hadden niet verwacht dat er zoveel winkels zouden gesloten zijn (zondag is in Turkije niet synoniem sluitdag). Na een uurtje waren we rond en zijn dan terug de bergen ingetrokken.
We werden terug geconfronteerd met het feit dat hier heel weinig wegwijzers staan en dat er ook geen gedetailleerde wegenkaarten voorhanden zijn. We kwamen terecht op de weg naar Mut, gezien ook deze bestemming nog op ons verlanglijstje stond zijn we dus die kant op gereden. Het werd een prachtige rit; de eerste 30 km reden we door de kloof die de Göksu rivier uitgesleten heeft. En, hij heeft zijn best gedaan, de canyon kan gerust de vergelijking doorstaan met de canyon van de Verdon in Zuid-Frankrijk. Wanneer we de kloof verlaten blijft de weg maar stijgen, we komen in de echte bergen terecht met mooie vergezichten, veel olijf- en fruitbomen en af en toe een gehucht of dorp.
We willen, iets verder dan Mut het Alahanklooster bezoeken. Maar, ook daar vinden we geen wegwijzer die daarnaar toe wijst, wij denken dat de borden nog niet teruggeplaatst zijn na de vernieuwing van het wegdek??? Het landschap maakt echter ook dat gemis goed en wanneer we op ongeveer 2000 m hoogte komen maken we rechtsomkeer.(we zijn dan ook al 100 km van de kust)
In Mut nemen we een late lunch. In het restaurant hebben ze geen kaart maar we mogen kiezen uit de potten (ook omdat we niet kunnen zeggen wat we willen). Maar, het was terug lekker.
Op de terugweg, langs de kust zijn we nog even gestopt in Narlikuyu . Hier komt een onderaardse rivier uit in een mooie baai die rondom volgebouwd is met visrestaurantjes. De rivier is dezelfde die stroomt onderin de grot van de Hemel (zie 14 februari). In Narlikuyu ligt ook een piepklein museum- men heeft er maar één museumstuk- een mozaïek uit een Romeins badhuis. Al van in de 4de eeuw ligt daar de afbeelding van de 3 Gratiën (Godinnen van de vruchtbaarheid).
zaterdag 16 februari
vrijdag 15 februari
donderdag 14 februari
Het beloofd een mooie dag te worden, enkel de zon staat aan de hemel en ondanks een strakke wind is de temperatuur al ’s morgens aangenaam. We zijn al van 10u op weg voor een tocht door het Taurus gebergte. Ons doel is Uzuncaburç, gelegen op zo’n 30 km van de kust. Van zodra we de hoofdweg verlaten wanen we ons in een andere wereld. De appartementsgebouwen hebben plaatsgemaakt voor een ruw landschap met veel rotsblokken en laag struikgewas. Hier en daar vinden we een bouwsel, soms volledig van hout, takken en plastiek, soms ook gedeeltelijk van steen. Het zijn de woningen van de schapen- en geitenherders, half nomaden die afkomstig zijn uit Oost-Anatolië.
Ook hier zijn er overal resten van oude bouwwerken te vinden. We zoeken de “Roman reliefs” in Adamkayalar maar moeten terugkeren omdat het pad niet te bewandelen (eerder te beklimmen) is met ons schoeisel.
Tegen de middag komen we aan in Uzuncaburç waar we de resten van de Romeinse stad Dioceasarea bezoeken. Aan de ingang (niets is afgesloten) komt een vriendelijke man naar ons toe met tickets (3 Turkse Lira per persoon = 1.30 euro) We worden tegelijk uitgenodigd om eerst een cay (thee) te drinken in een plastieken kamertje dat tegen een muur aangebouwd is. We zijn hier op 1200 m. hoogte en het is maar 12° en door de wind voelt het nog wat kouder aan, dus nemen we de uitnodiging graag aan. Binnenin zit een vrouw börek te maken en worden wij ook gevraagd om aan te schuiven om te eten. Wij zijn hier terug de enige buitenlanders tussen een groep Turkse bezoekers maar, het is er gezellig en lekker.
Op de terugweg bezoeken we nog Cennet-Cehennem (Hemel en
Hel). Dit zijn 2 natuurlijke kraters in de bodem; de grootste heet put van de Hemel
en de andere put van de Hel.
In de Hemel kan je afdalen (450 treden - 70 m diep), daar staat een kapel uit de
5de eeuw en kom je in een grote open grot aan de achterwand is er
terug een grot die nog eens 150 treden lager toegang geeft op een onderaardse
rivier (de Hel). In vroegere tijden was het geheel een heiligdom ter ere van Hades,
de god van de onderwereld.
Christiane ziet al die trappen niet zitten maar ik moet het toch eens proberen.
Wanneer ik echter de 450 treden afgehotst heb en aan de kapel gekomen ben heb
ik de indruk dat dit meer hel dan hemel is. In de grot drupt er overal water naar
beneden zodat de treden zeer glad zijn en ik maar de weg terug neem.
Aan zee is het nog steeds stormachtig maar wel aangenaam warm(uit de wind).
woensdag 13 februari
dinsdag 12 februari
maandag 11 februari
zondag 10 februari
zaterdag 9 februari



1 reactie op dit bericht
Gentenaar
Ik wou je graag van ganser harte een gelukkige verjaardag toewensen.
Ik lees dat jullie enorm genieten van de reis. José, doe er vandaag maar een extra'tje bij voor Christiane!
Lieve groetjes
Roos