Winterrestjes wijken, uit winterslaap ontwaakt mijn tuin, voorjaarsbloemen persen zich uit de grond, nog wat schuchter,onwennig,schuin. Vogels vieren nestelend het voorjaar in. De lijsters fluiten een nieuw lentelied. Ja 't is lente, ze boetseert het nieuwe groen, ik vergeet op slag mijn winterverdriet. De zon knipoogt de planten wakker, het voorjaar begint te kleuren en doordrenkt mijn tuin. Ik laat alles blij gebeuren. Mijn hart slaat een voorjaarsritme. De zon knabbelt aan de lenteknopjes. Ik kan niet blijven liggen in bed. Ik ben in mijn tuin en in mijn nopjes. Tuinkarweitjes kunnen weer, vol ongeduld wil ik beginnen, de lucht gonst en geurt. Kom lente,kom maar binnen.